Het Comitium in Rome

Opgraving onder het Comitium

Wie de Senaatszaal verliet, kwam op het Comitium. Na de renovatie door Julius Caesar en Augustus was van het oorspronkelijke plein, dat ten tijde van de Republiek ruimte had geboden aan de Volksvergadering, weinig over. Destijds hadden om het ronde terrein, dat een doorsnede had van vijfentwintig meter, lage tribunes gestaan en eretekens voor verdienstelijke mensen en de profetessen die Sibillen werden genoemd. De Romeinse encyclopedist Plinius de Oudere stuitte op een vermelding van nog twee beelden:

Ik heb ontdekt dat aan weerszijden van het Comitium beelden van Pythagoras en Alkibiades hebben gestaan, omdat de Delfische Apollo ons tijdens de Samnitische Oorlog gelastte op een opvallende plaats standbeelden op te richten van de machtigste en de verstandigste onder de Grieken. Ze hebben er gestaan totdat de dictator Sulla het Senaatsgebouw vergrootte tot op die plaats. Het is overigens wonderlijk dat de vroede vaderen Pythagoras hoger aansloegen dan Sokrates, die door dezelfde god toch als meest verstandige is aangewezen, dat ze Alkibiades verdienstelijker vonden dan zoveel anderen, en dat ze iemand hoger achtten dan Themistokles, die machtig én verstandig was.noot Plinius de Oudere, Natuurlijke Historie 34.26.

Lees verder “Het Comitium in Rome”

Ilja Pfeijffer, Alkibiades (4)

Ostrakon met de naam “Alkibiades, zoon van Kleinias” (Agoramuseum, Athene)

Kees Alders bespreekt hier in vier delen het deze zomer verschenen boek Alkibiades, door Ilja Leonard Pfeijffer. Het eerste deel is hier

Lessen voor democraten

Het blijft niet bij het vinden van parallellen alleen. Pfeijffer geeft ons in Alkibiades uiteindelijk een aantal niet mis te verstane lessen mee over het wezen en de gevaren van en voor de democratie, maar met daarnaast ook impliciet een aantal suggesties voor hoe daarmee om te gaan.

Een belangrijke les die vooral duidelijk uit de tekst spreekt: een publiek dat oordeelt in de hitte van het moment en op basis van onvoldoende en eenzijdig gepresenteerde feiten is geen goede, rechtvaardige en verstandige rechter. En al helemaal kan zo een publiek geen verstandig oordeel vormen over een rechter en zijn beslissingen. Het volk van Athene neemt in de tekst opgehitst en geëmotioneerd dan ook de ene stomme beslissing na de andere.

Lees verder “Ilja Pfeijffer, Alkibiades (4)”

Ilja Pfeijffer, Alkibiades (3)

Romeins mozaïek met een portret van Alkibiades (Museum van Sparta)

Kees Alders bespreekt hier in vier delen het deze zomer verschenen boek Alkibiades, door Ilja Leonard Pfeijffer. Het eerste deel is hier

Falen

Alkibiades van Pfeijffer staat vol gepoch over de grootsheid van mannelijke daden, maar uiteindelijk gaat het over falen. De hoofdpersoon faalt door zijn vermetelheid en arrogantie continu om zijn eigen stad naar glorie en roem te leiden. Bovendien faalt hij als vader, en feitelijk zelfs als minnaar: hij verliest zijn eerste geliefde aan de dood, zijn tweede geliefde blijft onbereikbaar omdat hij zich laat strikken voor een seksueel avontuurtje dat hem met name schade berokkent, en hij sterft te vroeg om zijn laatste geliefde en dochter op het cruciale moment te kunnen beschermen.

Ondertussen faalt Sokrates om de jeugd op te voeden tot werkelijk grootse daden en verprutst hij zijn eigen proces. Perikles faalt er uiteindelijk in zijn stad, zijn familie en zichzelf te beschermen tegen onheil en ellende, welke indirect lijken te zijn veroorzaakt door zijn ambitie. Het volk van Athene gooit continu zijn eigen glazen in door zich te laten leiden door populisten die schreeuwend vanaf de zijlijn het volk ophitsen de ene na de andere getalenteerde generaal op te knopen als zondebok voor een tegenvaller, en zich zo van elk talent en hoop te ontdoen.

Lees verder “Ilja Pfeijffer, Alkibiades (3)”

Ilja Pfeijffer, Alkibiades (2)

Alkibiades (Capitolijnse Musea, Rome)

Kees Alders bespreekt hier in vier delen het deze zomer verschenen boek Alkibiades, door Ilja Leonard Pfeijffer. Het eerste deel is hier

Wat mij tijdens het lezen van Alkibiades eens te meer te binnen schoot: Pfeijffer is een schrijver waar je je enorm aan zou kunnen ergeren als hij die spot en zelfspot zou missen, of wanneer je ze als lezer niet opvangt. Hij krijgt nogal eens het verwijt naar zijn hoofd een poseur te zijn wie het succes flink naar het hoofd gestegen is, en dat dit af zou doen aan de kwaliteit van zijn werk.

Wat dat betreft lijkt Pfeiffer ergens op Harry Mulisch, die vooral aan het eind van zijn leven zijn eigendunk volledig gecultiveerd had tot een naar mijn overtuiging bewust belachelijk karikatuur, terwijl de relatieve toegankelijkheid van zijn latere werken te vaak werd geïnterpreteerd als oppervlakkigheid. Wat dat betreft is het opvallend dat Pfeijffer in meerdere interviews Mulisch noemde als ‘de meest overschatte schrijver’.

Lees verder “Ilja Pfeijffer, Alkibiades (2)”

Ilja Pfeijffer, Alkibiades (1)

Boekomslag Alkibiades, Ilja Leonard Pfeijffer
Kees Alders bespreekt hier in vier delen het deze zomer verschenen boek Alkibiades, door Ilja Leonard Pfeijffer.

Toen ik aan Jona Lendering, u kent hem wel, vroeg wanneer ik zijn recensie van het net uitgekomen boek Alkibiades kon verwachten, kreeg ik een teleurstellend antwoord: hij was niet van plan het op korte termijn te lezen.

Nu is Jona’s afkeer van gehypete boeken de vaste lezers van dit blog vast niet onbekend, net als zijn chronisch gebrek aan tijd, maar dit leek mij voor onze Mainzer Beobachter een misser. Het betreft hier toch precies een boek dat gaat over waar onze Beobachter nu eenmaal een – zo niet de – autoriteit is: de Oudheid.

Maar goed, Jona had geen tijd. Ik werd echter uitgenodigd om zelf een recensie te schrijven. U moet het dus met mij doen. Dat spijt mij voor u, want het is voor mij onmogelijk om u te geven wat u van een recensie op dit blog zou verwachten: een analyse van de eventuele missers in het boek en de historische waarde van het verhaal.

Lees verder “Ilja Pfeijffer, Alkibiades (1)”

Plato (12): De liefde van Alkibiades

Alkibiades, net als Plato een leerling van Sokrates (Capitolijnse Musea, Rome)

[Dit is de twaalfde aflevering van een reeks over de Atheense filosoof Plato, die veel mensen vooral kennen om zijn zogenoemde ideeënleer, om de Platonische liefde en om zijn ideale filosofenstaat. Dat is echter wat misleidend. Plato’s filosofie is breder en gaat dieper.] 

De liefde bedrijven is, als we Plato mogen volgen, op zijn tijd prima. Belangrijker dan seks is het echter over filosofie te blijven lezen. Tenminste, als je de woorden van Sokrates in Symposion volgt.

Die krijgt van Plato echter niet het laatste woord. Juist als Sokrates uitgesproken is, valt namelijk Alkibiades in dronken staat binnen. Ooit had Sokrates deze generaal midden in een veldslag het leven gered.

Lees verder “Plato (12): De liefde van Alkibiades”

Anderen over Sokrates

Sokrates (Archeologisch museum, Zadar)

[Een korte serie over de man die de Grieken en Romeinen aanduidden als de vader van de filosofie: de Athener Sokrates. Het eerste deel was hier.]

We kennen Sokrates vooral via het werk van Plato, vooral diens vroege werk. Hierin zien we de filosoof als een horzel om zijn gesprekspartners heen zoemen, hen bestokend met zijn lastige vragen. Deze dialogen hebben vaak geen duidelijke conclusie.

Andere tijdgenoten beschrijven Sokrates als iemand die aansluit op het relativisme van de sofisten. De toneelschrijver Aristofanes schreef een komedie waarin Sokrates een jongen leert drogredeneringen te gebruiken om zijn vader te slim af te zijn. De publicist Xenofon pocht dat zijn leermeester hem geadviseerd zou hebben bij handel en beleggingen. Volgens Plato en latere schrijvers zou Sokrates echter alleen in morele zaken geïnteresseerd zijn geweest. Om materiële zaken zou hij niets hebben gegeven, en om handel en beleggingen al helemaal niet.

Lees verder “Anderen over Sokrates”

Het einde van Athene (3)

De Hellespont, kijkend vanaf de monding van de Geitenrivieren naar Lampsakos

[Het derde, wat lange deel van een reeks over de Dekeleïsche of Ionische Oorlog, ofwel de ondergang van Athene. Het eerste deel is hier.]

Over wat volgde, bestaan twee verslagen. Het eerste daarvan is geschreven door Xenofon, een tijdgenoot die een vervolg schreef op het onvoltooid gebleven geschiedwerk van Thoukydides. Ik zal hem hierna citeren in de vertaling van Gerard Koolschijn. De andere beschrijving van de slag bij de Geitenrivieren is van Eforos van Kyme. Deze auteur werd enkele jaren na de gebeurtenissen geboren maar kon nog volop overlevenden interviewen. Zijn boek is verloren gegaan, maar een uittreksel is opgenomen in de Bibliotheek van de Wereldgeschiedenis van de Siciliaanse historicus Diodoros.

De twee verslagen lijken elkaar bij de beschrijving van de slag tegen te spreken, maar stemmen overeen over de aanloop. Xenofon zegt het als volgt:

Lees verder “Het einde van Athene (3)”

Het einde van Athene (1)

Tempel van Nike, Athene

Onlangs schreef ik over de Siciliaanse Expeditie: in 415 v.Chr. probeerde Athene vergeefs Sicilië te veroveren – of althans Syracuse. Het was uitgelopen op een ramp. Terwijl de Atheners in het westen actief waren, hadden de Spartanen Athene opnieuw de oorlog verklaard en koning Agis II had niet ver van de stad een fort ingericht. Hadden ze tijdens de Archidamische Oorlog – meer precies in de jaren 431-425 v.Chr. – het Atheense platteland alleen geplunderd met korte campagnes, nu waren de Spartaanse troepen er permanent. Tijdens de Ionische of Dekeleïsche Oorlog (413-404) brachten enorme schade toe aan de vijandelijke economie.

De anders afstandelijke Thoukydides kan voor één keer niet verbergen dat ook hij uit Athene kwam: zoiets slims konden de Spartanen niet zelf hebben bedacht, zoiets moest wel zijn verzonnen door een Athener. Namelijk Alkibiades, de tijdens de Siciliaanse Expeditie uit het generaalsambt gezette Atheense politicus, die in Sparta in ballingschap was gegaan. Of hij echt zoveel invloed heeft gehad staat te bezien.

Lees verder “Het einde van Athene (1)”

De Siciliaanse Expeditie (2)

Alkibiades (Capitolijnse Musea, Rome)

[Dit is het tweede deel van een zesdelige reeks over de Siciliaanse Expeditie waarmee Athene probeerde Syracuse te onderwerpen. Het eerste deel is hier.]

De Atheense vloot die in de zomer van 415 v.Chr. uitvoer telde uiteindelijk nog vierendertig triëren meer dan waarom Nikias had gevraagd – ruim het dubbele van waartoe de Atheners aanvankelijk hadden besloten. Zo was de beperkte operatie veranderd in een onderneming zonder weerga die, als ze succes zou hebben, Athene zou maken tot de machtigste staat in het Middellandse Zeegebied, maar als ze zou falen, zijn positie als machtigste staat van Griekenland in gevaar bracht. Het was een immense strijdmacht, maar evengoed zou blijken dat het voor elke oorlog op Sicilië noodzakelijke legeronderdeel ontbrak.

Nog nooit was er een tocht ondernomen verder van huis en met groter verwachtingen van een toekomstige uitbreiding van de nu aanwezige macht. Toen de schepen bemand waren en alles was ingescheept wat zij op hun reis moesten meenemen, werd met de trompet stilte geblazen en werden de voor het vertrek gebruikelijke gebeden uitgesproken, niet op elk schip afzonderlijk, maar allen tezamen spraken zij de woorden van de heraut na. Mengvaten werden gevuld het gehele leger langs gedragen en uit gouden en zilveren bekers werd door de manschappen en officieren geplengd. (Thoukydides 6.32.1; vertaling M.A. Schwartz.)

Lees verder “De Siciliaanse Expeditie (2)”