Parmenion versus Memnon

Macedonische helm (Nationaal Museum, Kopenhagen)

Nu ik werkende weg ben beland in een soort van geschiedenis van Alexander de Grote – een overzichtspagina is inmiddels hier – is het geen slecht idee eens te vertellen hoe de oorlog tussen Macedonië en het Achaimenidische Rijk eigenlijk begon. Over de aanleiding heb ik het al eerder gehad: dat was het Perinthos-incident. Filippos II consolideerde zijn koninklijke macht in Macedonië door externe expansie, die hem het goud opleverde waarmee hij machtige aristocraten voor zich won. Die expansie moest vroeg of laat stuiten op Perzische vitale belangen – zoals de doorvaart van de Zwarte naar de Egeïsche Zee. De inname van Perinthos in 340 v.Chr. was voor de Perzische koning Artaxerxes III Ochos onacceptabel en dus stuurde hij troepen naar Europa. Voor het eerst, lijkt het, sinds de dagen van Xerxes. In elk geval: na die vernedering besloot Filippos het Perzische Rijk aan te vallen.

Parmenion valt aan

De oorlog begon serieus in het voorjaar van 336, toen een Macedonisch leger, aangevoerd door generaals Parmenion en Attalos, overstak naar Azië. De expeditie leek eenvoudig. Artaxerxes III Ochos was in september 338 opgevolgd door Artaxerxes IV Arses en het Perzische imperium was verscheurd door troonstrijd. Terwijl de rebellen Chababash en Nidin-Bel de macht grepen in Egypte en Babylonië, trok een derde rebel, de Perzische edelman Artašata, vanuit Armenië op naar de Perzische hoofdsteden. Alsof de chaos nog niet groot genoeg was, had het rijk na de dood van de betrouwbare generaal Mentor van Rhodos ook geen onomstreden militaire leider. De satrapen in Klein-Azië waren verdeeld over de vraag wie hem zou opvolgen.

Lees verder “Parmenion versus Memnon”

De Kariërs

De kust van Karië

Het huidige Griekenland geldt als het moederland van de Grieken, maar vanouds woonden er Grieken aan de overzijde van de Egeïsche Zee. Van noord naar zuid heetten die de Aioliërs, Ioniërs en Doriërs. Die laatsten woonden naast de Kariërs, een volk dat al in de Bronstijd staat vermeld in Hittitische teksten en dat een eind vorige eeuw ontcijferde Anatolische taal sprak. Na de instorting van het Bronstijdsysteem en de slecht begrepen Vroege IJzertijd is Homeros de eerste die ze weer vermeldt: de Kariërs waren bondgenoten van de Trojanen en ze woonden rond Milete.noot Homeros, Ilias 2.867ff. Dat is wat noordelijker dan we zouden verwachten, maar het kan zijn dat Homeros authentieke informatie bewaart uit de Late Bronstijd. In de tussentijd waren namelijk de Frygiërs vanuit Europa overgestoken naar Anatolië en er waren wat verschuivingen.

De banden tussen de Kariërs en de Grieken waren nauw. Herodotos, geboren in de Karisch-Griekse stad Halikarnassos (Bodrum), is een voorbeeld: zijn vader droeg de Karische naam Lyxes.

Lees verder “De Kariërs”

M4 | De Korinthische Bond

De Korinthische Bond vergaderde vermoedelijk in de tempel van Poseidon op de istmus van Korinthe.

Zoals in het vorige stukje verteld, had koning Filippos II van Macedonië aan het Perinthos-incident de conclusie verbonden dat hij Perzië moest aanvallen, had hij zijn Griekse achtertuin op orde gebracht in de slag bij Chaironeia en was hij op weg naar Sparta toen hij vernam dat in het Perzische Rijk burgeroorlog was uitgebroken na de dood van Artaxerxes III Ochos. Filippos realiseerde zich dat het enige tijd zou duren voordat Artaxerxes IV Arses zijn macht zou hebben gevestigd, en begreep dat een grootschalige en afschrikwekkende strooptocht in Azië zelden zo eenvoudig was geweest. Het noopte hem echter ook om sneller dan voorzien een regeling te treffen voor de Griekse stadstaten.

Garnizoenen en diplomatie

Hij legerde garnizoenen in Thebe, dat gestraft moest worden voor de oorlogsverklaring, en in Korinthe, dat de toegang bewaakte tot de Peloponnesos. Kroonprins Alexander ging met de machtige hoveling Antipatros naar Athene. Die stad had de oorlog willen voortzetten maar kreeg een vredesaanbod dat het niet kon afslaan: de ambassadeurs eisten slechts dat de verslagen vijand zijn bondgenootschap ontbond. Aangezien de meeste bondgenoten zich toch al weinig aantrokken van Athene, was dit een geringe concessie. Zelfs de eilanden Lemnos en Samos, waarvan de Atheners de oorspronkelijke bewoners hadden verdreven om plaats te maken voor kolonisten, mochten Atheens blijven.

Lees verder “M4 | De Korinthische Bond”

Achaimenidisch Perzië (5)

Een koning van Achaimenidisch Perzië, vrijwel zeker Artaxerxes III Ochos (Allard Pierson-museum, Amsterdam)

[Vijfde van zes blogs over Achaimenidisch Perzië, dat tussen het midden van de zesde eeuw v.Chr. en 330 heel het Nabije Oosten verenigde. Het eerste deel is hier.]

De laatste regeringsjaren van Artaxerxes III waren voorspoedig geweest. Mede dankzij zijn trouwe vizier Bagoas had hij het eerder verloren gegane Egypte in 343/342 heroverd. Een deel van de buit had de grote koning besteed aan de bouw van een nieuw paleis in Persepolis. Ook anderen profiteerden van de vrede. Uit kleitabletten blijkt dat de graanprijzen buitengewoon laag waren, wat betekent dat “de gewone man” meer kon besteden aan andere zaken. Een van de weinige problemen was dat koning Filippos van Macedonië gevaarlijk dicht bij de Hellespont en Bosporos kwam, maar toen hij in 340 Perinthos begon te belegeren, dwongen de Perzen hem tot de aftocht. Ik blogde er al eens over.

Artaxerxes IV Arses

Toen de koning in 338 overleed, volgde zijn zoon Arses hem op als heerser in Achaimenidisch Perzië. Net als zijn vader en grootvader nam hij de troonnaam Artaxerxes aan, Artakhšaça, “heerser van een rijk van rechtvaardigheid”. Onmiddellijk na zijn troonsbestijging liepen de zaken volledig uit de hand en omdat deze implosie van het Perzische centrale gezag een voorname, zo niet de voornaamste factor vormt voor het succes van Alexanders veldtocht, is het zinvol er even bij stil te staan. Het uitgangspunt moet het geschiedenisboek van Diodoros van Sicilië zijn:

Lees verder “Achaimenidisch Perzië (5)”

Alexander de Grote: de eerste veroveringen

Alexander de Grote: de Azara-herme is het enige tijdens zijn leven gemaakte portret. Nu te zien in het Louvre, Parijs.

Het is met Alexander de Grote zoals met elke biografie: we moeten beginnen bij de ouders van de gebiografeerde. Wie daar iets over weet, begrijpt de achtergronden van het leven waarover je begint te lezen. Zeker bij Alexander is nuttig te weten dat zijn vader Filippos koning was van Macedonië. Hij had dit achtergebleven gebied gemoderniseerd en veranderd in een sterke staat met een machtig leger. Dat hij al vroeg de goudmijn van Amfipolis had bemachtigd, hielp daarbij buitengewoon. Verder had hij een agressieve buitenlandse politiek gevoerd. Ik noemde zijn interventie in de Derde Heilige Oorlog al. Ieder jaar trok hij ten strijde, steeds keerde hij terug met buit en daar liet hij de Macedonische aristocraten in delen. De gouden voorwerpen in het archeologische museum in Thessaloniki zijn de erfenis. Simpel samengevat: externe expansie garandeerde interne consolidatie, waardoor een achtergebleven regio veranderde in een sterk koninkrijk. Kortom, een “vroege staat”, om de term van Hans Claessen te gebruiken.

Het begin van de oorlog

In 340 v.Chr. was een conflict ontstaan met de Perzen. Filippos zag een kans, zeker toen twee jaar later koning Artaxerxes III Ochos overleed. Een burgeroorlog tussen Artaxerxes IV Arses en de satraap van Armenië was het gevolg, met hier en daar lokale opstanden. Uiteindelijk zou de Armeense satraap onder de naam Darius III Codomannus de oorlog winnen, maar zover was het nog niet. Filippos stuurde zijn voorhoede dus naar Azië, maar hij werd vermoord voordat hij zelf kon vertrekken (336).

Lees verder “Alexander de Grote: de eerste veroveringen”

Darius III Codomannus

Darius III Codomannus op het Alexandermozaïek (Pompeii, nu in het Archeologisch Museum van Napels)

De dood van de Perzische koning Artaxerxes III, waarmee ik het stukje van gisteren beëindigde, bood Filippos van Macedonië een uitgelezen kans op wraak voor de vernedering die hij bij Perinthos had ondergaan. Zoals gezegd hadden de Perzen niet alleen verhinderd dat Filippos de havenstad innam maar zelfs drie legers naar Europa overgezet. De Macedonische koning had vervolgens een oorlog met de Griekse stadsstaten nodig gehad. Die diende enerzijds om zijn prestige te herstellen en anderzijds om zijn rug te verzekeren voordat hij Perzië kon aanvallen. En nu was de gelegenheid gunstig.

Immers, in het oosterse wereldrijk verliep de successie vanouds problematisch. Het was het moment waarop de rijksgroten hun macht trachtten te vergroten ten koste van het centrale gezag. Dat daarbij in de regel burgeroorlog uitbrak, had Filippos kunnen lezen in HerodotosHistoriën, in Ktesias’ Geschiedenis van de Perzen en in Xenofons Anabasis. De Macedonische koning wist wat hem te doen stond en dwong in de winter van 338/337 de Griekse stadstaten een verdrag te tekenen waarin ze hun onderlinge conflicten beëindigden en hem erkenden als leider van een gemeenschappelijk leger dat tegen Perzië ten strijde zou trekken. De Griekse soldaten waren tegelijk gijzelaars die instonden voor het beleid van hun moedersteden.

Lees verder “Darius III Codomannus”

Voorislamitisch Iran (3): de vierde eeuw

Zegelafdruk: Xerxes verslaat een Griekse hopliet (Metropolitan Museum of Art, New York)

[Dit is het derde deel van een artikel over de archeologie van Iran; het eerste is hier.]

De zoon van Darius was Xerxes, die beroemd is geworden om zijn vergeefse veldtocht naar Griekenland. In de westerse geschiedenisboekjes staat vermeld dat de Grieken die oorlog wonnen, maar het is niet aannemelijk dat men er ook in Iran zo tegenaan heeft gekeken: ze hadden Athene veranderd in een rokende puinhoop en de Grieken hadden hun lesje geleerd. Ooit hadden de Atheners zich in de Perzische interne aangelegenheden gemengd en dat lieten ze -met de jaren rond 465, 420 en 395 als uitzondering- de komende anderhalve eeuw wel uit hun hoofd. Een zuiver-Grieks standbeeld in het Nationaal Archeologisch Museum van Teheran illustreert Xerxes’ overwinning – het is namelijk gemaakt van Atheens marmer, maar opgegraven in Persepolis.

Lees verder “Voorislamitisch Iran (3): de vierde eeuw”