Limes en scepsis (1)

De bovenloop van het Nijmeegse aquaduct op het terrein van Museumpark Orientalis
De bovenloop van het Nijmeegse aquaduct op het terrein van Museumpark Orientalis

Ik heb al eens eerder geschreven over de Nijmeegse aquaductenaffaire. Samengevat komt die erop neer dat enkele Nijmegenaren er niet zo gelukkig mee waren dat de gemeente het Romeinse aquaduct – herkenbaar als een verzameling meertjes, kanaaltjes en een dijk – beter wilde ontsluiten voor bezoekers. Sommige Nijmegenaren betwijfelden of er wel een aquaduct was geweest en een van hen wees erop dat er geen Romeinse vondsten waren gedaan. Die waren, zo zei hij, nodig om te concluderen dat er sprake was van een Romeins aquaduct.

De zaak kreeg enige bekendheid toen Sjors van Beek erover schreef in De groene Amsterdammer en de dagbladen er ook aandacht aan besteedden. Toen de Radbouduniversiteit weigerde een uitspraak te doen over de wetenschappelijkheid van het rapport waarin was geconcludeerd dat de verzameling meertjes, kanaaltjes en dijk een aquaduct was geweest, knalde de zaak verder naar het Landelijk Orgaan Wetenschappelijke Integriteit. En toen de Nijmeegse Rekenkamer ook twijfel uitsprak, waren de rapen helemaal gaar. De gemeenteraad ging uiteindelijk niet in op de kritiek.

Lees verder “Limes en scepsis (1)”

Klukhuhns gelijk

spraakverwarring

De ernstigste consequentie van de snel groeiende publicatieberg is gelegen in de steeds toenemende starheid van de wetenschap. Immers, in iedere publicatie wordt gebruik gemaakt van stukken theorie en techniek, overgenomen uit andere publicaties, die ieder op hun beurt weer verwijzingen bevatten naar een volgende vertienvoudigde laag publicaties, enzovoort. Voor een kritische lezer is er zodoende geen beginnen meer aan om de betwijfelde uitkomsten van een publicatie ter discussie te stellen. Het graafwerk naar de wortels van de bewering zou al aanzienlijk meer dan een gemiddeld wetenschappelijk mensenleven in beslag nemen. Die consequentie is daarom zo ernstig, omdat de kritiseerbaarheid ermee verloren gaat, waarmee de wetenschap tot in de kern wordt geraakt.

Aan het woord was chemicus André Klukhuhn, destijds hoofd van het Studium Generale in Utrecht en auteur van Hypothese van het heden (1989). Pagina voor pagina legt hij uit hoe de wetenschap in de jaren tachtig het moeras in aan het lopen was. Sindsdien heeft hij jaar na jaar meer gelijk gekregen.

Lees verder “Klukhuhns gelijk”

Academische titels

malebolge

De Geschiedenis van rampen, de autobiografie van de Franse geleerde Pierre Abélard (1079-1142), is een van de sleutelteksten uit de geschiedenis van het westerse denken. De auteur moet een onuitstaanbare man zijn geweest: in een klooster waar hij te gast was, maakte hij zich onmogelijk door kritische vragen te stellen bij de historiciteit van de stichter. Al eerder, als leerling aan de kathedraalschool van de Notre Dame in Parijs, had hij het zijn docent Willem van Champeaux (1070-1121) zó moeilijk gemaakt dat deze hem had gezegd dat als de leerling het dan zo goed wist, hij de volgende les maar moest verzorgen.

Lees nog even terug en kijk wat daar feitelijk staat: de docent die accepteert dat zijn student het beter kan weten. Dit zou de kern worden van een nieuw schooltype. De aloude kathedraalschool was nog een plek waar het leergezag in handen was van de kerk. Waarheid was er gebaseerd op de autoriteit van de heilige schrift, van de kerkleraren, van concilies en bisschoppen. Veel, zo niet alles, draaide om autoriteit. En in zo’n school erkende Willem van Champeaux dat een student betere argumenten kon hebben. Dat is groots.

Lees verder “Academische titels”

Chinese zondvloed

Leonard Woolley in Ur. Het vierkante gat onderaan leidt naar wat hij typeerde als het "flood deposit". Dikke lagen klei zijn ook in andere Zuid-Iraakse steden gevonden, maar niet in dezelfde strata. Het gaat dus om verschillende gebeurtenissen.
Leonard Woolley in Ur. Het vierkante gat onderaan leidt naar wat hij typeerde als het “flood deposit”. Dikke lagen klei zijn ook in andere Zuid-Iraakse steden gevonden, maar niet in dezelfde strata. Het gaat dus om verschillende gebeurtenissen.

Onlangs publiceerde De Volkskrant een leuk artikel over een overstroming die, in lang vervlogen tijden, aan de bovenloop van de Gele Rivier zou hebben plaatsgevonden. Een en ander is net gepubliceerd in Science (meer), waarin de onderzoekers tevens claimden bewijs te hebben gevonden voor de mythische watersnoden die, voordat China een echte staat werd, het land zouden hebben geteisterd.

De journalist die erover schreef, Maarten Keulemans, vroeg mij of ik commentaar had en ik heb hem naar eer en geweten verteld dat ik sceptisch was. Dat baseerde ik op een parallel met Mesopotamië, waar archeologen in verschillende steden dikke kleipakketten hebben gevonden die ze strijk en zet uitlegden als bewijs voor het Bijbelverhaal over de zondvloed. Helaas kan dit niet werkelijk zo zijn, aangezien die kleilagen niet zijn afgezet op hetzelfde moment en in elke stad een ander stratum vormen. Als ik een artikel over archeologisch bewijs voor mythische overstromingen aangeleverd zou krijgen voor Ancient History Magazine (neem een abonnement!), zou ik het zeker weigeren. Zo kwam het dat ik in De Volkskrant werd geciteerd als een der sceptici die twijfelden aan de Chinese ontdekking.

Lees verder “Chinese zondvloed”

Informatieverzuiling

spraakverwarring

Ik schreef eergisteren dat ik wat moeite heb met het pessimisme waarin we ons lijken te wentelen. Niet dat ik niet bezorgd zou zijn om het nieuws: de verkiezingen in de Verenigde Staten, aanslagen, de aanhoudende reeks klimaatrecords, de burgeroorlog in Syrië en Irak, de vluchtelingenstroom, de coup en contracoup in Turkije, de ongelijke wijze waarop mensen profiteren van de globalisering en dan vergeet ik nog het een en ander. Een van mijn vrienden, Jehova’s Getuige, herkent de tekenen van de Eindtijd en er zijn momenten waarop ik ernaar neig hem gelijk te geven.

Tegelijkertijd, zo schreef ik dus, zijn wij de rijkste generatie aller tijden en zijn we hoger opgeleid dan ooit – en dat geldt voor Nederland, voor de westerse wereld én wereldwijd. Ik wil daarnaast enig vertrouwen hebben in de meerderheid van de mensen, die probeert in een wonderlijke tijd een beetje menselijk met elkaar om te gaan. Als er één samenleving is die de huidige problemen zou moeten kunnen beheersen, dan is dat de onze.

Lees verder “Informatieverzuiling”

Kwakgeschiedenis: Monaldi en Sorti

Medaille uit Oberaden (Westfälisches Römermuseum, Haltern)
Medaille uit Oberaden (Westfälisches Römermuseum, Haltern)

Een van de boeiendste teksten uit de Oudheid is de Natuurlijke Historie van Plinius de Oudere, een Romeinse bestuurder wiens nieuwsgierigheid slechts werd geëvenaard door zijn leeshonger. Geen boek was zo slecht, vond hij, of er stond wel iets goeds in. De Natuurlijke Historie is een samenvatting van zijn lectuur en biedt een prachtig overzicht van alle antieke kennis. Helaas is die soms ronduit bizar.

Plinius is niet uniek. Alle antieke auteurs bieden een curieus mengsel van ware en onware verhalen. Men had destijds de middelen immers niet om informatie te controleren. Er is dus niets mysterieus aan.

De Italiaanse auteurs Rita Monaldi en Francesci Sorti vinden het wél raadselachtig en opperen in hun roman Mysterium… ja, wat opperen ze eigenlijk? Het wordt niet helemaal duidelijk in de appendix “De verzonnen tijd”. Ze hebben het over vervalste antieke bronnen, suggereren dat de geschiedenis van vele eeuwen is verzonnen, maar noemen die theorie ook weer “gewaagd”. Ze noemen mogelijke daders en motieven, maar eenduidig is het allemaal niet.

Lees verder “Kwakgeschiedenis: Monaldi en Sorti”

Praten over wetenschap

De bovenloop van het Nijmeegse aquaduct op het terrein van Museumpark Orientalis
De bovenloop van het Nijmeegse aquaduct op het terrein van Museumpark Orientalis

Vorige week sprak Ionica Smeets, die u kunt kennen als columniste van De Volkskrant, in Leiden haar inaugurele rede uit als hoogleraar wetenschapscommunicatie. Dat ging niet helemaal onopgemerkt voorbij: De Volkskrant plaatste zaterdag een leuke, veelbesproken samenvatting met zeven lessen. Er was – althans in mijn Twitter-timeline – wat hilariteit over het feit dat die achter een betaalmuur lag maar er is een filmpje:

Om met een persoonlijk bezorgdheid te beginnen: ik was vooral blij dat Smeets opmerkte dat foute voorlichting vaak begint met wetenschappers die overdrijven. Van de oudheidkundige persberichten heb ik het een jaar of wat geleden eens geturfd: twee vijfde bevatte fouten die de wetenschappers moesten hebben herkend. Altijd weer overdrijving, altijd weer onvoldoende onderbouwde claims. Dit geschreeuw is sowieso vreemd maar wordt helemaal curieus als je bedenkt dat het belang van de humaniora is dat je je eigen gelijk leert relativeren. In de humaniora gaat het om de mitsen en de maren.

Lees verder “Praten over wetenschap”