De “tweede republiek” van Libanon

In zijn boek Beirut 2020. The Collapse of a Civilization, a Journal (2021) vertelt Charif Majdalani over de implosie van de Libanese Tweede Republiek, dat wil zeggen het bestuurlijk systeem dat ontstond na de Burgeroorlogen. In 1975 veranderden de politici in krijgsheren en in 1990 veranderden krijgsheren in politici, die Libanon bestuurden alsof het buit was die ze mochten verdelen. Eind september 2019 klapte het piramidespel en werden de protesten gewelddadig. Ik schreef al eerder over het boek van Majdalani, dat ik u buitengewoon aanraad.

***

In dertig jaar tijd werd het hele land het privéjachtgebied van een oligarchenkaste, die een relatie met de burgerij ontwikkelde die enigszins leek op die van een maffia. Men bood bescherming, garanties en kleine kansen aan iedereen die daarom vroeg, en belette elke vorm van toegang tot overheidsfunctionarissen, behalve dan middels het indienen van een smeekbede.

Lees verder “De “tweede republiek” van Libanon”

Druzen en Maronieten (1)

De Maronieten ten strijde

De Fransman Gérard de Nerval (1808-1855), die eigenlijk Gérard Labrunie heette, was een veelzijdig man: dichter, republikein bloemlezer, toneelschrijver, vandaal, journalist, reiziger. In 1843 bezocht hij het Ottomaanse Rijk, waarover hij een geromantiseerd verslag schreef: Voyage en Orient (1851). Het is bepaald niet vrij van vooroordelen, zoals wel blijkt uit het volgende verslag van een conflict tussen de twee belangrijkste bevolkingsgroepen van het huidige Libanon: de Druzen en de Maronieten.

Doorgaans konden die het redelijk met elkaar vinden. Nog kort daarvoor had de lokale leider Bashir Shihab II, een bestuurder die meer luisterde naar Muhamad Ali in Egypte dan naar de sultan in Constantinopel, geregeerd over beide groepen. De Britten en Oostenrijkers hadden echter de sultan gesteund in zijn pogingen het Ottomaanse gezag te herstellen, en Bashir was in 1840/1841 in ballingschap gegaan. Het was dus onrustig toen De Nerval door Libanon trok.

Lees verder “Druzen en Maronieten (1)”

Nog eens: de val van Tyrus

De kerk van Willem van Tyrus

Onlangs blogde ik over de val van Tyrus: hoe het leger van het Koninkrijk Jeruzalem de belangrijke havenstad wist te bemachtigen. De auteur van de Damascuskroniek, Ibn al-Qalanisi, oordeelde dat zowel de landsheer van Tyrus, de Fatimidische kalief, als de Seljukische emir Toghtekin van Damascus, die had toegezegd de stad te zullen verdedigen, tekort hadden geschoten. Uiteindelijk hadden de verdedigers zich moeten overgeven. Ze mochten op 8 juli 1124 de stad met hun roerende goederen verlaten.

Hetzelfde verhaal is te vinden bij Willem van Tyrus (ca.1130-ca.1185), die later aartsbisschop was in de stad en een beroemde kroniek van de Kruistochten heeft geschreven. De Nederlandse vertaling is van Gust de Preter en is hier in haar geheel te downloaden.

Lees verder “Nog eens: de val van Tyrus”

Op weg naar de Chouf

Op weg naar de Chouf

Een van de allermooiste boeken over het moderne Midden-Oosten is From the Holy Mountain van William Dalrymple. Ik heb er al eens eerder over geschreven. Het gaat over hoe het christendom verdwijnt uit de regio waar het ooit is ontstaan. Maar Dalrymple heeft meer te vertellen. Bijvoorbeeld over zijn reis naar de Chouf, het zuidelijk deel van het Libanongebergte, waar de druzen wonen. Onderweg kwam hij door het sjiitische deel van Beiroet en maakte hij zich vrolijk over de Hezbollah-propaganda.

***

De weg naar de Chouf liep door de smerige zuidelijke buitenwijken van Beiroet. Dertig jaar geleden grensde deze weg aan Ouzayeh Beach, het Ipanema van het toenmalige Libanon, de favoriete uitgaansgelegenheid van tout Beiroet. Nu is het Hezbollah-gebied en een uitgestrekte sloppenwijk van schrootmetalen hutten. De strook tussen de weg en het inmiddels bijna onzichtbare strand is bezaaid met zulke hutjes, met goedkope restaurants en met vervallen bakkerijen.

Lees verder “Op weg naar de Chouf”

De val van Tyrus

De toren waarlangs de verdedigers van Tyrus de stad verlieten

Een van de belangrijkste bronnen over de Kruistochten is de zogeheten Damascuskroniek, samengesteld door de Arabische auteur Ibn al-Qalanisi (1070-1160). Die beschrijft hoe de Kruisvaarders, nadat ze Jeruzalem in 1099 hadden ingenomen, zich wendden tegen de havensteden waar ze, op hun weg naar het Heilig Land, in ijltempo aan voorbij waren gegaan. Toen de Kruisvaarders eenmaal vaste grond aan de voet hadden, keerden ze zich alsnog tegen deze steden. Ik vertelde al over de inname van Tripoli in 1109.

In 1124 stonden de legers van het Koninkrijk Jeruzalem voor de muren van Tyrus – lees hier hoe die eruit zagen. De Fatimidische kalief in Egypte was niet in staat iets te ondernemen en droeg de verdediging over aan de Seljukische atabeg van Damascus, emir Toghtekin. Qalanasi laat duidelijk merken dat de Arabische leiders onvoldoende deden om Tyrus te redden.

Lees verder “De val van Tyrus”

Roald Dahl in de Bekaavallei

Hurricanes

Ik hoef u niet uit te leggen wie Roald Dahl was. U heeft vast weleens een kort verhaal gelezen of een kinderboek voorgelezen. En anders geef ik u bij dezen wat huiswerk op. Vóór Dahl schrijver werd, was hij piloot bij de Britse luchtmacht. Dat was tijdens de Tweede Wereldoorlog.

Libanon behoorde vanaf 1940 tot het gebied van Vichy-Frankrijk, dat ook Syrië als mandaatgebieden beheerde. Omdat de Arabieren in deze gebieden een eigen staat was toegezegd en zij een diepe weerzin voelden voor de mandatarissen, vreesden de Geallieerden een pro-Duitse staatsgreep. Daarom besloten ze in 1941 om Syrië en Libanon te bezetten. De Britse troepen zouden oprukken vanuit Palestina en Jordanië en de macht daar overdragen aan de Vrije Fransen van Charles de Gaulle, die de bewoners vrije verkiezingen moest toezeggen. (Ik vertelde een paar maanden geleden dat de beroemde zangeres Asmahan een rol speelde als geheim agent.)

Lees verder “Roald Dahl in de Bekaavallei”

Sidon en Tyrus in 1047

Sidon, Vrijdagsmoskee

Zoals ik al eens vertelde, kwam de Perzische dichter en filosoof Nasir Khusrau (1004 – ca. 1080), in 1047, op doorreis naar Mekka, door het huidige Libanon. Van zijn zevenjarige reis door de Levant, Arabië en Egypte deed hij verslag in de Safarname, “het boek der reizen”. Het is een waardevolle bron voor de tijd vóór de Kruistochten. Ik vertelde al over zijn bezoek aan Tripoli en Beiroet. Vandaag gaan we verder naar het zuiden.

Sidon

Van Beiroet gingen we verder naar de stad Sidon, eveneens aan zee. Ze verbouwen daar veel suikerriet. De stad heeft een goed gebouwde stenen stadsmuur met vier poorten. Er is een mooie Vrijdagsmoskee, zeer aangenaam gelegen. Het interieur is helemaal bedekt met matten met allerlei gekleurde motieven.

Lees verder “Sidon en Tyrus in 1047”

Maurice Barrès in Beiroet

Zonsondergang in Beiroet

De conservatieve, nationalistische Franse schrijver Maurice Barrès bezocht Libanon kort voordat de Eerste Wereldoorlog uitbrak. Hij vond Beiroet een prettige stad, waar hij zijn Franse hart kon ophalen, want de maronitische christenen waren Fransgezind en slaagden erin zelfs de hemel – waar net de Franse piloot Jules Védrines langs was komen vliegen, te associëren met Frankrijk.

In het onderstaande fragment, genomen uit Une enquête aux pays du Levant (1923), is sprake van een meneer Tobia. Dat was in Amchit de gastheer van de grote geleerde Ernest Renan, de vader van de fenicologie.

Lees verder “Maurice Barrès in Beiroet”

Beiroet in 1816

Emir Assaf-moskee, Beiroet

Op weg naar India bezocht de reislustige Britse journalist James Buckingham (1786-1855) Libanon. Eenmaal in India richtte hij een krant op die zó goed was dat de Britse autoriteiten haar bekroonden met een publicatieverbod en Buckingham het land uit zetten. Terug in Engeland publiceerde hij Travels among the Arab Tribes Inhabiting the Countries East of Syria and Palestine (1825), waaruit de volgende beschrijving van Beiroet komt.

***

Beiroet heeft een onregelmatige vierkante vorm, aan drie kanten ommuurd naar het land maar open naar zee. De muren zijn perfect Turks qua stijl en uitvoering, maar zullen artillerievuur slechts kort weerstaan. De stad is niet meer dan een mijl in omtrek, maar er wordt gedacht dat er wel 7.000 tot 8.000 mensen wonen, waarvan ongeveer de helft christenen, behorend tot de verschillende sekten. De andere helft bestaat uit moslims.

Lees verder “Beiroet in 1816”

Al-Masudi in Baalbek

Baalbek: “houtsnijwerk” in de kleine tempel

Al-Masudi, die door iedereen destijds natuurlijk gewoon Abu al-Ḥasan Ali ibn al-Ḥusayn ibn Ali al-Masudi werd genoemd, is kort voor 900 na Chr. in Bagdad geboren, maakte enkele grote reizen naar onder andere India en Egypte, publiceerde daarover in 947 De weiden van goud en mijnen van edelstenen, maakte nog wat reizen, bewerkte zijn boek met informatie over Byzantium en overleed in 956. Ibn Khaldun, toch niet de geringste, beschouwde Al-Masudi als de belangrijkste geschiedschrijver en geograaf van de Arabische wereld, en dat oordeel is zeker niet uit de lucht gegrepen.

Al-Masudi bezocht ook Libanon en kende het enorme heiligdom te Baalbek, dat inderdaad bestaat uit twee delen. De beschrijving is vrij adequaat en de vergelijking van de steensculptuur met houtsnijwerk is zonder meer raak.

Lees verder “Al-Masudi in Baalbek”