Boeddha

Fayaz Tepe

Al in de late zesde eeuw v.Chr. deporteerde de Perzische koning Darius de Grote Grieken naar het verre Baktrië (de vlakte van de Boven-Oxus ofwel het grensgebied tussen Afghanistan en Oezbekistan). Zijn zoon en opvolger Xerxes ging daar vrolijk mee verder en de Griekse kolonie in het verre oosten moet aanzienlijk zijn geweest. Eén van de aanwijzingen daarvoor is dat in Baktrië imitaties circuleerden van Griekse munten; een andere aanwijzing is dat toen Alexander de Grote in 329 v.Chr. in deze contreien aankwam, hij afstammelingen van de gedeporteerden aantrof. Gewoontegetrouw moordde hij die uit.

Enkele jaren later liet hij er duizenden Griekse huurlingen achter. Hij had de Baktrische bevolking, die deels leefde van de landbouw en deels heen en weer trok met kuddes, gedeporteerd naar nieuw-gestichte steden als Ai Khanum en Kampyr Tepe, en het was de bedoeling dat de Griekse kolonisten erop toezagen dat de Baktriërs ook in die makkelijk te controleren steden bleven wonen.

Lees verder “Boeddha”

Nis

Tichel met christusmonogram uit Spanje (British Museum, Londen)

Nog heel even iets over het plaatje dat ik afbeeldde bij mijn stukje over de Visigotische aanwezigheid op het Iberische Schiereiland: het Christusmonogram dat ik hierboven nogmaals toon. De zesde-eeuwse tichel, mogelijk afkomstig uit Ronda, is te zien in het British Museum en het (moeilijk leesbare) randschrift luidt BRACARI VIVAS CUM TUIS, waarvan het eerste woord “van Bracarius” betekent en de drie andere zoiets als “moge jij leven bij de jouwen”. Anders gezegd, het is een grafsteen die ooit, beschilderd en wel, tegen een muur of plafond was aangebracht.

De dood wordt dus herdacht door te zeggen dat iemand leeft en dat is niet de enige paradox. De alfa en de omega (de eerste en laatste letters van het Griekse alfabet) staan voor het begin en het einde en dat representeert… de eeuwigheid. Multatuli wees er al eens op dat wie mensen wil mobiliseren, ze een paradoxale boodschap moest geven: we moeten bijvoorbeeld samenwerken voor onze bevrijding. Dat paradoxale boodschappen, die immuun zijn tegen falsificatie, het beste werken, is natuurlijk een wat platvloers inzicht, maar ja, de diepste waarheden liggen nu eenmaal aan de oppervlakte.

Lees verder “Nis”

Basiliscus

Inscriptie ter ere van generaal Basiliscus (Museum van Plovdiv)

In het museum van het Bulgaarse Plovdiv mag je, om redenen die vermoedelijk alleen de directie begrijpt, niet fotograferen. Gelukkig geldt dat verbod niet in het parkje dat dient als museumtuin. Ik bekeek bovenstaande steen destijds vluchtig, lang genoeg om te zien dat er twee talen en twee handschriften op staan en te concluderen dat ’ie op de foto moest. Dat was dat. Onlangs las ik de tekst ook en toen bleek dat dit toch wel iets bijzonders was.

Als je goed kijkt naar de onderste helft, zie je dat die ooit eveneens beschreven is geweest. De maker heeft een standbeeldsokkel met een oude inscriptie genomen, de letters weggebeiteld en er iets nieuws op gezet. Helemaal bovenaan deze stenen palimpsest is nog iets in het Grieks blijven staan, Ἀγαθῇ τύχῃ, een aanroep van het geluk die je op talloze antieke teksten vindt. En dan komt het!

Lees verder “Basiliscus”

Bling!

Portret van een meisje met een sieraad in het haar (Archeologisch Museu, Thessaloniki)

Als ik u zeg dat het bovenstaande portret is te zien in het archeologisch museum van Thessaloniki, als ik toevoeg dat ik het “gewoon mooi” vind en als ik in de volgende alinea wat opmerkingen maak over een aspect van het antieke kunstvoorwerp, dan weet u dat u bent beland in weer een aflevering van de onregelmatig verschijnende rubriek museumstukken, waarvan u hier een overzicht vindt.

Om te beginnen vertelt het kapsel iets over de hoge kwaliteit van de oud-Romeinse scharen. Dit is namelijke haute coiffure: het haar is geknipt in laagjes die aflopen vanaf een middenscheiding, terwijl deze jonge vrouw op haar achterhoofd lange vlechten draagt die ze heeft opgebonden op haar kruin. Over haar scheiding ligt een metalen sieraad, dat bovenaan begint met een bloem, lijkt te zijn ingelegd met edelstenen (en daarom zelf wel van goud of zilver zal zijn gemaakt) en uitloopt op twee gewichtjes op haar voorhoofd. We weten niet waar deze jonge vrouw vandaan kwam, maar op mij komen haar kapsel en sieraad uitgesproken oosters over, al zeg ik erbij dat ik zoiets nog nooit ergens heb gezien. Het grappige is dat de indruk dat deze vrouw van oosterse afkomst is, sterker wordt als je de bovenste of de onderste helft apart bekijkt. Althans, zo vergaat het mij.

Lees verder “Bling!”

Pompeii aan het Malieveld

Frescofragment uit Pompeii

Eigenlijk had ik vandaag “methode op maandag” willen hernemen maar ik zit voor een dubbele deadline en heb even wat anders aan mijn hoofd. Ik doe er even een museumstuk tussendoor: een frescofragment uit Pompeii. Het behoorde ooit tot een decoratieve band onder een grotere wandschildering en stelt een demon voor.

Kunsthistorici kunnen het dateren tijdens de overgang van de Tweede naar de Derde Pompeiaanse Stijl. Ik vind dat eerlijk gezegd nogal kras, omdat het zo’n klein fragment betreft. Hoe dan ook: het zou rond 30 v.Chr. zijn vervaardigd. De schilder maakte dus de laatste jaren van de grote Romeinse burgeroorlogen en de machtsopbouw van Octavianus mee. Hij – ik bedoel de kunstenaar – moet in de Baai van Napels de vloot hebben zien oefenen waarmee Octavianus en Agrippa naar Sicilië voeren om hun rivaal Sextus Pompeius uit te schakelen.

Lees verder “Pompeii aan het Malieveld”

Alfabet

Ugaritisch alfabet (Parijs, Louvre)

Ik was wat foto’s aan het opruimen toen ik het bovenstaande plaatje vond. Dit kleitabletje is gevonden in Ugarit, een havenstad in het noordwesten van het huidige Syrië. Het dateert uit de dertiende eeuw v.Chr. en bevat een zogeheten abecedarium. Dat is een tekst met de letters van het alfabet. In het ontbrekende hoekje linksbovenaan stond een alef en een halve bet, daarop volgden op de bovenste regel van links naar rechts nog de sporen van een bet, een gimel, een dalet, een hee en een waw.

Dit is niet ’s werelds oudste alfabet. In Ugarit is een ouder kleitabletje gevonden met de letters erop. Ik heb het gezien in het museum van Damascus maar had die dag nog niet in de gaten dat het fotografieverbod ter plekke diende om suppoosten te helpen aan baksjisj, dus ik heb geen foto gemaakt. Even goed is ook dat tabletje, beroemd als het is, niet de oudste alfabetische tekst. Zulke tekens zijn ook gevonden in de Sinaïwoestijn en mogelijk – en dan nog ouder – in de Wadi el-Hol in zuidelijk Egypte. Er is wel geopperd dat de tekens daar zijn bedacht door Westsemitische slaven die inspiratie ontleenden aan de hiëroglyfen die de Egyptenaren gebruikten om koningsnamen te schrijven.

Lees verder “Alfabet”

Aardewerk, grijs (maar niet saai)

“Gray ware” (Nationaal Museum, Teheran)

Echt mooi is de pot hierboven niet. Grauw aardewerk, niks speciaals. Zelfs de archeologische jargonnaam is slaapverwekkend saai: gray ware. Maar dit spul is interessanter dan het lijkt, al vergt het wat uitleg. Gray ware wordt vooral gevonden in het noordoosten, noorden en noordwesten van het huidige Iran en dateert uit de Vroege IJzertijd. Het vervangt ouder aardewerk, dat mooier gedecoreerd is.

De vindplaatsen zijn steeds weer hetzelfde. Deze kom komt bijvoorbeeld uit Khurvin, op een uitloper van het Elburz-gebergte even ten westen van Teheran, en dat geldt ook voor andere vindplaatsen: elke keer gaat het om gebieden aan de rand van de Iraanse hoogvlakte waar bergstroompjes en artesische bronnen het mogelijk maken vee te weiden. Je zult dit aardewerk dus niet snel vinden in heuvelforten of in gebieden die overwegend geschikt zijn voor akkerbouw. Kortom: gray ware documenteert veetelers en omdat het een nieuw soort aardewerk is, mogen we aannemen dat het gaat om een groep migranten.

Lees verder “Aardewerk, grijs (maar niet saai)”