Romeins aardewerk

Reconstructie van een Atheense rammelaar (Celicia Ceramics)

[Ik was een weekendje in Nijmegen en wijd er een reeks blogjes aan. Dit is het laatste en het eerste was hier.]

Het Museumpark Orientalis heette ooit de Heilig Land-stichting en was destijds, een eeuw geleden, bedoeld om mensen die de pelgrimage naar Palestina niet konden maken, te tonen in welke wereld Jezus had geleefd. Sympathiek bedoeld, maar de implicatie was dat in het Midden-Oosten de tijd had stilgestaan en dat de bewoners niet in staat waren tot dezelfde innovatie die typerend is voor Europa. Orientalis is echter niet alleen een confrontatie met het denken van een eeuw geleden, het is ook het museumpark dat elke zomer ruimte biedt aan het Laat-Romeins Festival, het gezelligste en oudste nog bestaande Romeinenfestival in Nederland.

Keramiek

In het tentoonstellingsgebouw is nu een expositie over oude handelsroutes, die dus mooi aansluit bij de nieuwe opstelling in het Valkhof Museum, maar ik kwam vooral om wat bekenden te ontmoeten en me door archeologe Ester Schraven van Celicia Ceramics te laten bijpraten over historisch geïnspireerd aardewerk. Elk museum verkoopt wel wat imitaties van antiek keramiek of glas, maar ik heb geen idee hoe dat nu wordt gemaakt en hoe authentiek dat nu eigenlijk is.

Lees verder “Romeins aardewerk” →

Nog één keer de Livius Nieuwsbrief

Een paar weken geleden besloot ik dat alle dode links uit deze blog moesten worden verwijderd of verbeterd. Niemand heeft voordeel bij dode links. Niet de universitair docent wiens persoonlijke pagina een ander adres kreeg, want een wetenschapper moet bereikbaar zijn. Niet het museum dat van naam veranderde, want dat wil informatie delen en moet dus online vindbaar blijven. Niet het publiek dat informatie zoekt. En ook ikzelf niet, want als er veel dode links in een website zitten, krijgt die van zoekmachines een lagere ranking en wordt die site minder gevonden. En ja, ik ben wel zo ijdel dat ik gelezen wil worden.

Linkrot

Links verouderen, om allerlei redenen. Dat staat bekend als linkrot. Er zijn programmaatjes die dode links signaleren, dus het traceren is niet moeilijk. Ik heb echter heel wat verloren kwartiertjes besteed aan het veranderen van de ruim 7500 pagina’s en blogjes die samen de Mainzer Beobachter vormen.

Lees verder “Nog één keer de Livius Nieuwsbrief” →

Museum Kam

Museum Kam, Nijmegen

[Ik was een weekendje in Nijmegen en wijd er zes of zeven blogjes aan. Dit is het voorlaatste. Het eerste was hier.]

Het moet een halve eeuw geleden zijn dat mijn vader me meenam naar Nijmegen, naar Museum Kam, destijds het archeologische museum van de stad. De locatie kon niet beter: het stond op de rand van de Romeinse legerbasis op de Hunerberg. De graven van de legionairs en hun tijdgenoten zijn gevonden in de straat waar het museum werd gebouwd, die inmiddels Museum Kamstraat heet. Mijn vader en ik kregen uitleg van meneer Stuart, die mijn ontluikende liefde voor Romeins Nederland aanwakkerde met een mooi verhaal. (Voor de insiders die zich afvragen hoe het kwam dat een Zo Grote Naam Uit De Nederlandse Archeologie twee passanten kwam verwelkomen, voeg ik toe dat Peter Stuart de broer was van een collega van mijn vader.)

Museum Kam is eind jaren negentig gesloten. De collectie is overgebracht naar het Valkhof Museum, waarover ik gisteren blogde, en het gebouw is sindsdien in gebruik voor andere doelen. In de coronatijd is het ingericht als onderzoekscentrum met bibliotheek.

Lees verder “Museum Kam” →

Het vernieuwde Valkhof Museum

Romeinse godinnen (Valkhof Museum, Nijmegen)

[Ik was een weekendje in Nijmegen en wijd er zes blogjes aan, of zeven, als ik ook dit stukje meetel. Dit is het vierde; het eerste was hier.]

Wie van Romeins Nederland houdt, houdt van het Valkhof Museum in Nijmegen. Het is echter – althans voor mij – een liefde die soms teleurstelt, zoals toen de directie verdwaalde in een tunnelvisie. Het museum was enige tijd gesloten, werd verbouwd en is onlangs heropend, en nu weet ik weer waarom ik er graag kom. Al vóór je binnen bent, zie je de verandering: het museumcafé bevindt zich nu aan de voorkant, zodat het gebouw veel opener is naar de buitenwereld. Ook het malle monument op het plein, een tegen de archeologische wetenschap opgeheven middelvinger in de vorm van een verzakte replica van een Romeins monument, is gelukkig verwijderd.

Kristalhelder thema

Feitelijk bestaat de nieuwe archeologische afdeling uit een heel grote C-vormige ruimte, met een kristalhelder thema: Nijmegen als onderdeel van een grotere wereld. Dit verhaal wordt strikt chronologisch verteld. Uit die keuze vloeit voort dat de verzameling nederzettingen die we aanduiden als “Romeins Nijmegen”, minder centraal staat dan vroeger. De eerste getoonde voorwerpen komen uit Bennekom, bepaald niet om de hoek.

Lees verder “Het vernieuwde Valkhof Museum” →

Zes vragen aan Vincent Hunink

Drie beeldschermen en Vincent Hunink

Als er journalistieke aandacht is voor de Oudheid, gaat het meestal over archeologische vondsten, die nogal stereotiep worden gebracht (“schat”, “mysterie”). Verder zijn er altijd weer slecht onderbouwde parallellen tussen toen en nu (West-Europa wacht al twee eeuwen het veronderstelde lot van het Romeinse Rijk). Vandaag begint op deze blog een rubriek waarin ik de aandacht meer wil leggen op het eigenlijke wetenschappelijke proces. Als lezers weten wat onderzoekers feitelijk doen, begrijpen ze immers beter wat er op het spel staat en herwint de oudheidkunde draagvlak. Als eerste laat ik de Nijmeegse classicus Vincent Hunink aan het woord.

Sinds 1990 vertaalt hij met grote regelmaat teksten van klassieke en niet-klassieke auteurs. Recent werkte hij mee aan Ik en Rome, de grote uitgave van de verzamelde brieven van Cicero, en vertaalde hij de brieven van Plinius de Jongere. Zijn nieuwe vertaling is: Commodianus, Ik wijs de weg! een experiment uit het vroege christendom (Instructiones).

Lees verder “Zes vragen aan Vincent Hunink” →

Faits divers (56)

Dodecaëder (Rijksmuseum van Oudheden, Leiden)

Een nieuwe aflevering in de onregelmatig verschijnende reeks faits divers, met deze keer: dodecaëders, historische taalkunde en Hannibals Alpentocht, een onderwerp waarbij de grens tussen wetenschap en pseudowetenschap is vervallen. Wat ons automatisch brengt bij Erich von Däniken.

Dodecaëder

Dodecaëders zijn metalen voorwerpen met twaalf dezelfde vijfhoekige vlakken, waarin cirkelvormige openingen zitten. Op de hoeken zijn knopjes aangebracht. Sommige dodecaëders zijn maar vier centimeter in doorsnee, andere wel twaalf; de zwaarste weegt een kilo, de lichtste nog geen veertig gram. Geen mens weet waarvoor ze dienden, al zijn ze vooral in Noordwest-Europa gevonden in uiteenlopende Romeinse contexten. Dat kan een graf zijn, of een legerkamp, een badhuis, een muntschat, een theater of een Friese terp, zoals het exemplaar dat u hierboven ziet, dat is gevonden in Hartwerd.

Lees verder “Faits divers (56)” →

Telemachos in Leiden?

Penelope en Odysseus (Louvre, Parijs)

Vanaf de zijlijn is het makkelijk kritiek hebben; ik wil, na mijn vorige blogje, ook een manier noemen waarmee het museum én op de Odyssee-film kan inhaken én kan tonen waarom de Oudheid belangrijk is. We hoeven er zelfs niet voor weg van Penelopes Ithaka.

Opgehangen slavinnen

Kijk eens naar het einde van boek 22 van de Odyssee, waar Odysseus’ zoon Telemachos de slavinnen executeert die hebben geslapen met de mannen die dongen naar Penelopes hand (de “vrijers”). Hier is de (iets aangepaste) vertaling van M.A. Schwartz:

Lees verder “Telemachos in Leiden?” →

Penelope in Leiden

Wevende vrouwen (Rijkmuseum van Oudheden, Leiden)

In het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden is momenteel een kleine expositie, eigenlijk een minitentoonstelling, over koningin Penelope: u weet wel, de echtgenote van Odysseus. Ze wachtte twintig jaar op haar man, zonder zelfs maar te weten of die überhaupt nog in leven was. De expositie benadrukt dat ze niet alleen een trouwe echtgenote was, maar even slim als haar echtgenoot. Immers, ze hield de mannen die dongen naar haar hand (en de koningstitel) aan het lijntje door voor te wenden dat ze een nieuwe partner zou kiezen zo gauw ze de lijkwade van haar schoonvader had geweven, maar haalde ’s nachts steeds het weefsel weer uit. Zo verdedigde ze op haar manier het koninkrijk van Odysseus. Je kunt toevoegen dat ze, toen een mysterieuze gast zei Odysseus te zijn, ook nog een slimme manier had om vast te stellen of dit waar was.

Penelopes bedrog, lezen we op het tentoonstellinkje, “wordt tegenwoordig ook herverteld als bredere parallel voor vrouwelijke vormen van verzet in een mannelijke maatschappij”. Twee romans illustreren dit punt en tot slot is er aandacht voor vrouwen die tijdens de Tweede Wereldoorlog “hun oorlog aan het thuisfront in plaats van op het slagveld” streden, bijvoorbeeld door joodse kinderen te redden.

Lees verder “Penelope in Leiden” →

De waarheid in Leiden

Witte zwanen en (in de vitrine) een zwarte zwaan

Het Boerhaavemuseum is het wetenschapshistorisch museum van de in de wetenschapsgeschiedenis zeker niet onbelangrijke stad Leiden. Momenteel is er een expositie over de waarheid: u weet wel, het doel van al dat getwijfel waaraan wetenschappers hun levens wijden. De tentoonstelling behandelt allerlei aspecten: bewijsvoering, blijken van betrouwbaarheid, afbeeldingen om de waarheid te verspreiden, de authenticiteit van data (geïllustreerd aan de hand van een gerestaureerde Griekse vaas), dwalingen, politieke inmenging, expertise, datafraude (de “Würzburger Lügensteine”), de vraag wiens verhaal wordt verteld, leugendetectie en de relatie met fictie.

Ik sla met deze opsomming nog het een en ander over, maar de selectie zal voldoende zijn om u duidelijk te maken dat dit een rijke expositie is. De voorwerpen zijn interessant en goed gekozen; er is duidelijke uitleg; de expositie is toegankelijk voor mensen met een handicap of hyperacusis. En vooral: er is een fantastische uitsmijter, namelijk een bord waarin het museum aan zichzelf twijfelt en mensen oproept ook de eigen gedachten in twijfel te trekken. Er is nog meer moois en interessants te prijzen, dus gaat dat zien.

Lees verder “De waarheid in Leiden” →

Neanderthal Museum

Neandertal 1 (Neanderthal Museum)

Jarenlang was het een van de topstukken in het Landesmuseum in Bonn: het skelet van de eerst-gevonden Neanderthaler, ook wel bekend als “Neandertal 1”. Ontdekt in 1856 in het naar een meneer Joachim Neumann Neander genoemd dal, en opeens belangrijk na de publicatie van Darwins Origin of Species, is dit gedeeltelijk bewaarde skelet een van de belangrijkste voorwerpen uit de wetenschapsgeschiedenis.

De vondst, waarvan ontdekker Johann Carl Fuhlrott meteen begreep dat het ging om een andere mensensoort, is destijds niet zo grondig gedocumenteerd als wij nu wenselijk vinden. Waar de botten hebben gelegen, was daardoor lange tijd onduidelijk, maar gelukkig is de vindplaats rond 2000 teruggevonden, inclusief enkele nieuwe stukjes van het 40.000 jaar oude skelet. Deze gebeurtenis lijkt de aanleiding te zijn geweest voor de bouw van een nieuw museum in het Neanderdal, gewijd aan zijn beroemdste ingezetene, op nog geen halve kilometer van de vindplaats. Bonn moet zich, qua beroemde ingezetenen, nu beperken tot Beethoven.

Lees verder “Neanderthal Museum” →