De Europese canon (11-15)

Scholastiek onderwijs (Benozzo Gozzoli)

In deze vierde aflevering van mijn reeks over de Europese canon belandden we in de tijd die we, afhankelijke van het gekozen perspectief, kunnen aanduiden als het herfsttij der Middeleeuwen of de vroege Renaissance.

Scholastiek

Periode: Late Middeleeuwen

De filosofie van de Late Oudheid, waarin het christendom zijn boodschap moest uitdrukken, staat bekend als het Neoplatonisme. Ook in de Arabische wereld was deze stroming lange tijd dominant, maar gaandeweg ontdekte men het belang van Aristoteles.

Europa volgde. Aanvankelijk was men sceptisch over het aristoteliaanse denken, maar in de dertiende eeuw wist Thomas van Aquino, profiterend van de vertalingen van Willem van Moerbeke, de christelijke theologie uit te leggen in de termen van Aristoteles’ filosofie. Daarmee was hij de grote representant van de laatmiddeleeuwse filosofie, de scholastiek. Zo werd Aristoteles in heel Europa de “meester van alle wijzen”, zoals Dante hem typeert. In de Arabische wereld bleef Aristoteles’ populariteit daarentegen beperkt; de commentaren van Ibn Rushd waren invloedrijker in Latijnse vertaling dan in het Arabische origineel.

Lees verder “De Europese canon (11-15)”

De Renaissance van de Twaalfde Eeuw (2)

De gotische bouwstijl is het meest zichtbare aspect van de Renaissance van de Twaalfde Eeuw. Dit gotische portaal naast een romaanse kerk is in Worms; het is ook de locatie van de ruzie tussen Brunhilde en Kriemhilde in het Nibelungenlied.

Was de elfde eeuw, zoals ik hierboven schreef, een overgangstijd? Tja. Alles is altijd een overgangstijd. Je kunt altijd wel iets aanwijzen dat verandert. En je kunt ook altijd continuïteiten aanwijzen. Wat zéker veranderde, was de implosie van het Kalifaat van Córdoba op het Iberische schiereiland. De instorting bood de Normandiërs de gelegenheid de Straat van Gibraltar te passeren, waarna de paus hun, zoals gezegd, zuidelijk Italië in leen gaf. Van daaruit veroverden ze Sicilië, dat tot dat moment bestuurd was geweest door een Arabische vorst. Ook de koningen van Castilië profiteerden van de crisis in het Kalifaat van Córdoba: ze rukten op naar het zuiden en veroverden in 1085 Toledo. Veertien jaar later braken de christelijke legers op nog een derde plaats de wereld van de islam binnen: de kruisvaarders veroverden Jeruzalem.

Vertalingen

Spanje, Sicilië en de “Landen van Overzee” waren de drie plaatsen waar informatie uit de Arabische cultuur eenvoudig kon overspringen naar de westerse wereld. Neem de vertaalscholen die vanaf 1125 bestonden op het Iberische schiereiland: Toledo, Barcelona en Zaragoza. In de laatste werden onder meer de Koran en de dialogen van Plato uit het Arabisch in het Latijn vertaald. De vertaalschool te Barcelona richtte zich vooral op de teksten van de Arabieren zelf. In Toledo vertaalde men de werken van Aristoteles uit het Arabisch. Ook elders waren vertaalinstituten.

Lees verder “De Renaissance van de Twaalfde Eeuw (2)”

Een dag in Córdoba

Een Turdetanische dame (Archeologisch Museum van Córdoba)

Ik ben dus in Córdoba, een van de voornaamste steden in Romeins Andalusië. En Andalusië was weer een van de voornaamste provincies van het imperium. De regio stond vol olijfbomen, langs de Guadalquivir waren pottenbakkersovens, de groengele olie ging per schip richting Rome, waar de amforen belandden op een enorme schervenberg. De olie diende als brandstof voor lampjes, als zeep en als smaakmaker in het eten van de mensen. Andalusië moet 52.000.000 liter per jaar hebben geëxporteerd. De geleerde die het allemaal heeft onderzocht, was de op deze blog al eens genoemde Heinrich Dressel.

Antieke stad

Córdoba was ouder. De naam bevat het element qrt, “stad”, wat duidt op Karthaagse aanwezigheid, maar die is archeologisch niet geïdentificeerd. Ik hoorde vandaag een andere etymologie, namelijk dat de naam is afgeleid van Fenicische koteba, “olijfpers”. Ook heb ik gelezen dat achter het woord Cordoba de naam van de stam der Turdetaniërs schuilgaat. (Ik schreef al eens over dit Iberische volk.) Ten westen van de huidige stad is inderdaad een heuvelfort gevonden van de Turdetaniërs, die ook wel worden aangeduid als de Tartessiërs. Volgens mij is dat hetzelfde woord. Ik laat het voor wat het is.

Lees verder “Een dag in Córdoba”

De Verdediger van de Vrede

Lodewijk IV

In 1314 kozen de Duitse rijksgroten hertog Lodewijk van Beieren tot koning. Het was destijds gebruikelijk dat de koningen van het Heilige Roomse Rijk – zoals Duitsland destijds heette – probeerden zich daarna tot keizer te laten kronen, waarvoor men dan naar Italië trok om zich in Rome te vervoegen bij de paus. Ook Lodewijk trok naar Rome, hoewel op dat moment, 1327/1328, de paus verbleef in Avignon. Daarom verzocht de Duitse koning een vertegenwoordiger van het Romeinse volk hem te kronen. En zo geschiedde.

Dit was niet alleen omdat de paus er niet was. Er lag een ideologische keuze aan ten grondslag die te maken had met een omstreden boek dat in 1324 was gepubliceerd, de Verdediger van de vrede (Defensor pacis) van de Parijse geleerde Marsiglio dei Mainardini of, zoals zijn wetenschappelijke artiestennaam luidde, Marsilius van Padua. In het boek verbond hij enkele radicale consequenties aan het denken van de Arabische filosoof Ibn Rushd (Averroës), die erop had gewezen dat het religieuze en het wetenschappelijke kennen berustten op twee verschillende methoden, en de Brabantse denker Siger, die had gesproken van een dubbele waarheid. Dei Mainardini verbond hieraan de conclusie dat de kerk een ander soort waarheid bezat dan de staat en dat de twee zich zo min mogelijk met elkaar moesten bemoeien.

Lees verder “De Verdediger van de Vrede”

Renan, Renan, steeds Renan (3)

Renan, ontdekker van Fenicië

[Dit is het derde van enkele stukjes over een Franse geleerde die ik werkelijk overal lijk tegen te komen. Het eerste was hier.]

Ik betoogde dat Renan werkte vanuit een soort sjabloon, waarin de Semitische volken neigden tot mystiek, geweldige poëzie schreven en het monotheïsme hadden uitgevonden, terwijl de Indo-Europees-sprekenden polytheïsten waren die zich uitdrukten via mythen en later de filosofie hadden uitgevonden. Dit was Renans vorm van een al oudere visie dat “Het Despotische Oosten” tegenover “Het Vrije Westen” zou staan.

Lees verder “Renan, Renan, steeds Renan (3)”