Alexander de Grote in de Levant

Syriërs (Apadana, Persepolis)

In de zomer van 331 v.Chr. vernam de Perzische koning Darius III Codomannus dat zijn tegenstander, Alexander, was teruggekeerd uit Egypte. De Macedonische koning was op weg gegaan toen hij hoorde dat de inwoners van Samaria, die hij een maand of zeven eerder nog had begunstigd door hun de bouw van een tempel toe te staan, in opstand waren gekomen en de Macedonische gouverneur levend hadden verbrand.

De oorzaak van deze revolte is onbekend, maar we mogen aannemen dat sommige leden van de samaritaanse geloofsgemeenschap het vertrek van het Perzische garnizoen betreurden en dat anderen meenden dat de tempelbouw het begin vormde van het messiaanse tijdperk, waarin volgens de voorspellingen de taheb (een Mozesachtige profeet) de onafhankelijkheid van het oude koninkrijk Israël zou herstellen. De opstandelingen waren geen partij voor het Macedonische leger en kozen, toen het naderde, wijselijk eieren voor hun geld door de leiders van de opstand uit te leveren. Enkele papyri, gevonden in de Wadi Daliyeh op de westelijke Jordaanoever, lijken te behoren bij een groep vluchtelingen uit Samaria.

Lees verder “Alexander de Grote in de Levant”

De Thraciërs (3)

Thracische Pegasos (Archeologisch museum, Razgrad)

[Dit is het derde van zeven blogjes over de Thraciërs. Het eerste was hier.]

De Perzische tijd

In mijn vorige blogje noemde ik de Perzische aanwezigheid in Thracië. Die begon toen koning Darius I de Grote de Bosporus overstak, een gebeurtenis die meestal wordt gedateerd rond 516 v.Chr. Zijn leger rukte op naar de Donau, waar de Geten weerstand boden maar werden onderworpen.noot Herodotos, Historiën 4.93. Daarna staken de Perzen de rivier over voor een campagne tegen de Skythen, waar we helaas weinig van begrijpen. Wat we wel begrijpen is dat een deel van de Thraciërs vanaf nu deel uitmaakte van het Perzische Rijk. Ze staan afgebeeld op de Apadana-reliëfs uit Persepolis en worden genoemd in diverse teksten.

De heuvel van Eïon, bij een riviermonding aan de Egeïsche noordkust, was de residentie van de bestuurder van de Perzische bezittingen in Europa. Deze versterking is in gebruik gebleven tot 476/475, toen de Atheners haar innamen. De Perzische aanwezigheid in Thracië duurde dus ongeveer veertig jaar, maar er is weinig over bekend, althans aan mij. Ik lees dat lokale vorsten daarna de macht overnamen, wat vooral blijkt uit de munten waarmee ze hun autonomie onderstreepten. Zoals ik al opmerkte, was het Odrysische koninkrijk, gelegen in het zuidoosten, in de vijfde eeuw het meest opvallend. Onze voornaamste bron, Herodotos, lijkt vooral dit gebied te beschrijven,noot Herodotos, Historiën 5.3-8.  al wekt hij de indruk ook de Geten te hebben bezocht. De Odrysen hadden goede relaties met de Atheners en de Krim.

Lees verder “De Thraciërs (3)”

De onbekende god

Altaar voor een onbekende god (Antiquarium van het Palatijn, Rome)

We zullen vermoedelijk nooit weten wie Gaius Sestius Calvinius was, behalve dat hij in Rome het bovenstaande altaar oprichtte. Het is gevonden op de plek die bekendstaat als Velabrum, dat wil zeggen de doorgang tussen Palatijn en Capitool die het Forum Romanum verbond met het Forum Boarium, de veemarkt. De tekst, die bekendstaat als EDCS-17200112, is eenvoudig:

Sei deo sei deivae sac(rum)
C(aius) Sextius C(ai) f(ilius) Calvinus pr(aetor)
de senatinoot Je zou senatus hebben verwacht. sententia
restituit

Lees verder “De onbekende god”

Pausanias

Reconstructie van Feidias’ Athena Parthenos (Museumpark Orientalis, Berg en Dal)

Als we het hebben over een wereld waarover we onvoldoende informatie hebben, de Oudheid dus, luidt één van de meest overbodige en meest stuitende clichés – en een cliché dat ik helaas zelf ook wel heb gebruikt – dat over deze of gene auteur weinig bekend is, zodat we alle informatie over diens leven moeten afleiden uit diens werk. De Griek Pausanias is ook zo’n schrijver. Misschien kwam hij uit Magnesia-bij-de-Sipylos (in het westen van Turkije), misschien kwam hij daar niet vandaan. Hij was misschien al in de vijftig toen hij begon te schrijven aan het werk dat bekendstaat als Gids voor Griekenland, misschien ook niet. Wellicht was hij tevens arts, wellicht ook niet. Vermoedelijk heette hij Pausanias, maar zelfs dat is niet helemaal zeker.

Erg belangrijk is de auteur vanzelfsprekend niet. Het gaat om wat ’ie te vertellen heeft, en dat is gelukkig heel interessant. Vooral omdat hij ons informeert over een wereld waarover we veel te weinig informatie hebben.

Lees verder “Pausanias”

De Korè van Lyon

De korè van Lyon (Musée des Beaux-Arts, Lyon)

Kijk, dit is nou leuk. Tweemaal. Ik bedoel het bovenstaande beeld, dat ik vorige maand heb gefotografeerd in het Musée des Beaux-Arts in Lyon. Het stelt een vrouw voor en als u eens een boek over Griekse kunstgeschiedenis hebt gelezen, weet u dat kuntshistorici dit type standbeeld aanduiden als een korè, “meisje”. Archeologen moeten er honderden hebben gevonden, zoals ze ook honderden kouroi hebben gevonden, “jongens”. De meeste dateren uit de zesde eeuw v.Chr., en altijd zijn het staande figuren die je frontaal aankijken. Ze hebben altijd één voet iets naar voren; de jongens zijn naakt, de meisjes gekleed. Ze zijn vrij nauwkeurig te dateren aan de hand van de amandelogen, de glimlach en (bij de kouroi)  de klutsknieën. Dit meisje is uit steen gehouwen tussen 540 en 520 v.Chr. Ze heeft als offerande een duif in de hand.

Het eerste wat leuk is aan dit beeld, is dat het is gemaakt van een marmersoort die werd (en wordt) gewonnen bij Athene, en dat de wijze waarop de kunstenaar het lichaam heeft afgebeeld, eveneens duidt op een Atheens atelier. Maar Atheense korai dragen meestal een lange wollen peplos, terwijl deze korè een linnen chiton draagt. Dat kledingstuk was populair in de Griekse steden in het westen van het huidige Turkije; anders gezegd, we hebben een oosterse invloed.

Lees verder “De Korè van Lyon”

Een meerkleurig grafpaneel

Attisch grafpaneel (KMKG, Brussel)

Dat de Oudheid veel kleurrijker is geweest dan oudheidkundigen haar voorstelden in de achttiende eeuw, veronderstel ik bekend. Anders had u vorig jaar maar naar de kleurrijke expositie in Tongeren moeten gaan. Meestal wordt de veelkleurigheid geïllustreerd aan de hand van sculptuur: reliëfs, standbeelden. Op steen zijn verfsporen redelijk goed herkenbaar, eventueel met ultraviolet of infrarood licht. Maar men beschilderde in de Oudheid ook andere materialen, zoals hout en terracotta.

Neem de afbeelding hierboven, die ergens rond 535 v.Chr. in Athene of omgeving is vervaardigd en nu is te zien in de Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis in Brussel. Het is een zogeheten grafpaneel, dus een afbeelding op een grafmonument, waar ook andere panelen op waren bevestigd. Die tonen mannen die de overledene de laatste eer bewijzen en de voorbereidingen van de begrafenisstoet. Omdat de afbeelding hierboven niet heel duidelijk is, is hieronder een moderne reconstructie.

Lees verder “Een meerkleurig grafpaneel”

Perikles

Perikles (Altes Museum, Berlijn)

Een blogjes over Perikles, waarom ook niet? Hij is een van de beroemdste Grieken aller tijden. Daarom weet u vermoedelijk wel dat hij lange tijd de dominantste politicus was in Athene, dat op zijn beurt de dominantste stadstaat was in wat tegenwoordig Griekenland heet. Dit laatste lijkt een wat omslachtige formulering (waarom zou ik het niet gewoon over Griekenland hebben?), maar ik vermoed dat als je rond 495 v.Chr., toen Perikles werd geboren, had gekeken wat de belangrijkste Griekse stadsstaat was, mensen Kyrene of Syracuse zouden hebben genoemd.

Delische Zeebond

Dat veranderde door de Perzische Oorlogen (480-476 v.Chr.). Of eigenlijk: doordat de Atheners bleken te beschikken over een zilverader, waardoor ze op initiatief van de politicus Themistokles een vloot bouwden, die van grote invloed bleek te zijn op het verloop van de oorlog. Ik ben niet overtuigd dat de zeeslag bij Salamis zo beslissend was als wel wordt aangenomen, en naarmate ik er langer over denk, ben ik er zelfs steeds minder van overtuigd, maar één ding staat vast: de Atheense vloot was cruciaal.

Lees verder “Perikles”

Lycië tussen Athene en Perzië

Rotsgraven in Myra

[Dit is het derde van vijf korte blogjes over Lycië; het eerste was hier.]

Ik liet u in het vorige blogje achter met de Perzische verovering van Lycië (landkaart), rond het midden van de zesde eeuw v.Chr. Na Xerxes’ mislukte expeditie naar Griekenland maakten de Griekse steden in Azië zich onafhankelijk, en ook enkele Karische en Lycische havensteden sloten zich aan bij de nieuwe Atheense alliantie, die was gericht tegen Perzië en Sparta.

Dit suggereert dat deze Lyciërs ongelukkig waren met de Perzische heerschappij, maar het is ook mogelijk dat een Atheens leger hun tot overgave heeft gedwongen. We weten zeker dat de Atheense admiraal Kimon rond 468 v.Chr. in de regio actief is geweest; ik blogde al eens over de slag bij Eurymedon. Er moeten echter meer soortgelijke expedities zijn geweest, die we niet kennen doordat we zo weinig bronnen hebben.

Lees verder “Lycië tussen Athene en Perzië”

Het eerste regeringsjaar van Alexander

Demosthenes, die niet aan Alexander werd uitgeleverd (Glyptothek, München)

Ik heb de afgelopen maanden een paar keer geblogd over het eerste regeringsjaar van Alexander de Grote. Hij kwam aan de macht na de moord op zijn vader, Filippos II, en toonde vervolgens aan de bewoners van Thracië, Illyrië en Griekenland dat hij als generaal even snel en gewelddadig was. Misschien nog wel gevaarlijker: Alexander maakte Thebe vrijwel volledig met de grond gelijk, iets wat Filippos vermoedelijk nooit zo hebben gedaan.

Athene

Na de ondergang van Thebe leek het alsof de Grieken nooit aan opstand hadden gedacht. De Grieks-Romeinse geschiedschrijver Arrianus beschrijft de stemming in Athene:

Het volk kwam in vergadering bijeen en op voorstel van Demades werden tien Atheense burgers, van wie bekend was dat ze op zeer goede voet stonden met Alexander, gekozen en als gezanten naar hem toe gezonden om hem te laten weten – wel een beetje laat – dat het Atheense volk zich verheugde dat hij behouden uit het land van de Illyriërs en Triballiërs was teruggekeerd en dat hij de Thebanen had gestraft voor hun opstandigheid.noot Arrianus, Anabasis 1.10.3; vert. Simone Mooij.

Lees verder “Het eerste regeringsjaar van Alexander”

Perzisch Lydië

Een Lydiër (Persepolis)

In het vorige blogje vertelde ik over het ontstaan, de bloei en de ondergang van het IJzertijdkoninkrijk Lydië. Rond het midden van de zesde eeuw had de Perzische koning Cyrus de Grote het onderworpen. De eerste door hem aangewezen gouverneur werd geconfronteerd met een opstand, die echter werd onderdrukt. Vanaf nu was Lydië een Perzische satrapie, wat een duur woord is voor een grote provincie. Misschien moeten we de gouverneurs, de satrapen, wel aanduiden als onderkoningen. De nieuwe heersers verbeterden de zogeheten Koninklijke Weg die Sardes en Gordion verbond met de hoofdsteden van het Perzische Rijk: Sousa, Persepolis en Pasargadai.

Oroitos

De generaal die de Lydische opstand onderdrukte, een zeker Harpagos, lijkt vrij lang over het westen van Anatolie geregeerd te hebben. Nog lang daarna claimde een lokale dynastie in Lycië, het zuidwesten van het huidige Turkije, van Harpagos af te stammen. Zulke claims zijn weleens waar gebleken. Wat de waarheid ook zij, toen Cyrus in 530 v.Chr. overleed, was de hoogste bestuurde in Lydië een satraap genaamd Oroitos.

Lees verder “Perzisch Lydië”