Samaritanen in Frankfurt

Het heilig boek van de samaritanen: de Samaritaanse Pentateuch. Dit exemplaar is in 1616 door Pietro della Valle in Damascus verworven en naar Europa meegenomen. Het was het eerste daar bekende exemplaar. (Bibliothèque nationale, Parijs)

In Frankfurt zijn momenteel vier interessante exposities:

Ik meende dat die laatste zou lijken op die in het Koninklijk Museum van Mariemont te Morlanwelz, waarover ik al eens blogde, maar er was voldoende nieuws te zien. Desondanks laat ik dit thema verder rusten. Liever schrijf ik over de samaritanen, waarover ik immers nog nooit heb geblogd.

Samaritanen

Het Bibelhaus bleek niet heel anders dan het Bijbels Museum dat tot voor kort in Amsterdam was gevestigd. Verwacht er geen topstukken. Wel wat replica’s en originelen uit de b-categorie, goede uitleg, een maquette van de Tempel in Jeruzalem, een handvol manuscripten. De Samaritanen-expositie was prima: uitleg van wat de samaritaanse geloofsgemeenschap van zichzelf zegt, gecombineerd met de visies van joden en christenen. De nadruk ligt dus, zoals in een museum als dit te verwachten is, sterk op de tijd waarin de Bijbel is ontstaan. Het heden komt in een klein zaaltje ook aan bod. Daar verneem je ook over islamitische visies.

Lees verder “Samaritanen in Frankfurt”

F5 | Murad IV versus Fakhr-ad-Din

Fakhr-ad-Din Ma’n

[Laatste blogje in een vijfdelige reeks over Fakhr-ad-Din Ma’n (1572-1635), de Druzische krijgsheer die een tijd woonde in Italië en de Levant zou hebben kunnen moderniseren. Het eerste blogje was hier.]

Sultan Murad IV

De bloei van het rijk van Fakhr-ad-Din was mogelijk doordat het Ottomaanse Rijk bezig was met oorlog tegen de Perzen en Russen. Bovendien waren de sultans niet bijster competent, terwijl grootviziers en andere bestuurders elkaar zo snel afwisselden dat zelden sprake was van consistent beleid. In 1623 trad echter een sultan aan die uit ander hout was gesneden: Murad IV. Hij stuurde al snel een vloot om de al te autonome emir tot de orde te roepen, maar Fakhr-ad-Din zorgde dat hij ergens in het binnenland verbleef en tipte de admiraal dat er christelijke piraten in de buurt waren. De admiraal ging er achteraan, zijn ondergang tegemoet. Fakhr-ad-Din had namelijk ook de piraten gewaarschuwd en die onthaalden de Ottomaanse vloot met dodelijke efficiëntie.

Lees verder “F5 | Murad IV versus Fakhr-ad-Din”

Barmhartige en andere samaritanen (2)

Samaritanen op de berg Gerizim (© Wikimedia Commons | gebruiker Fade to Black)

Ik schreef gisteren over de oorsprong van de samaritanen en vatte samen dat de cultus van JHWH altijd wijdverbreid is geweest en diverse cultusplaatsen heeft gehad. In de zevende eeuw v.Chr. begon Jeruzalem echter te claimen de enige échte tempel te hebben van de enige werkelijk vererenswaardige godheid. Dit werd gecodificeerd in de Wet van Mozes en dan met name het Bijbelboek Deuteronomium, dat samen met het Deuteronomistisch Geschiedwerk het begin vormt van wat we het jodendom kunnen noemen. Niet iedereen, zo schreef ik, ging mee met deze vernieuwing. Ik bracht Elefantine in herinnering en vertelde dat ook elders oude tradities bleven bestaan, die ertoe leidden dat, toen de noordelijke JHWH-vereerders de Wet aanvaardden, ze daarin enkele wijzigingen aanbrachten.

Tempelbouw

Als jaartal noemde ik “na 500 v.Chr.”. Dat was omdat ik even geen zin had in een discussie over het ontstaan van de Wet van Mozes,. Dat is een mijnenveld. Toch kunnen we iets preciezer zijn. Vlak voor 330 v.Chr. was er verdeeldheid onder de priesters van Jeruzalem en verschillende families verlieten de stad. Volgens Flavius Josephus vestigden zich in Samaria, een belangrijk bestuurscentrum in het toenmalige Perzische Rijk. Daar kregen ze in 332 v.Chr. van de Macedonische veroveraar Alexander de Grote toestemming om een ​​eigen tempel te bouwen op de berg Gerizim, vlakbij Sichem, een paar kilometer ten oosten van Samaria. Archeologisch is de vastgesteld dat Sichem rond dit moment werd herbouwd.

Lees verder “Barmhartige en andere samaritanen (2)”

Barmhartige en andere samaritanen (1)

Altaar uit Sichem (Rijksmuseum van Oudheden, Leiden)

U kent de samaritanen – met een kleine letter graag – van de gelijkenis over de barmhartige samaritaan. U weet wel: de evangelist Lukas vertelt over een reiziger die op weg van Jericho naar Jeruzalem in de handen van rovers valt. Uitgeschud ligt hij langs de weg. Een leviet en een priester laten hem voor dood liggen maar een passerende samaritaan neemt zijn verantwoordelijkheid wel. Het is een wondermooi verhaal over beschaving: dat je iemand die niet tot je eigen groep behoort, erkent als medemens. Misschien komt het door deze elegantie dat je niet herkent hoe absurd het eigenlijk is. Geen rover kan de weg van Jericho naar Jeruzalem onveilig hebben gemaakt. Het was een van de drukste en best bewaakte straten in Judea.

Joden en samaritanen

Maar daarover wilde ik het niet hebben. Het gaat om de vraag wat de samaritaanse geloofsgemeenschap nu eigenlijk is. Samaritanen lijken op joden, maar er zijn enkele verschillen, waarvan sommige heel oud.

  • Eén: samaritanen denken dat de tempel niet in Jeruzalem zou moeten staan, maar op de berg Gerizim nabij Sichem (het huidig Nablus);
  • Twee: samaritanen geloven dat hun lijn van priesters de legitieme is, in tegenstelling tot de lijn van priesters in Jeruzalem;
  • Drie: samaritanen aanvaarden alleen de wet van Mozes (Genesis, Exodus, Leviticus, Numeri, Deuteronomium) als gezaghebbend. Van deze boeken hebben ze ook een iets andere tekst.
  • Vier: samaritanen erkennen dus de profeten en de geschriften niet als gezaghebbend.

Lees verder “Barmhartige en andere samaritanen (1)”