Romeinse astrologie

Deel van een diptiek van twee astrologische tabletten (Archeologisch museum, Grand)

Wat u hierboven ziet, is de rechterhelft van een van de twee bijna identieke astrologische diptieken die in 1967 zijn opgegraven in het Franse Grand, het antieke Andesina. Of beter: er zijn daar 188 ivoren splinters opgegraven, waarvan in het lab twee diptiekjes vielen te maken. Ze zijn bijna dertig centimeter lang, ofwel precies één Romeinse voet, en dateren uit de late tweede eeuw n.Chr.

Hoe ze precies zijn gebruikt en door wie, dat valt weer eens niet te weten, maar dat deze voorwerpen het eigendom zijn geweest van een professionele sterrenwichelaar lijkt in elk geval mij een voor de hand liggende aanname. Je kunt je voorstellen dat zo iemand zijn praktijk had in de buurt van het Apolloheiligdom: een zonnegod immers die ook nog eens de geneeskunde een warm hart toedroeg. Op deze plek, waar mensen kwamen om te baden in de geneeskrachtige wateren, was behoorlijk wat publiek en menigeen zal hebben willen weten hoe groot de kans was op genezing. Zoiets verbeeld ik me althans bij deze tabletten.

Lees verder “Romeinse astrologie”

Meditrina

Meditrina (Archeologisch Museum, Grand)

De Romeinen hadden een feest dat ze Meditrinalia noemden. Ze vierden het op 11 oktober maar wisten, zoals dat met religie nu eenmaal gaat, eigenlijk ook niet waarom ze vierden wat ze vierden. Dus verzonnen ze de bijbehorende godin. Zoals de Floralia er waren voor Flora, zo waren de Meditrinalia er voor Meditrina. Gegeven de tijd van het jaar was een associatie met de wijnoogst vanzelfsprekend.

Ergens in de negentiende eeuw is geopperd deze godin te identificeren met afbeeldingen als de bovenstaande, die her en der in het Romeinse Rijk zijn gevonden. Deze fotografeerde ik in Grand, waar nog drie Meditrina’s zijn gevonden. Steeds opnieuw een grote vrouwenfiguur te midden van wat attributen van een bepaald ambacht, altijd in een nis tussen twee pilaartjes. Duidelijk is dat het gaat om een overvloedgodin die haar gunsten uitdeelt.

Lees verder “Meditrina”

De Peelhelm

De Peelhelm (Rijksmuseum van Oudheden, Leiden)

In mijn reeks museumstukken vandaag een van de beroemdste voorwerpen uit de Oudheid: de Peelhelm. Rond 300 n.Chr. gemaakt van verguld zilver, in 1910 gevonden door turfsteker Gebbel Smolenaars in de Peel, tegenwoordig in het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden. De helm is niet het enige voorwerp dat Smolenaars uit het veen haalde: hij vond ook enkele vierde-eeuwse munten, een mantelspeld, delen van een paardentuig en een ruiterspoor.

Net als moderne helmen bestaat de Peelhelm uit een binnen- en een buitenhelm. De binnenhelm moet van ijzer gemaakt zijn geweest. Doordat het voorwerp gelegen heeft in veen, is het ijzer compleet weggeroest. De buitenhelm, gemaakt van edelmetaal, heeft het wel overleefd. Ze bestaat uit veertien onderdelen die met gespjes en riempjes waren verbonden.

Lees verder “De Peelhelm”

Penelope

Beeld van Penelope (Archeologisch Museum, Teheran)

Het bovenstaande beeld is op zichzelf niet werkelijk interessant. “Wet drapery style”, zegt een kunsthistoricus geroutineerd. Dezelfde kunsthistoricus zal zeggen dat het is gemaakt van marmer. Hij zal verder wellicht suggereren dat het Penelope voorstelt, omdat hij herkent dat dit beeld lijkt op een Romeinse kopie van dit beeld die nu is te zien in het Vaticaan.

Het is de vindplaats die dit beeld zo interessant maakt: Persepolis. Hoe komt een Grieks standbeeld in vredesnaam diep in Perzië terecht? Plundering natuurlijk: Perzische soldaten hebben vrijwel zeker ergens een Grieks heiligdom onder handen genomen en de buit mee genomen. Dat is niet uniek. Tot de topstukken van de oosterse afdeling van het Louvre behoort een bronzen gewicht uit Didyma dat is gevonden in Susa, een andere Perzische hoofdstad. Vrijwel zeker meegenomen toen het heiligdom in 494 werd veroverd.

Lees verder “Penelope”

Perzische rolzegel

Zegelafdruk: een Perzische koning verslaat een Griekse hopliet (Metropolitan Museum of Art, New York)

Rolzegels zijn leuk. Het zijn kleine gesneden stenen die de oude Mesopotamiërs over een document – doorgaans een kleitablet – rolden om het te verzegelen. In feite zetten ze zo hun handtekening. De bovenstaande afdruk is van een zegel dat op stilistische gronden, zo meldde het bordje met toelichting in het museum, valt te dateren in het eerste derde van de vijfde eeuw. Perzisch dus. En dat maakt dit rolzegel de moeite waard.

Gegeven de datering stelt de koning links óf Darius de Grote óf zijn zoon en opvolger Xerxes voor. Of “de koning” in het algemeen. De verslagen tegenstander is echter wat de afdruk interessant maakt: hij draagt een puntgaaf weergegeven hoplietenuitrusting. We hebben dus te maken met een verslagen Griekse tegenstander en dat is nogal specifiek. De interpretatie dat dit “de koning” is, wordt hiermee minder aannemelijk: weliswaar bestaan er afbeeldingen van vorsten die strijden tegen “het kwaad” in het algemeen, maar de Perzen verbeeldden dat vaker door bijvoorbeeld een leeuw.

Lees verder “Perzische rolzegel”

Koptische schaal

Koptische schaal uit Ewijk (Rijksmuseum van Oudheden, Leiden)

Een tijdje geleden blogde ik over het Interweekum, het viertal avonden dat RomeinenNu en het Rijksmuseum van Oudheden aanbieden om een brug te slaan tussen de Week van de Klassieken en de Romeinenweek. Vier avonden waarop we tonen welke ontwikkelingen er zijn en waarom de Oudheid interessant blijft. Het programma is bijna klaar en ik zal het binnenkort aanbieden. Het zal overigens “Oog op de Oudheid” gaan heten, want “Interweekum” – ach, ik zal niet hoeven uitleggen waarom dat woord geschikter is als werktitel dan als feitelijke naam.

Omdat ik namens RomeinenNu de voorbereidingen doe, heb ik de laatste tijd regelmatig in het RMO vergaderd. Dat deden we meestal in het restaurant en met uitzicht op de vitrine met de laatste aanwinsten. Dat waren eerst wat munten – ik had er graag meer gezien – en nu staat daar bovenstaande “Koptische schaal”.

Lees verder “Koptische schaal”

Wat is een Romein? (2)

Fragment van een diploma uit Pappenheim (inderdaad, van de Pappenheimers), dat het Romeinse burgerrecht toekent aan een Fries, vermeld in de derde regel. (Römermuseum, Weissenburg)

Ik blogde gisteren over de vraag wat een Romein was en wees erop dat er rond pakweg 70 v.Chr. twee definities waren: een bewoner van Rome en een inwoner van Italië, die het burgerrecht had van een eigen stad én een Romeins burgerrecht. De oude steden waren in feite gemeentes geworden.

In de daaropvolgende jaren deelden met name Julius Caesar en keizer Augustus het burgerrecht kwistig uit. Heel significant is dat Caesar de bewoners van de steden op de Po-vlakte maakte tot Romeinse burgers. Het gaf hem de mogelijkheid er legionairs (per definitie mensen met Romeins burgerrecht) te werven, zodat hij meer soldaten had dan zijn senatoriële tegenstanders. Augustus herhaalde het kunstje. De monarchie van Augustus was, met een beroemd woord van de oudhistoricus Ronald Syme, de wraak van de provincies.

Lees verder “Wat is een Romein? (2)”