Alexander de Grote in Lycië

De rotsachtige kust van Lycië

In 2003 reisden mijn zakenpartner en ik Alexander de Grote achterna, dwars door Turkije. Ik heb veel mooie herinneringen aan die reis: Efes pilsen (dat overigens wordt gebrouwen in Izmir), de grafheuvels bij Troje, de weidse vlakte van Frygië, de geuren op de kruidenmarkt in Iskenderun. Maar vooral: de rotsige kust van Lycië. Alexander was hier in de eerste weken van 333 v.Chr., nadat hij veel te veel tijd had verspild aan de zinloze belegering van de havenstad Halikarnassos.

Lycië & elders

De daaropvolgende inname van de havens van Lycië was op zich nuttig, want ooit zou het resterende Perzische garnizoen wegvaren uit Halikarnassos, en als dan ook de Lycische havens niet meer in Perzische handen waren, zou het voor de Perzen lastig worden de Egeïsche Zee te bereiken. Onze bronnen besteden daarom veel aandacht aan Alexanders campagne, hoewel dat niet de belangrijkste Macedonische operatie van dat moment was. Dat was de verovering van het westelijk deel van de Koninklijke Weg, die vanaf Sardes landinwaarts liep, naar de Frygische hoofdstad Gordion. Wie die stad beheerste, had een basis om Anatolië te veroveren. Alexanders generaal Parmenion lijkt Gordion zonder slag of stoot te hebben kunnen innemen. Niet vreemd: de Perzen hadden het garnizoen laten vechten aan de Granikos, en dat hadden de meeste soldaten niet overleefd.

Lees verder “Alexander de Grote in Lycië”

Alexander de Grote bij Halikarnassos (2)

De stadsmuur van Halikarnassos

[Vervolg en slot van een blog over Alexanders belegering van Halikarnassos. Het eerste deel was hier.]

De belegering van Halikarnassos begon in augustus 334 v.Chr., de heetste maand van het jaar, en sleepte zich eindeloos voort. Eerst probeerde Alexander de stad aan te vallen bij de Mylasapoort in het oosten (landkaart). De bedoeling was dat de manschappen de zeven meter diepe gracht vulden en dan met stormladders de muur beklommen. Dat Alexander zich gruwelijk had vergist, bleek toen een regen projectielen neerdaalde van de vijandelijke katapulten. Alexanders mannen waren kansloos. Hun eigen katapulten waren nog niet gearriveerd en een aanval zonder dekking van de eigen artillerie was een enorme blunder.

Beschietingen en geniewerkzaamheden

Vanaf het moment dat Alexander over zijn eigen geschut beschikte, enkele dagen later, werd enige vooruitgang geboekt. De Macedoniërs plaatsten hun katapulten op torens, waardoor ze hun tegenstanders konden bekogelen van gelijke of grotere hoogte. Memnon antwoordde met de bouw van een nog hogere toren en een nachtelijke aanval op de Macedonische belegeringswerken-in-aanbouw.

Lees verder “Alexander de Grote bij Halikarnassos (2)”

De slag aan de Granikos (2)

De Granikos

[Dit is het tweede van drie blogjes over de slag aan de Granikos. Het eerste was hier.]

Al onze bronnen vermelden dat het Macedonische en het Perzische leger laat op de middag contact maakten, maar de auteurs zijn het oneens over het vervolg. Arrianus en Ploutarchos vertellen dat Alexander en zijn rechterhand Parmenion kort met elkaar spraken over de te volgen tactiek. De oude generaal wees erop dat de hellingen van het riviertje te steil waren om snel te beklimmen. Als de Macedoniërs de rivier overstaken, zei hij, waren ze een makkelijke prooi voor de Perzen op de oostelijke oever. Het was beter de stroom over te steken onder dekking van de nacht. Alexander antwoordde dat hij zich zou schamen als dit beekje hem tegenhield terwijl hij zonder problemen de zee was overgestoken, en gaf daarop het bevel voor een aanval dwars door het dal.

Conflicterende bronnen

Tot zover Ploutarchos en Arrianus. Diodoros van Sicilië, de auteur over wie ik gisteren blogde, vertelt iets anders. Volgens hem staken de Macedoniërs de Granikos vlak voor dageraad over, precies zoals Parmenion volgens Arrianus en Ploutarchos had geadviseerd.

Lees verder “De slag aan de Granikos (2)”

Diodoros van Sicilië

Kleio, de beschermgodin van de historische wetenschappen (Altes Museum, Berlijn).

Hé, dat is leuk: er is een Nederlandse vertaling verschenen van de Grieks-Romeinse geschiedschrijver Diodoros van Sicilië. Dit is om twee redenen fijn. Eén, Diodoros is geen auteur die al vaker vertaald is, zoals Homeros of de Griekse tragici. Classicus Gerard Janssen ontsluit een stukje Oudheid dat voor het publiek nog onontsloten was. Twee, het gaat niet om een tekst die alleen specialisten interesseert. Diodoros, die leefde toen Rome rond het midden van de eerste eeuw v.Chr. de Mediterrane wereld verenigde, biedt zijn lezers een alleszins boeiend verhaal over de geschiedenis van de gehele wereld.

De kwaliteit van Diodoros  boek is zo goed als zijn bronnen. Diodoros heeft veel oudere teksten gelezen en naverteld. Hij claimt geen originaliteit en noemde zijn werk dan ook De bibliotheek of, in de weergave van Janssen, Archief van de geschiedenis. Diodoros vat dus oudere bronnen samen en zijn selectie bewijst dat hij niet onverdeeld positief was over de Romeinse heerschappij. Hij zal nooit nalaten te wijzen op de wreedheid, roofzucht en verdorvenheid van de Romeinen. Als Siciliaan kon hij ervan meepraten.

Lees verder “Diodoros van Sicilië”

Parmenion versus Memnon

Macedonische helm (Nationaal Museum, Kopenhagen)

Nu ik werkende weg ben beland in een soort van geschiedenis van Alexander de Grote – een overzichtspagina is inmiddels hier – is het geen slecht idee eens te vertellen hoe de oorlog tussen Macedonië en het Achaimenidische Rijk eigenlijk begon. Over de aanleiding heb ik het al eerder gehad: dat was het Perinthos-incident. Filippos II consolideerde zijn koninklijke macht in Macedonië door externe expansie, die hem het goud opleverde waarmee hij machtige aristocraten voor zich won. Die expansie moest vroeg of laat stuiten op Perzische vitale belangen – zoals de doorvaart van de Zwarte naar de Egeïsche Zee. De inname van Perinthos in 340 v.Chr. was voor de Perzische koning Artaxerxes III Ochos onacceptabel en dus stuurde hij troepen naar Europa. Voor het eerst, lijkt het, sinds de dagen van Xerxes. In elk geval: na die vernedering besloot Filippos het Perzische Rijk aan te vallen.

Parmenion valt aan

De oorlog begon serieus in het voorjaar van 336, toen een Macedonisch leger, aangevoerd door generaals Parmenion en Attalos, overstak naar Azië. De expeditie leek eenvoudig. Artaxerxes III Ochos was in september 338 opgevolgd door Artaxerxes IV Arses en het Perzische imperium was verscheurd door troonstrijd. Terwijl de rebellen Chababash en Nidin-Bel de macht grepen in Egypte en Babylonië, trok een derde rebel, de Perzische edelman Artašata, vanuit Armenië op naar de Perzische hoofdsteden. Alsof de chaos nog niet groot genoeg was, had het rijk na de dood van de betrouwbare generaal Mentor van Rhodos ook geen onomstreden militaire leider. De satrapen in Klein-Azië waren verdeeld over de vraag wie hem zou opvolgen.

Lees verder “Parmenion versus Memnon”

Herakles (1)

Herakles (Rijksmuseum van Oudheden, Leiden)

Ik heb voor volgende week een stukje klaar waarin ik vertel dat we oude mythen beter niet kunnen navertellen, dus het is alleen maar logisch dat ik vandaag eens de verhalen navertel over Herakles. Eerst maar eens een woord over zijn jeugd.

Herakles – of Hercules, zoals de Romeinen hem noemden – gold als de zoon van een sterfelijke vrouw, Alkmene, en de oppergod Zeus. Zeus’ wettige echtgenote Hera haatte het buitenechtelijke kind en stuurde daarom twee slangen om het te wurgen. De baby wist de ondieren echter te doden. Herakles werd een sterke krijger, maar Hera sloeg hem met waanzin, en het was in een vlaag van waanzin dat hij zijn eigen kinderen doodsloeg.

Lees verder “Herakles (1)”

Alexander verwoest Thebe

De resten van de zuidelijke poort van Thebe, waardoor de Macedoniërs binnendrongen

In het vorige blogje vertelde ik dat de Griekse stadstaten in de zomer van 335 v.Chr. tegen Macedonië in opstand waren gekomen. De pas aangetreden koning Alexander greep bliksemsnel in en sloeg het beleg op voor Thebe. Op 12 september begon de bestorming. Onze beste bron, Arrianus, meldt Alexanders kolonel Perdikkas

niet wachtte op orders van Alexander om de strijd te beginnen, maar op eigen initiatief de palissade aanviel en doorbrak, en de voorposten van de Thebanen overviel. Toen Alexander dat zag, voerde hij ook de rest van het leger erheen, om te voorkomen dat de Thebanen de soldaten van Perdikkas zouden bedreigen. In die situatie werd Perdikkas zelf, terwijl hij met alle geweld probeerde door de tweede palissade heen te komen, getroffen en kwam hij ten val. In kritieke toestand werd hij weggedragen naar het kamp en ten gevolge van zijn verwonding bracht hij het er maar nauwelijks levend van af. De soldaten die met hem doorgebroken waren, dreven echter samen met Alexanders boogschutters de Thebanen op, in de holle weg die langs het heiligdom van Herakles loopt.noot Arrianus, Anabasis 1.8.1-3.

Lees verder “Alexander verwoest Thebe”

Euhemeros van Messina

Het is bizar maar waar: ik bestelde onlangs op zaterdagmorgen een boek bij een uitgever in Parijs, en het was er op maandagavond, tegen een alleszins schappelijk posttarief. Voor het boek betaalde ik ook al een prijs die je vrijwel redelijk zou kunnen noemen. Ik heb het over de nieuwe tekstuitgave van de hellenistische auteur Euhemeros. Het boek, Évhémère de Messène: Inscription sacrée (2022), gaat terug op het proefschrift waarmee Sébastien Montanari in Tours promoveerde bij Bernard Pouderon.

Euhemeros

En het was een feest om te lezen! In een uitgebreide introductie vernemen we de voornaamste biografische details over Euhemeros: hij kwam uit Messina, schreef De heilige inscriptie en sleet begin derde eeuw v.Chr. zijn oude dagen in Alexandrië. Montanari en Pouderon menen dat Euhemeros, zoals deze zelf schrijft, aan het hof van koning Kassandros van Macedonië verbleef en werkelijk een tocht over de Indische Oceaan heeft gemaakt. Dit overtuigde mij niet maar is verder onbelangrijk, omdat het verslag sowieso grotendeels erkende fictie is.

Lees verder “Euhemeros van Messina”

Het graf van Filippos II?

Het veronderstelde graf van Filippos II in Vergina

Het zal niet vaak zijn gebeurd dat een oudheidkundige een staatsbegrafenis kreeg, maar in 1992 gebeurde het in de Hagia Sofia in Thessaloniki. De eer viel te beurt aan de Griekse archeoloog Manolis Andronikos, die in 1977 in Vergina, de oude Macedonische hoofdstad Aigai, in een grote grafheuvel drie koninklijke graven had ontdekt. Aanvankelijk was hij terughoudend over de identiteit van de overledenen, maar toen hij in 1984 zijn eindrapport publiceerde, was hij er zeker van: de fenomenale Tombe II was de laatste rustplaats van koning Filippos II (r.359-336 v.Chr.) en zijn laatste echtgenote, Kleopatra, terwijl de iets jongere en iets minder fenomenale Tombe III het graf was van diens kleinzoon, de op twaalfjarige leeftijd vermoorde Alexandros IV (323-310). (De tussenliggende generatie, Alexander de Grote, is bijgezet geweest in Alexandrië.)

Andronikos gaf zijn land iets geweldigs. De graven in Vergina zijn werelderfgoed. Eigenlijk alleen maar vergelijkbaar met Schliemanns ontdekking van Bronstijd-Griekenland. De “zon van Vergina” die op de deksel van de gouden askist stond, was al snel een modern Grieks nationaal symbool. De vraag is alleen: klopt de interpretatie? Zijn de begravenen in Tombe II niet eerder Alexanders zwakbegaafde halfbroer Arridaios (r.323-317) en diens echtgenote Eurydike? En helaas: in 1991 flakkerde de Macedonische Kwestie, waarover ik onlangs blogde, ook weer op. Daarmee verwerd de discussie over de menselijke resten uit Tombe II tot een nationalistische discussie over wat feitelijk een soort relikwieën waren.

Lees verder “Het graf van Filippos II?”

M6 | De dood van Filippos II

Het theater van Aigai, waar Filippos II werd vermoord

Eén van de kenmerken van een vroege staat, waarin één aristocraat zijn collega’s overtreft en een koninkrijk consolideert, is dat de vorst goddelijke eerbewijzen krijgt. In Macedonië was dat niet anders. Kort voordat Filippos II naar Azië wilde oversteken om het Perzische Rijk aan te vallen, liet hij zich vereren. We weten dat zijn beeld stond in sommige tempels. Zijn afscheidsfeest in Aigai paste in het programma: ten overstaan van de Grieken zou hij zich presenteren als isotheos, “godgelijk”, en synthronos, “een troon delend”.

Het was de bedoeling dat het Macedonische vorstenhuis, na de onenigheid van het voorafgaande jaar, de Griekse stadstaten duidelijk zouden maken dat de eendracht was hersteld. Men moest niet hopen onder de verplichtingen van de Korinthische Bond uit te kunnen komen. Alles was nu gericht op de oorlog tegen Perzië. Het offerdier stond klaar om geslacht te worden, zoals het orakel in Delfi had gezegd. Het was feest in Aigai.

Lees verder “M6 | De dood van Filippos II”