Arabisch schrift

Inscriptie, Nabatees en Grieks, uit Petra

Soms kan ik dat zo ineens hebben, dat ik ergens een opschrift zie en denk: “Die letter is mooi”. Met westerse letters heb ik dat maar zo nu en dan. Met Arabische letters heb ik dat daarentegen bijna altijd. Natuurlijk, ze lijken op vermicelli, maar wat je ook schrijft, het wordt als vanzelf kalligrafie. Alle reden dus om te gaan luisteren toen Marijn van Putten (over wiens Koranonderzoek ik al eens eerder blogde) onlangs een lezing verzorgde over de geschiedenis van het Arabische schrift.

Of beter, over de antieke wortels van het huidige Arabische schrift, want op het Arabische Schiereiland zijn vele soorten schrift ontstaan. De afgelopen tijd zijn letterlijk tienduizenden inscripties gevonden in diverse zogeheten Zuid-Semitische alfabetten. Zo hadden de oases van Tayma, Dumah en Dedan elk een eigen alfabet en kende ook Jemen een eigen schrift. De geschreven rijkdom van Arabië is een van de grote oudheidkundige ontdekkingen van de laatste tijd.

Lees verder “Arabisch schrift”

Generatie 9/11

In zijn essaybundel Imaginary Homelands observeert Salman Rushdie dat Groot-Brittannië een overzees imperium heeft vervangen door een empire within. Daarmee bedoelt hij dat de Engelsen altijd een neerbuigende houding hebben behouden tegenover anderen, of het nu ging om degenen die woonden in het ooit Britse India of om hun afstammelingen, wonend op de Britse eilanden. De outsiders waren ooit outside geweest maar ook nu ze within woonden bleven het outsiders.

Nederlands interne imperium

In Nederland is dat niet anders. Wie niet komt uit een oude Nederlandse familie, staat op achterstand. Ik vermoed dat elke lezer er wel iets van heeft gezien. Zelf heb ik gewerkt in de schoonmaak (met Turkse, Surinaamse en Marokkaanse collega’s), heb ik familie op Curaçao en had ik een relatie met een zwarte vriendin. Hoe diep de reflexen tegen het niet-westerse zitten, ontdekte ik toen ik een boek publiceerde over wat de Europese cultuur heeft ontleend aan oosterse culturen. Mijn betrokkenheid bij de multi-etnische samenleving is al met al niet wereldschokkend, maar ik zie wel eens iets van de complicaties.

Lees verder “Generatie 9/11”

Ashura in 1704

Isfahan

Vanaf vanavond is het Ashura. Dan herdenken de shi’itische moslims de gewelddadige dood van Husseyn, een kleinzoon van de profeet Mohammed. In Iran zijn dan passiespelen te bewonderen. Vermoedelijk ook in andere landen met shi’itische bewoners, maar ik heb ze daar nooit bijgewoond. De westerse media  geven ook niet zoveel informatie. Dat wil zeggen, ze focussen op het interessantste beeldmateriaal. Dat zijn vaak mannen die zichzelf met scheermesjes in het voorhoofd snijden, wat erg bloederig oogt. Shi’itische geestelijken moeten er maar weinig van hebben: “als je bloed wil geven,” bromde grootayatollah Fadlallah, “doneer je dat maar aan het ziekenhuis”.

Ashura is, opmerkelijk genoeg, helemaal niet zo’n deprimerend feest. Er hangt een heel speciale sfeer, die ook op buitenstaanders indruk maakt. Wie meer over het Ashura-festival wil lezen, kan hier terecht.

Lees verder “Ashura in 1704”

Ibn Khaldun

Standbeeld van Ibn Khaldun in Tunis

Toen ik in mijn boek Vergeten erfenis pleitte voor aandacht voor de oud-oosterse en Arabische bijdragen aan de Europese cultuur, stuitte ik op allerlei interessante geleerden waarvan ik dacht “daar zou ik meer over willen weten”. Denk aan de Ibn Firnas en de Al-Haytham waarover ik onlangs blogde. Of Ibn Khaldun (1332-1406), over wie ik destijds alleen opmerkte dat zijn Muqaddima (“inleiding”) het begin had kunnen zijn van een vorm van sociale wetenschap, maar dat het werk geen navolging kreeg. Ik attendeerde er verder op dat de man zijn werk kon doen dankzij het vorstelijk mecenaat van allerlei vorsten.

Dat mecenaat, dat was zowel de reden waarom de wetenschap kon bloeien als de reden waarom het niet méér werd. Terwijl de wetenschapsbeoefening zich in het Europa van de Nieuwe Tijd ontwikkelde tot een zelfstandige “bedrijfstak” met een financiering die los stond van de wensen van deze of gene vorst, was de middeleeuwse wetenschapper in veel gevallen een hoveling die bedreven was in de kunst der stroopsmeerderij. Wetenschap was geen collectieve en daardoor duurzame activiteit, maar de kwetsbare hobby van enkelingen. Zoals Ibn Khaldun. Dat hij geen navolgers had, zal ermee te maken hebben gehad dat er daartoe ergens een vorst moest zijn die belang stelde in de ontluikende sociale wetenschap. Omdat die ontbrak kreeg Ibn Khaldun pas aandacht in de negentiende eeuw.

Lees verder “Ibn Khaldun”

De schade van ISIS

Beschadigde inscriptie (Mar Behnam)

Zoals u weet oefende de zogenaamd Islamitische Staat ofwel ISIS ofwel Daesh recentelijk een schrikbewind uit in het noorden van Irak en het westen van Syrië. De terreur vormde een opvallend wreed en sadistisch hoofdstuk in de sowieso gewelddadige geschiedenis van deze regio. Het gebied heeft sinds de ondergang van het Ottomaanse Rijk rust noch duur gekend. Het zou voor de westerse media makkelijk zijn geweest de gebruikelijke oriëntalistische stereotypen van stal te halen, en dat gebeurde ook wel, maar dit keer was er ook iets anders. Er waren tevens berichten over de door ISIS georganiseerde plunderingen en verwoestingen van cultureel erfgoed. Toen ik Irak in oktober bezocht, waren die niet te missen.

Plundering

Eerst een kanttekening. Er zijn inderdaad plunderingen geweest en er zijn inderdaad antiquiteiten verkocht. Het was makkelijk. Er bestond immers al een door de autoriteiten gedoogd handelsnetwerk voor illegaal verworven oudheden. De westerse landen waren niet alleen grootafnemers, ze faciliteerden de zwarte handel ook met enerzijds een financiële structuur om belasting te ontwijken en geld wit te wassen en anderzijds academici die heling goedpraatten (meer).

Lees verder “De schade van ISIS”

Kort Irakees (13): Kufa’s Slangenpoort

De Slangenpoort van Kufa

Net als Khifl, waar moslims de voorislamitische Khidr en de joodse Ezechiël vereren, is ook Kufa een verzamelplaats van culten. Ze zijn van een keurig islamitisch jasje voorzien, natuurlijk. Hier was het huis waarvandaan Abraham vertrok om tegen de reuzen te vechten, hier vereren moslims Khidr, hier wijst men de plaats aan die de profeet Mohammed zag tijdens zijn Hemelreis, hier zijn cultusplaatsen voor Gabriël en Adam, en hier is de plaats waar de Ark afvoer. Allemaal voorislamitische culten die in de islam zijn geïntegreerd, ongeveer zoals het christelijke feest voor Sint-Nikolaas oudere heidense gebruiken kerstende.

Een van de aardigste plekken in Kufa is de Slangenpoort. Waarom die zo heet, ligt besloten in de mist der tijden. Volgens de latere legende waarmee de poort werd geïslamiseerd, was imam Ali bezig met zijn preek toen een slang naar hem toe kwam kruipen. De aanwezige gelovigen schrokken en probeerden het dier te verjagen, maar zagen dat de imam onverstoorbaar bleef, zich zelfs richtte tot het dier en er een praatje mee maakte.

Lees verder “Kort Irakees (13): Kufa’s Slangenpoort”

Kort Irakees (12): Mosul

De minaret van de Noeri-moskee, klaar voor de herbouw

Mosul, de grote stad in het noorden van Irak, is de laatste jaren vaak slecht in het nieuws geweest. Ook al wilde ik graag naar het er tegenover gelegen Nineveh, ik zag eerlijk gezegd nogal op tegen het bezoek aan de stad die door de zogenaamd Islamitische Staat zo is geterroriseerd. Dit is immers waar ISIS in de Noeri-moskee het kalifaat uitriep en waar datzelfde kalifaat ten einde kwam met het opblazen van diezelfde moskee. Een bezoek was toch een beetje a holiday in other people’s misery.

Ik had er niet bang voor hoeven zijn. De bruggen over de Tigris functioneren (voor zover ik kon zien: één noodbrug), de rioleringen en straatverlichting eveneens. Mijn vriendin had hier twee jaar geleden gewandeld door een verzameling doodstille ruïnes, nu was zeker twee derde van de huizen en winkels weer in gebruik. Het deed wat denken aan Gyumri, de in 1988 door een aardbeving verwoeste stad in Armenië.

Lees verder “Kort Irakees (12): Mosul”

De sji’ieten van Irak (4)

Abbas haalt water: afgebeeld op een fontein in Basra. Dit is een standaardmodel-fontein dat je overal in Irak ziet.

[Dit is het vierde stuk over de geschiedenis van de sji’ieten. Het eerste is hier.]

Irak is momenteel een overwegend sji’itisch land. De imams die ik in het vorige stukje noemde, liggen begraven in grote heiligdommen in Najaf, Kerbala, Bagdad en Samarra en meer dan de helft van de bevolking rekent zich tot de sji’a. Na de verdrijving van Saddam Hussein wonnen de sji’ieten aan politieke invloed. Toen het leger op de vlucht sloeg voor de zogenaamd Islamitische Staat, speelden sji’itische milities een belangrijke rol bij het herstel van het centrale gezag. De laatste verkiezingen gingen vooral over de vraag welke sji’itische groep de meeste stemmen zou krijgen, degenen die vooral naar Iran keken of degenen die een meer nationale koers wilden varen.

Soennitisch Irak

Omdat de heiligdommen hier zijn en het sji’itische bevolkingsdeel zo groot is, zou je verwachten dat deze vorm van islam altijd de meeste aanhang heeft gehad. Toegegeven, de Abbasidische kaliefen en de Ottomaanse sultans waren soennieten, maar een soennitische overheid sluit een sji’itische bevolking niet uit. Het wonderlijke is dat de bevolking van het Tweestromenland pas na pakweg 1830 is gesji’itiseerd. Voordien beperkte de sji’a zich tot de steden met de heiligdommen – en die waren klein. In Najaf woonden op een gegeven moment maar dertig families.

Lees verder “De sji’ieten van Irak (4)”

De sji’ieten van Irak (3)

Najaf, het graf van Ali

[Dit is het derde stukje over de geschiedenis van de sji’ieten. Het eerste is hier.]

De graven van de imams zijn belangrijke pelgrimsoorden waar honderdduizenden naartoe komen. Anders dan de voor alle moslims aanbevolen pelgrimage naar Mekka, die plaatsvindt op specifieke data, is het bezoek aan de sji’itische pelgrimsheiligdommen niet aan een bepaalde tijd van het jaar verbonden. Langs de weg van Teheran naar Mashhad en langs de grote wegen in Centraal-Irak zie je dus altijd wel mensen wandelen met vlaggen, op weg naar zo’n mausoleum. In dit blogje wat foto’s.

Hieronder ziet u de mihrab in Kufa, waar de eerste imam, Ali dus, is vermoord. Daarna is hij begraven in Najaf, dat u hierboven zag. Het is een mooi heiligdom, waar ik met plezier heb rondgelopen. Het is met het Iraanse Qom het belangrijkste centrum voor sji’itische studie. U heeft wellicht gezien hoe de lokale leider, grootajatollah Sistani, dit voorjaar in zijn bescheiden huis in Najaf een ontmoeting had met de paus.

Lees verder “De sji’ieten van Irak (3)”

De sji’ieten van Irak (1)

Ali, de “leeuw des geloofs”

De islam kent twee hoofdstromingen: de soenna ofwel traditionalisten en de shi’a ofwel partijgangers. De splitsing gaat terug op een conflict dat meteen na de dood van Mohammed is ontstaan. Ik blogde er al eens over. De Profeet had enerzijds aangegeven te willen worden opgevolgd door de beste moslim en had anderzijds zijn schoonzoon Ali aangewezen. Misschien ontwikkelde Mohammeds denken en zag hij aanvankelijk de geloofsgemeenschap (de umma) als alternatief voor de familie en benadrukte hij later toch verwantschapsbanden.

Het kalifaat

Hoe dat ook zij, toen Mohammed was overleden en Ali de gebruikelijke verplichtingen vervulde, koos Mohammeds inner circle van vertrouwelingen de oude Abu Bakr als opvolger. Er was haast. Het was namelijk crisis: er was een concurrerende Arabische leider, sommige stammen meenden dat verdragen met Mohammed na diens overlijden kwamen te vervallen en tal van andere zaken waren onvoldoende geregeld. Abu Bakr bezat de voor het voortbestaan van de umma benodigde doortastendheid. Wat een nette manier is om te zeggen dat hij geweld niet afwees.

Lees verder “De sji’ieten van Irak (1)”