De verdwijning van het keizerschap

Valentinianus II (Bodemuseum, Berlijn)

Eén van de kwesties die tot vervelens toe terugkeren, is die van de zogenaamde val van het Romeinse Rijk. Wanneer mensen daarover beginnen, gaat het eigenlijk steevast over de verdwijning van het keizerlijk gezag in westelijk Europa in de loop van de vijfde eeuw na Chr. Op andere terreinen overheerste de continuïteit. Jeroen Wijnendaele wijdde er een tijdje geleden op Twitter een draadje aan, waarin hij het interne geweld centraal stelde.

***

1. De vraag wat de oorzaak was van de verdwijning van het keizerschap uit de westelijke provincies van het Romeinse Rijk, kan verder worden verfijnd. Keizer Justinianus herstelde immers het keizerlijk gezag over diverse westelijke regio’s (inclusief Rome). Zijn opvolgers regeerden nog eeuwenlang over delen van Italië. In Apulië zelfs een half millennium!

2. Waar we uiteindelijk mee te maken hebben, is niet de verdwijning van het keizerlijke gezag, maar de verdwijning van het West-Romeinse keizerschap als zodanig. Dit verdwijnt eind vijfde eeuw en zal nooit meer terugkeren. Als we het hebben over “de val van Rome”, dan gaat het feitelijk hierom. Dus wat gebeurde er?

Veranderend keizerschap

3. Om te beginnen heeft er in de cruciale periode tussen ca. 375 en 395 na Chr. een fundamentele verandering plaatsgevonden in de aard van het keizerschap. Sinds de jaren 260 was de voornaamste rol van de keizer die van een volwassen, reizende soldaat-keizer. Daarom was er een eeuw lang, van 280 tot 390, eigenlijk geen echte hoofdstad.

4. Dit was een direct gevolg van de Crisis van de Derde Eeuw, waarbij de politieke macht verschoof naar Gallië, de Donauprovincies en de Levant. Keizers moesten voortaan zorgen voor zowel de verdediging van deze regio’s als voor de belangen van diverse partijen, zoals de legers en de lokale aristocratieën.

5. Zelfs met de opkomst van Sassanidisch Perzië en andere effectieve buitenlandse vijanden (bijv. Franken, Goten etc.), was en bleef de grootste bedreiging voor elke Romeinse keizers altijd… een andere Romeinse keizer. Het beteugelen van usurpatie en voorkómen van burgeroorlogen was topprioriteit.

Arcadius (Valkhof, Nijmegen)

Tetrarchie

6. De oplossing van keizer Diocletianus was om een gedeelde keizerlijke heerschappij te erkennen en te verankeren: de Tetrarchie. Dit systeem functioneerde gedurende het grootste deel van de vierde eeuw. Er waren nog burgeroorlogen, maar ze waren minder frequent. Het nieuwe systeem was echter niet zonder risico’s, zoals we zien na de dood van de keizers Julianus en Valens in 363 en 378.

7. In beide gevallen sneuvelde een keizer zonder een duidelijke opvolger. Dit verergerde bestaande crises in het oosten. Het is misschien om deze reden dat we eind vierde eeuw een verandering in het keizerschap zien: van volwassen, reizende soldatenkeizers naar ceremoniële paleiskeizers. En ook: kindkeizers.

Kindkeizers

8. Vier westerse keizers die “senior” augustus werden, deden dat als kind: Gratianus was in 375 zestien, Valentinianus II was in 383 twaalf, Honorius was in 395 tien en Valentinianus III was in 425 zes. Dit betekent dat gedurende drie kwart eeuw, van 375 tot 455, de meeste “legitieme” keizers aan het begin van hun regeerperiode niet direct de controle over hun regering hadden.

9. Feitelijk lag de macht bij de dominantste generalissimo aan het hof (een magister militum) en de senatoriële aristocratie van Italië. Dit was logisch, want er moest immers worden geregeerd. Het systeem had echter verborgen kosten.

Generalissimo’s en aristocraten

10. Het kindkeizersysteem was ontstaan in het laatste kwart van de vierde eeuw, toen een keizer ten val werd gebracht, een andere zelfmoord pleegde en nog twee usurpatoren werden verslagen in burgeroorlogen. Het westelijke leger leed in 395 waarschijnlijk net zoveel als het oostelijke leger na de slag bij Adrianopel in 378. Het westelijke leger kreeg daarna ook maar zelden rust.

11. Juist omdat “generalissimo’s” niet dezelfde legitimiteit hadden als regerende keizers, waren ze afhankelijk van de steun van andere belanghebbenden, zoals de senatoriële aristocratie in Italië. Haar leden bekleedden vaak de hoogste civiele functies in de regering. Dit had gevolgen voor de belastingheffing.

12. Senatoren waren niet bereid om hun boeren te laten rekruteren voor het leger (zoals is te zien in de wetgeving van de laatste jaren van de vierde eeuw), en waren ook weinig genegen tot het betalen van de belasting die nodig was om het leger te ondersteunen (zoals is te zien in de wetgeving van de jaren 440). Een schril contrast met het oosten, waar de belastingdienst wel voldoende binnenhaalde.

13. Wanneer zich grote politieke en militaire crises voordeden, zoals toen na 406 de Rijngrens bezweek, ondermijnde geldgebrek de mogelijkheid om in te grijpen. Generalissimo Stilicho deed wel zijn best.

14. Hier zien we een duidelijk verschil met de Crisis van de Derde Eeuw. In veel opzichten was die veel erger. Toch werd van keizers verwacht dat ze de leiding namen en ingrepen, wat ze ook deden. In het latere systeem was dat onmogelijk geworden.

Honorius (Bode Museum, Berlijn)

War lords

15. Het feit dat Stilicho geen keizer was, betekende in crisistijden dat hij kwetsbaar was voor interne weerstand. We zien regionale commandanten experimenteren met een nieuwe vorm van oppositie, zonder dat iemand het keizerschap usurpeert: warlordism.

16. Dit was een game-changer. Vier eeuwen lang was de belangrijkste vorm van oppositie een staatsgreep geweest, waarbij de opstandeling zelf keizer werd. Na de regering van Honorius verdwijnen zulke opstanden. In 432 vechten twee war lords een gewapend conflict uit om de macht, maar geen van beide ambieert het purper. Het ambt had aan waarde ingeboet.

17. Warlordism maakte het mogelijk een generalissimo te vervangen terwijl de keizer (meestal) buiten schot bleef. Maar zo verloor het westelijke hof wel zijn claim op het geweldsmonopolie. En het wezen van het keizerschap, zoals ontstaan ten tijde van Augustus, was juist het inperken van militair geweld.

18. Tegenslagen tegen de “barbaren”, zoals de inname van Rome door Alarik in 410, of de verovering van de Afrikaanse provincies door Geiserik, hadden nooit zoveel impact kunnen hebben als er geen interne conflicten waren geweest.

De verdwijning van het keizerschap

19. Pas tegen 455 was er een serieuze poging om van het keizerschap weer het voornaamste instrument te maken van het rijksbestuur. Maar op dat moment was de West-Romeinse belastingbasis al geslonken tot Italië, zuidelijk Gallië en enkele bedreigde gebieden in oostelijk Spanje, Dalmatië en Sicilië. Problemen in overvloed.

Valentinianus III (Bodemuseum, Berlijn)

20. Vanaf 455 zouden er bijna jaarlijkse conflicten zijn. Enerzijds was er Geiserik, die regeerde over de rijke Afrikaanse provincies; anderzijds waren er provinciale burgeroorlogen met de leiders van het Italische veldleger – in wezen het enig overgebleven West-Romeinse leger. Die leiders gaven vooral de prioriteit aan de verdediging van hun eigen regio.

21. In de jaren 470 vonden sommigen (zoals Gundobad) zelfs de positie van magister militum in Italië niet langer de moeite waard. De neerwaartse spiraal van intern geweld moest stoppen. Vandaar de oplossing van Odoaker: door geen westerse keizers meer te benoemen, was er geen burgeroorlog meer.

22. Ik hoop dit alles veel gedetailleerder te kunnen behandelen in een monografie over Rome’s Disintegration. War, Violence, and the End of Empire in the West, die volgend jaar klaar is en zal worden gepubliceerd bij de Oxford University Press.

***

[Wordt vervolgd. Een gastbijdrage van Jeroen Wijnendaele, van wiens hand onlangs een boek verscheen over Clovis: De Wereld van Clovis. De Val van Rome en de Geboorte van het Westen.]


De kunst van de Franken

november 20, 2016

IIII Flavia Felix

januari 3, 2025

De schat van Chimtou

oktober 23, 2023
Deel dit:

9 gedachtes over “De verdwijning van het keizerschap

  1. FrankB

    “tot vervelens toe”
    Kan wel zijn, maar intussen levert JeroenW een uitstekende politicologische analyse. Hij illustreert daarbij hoe belangrijk het is de juiste vragen te stellen. Eentje die hij niet uitspreekt maar impliciet wel beantwoordt (minstens deels): hoe komt het dat het oostelijk keizerschap wél in stand bleef?
    Dat nieuwe boek moet ik dus ook lezen, want dit is het deel van geschiedkunde dat mij het meest fascineert.

  2. Frans Buijs

    Heel duidelijk uitgelegd! Over de val van het Romeinse Rijk zijn boeken vol geschreven. Iedereen heeft er een mening over en maakt altijd vergelijkingen met de eigen tijd, meestal ook om een eigen politiek standpunt te onderbouwen en soms, om Even tot hier te citeren, zie je de zaken niet zo scherp, dus volgt hier een heel simpel stukje over een best wel ingewikkeld onderwerp.

  3. Saskia Sluiter

    Dank je wel voor deze overzichtelijke uitleg Jeroen. Het maakt me heel nieuwsgierig naar je nieuwe boek!

  4. Ik ben nu op 2/3 van de De wereld van Clovis, waar het bovenstaande veel uitgebreider wordt behandeld. De vraag die daar voor mij uit voortkomt is niet: waarom is het keizerschap verdwenen: waarom heeft dat zo lang geduurd? Het heeft misschien te maken met het ontbreken van alternatieven.
    Dat de (super)rijken niet meer hun aandeel in de lasten nemen klinkt overigens griezelig bekend.

  5. Michel Gastkemper

    Even buiten de orde: hé, je bent overgestapt naar Bluesky, zie ik nu hiernaast. Bevalt dat beter dan de vorige, Mastodon?

    1. Ik kan natuurlijk niet voor Jona reageren maar wel als zijn trotse webbouwer: met een Bluesky feed op zijn weblog is Jona een trotse early adapter. Mij bevalt Bluesky prima, al moet nog wel groeien, en krijg ik dat liedje van ELO al wekenlang niet meer uit mijn hoofd. U bent gewaarschuwd ;).

      1. Frans Buijs

        Nou, zeg dat. Ik ben niet eens lid en ik kan al aan niets anders denken bij het zien van die naam dan aan dat lied.

  6. Marijn Taal

    Je kan als rijk dus maar beter je belastingdienst goed in orde hebben! Bedankt voor dit interessante stukje en succes met het afronden van uw opkomende boek! Ik kijk ernaar uit het ooit te lezen.

Reacties zijn gesloten.