Domitianus (22): Nog eens Isis

Isis (Museo Archeologico Nazionale, Napels)

Aan de Livius.org-website kan ik al heel lang niet werken. Een van de dingen die al jaren op mijn wensenlijst staat, is het maken van een overzicht van de tempel van Isis. Als u Rome kent: die ligt ruwweg achter de huidige Santa Maria sopra Minerva. Er is weleens geopperd dat die kerk zo heet omdat men in de Middeleeuwen de twee godinnen verwarde. Of het waar is, weet ik zo net niet.

In elk geval: keizer Domitianus herbouwde een tempel voor Isis. Eentje die zijn vader, getuige munten, had gebouwd of herbouwd. Vespasianus claimde namelijk de macht te hebben ontvangen van de Egyptische goden. Het bewijs was dat hij in Alexandrië lammen had kunnen laten lopen en blinden had kunnen laten zien. In de Oudheid waren er evenveel rois thaumaturges als in later tijden. Eenmaal als keizer begroet, had Vespasianus beloofd als de Nijl zo gul te zijn. Niet zonder reden lag de graanuitdeelplek van Rome op een boogscheut van de Isistempel. De tempel van Isis was ook de plaats waar Vespasianus’ triomftocht begon.

Lees verder “Domitianus (22): Nog eens Isis”

Domitianus (21): Keizerlijke luxe

Bronzen lamp (Rijksmuseum van Oudheden, Leiden)

Ik maak het mezelf even niet al te moeilijk. Kijk eens hierboven, wat een prachtige olielamp en wat een prachtig aardewerk. Het is te zien op de – op het moment dat ik dit schrijf – door de lockdown verborgen expositie over de Romeinse keizer Domitianus (r.81-96). Het komt uit het huidige Turkije en behoort bij de eigen collectie van het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden, maar ik kan me niet herinneren dat ik deze voorwerpen eerder zag. Domitianus moet in nog grotere weelde hebben geleefd.

Lees verder “Domitianus (21): Keizerlijke luxe”

Domitianus (20): De Albaanse Berg

De uil van Minerva (Vaticaanse Musea, Rome)

Wie Rome kent, kent de Albaanse Berg. Het is onmogelijk de dode vulkaan niet te zien. De Romeinen meenden dat de stichters van hun stad, Romulus en Remus, afkomstig waren uit een oudere stad op de berghellingen gelegen zou hebben. Daar was ook het heiligdom waar de Latijnse steden sinds mensenheugenis samen Jupiter vereerden. Een echte lieu de mémoire en eigenlijk een logische plek voor Domitianus om een buitenhuis te bouwen. Daarin was hij niet anders dan keizer Augustus, die zijn huis had gebouwd op de Palatijn, waar Romulus Rome had gesticht en al diverse belangrijke tempels stonden.

Keizerlijke villa

De Via Appia liep ruwweg langs Domitianus’ nieuwe villa, dus hij kon in enkele uren terug zijn in de stad, die hij in de verte zag liggen. Tegelijk was de Albaanse Berg ver genoeg om te vluchten voor het kabaal en de stank van de stad en haar honderdduizenden bewoners. Opnieuw niets vreemds. Zijn voorganger Tiberius had een buitenverblijf op Capri, Nero verkoos Antium, Hadrianus bouwde een parkachtig huis bij Tivoli. Elke Romeinse senator bezat wel een paar landhuizen, dus waarom de keizer niet?

Lees verder “Domitianus (20): De Albaanse Berg”

Domitianus (19): Domitia Longina

Domitia Longina (British Museum, Londen)

In een eerder stukje haalde ik de harteloze woorden aan waarmee de Romeinse geschiedschrijver Tacitus het optreden van Domitianus typeerde: hij hield zich vooral met zijn prinselijke taken bezig in zoverre het overspel en ontucht betrof. Zijn geliefde heette Domitia Longina en was een dochter van generaal Corbulo. Ze scheidde al snel van haar echtgenoot Aelius Lamia om te trouwen met Domitianus. Die bekleedde inmiddels het ambt van consul.

Het machtsspel

Het is maar de vraag in hoeverre de relatie, zoals Tacitus insinueert, voortkwam uit wellust. In 70 was het geen uitgemaakte zaak dat Vespasianus een dynastie zou stichten. Hij was nog in Alexandrië en in het noorden heerste Sabinus. Hij is nu een voetnoot bij de Bataafse Opstand, maar dat perspectief ontbrak in 70. Een huwelijk tussen Domitianus en Domitia verzekerde Vespasianus van de steun van de machtige Domitii.

Lees verder “Domitianus (19): Domitia Longina”

Domitianus (18): I Minervia

Grafsteen van een soldaat van I Minervia (Römisch-Germanisches Museum, Keulen)

Bovenstaande inscriptie is niet te zien op de door de lockdown vooralsnog verborgen expositie over de Romeinse keizer Domitianus (r.81-96) in het Rijksmuseum van Oudheden. Ze komt uit het Römisch-Germanisches Museum. U kunt zich echter de moeite te besparen naar Keulen te reizen, want dat museum is nog dichter dan dat in Leiden. Het wordt namelijk verbouwd.

De tekst van inscriptie EDCS-01200105:

D(is) M(anibus) C(aius) Iul(ius) Maternus
vet(eranus) ex leg(ione) I M(inervia) viv(u)s sibi
et Mari(a)e Marcellinae
coiiugi dulcissim(a)e
castissim(a)e obitae f(ecit)

Dat wil zoiets zeggen als dat Gaius Julius Maternus, veteraan van het Eerste Legioen Minervia, tijdens zijn leven deze grafsteen heeft gemaakt voor Maria Marcellina, zijn overleden, liefste en onbaatzuchtigste echtgenote. De vierde regel bevat een leuke spelling: het woord coniugi is gespeld als coiiugi, wat suggereert dat men in het Rijnland de /n/ tussen twee klinkers uitsprak als /j/.

Lees verder “Domitianus (18): I Minervia”

Domitianus (17): Piazza Navona

De Minotaurus van Myron (Capitolijnse Musea, Rome)

Zoals ik in het vorige stukje aangaf, zijn de gebouwen die keizer Domitianus neerzette op het Marsveld overbouwd. Dat begon al in de Oudheid. Keizer Hadrianus zette een nieuw Pantheon neer, met ostentatieve bescheidenheid voorzien van de naam van de oorspronkelijke bouwheer, Agrippa. Domitianus bleef onvermeld, hoewel hij toch ook een bouwfase op zijn naam had. Zijn naam was inmiddels taboe (al zouden er later nog twee keizers zijn die zich zo noemden). In de Middeleeuwen bleef het gebied bewoond, het leger van Karel V ging er in 1527 als een beest tekeer en wat er sindsdien staat dateert grosso modo uit de tijd van de Barok.

En toch is Domitianus niet helemaal verdwenen. De Piazza Navona in Rome, het mooiste plein van Italië, bewaart de contouren van het stadion dat de keizer er heeft laten aanleggen. Zelfs de naam van het langwerpige plein is een echo uit de Oudheid: het woord agon is herkenbaar, wat zoiets betekent als wedstrijd.

Lees verder “Domitianus (17): Piazza Navona”

Domitianus (16): Quintus Haterius Tychicus

Het reliëf van de Haterii (Vaticaanse Musea, Rome)

Het Haterii-reliëf! Dit is een van de bekendste afbeeldingen uit de Oudheid. Elk boek over Romeinse bouwkunde bevat er wel een plaatje van. Ik weet niet of ik het eerder heb gezien of dat het me vertrouwd voorkwam door de vele boeken waarin het is afgebeeld. Hoe dat ook zij, het is nu niet in de Vaticaanse Musea maar op de door de lockdown vooralsnog verborgen expositie over de Romeinse keizer Domitianus (r.81-96) in het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden.

Het reliëf, dat op een graf aan de Via Labicana heeft gestaan, toont enkele gebouwen die de aannemersfirma van Quintus Haterius Tychicus heeft neergezet. Van links naar rechts zijn dat de ereboog voor de tempel van Isis, een Colosseum dat zijn bovenste verdieping nog niet had, de boog voor Domitianus’ broer Titus, een ereboog met een beeld voor de godin Roma, en de tempel van Jupiter Stator die naast de Titusboog heeft gestaan.

Lees verder “Domitianus (16): Quintus Haterius Tychicus”

Domitianus (15): Het Capitool

Lamp met afbeelding van de Jupitertempel op het Capitool (Allard Pierson, Amsterdam)

In het jaar 80 werd Rome getroffen door een grote brand. Cassius Dio schrijft:

Juist toen keizer Titus in Campanië was om de catastrofe in ogenschouw te nemen die dat gebied had getroffen, verspreidde een grote brand zich over grote delen van Rome. De vlammen verteerden de tempel van Serapis, de tempel van Isis, de Saepta, de tempel van Neptunus, het Badhuis van Agrippa, het Pantheon, het Diribitorium, het theater van Balbus, het theater van Pompeius, de Porticus van Octavia met alle boeken, en tempel van Jupiter op het Capitool en alle omliggende tempels. De ramp leek geen menselijke, maar een bovennatuurlijke oorsprong te hebben.

Dit keer geen vervolging dus van een groep menselijke zondebokken. Toen Domitianus een jaar later de macht van zijn broer overnam, erfde hij een verwoeste stad. Dat bood hem een mogelijkheid om een enorm deel van de stad te herbouwen. Het gaat om de vlakke zone binnen de bocht van de Tiber. Het heette destijds het Marsveld en is het deel van Rome dat altijd bewoond is gebleven. De gebouwen van Domitianus zijn allemaal vervangen door Barokgebouwen. (De meeste van de heuvels waarop Rome is ontstaan, zijn in de Middeleeuwen verlaten. Ze zijn pas weer in gebruik genomen toen na 1870 woonruimte nodig was voor de ambtenaren van het nieuwe koninkrijk Italië.)

Lees verder “Domitianus (15): Het Capitool”

Domitianus (14): De triomfboog van Titus

Een soldaat van XII Fulminata (Capitolijnse Musea, Rome)

Wat heb je aan een tentoonstelling als daar niet iets te zien is dat je niet had verwacht? Het bovenstaande stukje reliëf kende ik. Het behoort tot de collectie van de Capitolijnse Musea in Rome en is afkomstig van de triomfboog van Titus. Ik bedoel de echte, in het Circus Maximus, dus niet de ereboog met de beroemde reliëfs naast het Forum Romanum. Ook een leuk monument, maar een ereboog is geen triomfboog.

Brand in Rome, brand in Jeruzalem

De triomfboog in het Circus Maximus memoreerde natuurlijk de overwinning op de Joden. Er is weinig van het monument over, maar we weten het desondanks zeker. De middeleeuwse auteur die bekendstaat als de Anonymus van Einsiedeln citeert  namelijk het opschrift. De plek is opvallend. Het monument voor de brand van Jeruzalem staat namelijk precies op de plek waar, zo dacht menigeen, de groep messiasbekennende joden (d.w.z. de groep die we tegenwoordig christenen noemen) enkele jaren eerder de stad Rome in brand hadden gestoken.

Lees verder “Domitianus (14): De triomfboog van Titus”

Domitianus (13): Keizer tegen wil en dank

Domitianus (Capitolijnse musea, Rome)

Het is vandaag Drie Koningen, dus we hebben het over geschenken. En lang niet elk geschenk is gewenst. Ik schat zo in dat Domitianus, toen hij in 81 hoorde dat zijn broer Titus was overleden en dat hij zich moest beschouwen als de nieuwe keizer, gemengde gevoelens heeft gehad. Tegenover de macht, die hij aantrekkelijk zal hebben gevonden, stond het verdriet om de dood van zijn broer en wellicht ook het bewustzijn dat hij niet voldoende was ingewerkt. Het keizerschap was een dubieus geschenk.

Bovendien: er gingen geruchten. Titus was zo onverwacht overleden. Domitianus kreeg de schuld in de schoenen geschoven. Hij zou een vis hebben vergiftigd. Het verhaal duikt vrij laat in onze bronnen op (begin derde eeuw) maar het is zeker niet uit te sluiten dat het al tijdens Domitianus’ leven werd verteld. Zulke verhalen circuleren immers wel vaker als een geliefde leider snel overlijdt. In onze tijd is te denken aan de complottheorieën over de dood van paus Johannes Paulus I en de moord op president Kennedy.

Lees verder “Domitianus (13): Keizer tegen wil en dank”