De Kerkgeschiedenis van Eusebios

Het Concilie van Nikaia (negende-eeuws manuscript uit Vercelli)

De Kerkgeschiedenis van Eusebios van Caesarea is om verschillende redenen een interessante tekst. Om te beginnen natuurlijk om dat wat de auteur betoogt: dat het christendom weliswaar van diverse kanten wordt bedreigd maar dat de bisschoppen de gelovigen in het rechte, orthodoxe spoor houden. Die gedachte is eigenlijk best opmerkelijk, want de meeste Romeinen waren niet van mening dat er, in religieuze zin, zoiets bestond als orthodoxie. Zolang de offers maar op de juiste manier werden gebracht, was alles dik in orde.

Van proto-orthodox naar orthodox

Voor de christenen lag dat anders: in de eerste drie eeuwen van dit geloof waren er allerlei christelijke opvattingen, en langzaam maar zeker zette de opvatting door dat wie Christus vereerde niet ook andere goden mocht vereren. De aanhangers van deze opvatting staan bekend als proto-orthodoxe of exclusivistische christenen. Tijdens het door keizer Constantijn de Grote voorgezeten Eerste Concilie van Nikaia (325) werd deze visie normatief. Tegelijk werd bepaald dat er maar één orthodoxe manier was om over Christus te denken: de tweenaturenleer.

Lees verder “De Kerkgeschiedenis van Eusebios”

Het Evangelie van de Egyptenaren

Mummieportret van een Egyptische vrouw (Louvre, Parijs)

Ik heb weleens verteld dat de apocriefe evangeliën weinig waarde hebben voor wie wil weten in welke joodse wereld het christendom is ontstaan. De teksten zijn daarvoor veelal te laat. Ook zijn ze meestal gnostisch, wat zowel een gemakzuchtige kapstokterm is als een scheldnaam voor christelijke opvattingen die later, toen er een orthodoxie was ontstaan, niet voldeden aan de standaard der rechtzinnigheid. Ze werden steeds minder gekopieerd en zijn vaak alleen fragmentarisch bekend.

Omdat die niet-orthodoxe vormen van christendom toch interessant zijn, trekken ze de belangstelling. Ze documenteren weliswaar niet het ontstaan van het nieuwe geloof, maar wel de tweede en derde eeuw, waarin het nieuwe geloof zijn joodse intellectuele bagage uitbreidde met Grieks-Romeins gedachtegoed. Een voorbeeld is het Evangelie van de Egyptenaren.

Lees verder “Het Evangelie van de Egyptenaren”

1700 jaar Nikaia (1): iets nieuws?

Een achttiende-eeuwse weergave van het Concilie van Nikaia (325).

Aanstaande dinsdag is het 1700 jaar geleden dat in Nikaia, het huidige İznik in Turkije, een enorme vergadering begon van christelijke leiders: het Concilie van Nikaia. (Ook wel aangeduid als Nicea, maar ik wil niet invisibiliseren.) Onder toezicht van keizer Constantijn de Grote stelden de bisschoppen een formule vast waarmee ze de relatie tussen God de Vader en God de Zoon konden beschrijven; verder namen ze besluiten over de berekening van de paasdatum, de organisatie van de kerk en de levenswijze van de geestelijken.

Uit de baaierd aan christelijke vormen ontstond één christendom, dat nog steeds bestaat. De beslissingen zijn na al die eeuwen zó vanzelfsprekend, dat we niet langer herkennen hoe revolutionair ze ooit waren.

Lees verder “1700 jaar Nikaia (1): iets nieuws?”

De tien invloedrijkste antieke teksten

Justinianus kondigt de codificatie van het Romeins Recht aan. Miniatuur uit de Mainzer editie van 1477, waarvan een exemplaar (vastgebonden aan een ketting) is te zien in de Librije van de Walburgiskerk in Zutphen.

Een tijdje geleden blogde ik over de wijze waarop oudheidkundigen documenteren  hoe Domitianus’ toepassing van de Fiscus Judaicus op ons nog steeds invloed uitoefent. Hoe er, met andere woorden, vormende werking uitgaat van de antieke samenleving op de hedendaagse. Nog anders gezegd: een enkele keer is de Oudheid relevant voor onze samenleving.

Invloed en inspiratie

Ik kreeg n.a.v. dat blogje de vraag of er meer voorbeelden waren. Ja. Die zijn er. Zie mijn boekje Vergeten erfenis. Daarin toon ik enkele structurerende elementen. Toen ik onlangs een paar dagen quarantaine in acht moest nemen, heb ik bovendien filmpjes gemaakt over antieke teksten die op zich misschien niet invloedrijk zijn, maar wel aspecten van de antieke samenleving documenteren waarvan vormende werking uitgaat. De trouwe lezers kennen die teksten al, want ik heb er eerder over geblogd: deel een, deel twee, deel drie, deel vier.

Lees verder “De tien invloedrijkste antieke teksten”

Bisschoppen in ballingschap (2)

Romeinse reiskoets (Römisch-Germanisches Museum, Keulen)

In mijn vorige stukje noemde ik drie voorbeelden waar de bestudering van Grieks en Latijnse literaire teksten door de DNA-revolutie zou kunnen veranderen – of beter, waar ze de standaard zou kunnen volgen die bij de bestudering van de allervroegste christelijke literatuur al bestaat. Ik noemde de hellenistische filosofie, Vergilius en Ovidius. Eergisteren realiseerde ik me een nieuw thema, waar ik al een tijdje over loop te denken, namelijk de iets minder vroege christelijke literatuur. Laten we zeggen: de vierde eeuw.

Het probleem

Het historische probleem is dat er rond 400 na Chr. een duidelijke norm is binnen het christendom, die ik gemakshalve even zal aanduiden als orthodox. Hierin zitten twee elementen, namelijk enerzijds dat wie christen is, niet tegelijk een andere religie kan hebben, en anderzijds dat er binnen dit christendom maar één waarheid kan zijn. Beide ideeën klinken momenteel vanzelfsprekend maar waren dat in de antieke wereld niet. Wat ik niet begrijp, is waar die orthodoxie vandaan komt. Binnen het antieke denken is daartoe geen aanleiding. Niemand heeft ooit een dogmatiek opgesteld voor de cultus van Marduk, Maat, Minerva, Mithras, Magusanus of de Muzen.

Lees verder “Bisschoppen in ballingschap (2)”

Orthodoxie

 

We hadden gisteren vrij, de zon scheen en we zaten op een terrasje. Een van de aanwezigen was een uit Irak afkomstige studente die als vrijwilligster een huiswerkklasje begeleidt. Het verhaal van de kinderen daar is deprimerend vertrouwd: afkomstig uit Marokko en met een taalachterstand, waardoor er problemen zijn in het basisonderwijs.

“Ik geloof dat ik iets fout doe,” vertelde de studente op een toon die ons deed opkijken van ons bier. “Een van de kinderen vroeg me wat van geloof ik had. Ik zei dat ik moslima was, maar hij zei dat ik een slechte moslima was omdat ik geen hoofddoek droeg. Hij maakte me zelfs uit voor satan.”

Lees verder “Orthodoxie”