Langs de Zijderoute (4)

Mashhad, het mausoleum van de achtste imam. Let op de gouden koepel, nog niet zichtbaar achter de toegangspoort.
Mashhad, het mausoleum van de achtste imam. Let op de gouden koepel, net zichtbaar achter de poort.

In drie eerdere stukjes (1, 2, 3) beschreef ik hoe de weg van Teheran naar Mashhad van strategisch belang was voor de vroege islam, waarom de eerste kaliefen hier investeerden en hoe de bewoners van het gebied het nieuwe geloof op eigen voorwaarden aannamen, zodat hier grote religieuze variatie heerste. Ik noemde soennieten en sjiieten, een cross-over daartussen en de mysticus Abu Yazid. Verder leefden hier joden, boeddhisten, zoroastriërs in diverse soorten en maten, manicheeërs en nestoriaanse christenen.

Het was een gevarieerde wereld, maar alleen de tegenstelling tussen soennieten en sjiieten vertaalde zich soms in geweld. Alleen zij konden immers legers op de been brengen. Al-Mamun, de Abbasidische kalief in Bagdad, meende dat de tegenstellingen op te lossen waren als de leider van de afstammelingen van Mohammed, Reza (“de achtste imam”), ook kalief zou zijn. Dus bood hij in 809 aan dat Reza de macht zou overnemen. Het was een vreemd aanbod: koningen bieden niet zo vaak hun troon aan een ander aan. Reza lijkt een valstrik te hebben vermoed en wees het aanbod af, maar formuleerde zijn afwijzing zo dat Al-Mamun haar niet kon uitleggen als erkenning:

Lees verder “Langs de Zijderoute (4)”

Langs de Zijderoute (3)

Het mausoleum van Abd ol-Azim in Reyy
Het mausoleum van Abd ol-Azim in Reyy

In mijn eerste stukje over de Iraanse Zijderoute van Teheran naar Mashhad vertelde ik dat dit gebied, zolang de Arabische legers streden in wat nu Turkmenistan en Oezbekistan heet, strategisch belangrijk was. De kalief in Damascus zag daarom toe op de islamisering en faciliteerde deze door bijvoorbeeld de bouw van de moskee in Damghan. In het tweede stukje gaf ik aan dat het belang van dit gebied de bewoners in staat stelde de islam te aanvaarden op hun eigen voorwaarden, en dat zij hun steun gaven aan de afstammelingen van Mohammed, die terzijde waren geschoven toen de Umayyaden het kalifaat naar zich toe hadden getrokken.

Rond het midden van de achtste eeuw slaagden de moslims van de Zijderoute erin de Abbasieden aan de macht te brengen: een zijtak van de familie van de profeet. Als de gelovigen hadden gemeend dat nu de vraag wie moest heersen voorgoed ten grave was gedragen, kwamen ze bedrogen uit. Er bleven er die vonden dat het familiehoofd van de hoofdtak, de imam, moest heersen. Kalief Al-Ma’mun heeft daarmee ook ingestemd en heeft de achtste imam, Reza, aangewezen als opvolger. In 818 overleed deze echter in Mashhad – door vergiftiging, zoals zijn aanhangers wisten.

Lees verder “Langs de Zijderoute (3)”

Maliki’s gok

Een beroemd schilderij, waarvan je in Iran overal reproducties ziet, toont het paard van imam Husseyn, dat zonder zijn meester terugkeert bij de totaal verslagen vrouwen.
Een beroemd schilderij, waarvan je in Iran overal reproducties ziet, toont het paard van imam Husseyn, dat zonder zijn meester terugkeert bij de totaal verslagen vrouwen.

Het verhaal is in de islamitische wereld overbekend. De profeet Mohammed had gezegd dat als hij moest worden opgevolgd, zijn opvolger vooral een goede moslim moest zijn en presenteerde tijdens zijn afscheidsbedevaart zijn schoonzoon Ali als opvolger. Hierover zijn, als ik het wel heb, alle moslims het eens. Na de dood van de profeet (in 632) werd echter Abu Bakr aangewezen als eerste kalief, “plaatsbekleder”. Hij werd opgevolgd door Omar en die werd weer opgevolgd door Othman, tot uiteindelijk Ali kalief werd.

Zijn regering werd geteisterd door interne problemen en Ali stemde ermee in dat een daarvan werd opgelost door arbitrage. Sommige moslims vonden het echter schandalig dat hij een Godgegeven ambt ondergeschikt maakte aan een menselijk oordeel. Ali werd tijdens het gebed vermoord en sindsdien zijn er, om het simpel samen te vatten, twee soorten moslims.

Lees verder “Maliki’s gok”