Domitianus (30): Apotheose

De apotheose van Julia (Fitzwilliam Museum, Cambridge)

Het gebruik staat bekend als apotheose, vergoddelijking. Een Romeinse keizer met een natuurlijke opvolger – lees: een (geadopteerde) zoon – kreeg na zijn dood goddelijke eerbewijzen. Dit gebruik was na de dood van Caesar ontstaan en een Romeinse aanpassing van de hellenistische heersercultus. En die was op zijn beurt een aanpassing van de Egyptische verering van de koning, de god die de mensheid representeerde vis-à-vis de andere goden. Niet voor elke keizer was een apotheose weggelegd. Als een keizer moest wijken na een staatsgreep – lees: vermoord was – zou de Senaat de nagedachtenis officieel vervloeken. Dat heette een damnatio memoriae en zou het lot zijn van de in Leiden met een tentoonstelling herdachte keizer Domitianus (r.81-96).

Keizerinnen, prinsen en prinsessen konden ook weleens een vergoddelijking tegemoet zien. Het gebeurde met Flavia Julia. Nadat ze in de Tempel van de Familie Flavius (de familienaam van de dynastie) was bijgezet, kreeg ze eerbewijzen als Diva Julia Augusta. De munt hierboven voegt aan die titel toe dat ze de dochter was van de Divus Titus. Normaalgesproken ligt deze sestertius in het Fitzwilliam-museum in Cambridge, maar nu is hij op de Leidse expositie.

Lees verder “Domitianus (30): Apotheose”

Domitianus (29): Flavia Julia

Julia

In 89 overleed Flavia Julia, ook wel aangeduid als Julia, dochter van Titus en erkend als keizerin (Augusta). Volgens een oude traditie was ze geboren op de dag dat haar vader Jeruzalem innam. Het kan natuurlijk waar zijn, maar het is in de antieke letteren niet ongebruikelijk geboortes te presenteren als gelijktijdig met bekende gebeurtenissen. Olympias baarde Alexander in de nacht waarop de Artemistempel van Efese afbrandde. Van die dingen.

Flavia Julia trouwde met Sabinus, consul in 82. Er gingen echter ook geruchten dat Julia, toen Domitianus zijn echtgenote Domitia Longina in 83 had verstoten, ’s keizers maîtresse was geweest. Dat zou neerkomen op overspel en incest. Het lijkt laster.

Lees verder “Domitianus (29): Flavia Julia”

Domitianus (28): De “Mainz Pedestals”

Een van de Mainz Pedestals (Landesmuseum, Mainz)

Keizer Domitianus leidde de oorlog tegen de Chatten vanuit Mainz. De legioenbasis werd tijdens zijn regering herbouwd en uit die bouwfase stammen ook de “Mainz Pedestals”, een verzameling reliëfs die, zoals de naam al aangeeft, was aangebracht op de sokkels van enkele zuilen. Ik weet niet hoe ze heten in het Nederlands of Duits.

Vroeger stonden ze opgesteld in de wereldberoemde Steinhalle van het Landesmuseum, maar die is al jaren gesloten en zal niet heropend worden. De zaal is namelijk enkele jaren in gebruik geweest als vergaderruimte voor het Landesparlement, en dat is de parlementariërs zo goed bevallen dat ze niet meer weg willen. We kijken in Nederland vaak bewonderend naar het Land der Dichter und Denker, maar volmaakt is het ook daar niet.

Lees verder “Domitianus (28): De “Mainz Pedestals””

Domitianus (27): Germanië en Dacië

Vondsten uit een Germaans graf (Rheinisches Landesmuseum, Bonn)

De expositie over de Romeinse keizer Domitianus (r.81-96) in het Rijksmuseum van Oudheden is meer kunsthistorisch dan historisch van aard. Die keuze kun je maken. (In datzelfde museum is de Griekse afdeling ook meer kunsthistorisch dan historisch van opzet.) Het Leidse museum heeft daarom weinig aandacht voor de vijanden waarmee Domitianus heeft gevochten: de Germanen en de Daciërs.

Misschien heeft bij de afwegingen een rol gespeeld dat aan beide volken recentelijk mooie exposities gewijd zijn geweest. Vorig jaar kwamen de Germanen aan bod in een erg goede overzichtstentoonstelling in Bonn. Die was heel, heel sterk, vooral doordat de organisatoren het Nachleben, waarmee oudheidkundigen aangeven dat ze zélf de Oudheid onvoldoende interessant vinden, vakkundig naar een zij-zaal hadden weggejonast. De expositie toonde de oude wereld gewoon zoals ze was, dat is immers voldoende de moeite waard. Momenteel is er overigens een soortgelijke expositie over Roms fließende Grenzen in Detmold, waarvan ik hoop dat de organisatoren dezelfde wijsheid hebben gehad.

Lees verder “Domitianus (27): Germanië en Dacië”

Domitianus (26): Farao

Domitianus als farao

Volgens een bekende etymologie is het Latijnse woord provincia afgeleid van “pro vincere”: een gebied dat is aangewezen om overwinningen te boeken. Als die etymologie correct is, is dat nogal cynisch. Het wingewest was immers al overwonnen en ingelijfd. De Romeinen gaven dan vooral aan dat ze voornemens waren door te gaan met plunderen en uitbuiten. Raubkapitalismus. Gelukkig klopt de etymologie niet. De bewoners van een onderworpen gebied hadden echter zeker aanvankelijk weinig vrolijks om naar vooruit te zien. Dat keizer Augustus beter bestuur bracht, zoals je weleens leest, is grotendeels propaganda.

Corruptie

Wat wél gebeurde is dat tijdens de Tweede Burgeroorlog bleek dat die partij zou winnen die de meeste soldaten in het veld kon brengen. Dat was de partij die het gulst was met de verstrekking van Romeins burgerrecht. Ik blogde al eens over de Lex Roscia. Zo verspreidde het burgerrecht zich over de hele Mediterrane wereld, inclusief verbeterde mogelijkheden om corruptie aan de kaak te stellen. De oudste rechtbank voor deze zaken was er al in het midden van de tweede eeuw v.Chr., maar eigenlijk werd het pas wat toen er senatoriële families kwamen uit de buitengebieden.

Lees verder “Domitianus (26): Farao”

Domitianus (25): Gladiatoren

Beeldje van een gladiator (Rijksmuseum van Oudheden, Leiden)

Tot de bouwprojecten die Domitianus ondernam, behoorde ook de aanleg van vier kazernes waar gladiatoren trainden. Een ervan, de Ludus Magnus, is te zien in de buurt van het Colosseum. De constructie was een slimme zet. De Romeinen hielden van dit vermaak en een keizer kon er zijn macht over leven en dood tonen. Hij was immers degene die besliste of een verslagen krijger moest sterven of mocht blijven leven. De jachtpartijen die er ook waren, toonden dat de keizer macht had over de natuur. Door dieren uit verre landen te importeren, etaleerde de heerser het bereik van zijn macht.

Bovenstaand beeldje behoort bij de eigen collectie van het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden. Ik vond het wel aardig. In de expositie staat het naast een scherf met een afbeelding van een jachtpartij. Of de derde activiteit in het Colosseum, de executie van terdoodveroordeelden, op de tentoonstelling wordt uitgelegd, kan ik me niet herinneren.

Lees verder “Domitianus (25): Gladiatoren”

Interview met Eric Moormann

[Vandaag gaan de musea weer open, dus ook het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden. Dat daar een Domitianus-expositie is te zien, veronderstel ik bekend bij de vaste lezers van deze blog. Een van de organisatoren was Eric Moormann, de onlangs met emeritaat gegane hoogleraar Klassieke Archeologie van de Radbouduniversiteit in Nijmegen. Ik stelde hem een paar vragen.]

Er zijn in de eerste twee eeuwen van onze jaartelling zestien keizers die echt hebben kunnen regeren. Waarom kies je Domitianus voor een expositie?

Hij was de laatste van de tweede keizerlijke dynastie van het Romeinse Rijk, de Flaviërs, maar is minder bekend dan zijn lotgenoot Nero, de laatste keizer van het Julisch-Claudisch huis. Allebei waren ze volgens de elitaire bronnen uit die tijd superslecht, zoals je kunt verwachten aan het einde van een dynastie. De omverwerping moet immers gerechtvaardigd. Toch is er veel te zien en te vertellen over Domitianus. Ook wetenschappelijk is hij lang ondergewaardeerd gebleven. Daarbij blijf ik even in de eerste eeuw. Marcus Aurelius zou ook een goede keizer zijn om een tentoonstelling aan te wijden.

Lees verder “Interview met Eric Moormann”

Domitianus (24): Germania Capta

Germania Capta (Rheinisches Landesmuseum, Bonn)

De bovenstaande munt is niet te zien op de expositie over de Romeinse keizer Domitianus (r.81-96) in het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden. U zult ervoor naar Bonn moeten, naar het Rheinisches Landesmuseum. Fijn museum overigens in een fijne stad.

Germania capta

Wat we zien is Vrouwe Germania, die weent om haar verloren vrijheid. Germania capta. Domitianus heeft haar onderworpen. Constatering één is natuurlijk dat dit een antwoord is op de Judaea capta-munten die de Romeinse munt in enorme aantallen had verspreid. Door de Germanen te onderwerpen, had Domitianus zich de gelijke van zijn broer betoond.

Lees verder “Domitianus (24): Germania Capta”

Domitianus (23): Meleager

Meleager (Museo Archeologico Nazionale, Napels)

Scipio Africanus, de man die Hannibal versloeg, pretendeerde al dat hij een lijntje had met het hogere. Latere Romeinse generaals waren er evenmin vies van zich te presenteren als de uitverkorene van deze of gene godheid. Julius Caesar schermde met een afstamming van Venus, de jongere Pompeius had iets met Neptunus, Augustus wist dat de vergoddelijkte Caesar zijn vader was en deed er voor alle zekerheid Apollo nog bij. Ook halfgoden deden het goed: Commodus presenteerde zich als Hercules Romanus. In 337 liet Constantijn zich begraven als Nieuwe Christus, omgeven door twaalf apostelen.

Lees verder “Domitianus (23): Meleager”

Domitianus (22): Nog eens Isis

Isis (Museo Archeologico Nazionale, Napels)

Aan de Livius.org-website kan ik al heel lang niet werken. Een van de dingen die al jaren op mijn wensenlijst staat, is het maken van een overzicht van de tempel van Isis. Als u Rome kent: die ligt ruwweg achter de huidige Santa Maria sopra Minerva. Er is weleens geopperd dat die kerk zo heet omdat men in de Middeleeuwen de twee godinnen verwarde. Of het waar is, weet ik zo net niet.

In elk geval: keizer Domitianus herbouwde een tempel voor Isis. Eentje die zijn vader, getuige munten, had gebouwd of herbouwd. Vespasianus claimde namelijk de macht te hebben ontvangen van de Egyptische goden. Het bewijs was dat hij in Alexandrië lammen had kunnen laten lopen en blinden had kunnen laten zien. In de Oudheid waren er evenveel rois thaumaturges als in later tijden. Eenmaal als keizer begroet, had Vespasianus beloofd als de Nijl zo gul te zijn. Niet zonder reden lag de graanuitdeelplek van Rome op een boogscheut van de Isistempel. De tempel van Isis was ook de plaats waar Vespasianus’ triomftocht begon.

Lees verder “Domitianus (22): Nog eens Isis”