De boeken van Arrianus

Detail van de Alexandersarcofaag (Archeologisch Museum van Istanbul)

Ondanks zijn indrukwekkende loopbaan als Romeins bestuurder, vond Arrianus tijd om allerlei boeken te schrijven, die hij over het algemeen modelleerde op publicaties van de Atheense auteur Xenofon (ca.430-ca.354). Hieronder is een catalogus die de filosofische, topografische, historische en militaire belangstelling van Arrianus documenteert. Zijn voornaamste werk is een geschiedenis van Alexander de Grote, waarover hieronder meer.

Lees verder “De boeken van Arrianus”

Curtius Rufus

Portret van een Romein, tweede kwart eerste eeuw (Rijksmuseum van Oudheden, Leiden)

We moeten het eens hebben over Quintus Curtius Rufus. Een Romeinse officier waarvan er dertien in een dozijn gingen, maar wel een Romeinse officier die wordt vermeld door de Romeinse geschiedschrijver Tacitus. Hier is het citaat, dat begint met een schitterende insinuatie.

Over de afkomst van Curtius Rufus, die volgens sommigen de zoon was van een gladiator, wil ik geen onjuistheden beweren, terwijl ik me er tegelijk voor schaam de waarheid uit de doeken te doen. Eenmaal volwassen werd hij lid van de staf van een quaestor die Africa als standplaats had gekregen. Toen hij zich in de stad Hadrumetum in een zuilengalerij bevond waar hij op dat moment – het was midden op de dag – helemaal alleen was, was er een vrouwelijke gedaante van bovenmenselijke afmetingen aan hem verschenen en hoorde hij haar zeggen: “Jij, Rufus, jij bent de man die als gouverneur naar deze provincie zal komen.”noot Tacitus, Annalen 11.2-21; vert. Marinus Wes.

Lees verder “Curtius Rufus”

Alexander de Grote op de Balkan

Het Balkangebergte, niet ver van waar Alexander de Grote de bergen overstak.

Wie zich bezighoudt met de geschiedenis van het oude Griekenland, focust al snel op Athene, waar de meeste bronnen vandaan komen, en op de stadstaten waarmee Athene in de klassieke tijd het meest te maken had: Sparta, Korinthe, Thebe, en in mindere mate ook Milete, Syracuse en Kyrene. Je zou haast over het hoofd zien hoe belangrijk de contacten waren met het noordelijk deel van het Egeïsche Zee-gebied. In het noordwesten lag Macedonië, in het noordoosten woonden de Thraciërs. De halve geschiedenis van het klassieke Athene draait om het beheer van Amfipolis, op de grens van de twee gebieden, waar het scheepshout vandaan kwam.

Goud

Het zuidoosten van het Balkanschiereiland had echter meer te bieden. Wie nu in het Drents Museum gaat kijken naar de expositie over Dacië, ziet het vele goud. Er waren ook goudaders in het huidige Bulgarije, terwijl de bewoners van Amfipolis ook al wisten waar het edelmetaal vandaan moesten halen.

Lees verder “Alexander de Grote op de Balkan”

Sisygambis, Barsine, Antigone

Portret van een koningin of prinses uit Persepolis. Omdat dit de enige Achaimenidische afbeelding is van een vrouw, is ook wel aangenomen dat het een baardloze prins voorstelt (Nationaal Museum, Teheran).

[Laatste deel van een achttiendelige reeks over de slag bij Issos (6 november 333 v.Chr.), waarin de Macedonische koning Alexander de Grote zijn Perzische collega Darius III versloeg. Dat was het begin van het einde van het Achaimenidische Rijk. Het eerste deel was hier.]

Koningin Stateira was niet de enige vrouw die na de slag bij Issos in Alexanders handen viel. In haar gezelschap bevond zich Darius’ moeder Sisygambis, met wie Alexander het opvallend goed kon vinden. Culturele misverstanden waren echter onvermijdelijk, zoals Curtius Rufus aangeeft:

Het gebeurde eens dat Alexander uit Macedonië als geschenk Macedonische gewaden en veel purper kreeg toegezonden, met de vrouwen die het vervaardigd hadden. Hij beval die aan Sisygambis te geven – want hij vereerde haar met het plichtsgevoel van een zoon – en liet haar zeggen dat als de kleding naar haar zin was, ze haar kleindochters moest leren ze te maken, en dat hij vrouwen meegaf die het hun konden leren. Bij het horen van deze boodschap sprongen Sisygambis de tranen in de ogen, want ze was woedend om dit geschenk. (Geschiedenis van Alexander 5.2.18-19; vert. Daan Stoffelsen)

Lees verder “Sisygambis, Barsine, Antigone”

De ziekte van Alexander de Grote

Rauw Cilicië

[Vierde deel van een achttiendelige reeks over de slag bij Issos (6 november 333 v.Chr.), waarin de Macedonische koning Alexander de Grote de Perzische heerser Darius III versloeg en de ondergang van het Achaimenidische Rijk inluidde. Het eerste deel was hier.]

Alexander bleef in Tarsos. Met zomertemperaturen boven de 45° in de schaduw is dit de heetste stad van Turkije, en hoewel het in september niet meer zó heet is, had Alexander behoefte aan een verkwikkende duik in de Kydnos. Alexanders biograaf Curtius Rufus vertelt het volgende:

Hij trok zijn kleren uit en daalde in het zicht van zijn leger in de rivier af, denkend dat het verstandig was als hij zou tonen tevreden te zijn met een sobere en simpele lichaamsverzorging. Hij was nog maar amper het water in gegaan of zijn ledematen begonnen met een plotselinge rilling te verstijven. Hij werd bleek en bijna zijn hele lichaam verloor levenswarmte. (Geschiedenis van Alexander5.2-3; vert. Daan Stoffelsen)

Lees verder “De ziekte van Alexander de Grote”

De Gordiaanse knoop

De Azara-herme (Louvre, Parijs)

Het verhaal van de Gordiaans Knoop is wereldberoemd. Toen de Macedonische koning Alexander de Grote een knoop niet kon ontwarren, hakte hij die maar door. Maar ook al is de anekdote spreekwoordelijk geworden, we hebben geen idee wat er op het spel stond.

Situatie

De situatie kennen we. Alexander was met in het voorjaar van 334 v.Chr. een leger van ruim 40.000 man de Hellespont overgestoken en had daar een inderhaast samengesteld Perzisch leger verslagen. Hij had tijd verloren tijdens de belegering van Halikarnassos en was daarna het binnenland van het huidige Turkije binnengetrokken. In Gordion, ooit de hoofdstad van Frygië, bracht hij de winter door. Zolang hij niet wist hoe de Perzen zouden reageren op zijn inval, kon hij weinig anders doen wachten. Enerzijds was een Perzische vloot actief in de Egeïsche wateren, die de Macedonische aanvoerlijn kon afsnijden; anderzijds verzamelde de pas aangetreden Perzische koning Darius III een leger, ergens in het oosten. Alexander wist niet wat het voornaamste strijdtoneel zou zijn.

Lees verder “De Gordiaanse knoop”

Brandde Persepolis?

dig

Een tijdje geleden blogde ik over de brand van Persepolis. Die wordt genoemd in verschillende antieke bronnen en ik citeerde Diodoros van Sicilië, die het had van een eerdere auteur, Kleitarchos, die het op zijn beurt van ooggetuigen lijkt te hebben gehad. Die lijken te hebben gedacht dat Alexander het bevel tot de brandstichting heeft gegeven in een dronkenmansroes. We hebben echter een tweede bron, Arrianus, die zijn verhaal baseert op de verslagen van twee officieren die aanwezig waren (Ptolemaios en Aristoboulos). Daar lezen we over een krijgsraad waarbij de beslissing weloverwogen wordt genomen.

Wat zou er waar zijn? Het zou helpen als één van de scenario’s evident onmogelijk was, maar één ding is zeker: het argument “dronkaards kunnen geen paleizencomplex verwoesten, dat vergt voorbereiding” snijdt geen hout. Dat leerde ik jaren geleden, toen ik een boek over Alexander de Grote schreef, bij wat nu het Informatiepunt Brandveiligheid heet. Het is op loopafstand van mijn huis. Ik citeer uit eigen werk:

Lees verder “Brandde Persepolis?”

Dood in Babylon (4)

Marduk

[Het is vandaag op de kop af 2336 jaar geleden dat in Babylon Alexander de Grote stierf. Alle reden om een oud artikel over de grote veroveraar, ooit verschenen in Spiegel Historiael, online te plaatsen. Vandaag dus, in vijf afleveringen. Deel een was hier.]

Gelukkig wisten de chaldeeën ook wat hun koning moest doen om te voorkomen dat het onheil hem zou treffen. Zoals gezegd kon de oppergod Marduk Alexander met goed fatsoen niet met onheil slaan als de vorst de tempeltoren Etemenanki zou restaureren. Hoewel de historicus Arrianus anders beweert en de chaldeeën van bouwfraude beticht, was wel degelijk gewerkt aan de toren. Momenteel zijn drie kleitabletten bekend die het ongelijk van Arrianus bewijzen en de chaldeeën rehabiliteren.

Lees verder “Dood in Babylon (4)”

Seleukos en Alexanders diadeem

Seleukos I Nikator (Nationaal Archeologisch Museum, Napels)

In het oude Nabije Oosten droegen de heersers lange tijd geen kronen maar fraai bewerkte haarbanden, die we gemakshalve diademen noemen. Alexander de Grote nam het gebruik over, wat des te eenvoudiger was omdat de Grieken en Macedoniërs al de gewoonte hadden zich bij feestelijke gelegenheden te bekransen. Denk aan lauwerkansen. Dat een diadeem een eigenlijk vrij alledaags voorwerp was, belette niet dat de mensen er destijds een bijna magische kracht aan toeschreven. Wee degene die, zonder te zijn erkend als heerser, een koninklijke diadeem ombond.

De Griekse schrijver Arrianus, die in het zevende boek van zijn Anabasis de laatste levensmaanden van Alexander beschrijft, vertelt dat hij een anekdote aantrof in zowel de biografie die Alexanders officier Aristoboulos schreef als enkele niet andere, niet nader geïdentificeerde bronnen. De (wat aangepaste) vertaling is van Simone Mooij.

Lees verder “Seleukos en Alexanders diadeem”