De economische crisis van de Derde Eeuw

Afname van het zilvergehalte in de Romeinse munten van Augustus tot de crisis van de derde eeuw; elke staaf geeft een keizer aan (klik=groot)

Ik blogde eind vorig jaar al over de Crisis van de Derde Eeuw. Het handboek van De Blois en Van der Spek, Een kennismaking met de oude wereld, beschrijft die iets anders, maar behandelt dezelfde factoren. De nadruk ligt daarbij op het militaire aspect. De Sassanidische Perzen waren vervaarlijk, net als nieuwe Germaanse federaties, zoals de Franken. De Romeinse suprematie was niet meer vanzelfsprekend. (Zelf zou ik het cliché dat de Romeinen weleens een “verpletterende nederlaag” leden, niet hebben gebruikt.)

Omdat er na de dood van keizer Severus Alexander in 235 geen algemeen aanvaarde dynastie meer was, was de macht onzeker. Het keizerschap degenereerde tot militaire despotie en we duiden de jaren tot 284 wel aan als de tijd van de Soldatenkeizers. De grens tussen keizer, tegenkeizer en usurpator was vloeiend. Keizer Gallienus zou het leger hebben hervormd door grote mobiele eenheden te formeren, bestaand uit betrekkelijk veel cavalerie en infanterie uit de aloude legioenen. Postumus’ aanpassing van de grensverdediging, die zo mooi is gedocumenteerd in de Lage Landen, blijft opmerkelijk genoeg onvermeld. Ik kom hierop in een volgend blogje terug. De militarisering van de samenleving had gevolgen:

Lees verder “De economische crisis van de Derde Eeuw”

IJsonderzoek en boorkernen

Voor ijsonderzoek  gebruikt men schepen als de G.O. Sars

Op 26 juni j.l. schreef Jona Lendering hier een blog over zogenoemd ijsonderzoek. Dit is een relatief nieuwe archeologische discipline. Citaat:

Het principe lijkt op dat van jaarringonderzoek. Elke winter valt er sneeuw en in het hooggebergte en in de poolgebieden blijft die liggen. Het verandert in een ijslaagje, en dat bevroren hemelwater biedt een aanwijzing voor de samenstelling van de atmosfeer. We beschikken bij mijn weten over drie meterslange boorkernen, alle drie uit Groenland.

Kortom, er moeten dus eerst boorkernen verzameld worden waaruit men vervolgens conclusies kan trekken.

Lees verder “IJsonderzoek en boorkernen”

IJsonderzoek

Ik geloof dat ik al een paar keer heb verwezen naar oudheidkundig klimaatonderzoek naar ijslaagjes, maar ik heb dat ijsonderzoek nog nooit werkelijk uitgelegd. Laten we daar vandaag eens verandering in brengen.

Het principe lijkt op dat van jaarringonderzoek. Elke winter valt er sneeuw en in het hooggebergte en in de poolgebieden blijft die liggen. Het verandert in een ijslaagje, en dat bevroren hemelwater biedt een aanwijzing voor de samenstelling van de atmosfeer. We beschikken bij mijn weten over drie meterslange boorkernen, alle drie uit Groenland. Daarin zijn bijvoorbeeld vulkaanuitbarstingen te herkennen, want zo’n ontploffende berg stuurt een hoop rommel de lucht in en de sulfaten blijven wereldwijd hangen. Ik herinner me de opwinding – ik denk eind jaren tachtig – toen dit onderzoek begon en men de sporen vond van een enorme uitbarsting in 1614 v.Chr., die destijds werd toegeschreven aan de ontploffende Thera. Die uitbarsting is belangrijk voor de chronologie van het Egeïsche Zee-gebied.

Lees verder “IJsonderzoek”

Het antieke klimaat

Struisvogel en boogschutter (Wadi Imla)
Struisvogel en boogschutter (Wadi Imla)

Het is een hele mond vol, “Het Vooraziatisch-Egyptisch Genootschap ‘Ex Oriente Lux’”, maar het is een leuke club. Die club geeft namelijk wetenschappelijke inzichten over het oude Nabije Oosten door aan het grote publiek. Anders dan het Nederlands Klassiek Verbond, dat vooral eerstelijns-informatie geeft over de Mediterrane helft van de oude wereld, kiest EOL bij uitleg van het Nabije Oosten voor eerste én tweedelijns-voorlichting. Anders gezegd: het schurkt ook wat aan tegen de wetenschap.

Afgelopen zaterdag organiseerde EOL in de Lokhorstkerk in Leiden een studiemiddag over klimaatwetenschap en migratie. Twee thema’s waarin momenteel dynamiek zit, al is het inmiddels niet meer zo heel erg verrassend. Iets vormt nieuws zolang de aard van ons inzicht verandert. Het antieke klimaat was daarvan een voorbeeld maar nu de wissel eenmaal is omgezet, komen de inzichten uit deze steeds minder nieuwe categorie binnen. Steeds meer, dat wel, maar verrassend is het niet meer. Boeiend blijft de materie wel. Het andere thema, migratie, kwam zaterdag wat minder uit de verf.

Lees verder “Het antieke klimaat”

Vulkanen, burgeroorlogen en macht

Keizer Augustus

Misschien heeft u het in De Volkskrant gelezen: een vulkaanuitbarsting kan een factor zijn geweest in de enorme bestuurlijke crisis in het Romeinse Rijk na de dood van Julius Caesar. Het originele artikel vindt u hier. Cor Speksnijder vat samen:

Historici dachten al langer dat een vulkaan de oorzaak was van de ongewone klimatologische omstandigheden die worden vermeld in oude schriftelijke bronnen, maar wisten niet zeker waar of wanneer die uitbarsting zich zou hebben voorgedaan. Een internationaal onderzoeksteam … ziet een verband tussen de klimaatomslag in het Middellandse-Zeegebied en een uitbarsting van de Okmok-vulkaan in Alaska, die zich voordeed in 43 v. Chr. De groep trekt die conclusie na analyse van ijskernen die zijn geboord in Groenland en Rusland.

Er zijn hier diverse problemen. Eén daarvan is dat de overlevering van onze informatie over de Oudheid volslagen willekeurig is. Over de jaren na 44 v.Chr. hebben we veel informatie en dus hebben we ook veel vermeldingen die zijn uit te leggen als aanwijzing voor ongewone klimatologische omstandigheden. De informatie uit de bronnen zegt dus weinig. Ik zou me beperken tot de normale paleoklimatologische data, dus de ijskernen, de stalagmieten en de jaarringen waarover ik onlangs blogde. De bronnen kunnen dienen ter illustratie van wat deze data hebben opgeleverd, maar slechts weinig méér.

Lees verder “Vulkanen, burgeroorlogen en macht”

Goropiseren

Goropius Becanus, naar wie het goropiseren is genoemd

Goroposiseren is een wat onaardige jargonterm. Ze is afgeleid van de naam van een zestiende-eeuwse geleerde, Jan van Gorp ofwel “Goropius”. Deze man is berucht geworden omdat hij de wonderlijkste etymologieën bedacht om te bewijzen dat het Nederlands ’s werelds oudste taal was. Die beruchtheid is te betreuren, want hij was ook een van de eersten die begreep dat talen een verleden hebben en dat de bestudering van talen licht kon werpen op dat verleden.

De bestudering van etymologieën kan inderdaad belangrijk zijn. Als je niet zou weten dat Rotterdam aan de Rotte lag, zou je het bestaan van dat riviertje én een belangrijke gebeurtenis uit de vroege geschiedenis van die stad kunnen afleiden uit de naam. Etymologie-studie kan ook belangrijk zijn bij de ontcijfering van dode talen. Je kunt er echter ook verschrikkelijk de mist mee ingaan.

Lees verder “Goropiseren”

Een puzzel opgelost (4)

Kültepe (K): Paleis van W
Kültepe (Kaneš): Paleis van Waršama. De foto is gemaakt door een reisgenoot van me, maar ik weet niet meer wie. Op mijn eigen foto’s staat alleen maar gras.

In de voorgaande stukjes heb ik uitgelegd dat chronologie een wat vergeten maar fundamenteel deelgebied vormt van de geschiedvorsing, dat voor Mesopotamië een solide chronologie van koningsjaren kan worden opgesteld die reikt tot 1420 v.Chr. en dat er ook een “zwevend blok” van ruim vijf eeuwen is waarvan we niet precies weten hoe groot het gat is tot het meer solide deel van de chronologie. Dit zwevende blok kan op slechts vijf manieren worden gedateerd: het laatste jaar kan 1499 zijn (en dan is het gat met het solide deel nog geen tachtig jaar), maar het kan ook 1651 zijn (en dan liggen het zwevende en vaste deel van de Mesopotamische chronologie ruim twee eeuwen van elkaar af). Voor uw gemak is hier nog eens deze PDF die Kees Huyser, wetenschapsvoorlichter bij het Nikhef, voor dit stuk maakte.

Kaneš

Het begin van de oplossing kwam uit de omgeving van Kayseri in Turkije. Daar ligt Kültepe, de antieke stad Kaneš, waar de Assyriërs een handelspost hadden. Zij dateerden hun uitgebreide correspondentie aan de hand van de in het tweede stukje al genoemde limmu’s. Dit deel van de lijst, die al langer bekend was, is in de laatste jaren uitgegroeid tot 255 jaarnamen (publicatie) en hier bleek de oplossing te zitten. Uiteindelijk is de gestage, weinig opzienbarende accumulatie van data het beste middel om de wetenschap verder te brengen.

Lees verder “Een puzzel opgelost (4)”

Vikingen in Assen

Een fijne, lichte opstelling

Vikingen, dat waren van die wilde krijgers uit het hoge noorden met helmen met horens. Ze voeren in drakars en plunderden alle kloosters en steden, zoals Dorestat. De middeleeuwers baden “van de woede der Noormannen, verlos ons Heer”. De Vikingen ontdekten IJsland, Groenland en de kust van Canada. Ze voeren over de Wolga. Ze aanbaden allerlei woeste goden.

Frankische broche, gevonden in Vasby

Een van de eerste voorwerpen in de tentoonstelling de Vikingen in het Drents Museum in Assen is een helm waarbij twee losse horens liggen. De uitleg maakt de bezoeker meteen duidelijk hoe weinig hij weet, want het blijkt dat er geen enkele Vikinghelm bekend is met horens; wel zijn er voorwerpen die de indruk wekken dat er iets op die helmen stond, maar dit zijn vermoedelijk vogelkoppen. Het misverstand is ontstaan toen Denemarken werd aangevallen door Pruisen en Oostenrijk, en de Denen een afschrikwekkend krijgersimago nastreefden. Zo ontstond het beeld van de woeste Viking. De horenhelm is uitgevonden bij opvoeringen van Wagners Ring des Nibelungen en werd zo over heel Europa populair.

Lees verder “Vikingen in Assen”