M6 | De dood van Filippos II

Het theater van Aigai, waar Filippos II werd vermoord

Eén van de kenmerken van een vroege staat, waarin één aristocraat zijn collega’s overtreft en een koninkrijk consolideert, is dat de vorst goddelijke eerbewijzen krijgt. In Macedonië was dat niet anders. Kort voordat Filippos II naar Azië wilde oversteken om het Perzische Rijk aan te vallen, liet hij zich vereren. We weten dat zijn beeld stond in sommige tempels. Zijn afscheidsfeest in Aigai paste in het programma: ten overstaan van de Grieken zou hij zich presenteren als isotheos, “godgelijk”, en synthronos, “een troon delend”.

Het was de bedoeling dat het Macedonische vorstenhuis, na de onenigheid van het voorafgaande jaar, de Griekse stadstaten duidelijk zouden maken dat de eendracht was hersteld. Men moest niet hopen onder de verplichtingen van de Korinthische Bond uit te kunnen komen. Alles was nu gericht op de oorlog tegen Perzië. Het offerdier stond klaar om geslacht te worden, zoals het orakel in Delfi had gezegd. Het was feest in Aigai.

Lees verder “M6 | De dood van Filippos II” →

M3 | Filippos II en Alexander

Het slagveld bij Chaironeia, waar Filippos II afrekende met de Grieken. Achteraan de Parnassos.

Alexander, die later de bijnaam De Grote zou krijgen, maakte zijn debuut in de geschiedenis in het najaar van 341 v.Chr.: zijn vader Filippos II benoemde hem tot regent over Macedonië terwijl de koning zelf ten strijde trok. Hoe de benoeming verliep, weten we niet, maar we mogen speculeren dat Alexander een zegelring kreeg overhandigd. Er zullen getuigen zijn geweest: misschien generaal Parmenion, na Filippos de machtigste man in Macedonië, en wellicht ook Antipatros, die bij eerdere gelegenheden regent was geweest. Hun aanwezigheid was belangrijk omdat ze zich daarmee committeerden aan de kroonprins. Als Filippos II iets zou overkomen, kon Alexander bij zijn troonsbestijging rekenen op de steun van twee machtige families.

Het Perinthos-incident

Zelf trok Filippos naar de Zee van Marmara, waar hij hoopte Perinthos in te nemen. Ik heb al eerder verteld dat het anders liep. De Perzische koning Artaxerxes III Ochos beschouwde de Macedonische aanval op de havenstad als inmenging in de Perzische vitale belangen en greep in. In het voorjaar van 340 v.Chr. stuurden de Perzen niet minder dan drie legers naar Europa. Zoiets was sinds de dagen van Xerxes niet meer gebeurd.

Lees verder “M3 | Filippos II en Alexander” →

Achaimenidisch Perzië (6)

Darius III Codomannus op het Alexandermozaïek (Pompeii, nu in het Archeologisch Museum van Napels)

[Laatste van zes blogs over Achaimenidisch Perzië, dat tussen het midden van de zesde eeuw v.Chr. en 330 heel het Nabije Oosten verenigde. Het eerste deel is hier.]

Ik vertelde in mijn vorige blogje dat de Griekse bronnen over de regering van Artaxerxes IV Arses niet heel erg betrouwbaar zijn. Feitelijk woedde een burgeroorlog. Als een koning uit de dynastie der Achaimeniden zijn macht vestigde, wilde nog wel eens een satrapie in opstand komen. Vaak was de leider een halfbroer, door de vorige koning verwekt bij een andere echtgenote.

Burgeroorlog in Achaimenidisch Perzië

Ook Artaxerxes IV werd ermee geconfronteerd. Er is weinig bekend over de opstand van Nidin-Bel in Babylonië, die wordt genoemd op slechts één, beschadigd kleitablet. Meer zekerheid is er over de revolte van een zekere Chababash, die de onafhankelijkheid van Egypte wilde herstellen. Dat in het verre westen de steden der Yauna in opstand kwamen, is bekend uit verschillende Griekse bronnen, die melden dat in het voorjaar van 336 het Macedonische leger op sommige plaatsen met open armen werd ontvangen. De voor Artaxerxes gevaarlijkste opstand lijkt in Armenië te zijn begonnen en wordt genoemd in de zogeheten Dynastieënprofetie, een Babylonische tekst die op cryptische wijze de regering van enkele heersers beschrijft. Artaxerxes IV, zo lezen we,

Lees verder “Achaimenidisch Perzië (6)” →

Achaimenidisch Perzië (5)

Een koning van Achaimenidisch Perzië, vrijwel zeker Artaxerxes III Ochos (Allard Pierson-museum, Amsterdam)

[Vijfde van zes blogs over Achaimenidisch Perzië, dat tussen het midden van de zesde eeuw v.Chr. en 330 heel het Nabije Oosten verenigde. Het eerste deel is hier.]

De laatste regeringsjaren van Artaxerxes III waren voorspoedig geweest. Mede dankzij zijn trouwe vizier Bagoas had hij het eerder verloren gegane Egypte in 343/342 heroverd. Een deel van de buit had de grote koning besteed aan de bouw van een nieuw paleis in Persepolis. Ook anderen profiteerden van de vrede. Uit kleitabletten blijkt dat de graanprijzen buitengewoon laag waren, wat betekent dat “de gewone man” meer kon besteden aan andere zaken. Een van de weinige problemen was dat koning Filippos van Macedonië gevaarlijk dicht bij de Hellespont en Bosporos kwam, maar toen hij in 340 Perinthos begon te belegeren, dwongen de Perzen hem tot de aftocht. Ik blogde er al eens over.

Artaxerxes IV Arses

Toen de koning in 338 overleed, volgde zijn zoon Arses hem op als heerser in Achaimenidisch Perzië. Net als zijn vader en grootvader nam hij de troonnaam Artaxerxes aan, Artakhšaça, “heerser van een rijk van rechtvaardigheid”. Onmiddellijk na zijn troonsbestijging liepen de zaken volledig uit de hand en omdat deze implosie van het Perzische centrale gezag een voorname, zo niet de voornaamste factor vormt voor het succes van Alexanders veldtocht, is het zinvol er even bij stil te staan. Het uitgangspunt moet het geschiedenisboek van Diodoros van Sicilië zijn:

Lees verder “Achaimenidisch Perzië (5)” →

De Etna

De Etna

De Etna, waarom geen stukje over de Etna? Ik herinner me de eerste keer dat ik de Siciliaanse vulkaan zag, vanuit het vliegtuig op weg naar Catania. Wat een kolos! Ik maakte meteen bovenstaande foto.

De berg is 3329 meter hoog en omdat ’ie aan zee ligt, is dat ook de topografische prominentie, dat wil zeggen hoe hoog een top uitsteekt boven de omgeving. Het is daarmee de op twee na opvallendste berg van Europa. Ik lees overigens ook 3340 meter. Hoewel ik tot veel bereid ben om u de alleractueelste inzichten te verschaffen, ben ik het niet gaan nameten.

Lees verder “De Etna” →

De slag bij Ipsos

Seleukos I Nikator (Metropolitan Museum, New York)

Het handboek waarover ik op donderdag blog, Een kennismaking met de oude wereld van Luuk de Blois en Bert van der Spek, verwijst één keer naar de slag bij Ipsos. Na de dood van Alexander de Grote was de opvolgingsstrijd uitgebarsten en zijn dynastie uitgemoord. Antigonos Eénoog en diens zoon Demetrios de Stedendwinger lijken – “lijken”, want we weten het niet zeker – te streven naar de alleenheerschappij.

In 301 werd Antigonos bij Ipsos in Klein-Azië verslagen door een coalitie met onder anderen Seleukos, terwijl Ptolemaios “meehielp” door Palestina en Zuid-Syrië te bezetten. Antigonos sneuvelde op eenentachtigjarige leeftijd.

Meer is in een handboek ook niet nodig, maar er valt wel iets méér over te vertellen. Om te beginnen dat Seleukos niet bepaald gelukkig was met Ptolemaios’ “hulp”. Ptolemaios beheerste nu wat Seleukos meende dat hem rechtens toekwam. Seleukos zei geen oorlog te willen voeren met Ptolemaios, die hem ooit had geholpen, dus hij verdaagde het onvermijdelijke conflict tot de volgende generatie. De toen uitgebroken reeks conflicten staat bekend als de Syrische Oorlogen. Of Seleukos’ verwijzing naar Ptolemaios’ eerdere verdiensten de feitelijke reden was, of slechts een smoes, valt niet langer uit te maken.

Lees verder “De slag bij Ipsos” →

De Derde Heilige Oorlog (2)

Filippos II, portret uit de villa van Welschbillig (Landesmuseum, Trier)

[Tweede deel van een stuk over de Derde Heilige Oorlog. Het eerste was hier.]

Thessalië

De Derde Heilige Oorlog werd beslist in Thessalië. De Thessaliërs waren een federatie van poleis, waarvan Larissa traditioneel het belangrijkst was. In de voorafgaande jaren had Ferai meer invloed gekregen en het was Ferai geweest dat in de Derde Heilige Oorlog van Thebe naar Fokis was overgelopen. Dat zat de leiders in Larissa niet lekker, die besloten hulp te vragen bij Filippos van Macedonië.

Ferai vroeg daarop hulp in Fokis en Onomarchos reageerde door eerst zijn broer te sturen met 7000 man en er vervolgens zelf op af te gaan met 20.000 man. De aantallen zijn geloofwaardig en suggereren dat Fokis Thessalië niet alleen wilde helpen, maar ook op eigen voorwaarden wilde herorganiseren. De inzet bestond uit de Thessalische stemmen in de Delfische Amfiktyonie: als Fokis die controleerde, kon het de Amfiktyonie laten stemmen tegen verdere voortzetting van de Derde Heilige Oorlog.

Lees verder “De Derde Heilige Oorlog (2)” →

De Derde Heilige Oorlog (1)

Oorlogsgeld uit Fokis (Staatliche Münzsammlung, München)

In mijn reeks over het handboek van De Blois en Van der Spek, Een kennismaking met de oude wereld, beschreef ik vorige week de Bondgenotenoorlog (357-355 v.Chr.). Die eindigde toen de Atheners, door de dreiging van een Perzische vlootinterventie, de handdoek in de ring gooiden. Zo verloren ze hun imperium. De democratie hield het nog wat langer uit maar het einde van het klassieke Athene kwam in zicht. Wat ik niet noemde was dat de Atheense alliantie ook weleens een succesje boekte, zoals die keer, kort voor het uitbreken van de Bondgenotenoorlog, toen het eiland Euboia aansluiting zocht.

Dat zat de Thebanen niet lekker. Hun stad had Sparta verslagen – ik blogde er al over – en had later de Spartaanse orde op de Peloponnesos voorgoed vernietigd. Nu Thebe de nieuwe leider van Griekenland was, kon het niet zomaar toestaan dat Euboia afvallig was. Een conflict met Athene was echter iets dat het niet wilde. Het Atheense debacle lag, toen Euboia afviel, nog anderhalf jaar in de toekomst. Om te tonen dat Thebe niet met zich liet spotten, zocht het een andere oorlog. Het doelwit was Fokis, het landschap ten westen van Boiotië (het landschap waarin Thebe lag). Het voorwendsel: de Fokenzen zouden land hebben bebouwd dat eigendom was van Apollo, de god van Delfi.

Lees verder “De Derde Heilige Oorlog (1)” →

De slag bij Issos (6)

Alexander en Oxyathres (Alexandermozaïek, Napels)

[Het is vandaag 2334 jaar geleden dat de Macedonische koning Alexander de Grote de Perzische heerser Darius III versloeg in de slag bij Issos. Het gevecht luidde de ondergang in van het Achaimenidische Rijk. Het eerste deel van deze reeks was hier.]

Door Alexanders aanval met de Macedonische zware cavalerie op de flank van Darius’ Griekse huurlingen, was de Macedonische falanx ontlast. Met verdubbelde energie streed deze verder. Langzaam bewoog ze weer naar voren over de nu met bloed doorweekte bodem. De Grieken vochten dapper voor hun opdrachtgever – iemand raakte Alexander in zijn dij – maar een voor een sneuvelden ze. Anderen namen hun plaats in het gelid over, maar ook hier hoopten de lijken zich op.

Toen de Pers Oxyathres, een broer van Darius en alom geprezen om zijn moed, zag dat Alexander met onhoudbare vaart op Darius afstormde, verlangde hij vurig het lot van zijn broer te delen. Hij verzamelde de beste ruiters van zijn eskadron en samen met hen wierp hij zich op Alexander en zijn entourage. Overtuigd dat dit staaltje van broederliefde hem groot aanzien bij de Perzen zou opleveren ging hij het gevecht aan vóór de strijdwagen van Darius; en de vijanden met ervaring en vastberadenheid aanpakkend, doodde hij vele van hen. Maar de manschappen van Alexander vochten met nog meer verbetenheid en al snel lagen om de strijdwagen van Darius de lijken hoog opgestapeld. (Diodoros, Wereldgeschiedenis 17.34.2-4)

Lees verder “De slag bij Issos (6)” →

De slag bij Issos (3)

De Pinaros

[Het is vandaag 2334 jaar geleden dat de Macedonische koning Alexander de Grote de Perzische heerser Darius III versloeg in de slag bij Issos. Het gevecht luidde de ondergang in van het Achaimenidische Rijk. Het eerste deel van deze reeks was hier.]

De derde fase van de slag bij Issos duurde korter dan de lezer nodig heeft om de beschrijving ervan tot zich te nemen. Toen de Macedonische soldaten hun tegenstanders tot op tweehonderdvijftig meter waren genaderd, kwamen ze binnen het bereik van de boogschutters.

De beschieting

Het is moeilijk van zo’n afstand doelgericht te schieten, maar de Perzische schutters wisten wat ze deden. Met hun pijlen voor zich in de grond gestoken stonden ze in een open opstelling die het mogelijk maakte dat behalve de eerste rij ook de tweede de tegenstander kon zien en inschatten hoe ver deze verwijderd was. De pijlen werden vervolgens schuin omhoog afgeschoten en de routiniers in de voorste rijen wisten precies hoe ze moesten richten om de projectielen te laten inslaan op de plaats waar de Macedoniërs liepen, terwijl de mannen op de achterste rijen hun pijlen onder dezelfde hoek afschoten.

Lees verder “De slag bij Issos (3)” →