Zondvloed

Het Zondvloedtablet (© Trustees of the British Museum)
Het tablet over de Zondvloed (© Trustees of the British Museum)

Karl Marx keek verstoord op van zijn werk. Aanzwellend rumoer in de gangen, slaande deuren en toen, opeens, een geheel ontklede man in de leeszaal van de British Library. Opwinding alom, kabaal, tot de naaktloper door bibliothecarissen werd overmeesterd en afgevoerd.

De echte opwinding moest toen nog komen. Vriendelijke suppoosten brachten de overspannen man naar zijn kleren, die hij bleek te hebben achtergelaten in de “Arched Room”, een vertrek in het British Museum waar ook tegenwoordig zachtaardige geleerden in diepe stilte kleitabletten bestuderen. Wat was er aan de hand, vroegen de geschokte heren. “Kijk dan!”, zal George Smith hebben gezegd, terwijl hij zijn overhemd aantrok. Zijn collega’s keken naar het kleitablet dat Smith tot enkele minuten daarvoor had zitten lezen. En toen zagen ze het. En hoewel ze hun kleren aanhielden, deelden ze in de opwinding.

Lees verder “Zondvloed”

Museale gekte

elgin_marbles_w_pediment02
Ilissos

De mooie cultuur van de oude wereld, waarin zoveel dingen voor de eerste keer zijn bedacht, is van ons allemaal. U en ik, we mogen daar allemaal van genieten. Om ons nog meer te laten genieten, hebben we musea.

Alleen wordt dat genieten steeds lastiger. Steeds weer zijn er relletjes en incidenten. Neem het besluit van het British Museum, dat ik beschouw als een van de beste ter wereld, om het oude Griekse beeld van Ilissos uit te lenen aan de Hermitage in Petersburg. Dat museum bestaat 250 jaar en dat wordt op deze manier gevierd.

Lees verder “Museale gekte”

Parthenon Marbles

Een deel van de Parthenon Marbles (British Museum, Londen)

Traditioneel worden ze de “Elgin Marbles” genoemd, maar een slimme, ongetwijfeld Griekse, taaltacticus heeft het woord “Parthenon Marbles” bedacht om te benadrukken dat het gaat om kunstwerken die behoren in de tempel op de Atheense akropolis. De prachtige marmeren reliëfs zijn momenteel in het British Museum maar Griekenland wil ze terug. De bovenste verdieping van het enkele jaren geleden in Athene geopende, prachtige Akropolismuseum is alvast ingericht om ze terug te verwelkomen. Op Historiek legt Natascha Neef uit waarom ze weer naar Athene moeten.

Laat vooropstaan staan dat ik eigenlijk al haar argumenten hout vind snijden. Ik heb in het oude Akropolismuseum – dat met zijn beperkingen overigens ook zijn charmes had – wel eens een petitie getekend waarin de Britten werden opgeroepen de stukken terug te geven. Nu ik erover denk, geloof ik dat ik daar voor het eerst de naam “Parthenon Marbles” tegenkwam.

U voelt echter al aankomen dat ik aan de kwestie ook een andere kant ontwaar.

Lees verder “Parthenon Marbles”

Babylonische astronomie

Tablet met een lijst van verduisteringen tussen 518 en 465 v.Chr.

In voorhistorische tijden had de Babylonische oppergod god Marduk het monster Tiamat verslagen. Hij had haar huid als een uitspansel gebruikt om de hemel te doen ontstaan en had de andere lichaamsdelen benut om de aarde, de bergen en wat dies meer te maken. Ook had Marduk de zon, de maan en de sterren geschapen, hun banen langs de hemel getrokken en de ritmes vastgesteld die de eindeloze tijd overzichtelijk maken. Alles zou zich vroeg of laat herhalen.

Zodoende konden mensen weten wat hun te wachten stond, mits ze goed registreerden wat er aan de hemel te lezen was en wat er daadwerkelijk gebeurde. En dus klommen de astronomen van Babylon elke nacht naar de top van de tempeltoren Etemenanki (“het huis van het fundament van de hemel op aarde”, de Bijbelse “Toren van Babel”) middenin de stad om te zien wat er gebeurde. Het resultaat is de enorme collectie kleitabletten in het British Museum die bekendstaat als de Astronomische Dagboeken. Nacht na nacht werd bijgehouden wat er te zien was geweest, dag na dag schreef men op wat er was gebeurd.

Lees verder “Babylonische astronomie”

Substituutkoning

Assyrische ekst met het ritueel van de substituut-koning (British Museum)
Assyrische tekst met het ritueel van de substituutkoning (British Museum)

Een van de ergste voortekens die men in de Oudheid kende, was een maansverduistering. Toen de Atheners Syracuse belegerden, dorsten ze een evacuatie die hen in veiligheid had kunnen brengen, niet aan, zodat het hele leger uiteindelijk in krijgsgevangenschap raakte. Dat men maansverduisteringen zo serieus nam, zal te maken hebben gehad met het feit dat iedereen ze kan waarnemen: zieners kunnen niet net doen alsof er niets aan de hand is. Zeker omdat het enige tijd duurt voor de aardschaduw over de maan is getrokken. De kans dat niemand het zag was nul.

In het oude Mesopotamië wisten de mensen zeker dat een maansverduistering duidde op de dood van een koning, en wel binnen honderd dagen. Het aardige is dat dit altijd klopt. Probeer het maar eens: binnen honderd dagen na een maansverduistering is er altijd wel ergens een vorst die overlijdt of een president die wordt vervangen. Er zijn namelijk nogal veel staatshoofden en er is nogal wat natuurlijk verloop, maar als je niet de benodigde kennis van de kansleer hebt, krijg je al snel het idee dat het voorteken echt blijkt te kloppen.

Lees verder “Substituutkoning”