De werken van Herakles (4)

De Farnese Hercules (Museo archeologico nazionale, Napels)

[Vierde van vijf blogjes die Dieter Verhofstadt schreef over de traditie van de Twaalf Werken van de halfgod Herakles. Het eerste blogje was hier.]

Nu we in de voorgaande blogjes de geschreven traditie hebben bezien, kunnen we ons richten op de wijze waarop de mythe van Herakles en zijn twaalf werken iconografisch is geëvolueerd.

Vaasschilderkunst en hellenisme

De afzonderlijke werken van Herakles vinden we op tal van vazen, daterend vanaf de zesde eeuw v.Chr. Bekend zijn de vele Attische vazen die zijn gevonden in Etruskische opgravingen, en die worden toegeschreven aan de “Schilder (van) Antimenes”. Bij hem vinden we de Nemeïsche leeuw, de Hydra, het Erymanthisch zwijn en Kerberos.

Lees verder “De werken van Herakles (4)”

De werken van Herakles (2)

Herakles (Musée du Bardo, Tunis)

[Tweede van vijf blogjes die Dieter Verhofstadt schreef over de traditie van de Twaalf Werken van de halfgod Herakles. Het eerste was hier.]

Archaïsche poëzie

Herakles is uiteraard niet de hoofdfiguur in de Ilias noch in de Odyssee. Hij maakt deel uit van een “ouder” deel van de Griekse mythologie. Aldus wordt in beide werken eerder naar hem verwezen, als een “referentiefiguur”.

In de Ilias beschrijft Homeros (achtste eeuw v.Chr.) Herakles als de sterkste man die ooit leefde en die “vele zware werken”noot Ilias 15.639–640. moest volbrengen. Andere passages suggereren zijn zware lot, zijn geboorte en goddelijke afkomst noot Ilias 14.324–328. of verwijzen naar zijn kracht. De Ilias maakt van geen van de twaalf klassiek geworden werken expliciet melding. Wel verwijst de godin Athena impliciet naar het laatste werk:

Lees verder “De werken van Herakles (2)”

De werken van Herakles (1)

Herakles en de Leeuw van Nemea (Rijkmuseum van Oudheden, Leiden)

Dankzij een niet nader genoemd oudheidkundige ben ik de voorbije jaren steeds meer geïnteresseerd geraakt in hoe we weten wat we weten. Wat zijn de bronnen voor onze huidige kennis? Hoe betrouwbaar zijn die bronnen? Hoe verhouden bronnen zich tot elkaar, zowel literaire als andere? Hoe transformeert kennis, of het narratief eromheen doorheen de tijd?

De andere invalshoek van dit artikel is mijn quiz-hobby, waarvoor ik regelmatig studeer. Griekse mythologie is een populair thema in de quizwereld, waarop ik niet bijster goed scoor. Dus leer ik nu “de Twaalf Werken van Herakles”. Ze afdreunen is één (of eigenlijk twaalf), begrijpen hoe die vroeger en vandaag worden verteld en begrepen, is twee.

Dit als inleiding op “Hoe weten we wat we weten over de Twaalf Werken van Herakles”? Het is een kleine tang op een varken, want er is natuurlijk zeer weinig écht gebeurd, te beginnen bij het bestaan van Herakles zelf. Dit is dus eerder een mythografische analyse dan een historische, met uitbreiding van de niet-literaire bronnen, zoals de iconografie.

Lees verder “De werken van Herakles (1)”

Herakles (2)

De Kretenzische Stier (Archeologisch Museum, Antalya)

In mijn vorige blogje introduceerde ik de eerste zes werken die Herakles moest verrichten voor koning Eurystheus van Tiryns. De halfgod had de Peloponnesos ontdaan van monsters en zou voor zijn volgende zes werken reizen maken buiten de Peloponnesos.

De Kretenzische stier

Herakles’ zevende werk was het vangen van de Kretenzische stier. De bronnen zijn het oneens over de aard van dit beest: was het de vader van de Minotaurus of was dit het dier dat Europa vervoerde van Fenicië naar Kreta? Om het nog wat complexer te maken, wordt hetzelfde verhaal verteld over de Atheense held Theseus. In elk geval: men vertelde dat Herakles het ondier bedwong in de buurt van Marathon.

Lees verder “Herakles (2)”

Janzur

Fresco uit Janzur

Ooit was Libië bereisbaar voor toeristen. Aan steden als Lepcis Magna mis je weinig, maar Kyrene is een van de mooiste opgravingen die ik ken en ook de oeroude rotsreliëfs en -schilderingen in de woestijn maakten op mij enorme indruk. En dan is er de Limes Tripolitanus: wie wil weten wat de macht van een Romeinse keizer vermocht, moet hier zijn. Septimius Severus paste een compleet ecosysteem aan aan de eisen van de rijksverdediging.

Janzur

Daarover ga ik het vandaag allemaal niet hebben. In plaats daarvan neem ik u mee naar Janzur, tien kilometer ten westen van Tripoli. Hier, aan de weg van het antieke Oea naar Sabratha, lagen enkele onderaardse grafkamers. Allemaal hadden ze als ingang een trappetje dat vanuit het oosten leidde naar beneden, waar je op een miniscuul pleintje kwam en toegang had tot een in het westen gelegen grafkamer. Daar waren nissen voor de urnen. Eén van die graven had goed bewaarde wandschilderingen uit de tweede of derde eeuw na Chr. Het zijn fresco’s, dus de kleuren zijn nog altijd herkenbaar.

Lees verder “Janzur”

M01 | Perzisch en Ptolemaïsch Judea

Het graf van Apollofanes in Maresha; let op de oer-Griekse Kerberos rechts.

Eén tempel voor één uitverkoren volk dat een verbond had gesloten met één God: de kerngedachte van het jodendom is al oud. De tempel was gebouwd door koning Salomo, de spreekwoordelijk wijze zoon van de (steeds minder legendarische) koning David. De twee vorsten moeten hebben geregeerd in de tiende eeuw v.Chr. Hun rijk was uiteengevallen in een noordelijk deel, Israël, en een zuidelijk deel, dat Juda heette en later Judea zou worden genoemd. In het Midden-Oosten bestonden tientallen van dit soort staatjes, die vroeg of laat alle te maken kregen met de supermacht van die tijd, Assyrië. Israël bijvoorbeeld werd geannexeerd.

Juda bleef echter gespaard, volgens het boek Koningen omdat God aan Salomo had beloofd dat het huis van David in Jeruzalem zou blijven regeren. Dat idee speelde een rol bij de door de Judese koning Josia rond 622 v.Chr. doorgevoerde hervormingen die, zoals gezegd, kunnen worden samengevat als één God, tempel, uitverkoren volk en bovendien een eeuwig heersende dynastie.

Lees verder “M01 | Perzisch en Ptolemaïsch Judea”

Beit Guvrin

Beit Guvrin
Beit Guvrin

Vlak voordat ik naar Curaçao vertrok, had ik nog een gesprek met mijn uitgever, Frits van der Meij, over Israël verdeeld, het boek dat ik nu aan het afronden ben over de Joodse ideeënwereld aan het begin van onze jaartelling. (De titel heb ik overigens te danken aan een van de respondenten op deze kleine blog.)

Ik spreek graag met Frits. Los van het feit dat het altijd gezellig is, zijn er in de aanloop naar de publicatie allerlei praktische zaken te bespreken. Over meelezers en spellingskwesties hadden we het al eerder gehad (jood of Jood? – het laatste dus). Dit keer ging het over onder meer het tijdschema, het contract, de publiciteit en de tekst waarmee het boek aan de boekhandels wordt aangekondigd. En het omslag.

Lees verder “Beit Guvrin”