Toerist in Elche

Het centrum van Alcudia

In de vorige aflevering van mijn narcistische winterfeuilleton vertelde ik over Alicante, een havenplaats van het Iberische volk der Contestaniërs. Even landinwaarts lag een belangrijke nederzetting, die destijds Ilici heette en tegenwoordig Elche. De eigenlijke ruïnes liggen op een lage heuvel ten zuiden van het stadje, Alcudia (van het Arabische Al-Kudia, “de heuvel”). Hier is het beroemde beeld van de Dame van Elche gevonden. De beheerders van het terrein zijn bezig een soort gedenkteken te bouwen op de plek.

Work in progress

En daarmee is een voornaam punt al genoemd: Alcudia is heel erg work in progress. Er vinden al een eeuw opgravingen plaats, die Iberische en Romeinse huizen aan het daglicht hebben gebracht, plus een stadsmuur, talloze waterwerken, een Iberisch heiligdom, een Visigotische basiliek en een enorme hoeveelheid aardewerk. Het onderzoek is nog in volle gang, de diverse opgegraven gebouwen liggen op enige afstand van elkaar en zijn niet allemaal even makkelijk “leesbaar”. Ze zijn wel interessant, zoals de opstapeling van Iberische, Romeinse en laatantieke huizen, of de van complexe waterleidingen voorziene Romeinse huizen, of de centrale sector van nog niet voldoende geïnterpreteerde representatieve gebouwen.

Lees verder “Toerist in Elche”

Toerist in Alicante

Alicante, Castell de Santa Bàrbara

Over Alicante, de havenstad waaraan ik deze zesde aflevering van mijn narcistisch winterfeuilleton wijd, is een hoop te vertellen. Historisch bezien gaat het om twee plaatsen: het huidige Alicante, dat ligt aan de voet van het 160 meter hoge Castell de Santa Bàrbara, en een antieke stad op een uur wandelen ten noordoosten van het huidige centrum. Deze plek heet tegenwoordig Tossal de Manises, en het gaat om een gebied van ongeveer drie hectare met een Romeins badhuis, marktplein, woonhuizen, stadsmuur en een islamitisch grafveld.

Drie namen voor twee plaatsen

De Latijnse naam voor deze plaats was Lucentum, waarin het woord lux zit, “licht”. Dat zal wel verwijzen naar een landschappelijk fenomeen dat stralend wit was. In het Grieks heette de stad, gesticht door Hannibals vader Hamilkar Barka, Akra Leukè, “de witte burcht”. De Romeinse geschiedschrijver Titus Livius vermeldt bovendien een fort, waarvan de naam meestal wordt weergegeven als Castrum Album, wat opnieuw “de witte burcht” betekent. Die lezing lijkt ingegeven door de betekenis van het Griekse Akra Leukè, en de aanname is dat het gaat om dezelfde plek.

Lees verder “Toerist in Alicante”

Toerist in Valencia (2)

Standbeeld van El Cid, Valencia

Het was toeval dat wij in Valencia waren op de feestdag van de Romeinse heilige Vincentius. Bij leven was hij in Zaragoza diaken, wat betekent dat hij verantwoordelijk was voor de uitdeling van aalmoezen en het beheer van kerkelijke goederen. In 304, tijdens de vervolging door keizer Diocletianus, werd hij gearresteerd en terechtgesteld in Valencia. Dat is eigenlijk alles wat met zekerheid bekend is, maar dat heeft vanzelfsprekend niet verhinderd dat er allerlei verhalen kwamen.

Vincentius

Een eeuw na zijn marteldood vertelde de Spaanse christelijke auteur Prudentius in zijn Kransrede welke martelingen Vincentius onderging. De arme diaken zou op de pijnbank zijn gelegd en met gloeiende haken zou zijn vlees van zijn botten gerukt. Hij was levend verbrand op een rooster, maar niet helemaal, want daarna was hij in een gevangeniscel gelegd op een bed van gebroken scherven. Daar gaf hij de geest. Zoals te doen gebruikelijk was de beul zó onder de indruk van de sereniteit waarmee de aspirant-heilige zijn martelingen verdroeg, dat hij zich bekeerde. De Kransrede is dus een voorspelbare, brave, kortom stomvervelende tekst.

Lees verder “Toerist in Valencia (2)”

Toerist in Toledo

Aankomst in Toledo

Toledo, gelegen in het centrum van het Iberische Schiereiland, was in de Late Oudheid de hoofdstad van het Rijk van Toledo. Hier resideerden koningen die stamden uit een dynastie die ook wel Visigotisch wordt genoemd, wat nogal misleidend is omdat die naam een Germaans karakter suggereert dat deze vorsten totaal niet hadden. Ze waren in alle opzichten Romeins en de wetsoptekening van koning Recceswinth, het Liber Iudiciorum uit 654, is na het Byzantijnse Corpus Iuris de meest ambitieuze rechtscodificatie uit de Late Oudheid. Het Rijk van Toledo was simpelweg de post-Romeinse staat par excellence.

De stad bezit het bij mijn weten enige Visigotische museum ter wereld, en dat was één reden om er naartoe te gaan. Maar er was meer. De naam “Toledo” heeft een bijna magische klank, net zoals Venetië, Constantinopel, Damascus, Isfahan of Samarkand. In die plekken is ooit geschiedenis gemaakt en de echo’s klinken nog steeds door. Toledo als plaats van talloze laatantieke synodes, die vooruitwijzen naar de middeleeuwse standenvergaderingen. Toledo als centrale stad in de middelste grensmark van het Emiraat van Córdoba. De inname van Toledo in 1085 als keerpunt in de geschiedenis van het Iberische Schiereiland. Toledo als vertaalschool. Toledo als voornaamste bisdom in Spanje. En verder: Toledo als artistiek centrum, als plaats waar drie godsdiensten elkaar al dan niet harmonieus ontmoetten, en als locatie van beroemde romans (i.c., Het vijfde zegel van Simon Vestdijk).

Lees verder “Toerist in Toledo”

De verledens van Spanje (3)

Romeins en Arabisch Spanje bij elkaar in Málaga

Wat ik met de twee voorgaande blogjes (een, twee) heb willen vertellen, is dat het beeld van het verleden van Spanje verandert doordat de wind uit een andere politieke en culturele hoek is gaan waaien, wat een beetje de dagelijkse omgang is met het verleden, terwijl er tegelijk ook echte wetenschappelijke ontwikkelingen zijn: nieuwe technieken, nieuwe vragen, nieuwe data, nieuwe onzekerheden, nieuwe hypothesen. Die leiden overigens en gelukkig niet meteen tot nieuwe conclusies.

Je mag voor de toekomst verwachten dat onderzoekers, nu er allerlei nieuwe bioarcheologische technieken zijn, zullen gaan kijken naar de routes waarlangs herders hun kuddes verweidden. Mij zou het niet verbazen als vee over grotere afstanden blijkt te zijn verplaatst dan we zouden verwachten aan de hand van de bekende cañadas, want dat is in elk geval elders in Europa bewezen: denk aan de Romeinse herders die van Schotland naar Zuid-Engeland kwamen. Dat documenteert dan ook weer de verspreiding van ideeën. De DNA-revolutie is vooral een hermeneutische revolutie, net wat u zegt.

Lees verder “De verledens van Spanje (3)”

De verledens van Spanje (2)

Een Dressel-20-amfoor (Archeologisch Museum, Córdoba)

Het is niet voor niets dat we wetenschappers en erfgoedspecialisten faciliteiten bieden. We krijgen daar als samenleving immers iets voor terug. Dat kan bijvoorbeeld ontstaansgeschiedenis zijn, zoals ik in het vorige blogje illustreerde aan de hand van de visies op het Spaanse verleden: eerst was er een frame waarin de maatschappelijke, linguïstische, religieuze en nationale eenheid centraal stond, de afgelopen halve eeuw groeide een beeld dat meer ruimte liet aan variatie. Volgden oudheidkundigen en mediëvisten aanvankelijk een door nationalistische historici bepaalde visie, ook na 1975 volgden ze andermans agenda. Weliswaar een sympathiekere agenda, maar toch: de wetenschap handelde niet autonoom.

De sociale wetenschappen

Er zijn ook betere manieren om betekenis toe te kennen aan het verleden, ook al is dat voorbij en betekenisloos, en ook al is het door de schaarste van de ambigue archeologische en tekstuele data slecht kenbaar. Eén van die betere manieren is vertellen hoe de samenleving zich ontwikkelde.

Lees verder “De verledens van Spanje (2)”

De verledens van Spanje (1)

Het beeld van Leovigild, vóór het koninklijk paleis in Madrid, claimt de laatantieke vorst als voorloper van de koningen van Spanje.

Archeologische vondsten zeggen eigenlijk maar weinig. Ze moeten worden geïnterpreteerd: die scherven vormden ooit een kruik, die kruik bevatte olijfolie, de klei van die kruik komt uit de vallei van de Guadalquivir, en omdat ze is opgegraven in Rome duidt die kruik op handel. Maar ook zo’n geïnterpreteerde vondst is niet waarom wij, als samenleving, de mogelijkheid garanderen dat wetenschappers hun intellect, tijd en energie besteden aan archeologie. Wat kan het ons immers schelen dat Rome negentien eeuwen geleden Spaanse olijfolie importeerde? Wat hebben wij, om met Halbe Zijlstra te spreken, aan opgegraven potten en pannen, geïnterpreteerd of niet?

Die vraag kunnen we ook stellen bij historische gebeurtenissen. U en ik worden niet gelukkiger of wijzer als we weten dat in de late eerste eeuw na Chr. de Romeinse gemeentewetten in Spanje volgens een standaardmodel zijn geharmoniseerd. Er is méér nodig om zulke gegevens betekenis te geven. De resultaten van archeologisch en historisch onderzoek, en ook dat van het onderzoek van classici, krijgen pas zin als ze in een groter kader zijn geplaatst.

Lees verder “De verledens van Spanje (1)”

De Bourgondiërs in Limburg

Karel de Stoute (Rogier van der Weyde)

Het is een slecht voorteken als in een museumgarderobe alle lockers vol zitten. Dan zijn er te veel bezoekers. Ook ziet het er slecht uit als je met je kaartje ongevraagd het apparaat voor de audiotour in handen gedrukt krijgt. Audiotours betekenen immers dat je eindeloos zult kijken naar dezelfde ruggen, die in hetzelfde tempo door de zaal bewegen. Je verwachtingen worden nog lager als je je herinnert dat eerdere museumbezoekers je voorhielden dat de audiotour te lange uitleg geeft.

Ik zag dus een beetje op tegen het bezoek aan de expositie over de “Bourgondiërs in Limburg” in het Limburgs Museum in Venlo. Dat kwam ook door het thema, dat me te veel geïnspireerd leek door het populaire boek van de Belgische auteur Bart Van Loo. Ik houd er niet van als musea hun oren laten hangen naar een door anderen bepaalde actualiteit. Het suggereert weinig vertrouwen in het eigen aanbod en de eigen missie.

Lees verder “De Bourgondiërs in Limburg”

Museum Dorestad heropend (3)

Museum Dorestad

[Derde deel van een blog over het belang van Museum Dorestad in Wijk bij Duurstede. Het eerste was hier.]

Museum Dorestad

De bezoeker zal eerst naar de bovenverdieping klimmen, waar de eerste zaal is gewijd aan de voorgeschiedenis. Naar mijn smaak had daar iets meer aandacht mogen zijn voor de IJzertijd, want de naam “Dorestad” is Keltischduron betekent zoiets als versterking. Het museum begint nu met de Romeinse aanwezigheid bij de splitsing van Rijn en Lek.

De tweede zaal is ingericht als schip. De bezoeker kan meevaren en een film zien over een historische gebeurtenis: een mevrouw Katla heeft ooit van haar moeder opdracht gekregen om aalmoezen te gaan verdelen in Dorestad, en we weten dat ze een lange zeereis heeft gemaakt om daar te komen. Het filmpje toont hoe die reis gegaan kan zijn, hoe Dorestad eruit zag, welke handel er plaatsvond (zoals in slaven) en hoe men er ook feest kon vieren. Heel slim heeft het museum ervoor gekozen er een tekenfilm van te maken; met de computer gegenereerde beelden ogen realistischer, maar ze verouderen snel. Het Katla-filmpje kan nog wel even mee.

Lees verder “Museum Dorestad heropend (3)”

Museum Dorestad heropend (2)

Munt uit Dorestad (Teylersmuseum, Haarlem)

[Tweede deel van een blog over het belang van Museum Dorestad in Wijk bij Duurstede. Het eerste was hier.]

En de Germanen dan?

Hier zijn echter vraagtekens te plaatsen. Al vanaf de vroege zestiende eeuw staan in het Nederlandse geschiedbeeld de Germanen centraal. Het hertogdom Gelre, al snel gevolgd door de Republiek, identificeerde zich met de Bataven; de bewoners van de noordelijke gewesten noemen zich nog altijd Friezen; een krant uit Twente noemt zich Tubantia; tal van gemeentes beschikken over Chamavenstraten, Frankenwegen of Saksenlanen; er is een ware industrie van Batavia’s, Batavi Droogstoppels, Batavus-fietsen en Batavier-bieren.

Vreemd is deze identificatie met het Germaanse verleden niet: het Nederlands stamt immers af van het Frankisch, het christendom kwam hier aan in de Frankische tijd, de oudste laag van onze literatuur stamt uit die tijd en de Rotterdamse havens gaan via Dordrecht terug op – daar zijn we! – het Frankische Dorestad. Nederland wortelt in een Germaans verleden, maar dat verleden heeft een dubbele handicap, namelijk dat het enerzijds moeilijk beleefbaar valt te maken (wie van u bezocht Erve Eme in Zutphen?) en anderzijds nogal unzeitgemäβ is in het zich verenigende Europa.

Lees verder “Museum Dorestad heropend (2)”