Suske, Wiske en België

De weg naar volwassenheid voltrekt zich in drie stappen: eerst Suske en Wiske, dan Kuifje en tot slot Guust Flater. Over Hergés Kuifje is meer dan genoeg geschreven, Guusts Franquin geldt als een van de allergrootste striptekenaars aller tijden (net als Hergé), maar Suske en Wiske lijken stiefmoederlijk bedeeld. Er is een biografie van Willy Vandersteen, maar ik heb niet de indruk dat er heel veel over het stripverhaal zelf is gepubliceerd. Misschien wel omdat de reeks rode boekjes – hoeveel zouden het er inmiddels zijn? – steeds commerciëler werd. Elke zoveel weken verscheen er een nieuw album en de kwaliteit nam af. Dat zag ik als kind al.

Maar toch hè. De rode (en soms blauwe) albums brengen, denk ik, bij iedereen mooie herinneringen boven. Je zat zorgeloos in een hoek te lezen en maakte een avontuur mee in een ver land, vaak spannend, altijd grappig, nooit echt eng, en met een mooi einde. Ik weet dat Kuifje een meer literair karakter heeft. En wie zich niet identificeert met Guust is geestloos. Maar ik weiger het minder ambitieuze Suske en Wiske belachelijk te vinden. Ik ben daarom blij dat er nu een charmante essaybundel is: Liza Noteris (red.), België door de ogen van Suske en Wiske (2024). Een leuk boek! Er zitten geweldige essays in.

Lees verder “Suske, Wiske en België”

Het Ishango-beentje (3)

Het Ishango-beentje (©Wikimedia Commons | Gebruiker Joeykentin)

[Slot van een gastbijdrage van Dieter Verhofstadt over het Ishango-beentje. Het eerste deel was hier.]

Kritiek en weerlegging

In 2010 maakte Olivier Keller, een Franse publicist over de geschiedenis van de wiskunde, op een nogal pamflettaire manier brandhout van de diverse interpretaties van het Ishango-beentje, niet alleen de gissingen van de originele vinder, de notie van priemgetallen, of een astrologische inslag, maar ook de rekentabel waarop Huylebrouck en Pletser zijn geland. Hij hekelde de kunstgrepen die soms nodig zijn om die interpretatie te schragen en dat het ontdekte patroon dan nog onvolledig is.

Met dergelijke goede wil liggen er nog tal van botten te wachten op amateurs van wiskundige interpretaties.

Lees verder “Het Ishango-beentje (3)”

Het Ishango-beentje (2)

De kerven op het Ishango-beentje (©Wikimedia Commons)

[Tweede deel van een gastbijdrage van Dieter Verhofstadt over het Ishango-beentje. Het eerste deel was hier.]

Een rekenkundig instrument?

De in het vorige stukje genoemde overwegingen nopen tot voorzichtigheid bij de interpretatie van het Ishango-beentje met zijn 168 inkepingen. Nochtans leent het zich tot enthousiaste stellingname. De streepjes staan immers in duidelijk afgescheiden groepjes en die groepjes zijn gestructureerd in drie kolommen. De linkse en rechtse kolom hebben de meest opvallende structuur:

Lees verder “Het Ishango-beentje (2)”

Het Ishango-beentje (1)

Het Ishango-beentje (©Wikimedia Commons | Gebruiker Ben2)

Het Ishango-beentje is een interessant stukje oudheidkunde, niet alleen als voorwerp maar ook als case study voor de oudheidkunde zelf. De interpretatie van de feiten is immers onderhevig aan de belangen van betrokken personen, instituten en landen. Verder moeten we opletten als we de kennis die we vandaag hebben, projecteren op de mensheid van toen. Ten slotte hebben de disciplines van archeologie en wiskunde geen sterke interactie in de geschiedenis van de wetenschap. Ze laten het speelveld aldus aan deelnemers met uiteenlopende methodieken.

Het beentje (of twee beentjes) werd in 1960 gevonden in toenmalig Belgisch Kongo, in de regio Ishango, aan de oevers van de Semliki, vlakbij waar het Edwardmeer overloopt in die rivier. De Belgische archeoloog Jean de Heinzelin de Braucourt trof het beentje “ter grootte van een potlood” aan in gestold vulkanisch materiaal, samen met menselijke resten en andere tekenen van bewoning.

Lees verder “Het Ishango-beentje (1)”

Heart of Darkness

Een transportschip zoals beschreven in Conrads Heart of Darkness (Afrikamuseum, Tervuren)

Ik las Heart of Darkness, de vermoedelijk beroemdste roman van Joseph Conrad, op het verkeerde moment. De dingen liepen in mijn leven niet zoals ze moesten en de afleiding die werk kan bieden was tijdelijk afwezig omdat ik redelijk goed bij kas zat en niet hoefde te werken. Ik kon me ongeremd storten in een depressie. En juist toen kreeg ik Heart of Darkness in handen.

Heart of Darkness, verschenen in 1898, biedt een verhaal in een verhaal. Terwijl een schip wacht tot het de Theems op kan varen, vertelt een van de opvarenden, Marlow, dat de rivier hem doet denken aan een rivier in Afrika. En zoals de Romeinen ooit de barbaren opstootten in de vaart der volken, zo gebeurt dat nu in Afrika. En dat, zo zegt Marlow, is geen prettige aanblik.

Lees verder “Heart of Darkness”

Afrikaans aardewerk

Afrikaans aardewerk uit Meroë (Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis, Brussel)

De Nubië-expositie in het Drents Museum in Assen heeft de opzet de antieke culturen van Soedan niet te tonen als een afgeleide van Egypte, maar als een cultuur die in zichzelf interessant is. Hoewel ik moet bekennen dat mijn eigen aandacht meer tijdens de tentoonstelling meer dan eens werd getrokken door juist de Egyptische voorwerpen – want die herken je – kan ik ook zeggen dat de expositie in haar opzet is geslaagd.

Het bovenstaande aardewerk is Meroïtisch en dit type keramiek is ook in Assen te zien. Alleen is dat niet dit kruikje, want deze foto maakte ik in de zwaar onderschatte Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis in het Jubelpark in Brussel. Dit soort aardewerk is ook te bewonderen in het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden. Ik vind de kleuren en de abstracte beschildering erg mooi.

Lees verder “Afrikaans aardewerk”

Het vernieuwde Afrikamuseum

Masker van de nganga Diphomba, d.w.z. gedragen door iemand die de rituelen beheerst (Afrikamuseum, Tervuren)

Welbeschouwd is een Afrikamuseum even idioot als een Amerikamuseum, een Aziëmuseum of een Europamuseum. Zeker als het niet alleen gaat over het hedendaagse werelddeel, maar als het verhaal begint in de Steentijd. En als het niet alleen gaat over de menselijke geschiedenis, maar ook over fauna, mineralogie, klimaat, archeologie én de manier waarop Noordwest-Europeanen de afgelopen eeuw naar Afrika hebben gekeken. De naam “Afrikamuseum” van de instelling in Tervuren belooft dan ook meer dan ze kan waarmaken. Het gaat vooral over Belgisch Kongo in de negentiende en twintigste eeuw. En dat is een heleboel.

Het museum is ontstaan als een traditionele koloniale instelling en verheerlijkt wat de Belgen destijds beschouwden als een beschavingsmissie. U zult in de centrale zaal dus beelden zien met titels als “België schenkt Kongo welstand”. Een beeld van een (nogal Arabisch ogende) slavenhandelaar, compleet met zweep en naakte slavin, brengt in herinnering hoe de koloniale overheid optrad tegen slavernij. Het zou geschiedvervalsing zijn zulke beelden weg te halen: het museum is zélf eveneens cultureel erfgoed. Je gaat de fascistische landkaart van Italië in het Museo nazionale della civiltà romana ook niet te lijf met de witkwast. Wat je wel kunt doen, is uitingen van een ons inziens verouderde visie op Centraal-Afrika hercontextualiseren.

Lees verder “Het vernieuwde Afrikamuseum”