Alexander de Grote in Babylon (3)

De Ištarpoort (Pergamonmuseum, Berlijn)

[Derde van vier blogjes over het verblijf van Alexander de Grote in Babylon. Het eerste was hier.]

Hoewel de gezaghebber in Babylon, Mazaios, naar de Macedoniërs was overgelopen, waren Alexanders mannen op hun hoede en ze rukten in slagorde op naar de beroemde stad. Het moet hen hebben teleurgesteld dat de muren minder imposant waren dan Herodotos van Halikarnassos had beweerd, maar van de andere kant: ze waren nog nooit eerder in een stad geweest met ruwweg 100.000 inwoners. Ter vergelijking: Athene was half zo groot.

De wagen waarop een koning zich verplaatste

Intocht

Door de monumentale Ištarpoort, die tegenwoordig staat opgesteld in het tot 2037 gesloten Pergamonmuseum in Berlijn, trok het leger de stad binnen, waarna de soldaten over de Processieweg naar het centrum marcheerden. Curtius Rufus vertelt:

Een groot aantal Babyloniërs was op de muren geklommen om een glimp op te vangen van hun nieuwe koning, maar nog meer waren uitgelopen om hem te onthalen. Onder hen was Bagofanes, de commandant van de citadel en de koninklijke schatkist. Om niet bij Mazaios achter te blijven had hij de hele route met bloemen en kransen bestrooid en aan weerszijden zilveren altaren geplaatst waarop behalve wierook ook andere geurstoffen brandden. Na hem volgden zijn geschenken: kuddes kleinvee en paarden. Leeuwen en panters werden in kooien meegedragen. Daarop volgden magiërs die op de hun eigen wijze een lied zongen; vervolgens chaldeeën; en dan de Babyloniërs, die niet alleen met waarzeggers waren vertegenwoordigd, maar ook met muzikanten … Tot slot kwamen de Babylonische ruiters, wier uitrusting evenals die van hun paarden eerder weelderig was dan stijlvol. Omringd door bewapende troepen beval de koning de menigte stedelingen achter de laatste infanteristen aan te lopen. Zelf reed hij met een wagen de stad en vervolgens het paleis binnen.noot Curtius Rufus, Alexander 5.1.19-23; vert. Daan Stoffelsen.

Alexander verbleef in het paleis van koning Nebukadnezar, die omstreeks 610 v.Chr. de Assyriërs had onderworpen en daarna het Babylonische Rijk in alle richtingen had uitgebreid. Na zijn dood in 562 had zijn koninkrijk minder dan een kwart eeuw voortbestaan, want Cyrus de Grote had Babylon in 539 ingenomen. De Babyloniërs beschouwden de regering van Nebukadnezar niet zonder reden als hun gouden eeuw en hadden de gewoonte latere vorsten die de stad bezochten verhalen over hem te vertellen, waarna ze hun gast het gewaad toonden dat Nebukadnezar had gedragen. Hoewel onze bronnen het niet vermelden, zal ook Alexander respect hebben betuigd aan zijn illustere voorganger en hebben beloofd een even goede vorst te zijn.

De Processieweg waarover Alexander Babylon binnen kwam rijden

Esagila en Etemenanki

Ongetwijfeld bracht de Macedonische koning op zijn eerste dag in Babylon een bezoek aan de Esagila, waar hij een offer zal hebben opgedragen aan Marduk, die als oppergod werd gelijkgesteld aan Zeus en dus in Alexanders ogen zijn vader was. Net als in Jeruzalem nam hij de aanwijzingen in acht die de lokale priesters hem gaven. Alexander zal ook hebben vernomen hoe minutieus de chaldeeën de veldslag bij Gaugamela hadden voorspeld, en het staat vast dat hij de Babylonische astronomen sindsdien met het allergrootste respect bejegende. Alexanders biograaf Ploutarchos vermeldt bijvoorbeeld dat chaldeeën Alexander adviseerden over een voorteken dat zich voordeed vlak voor de Macedoniërs naar India gingen.

Misschien heeft Alexander de Etemenanki beklommen, het “huis van het fundament van de hemel op aarde”, de negentig meter hoge tempeltoren die geacht werd tot in de hemel te reiken en beroemd is geworden als “toren van Babel”. Herodotos had geschreven dat een priester hem had geprobeerd wijs te maken dat de trappen elke avond werden bestegen door een Babylonische schone die op de top de nacht zou doorbrengen met de god; de Macedoniërs ontdekten nu de waarheid, namelijk dat op de top van de piramide Marduk werd vereerd en dat de chaldeeën daar hun waarnemingen deden.

Volgens Arrianus zag Alexander dat het bouwwerk in slechte staat verkeerde en gaf hij opdracht het te herbouwen, “volgens sommigen op de oude fundering, volgens anderen groter dan het was geweest. Daarom liet hij de Babyloniërs het puin wegruimen”.

De Etemenanki (Toren van Babel)

Astronomie

De chaldeeën vonden een geestverwant in Kallisthenes, die behalve Alexanders biograaf ook wetenschapsbeoefenaar was en zeer geïnteresseerd moet zijn geweest in een wetenschappelijke discipline die de uitkomst van veldslagen accuraat kon voorspellen. We weten van de contacten tussen Europese en Aziatische geleerden dankzij een terloopse opmerking van de Byzantijnse filosoof Simplikios, die zegt dat Kallisthenes de eeuwenoude Babylonische waarnemingen naar Aristoteles stuurde en toevoegt dat de Europeanen pas toen iets begonnen te begrijpen van astronomie. Normaal gesproken zouden we een zo late tekst met gepast wantrouwen tegemoet treden, maar de Arabische auteur Ibn Khaldun, die zich op andere bronnen baseert, beweert precies hetzelfde, en bovendien is het door Simplikios gebruikte woord voor “waarnemingen”, teresis, een te accurate vertaling van het Babylonische maşşartu om toeval te zijn: beide woorden hebben namelijk dezelfde bijbetekenis, “bewaken”.noot Simplikios, Commentaar op Aristoteles’ “De hemel” 2.12; Ibn Khaldun, Muqaddimah 6.18..

Aristoteles ontving eersteklas wetenschappelijk materiaal en het is de moeite waard daar iets gedetailleerder naar te kijken. De chaldeeën hadden ontdekt dat negentien zonnejaren overeenkwamen met 235 maancycli en hadden een perfecte kalender ontworpen, gebaseerd op een negentienjarige cyclus van twaalf jaren met twaalf manen en zeven met een extra schrikkelmaan. 110 maanden telden 29 dagen, 125 maanden hadden er 30. In dit systeem is de gemiddelde lengte van een kalenderjaar identiek aan het zonnejaar, zodat oogstfeesten ook plaatsvonden tijdens de oogst. In een tijd waarin schrikkelmanen meestal willekeurig werden ingevoegd, betekende deze reeks een grote stap vooruit. Maar niet iedereen was er klaar voor. De Atheense astronoom Meton, die aan het einde van de vijfde eeuw deze kalender in Griekenland wilde introduceren, kon zijn tijdgenoten niet overtuigen van de voordelen.

Babylonische almanak (British Museum, Londen)

Sindsdien had de Babylonische wetenschap niet stilgestaan. De astronoom Kidinnu had een zeer nauwkeurige schatting gegeven van de lengte van het jaar, waardoor Kallippos van Kyzikos, een leerling van Aristoteles, de kalender nog verder kon verbeteren. Vanaf de zomer van 330 bestond de kalender uit drie gewone cycli en één cyclus waarin een maan van 30 dagen was vervangen door een maan van 29 dagen. In dit systeem bedroeg de gemiddelde lengte van een jaar 365¼ dagen, een waarde die ons vertrouwd voorkomt.

Geografie

De Macedoniërs namen niet alleen astronomische kennis over van de Babyloniërs, maar ook geografische. Arrianus beschrijft het vernieuwde wereldbeeld:

Het Taurusgebergte doorsnijdt heel Azië. Het begint bij Mykale, de berg tegenover het eiland Samos, vormt de noordgrens van Pamfylië en Cilicië, loopt vandaar door naar Armenië, strekt zich uit naar Medië tussen de Parthen en Chorasmiërs door, en sluit in Baktrië aan bij de Paropamisos. Die hebben de Macedoniërs die onder Alexander dienden “Kaukasos” genoemd […] en hij loopt door tot aan de Oceaan ten oosten van India.noot Arrianus, Anabasis 5.5.2-4; vert. Simone Mooij.

Het idee dat ten noorden van het Tweestromenland een bergrug verrees die zich in een rechte lijn uitstrekte van west naar oost stamt uit het oude Nabije Oosten, waar de Babyloniërs meenden dat in het noorden de “grote muur van hemel en aarde” stond. Wij noemen die bergen onder andere Taurus, Elburz, Hindu Kush en Himalaya, en herkennen hoe de Afrikaanse, Arabische en Indische tektonische platen tegen de Euraziatische plaat aanbotsen. De filosoof Dikaiarchos van Messene, net als Kallisthenes en Kallippos een leerling van Aristoteles, was de eerste Europeaan die dit idee toepaste, in een na 325 verschenen geografisch werk.

[Wordt vervolgd. Een overzicht van alle blogjes over Alexander de Grote is hier.]

Deel dit: