De granaatappel

Granaatappel

De granaatappel is een van de bekendste mediterrane vruchten en komt, zoals zo veel mediterrane gewassen, eigenlijk uit het Midden-Oosten. Wilde granaatappels werden al in de Steentijd geplukt, maar de echte teelt dateert van pakweg 3000 v.Chr. en vond (voor zover bekend) voor het eerst plaats op de Iraanse hoogvlakte. Een half millennium later staan granaatappels vermeld op kleitabletten, en weer een millennium later was de vrucht bekend aan de opvarenden van het schip waarvan het wrak bij Uluburun is teruggevonden. De boeren op Cyprus en de Peloponnessos kenden de granaatappel in de dertiende eeuw v.Chr., en de Feniciërs brachten de vrucht in de IJzertijd naar het westen.

De Romeinen noemden de vrucht dan ook granatum Punicum, wat zoiets wil zeggen als “Fenicische vrucht vol pitjes”. Ook malum Punicum is gedocumenteerd, “Fenicische appel”. De Romeinse encyclopedist Plinius de Oudere meende dat het eten van de vrucht goed was voor de gezondheid: volgens hem was het sap goed voor het gehoor, genas het zweren en steekpuisten, verdreef het lintwormen, hielp het tegen diarree en tegen rode vlekken op de handen.noot Plinius de Oudere, Natuurlijke Historie 23.109. Het was bovendien een afrodisiacum.

Lees verder “De granaatappel”

Antiek glas

Ruw glas (Cyprusmuseum, Nicosia)

Een van de oudejaarsvragen betrof antiek glas: viel er iets te zeggen de wijze waarop het werd vervaardigd en kunnen we het namaken? De tweede vraag is makkelijk te beantwoorden: ja, dat kunnen we. Er zijn diverse ateliers, zoals dit, en u kunt de producten kopen in de meeste museumwinkels. De vraag hoe ze het in de Oudheid maakten, is lastiger.

Er gaat namelijk een andere vraag aan vooraf: wat is glas eigenlijk? Het is feitelijk vloeibaar gemaakt en daardoor bewerkbaar silica. Dat valt te winnen uit gewoon zand, maar voor de glasmaker aan het werk kan, moet hij twee problemen oplossen. De eerste moeilijkheid is dat hij het smeltpunt van silica moet verlagen van rond de 2000°C tot 1200°C. Daarom voegt de glasmaker soda (natriumcarbonaat) toe, dat valt te winnen uit planten. Dit creëert een nieuwe complicatie, namelijk dat het product zo oplosbaar wordt. Daarom voegt hij ongebluste kalk (calciumoxide) toe. Zo wordt het mengsel weer harder en kunnen we, om eens iets te noemen, water drinken uit een glas. De verhouding tussen de drie bestanddelen varieert rond de 70% silica, 25% soda en 5% calciumoxide.

Lees verder “Antiek glas”

Het Uluburunwrak

Het Uluburunwrak (Museum voor onderwaterarcheologie, Bodrum)

Je hebt oudheidkundige ontdekkingen en oudheidkundige ontdekkingen. Hoewel archeologen hun vondsten altijd hypen, groeit hun kennis meestal niet door deze of gene opgraving, maar door de geleidelijke toename van het totale aantal vondsten. We weten nu meer over onderwerp X omdat het databestand nu N keer groter is dan vroeger. Of, deftig gezegd: kwantitatieve groei leidt tot kwalitatieve verbetering.

Het gebeurt dus maar zelden dat een enkele ontdekking leidt tot een totaal nieuwe visie, maar het Uluburunwrak, in 1982 aangetroffen voor de Zuidwest-Turkse kust, behoort in die categorie. Makkelijk was het onderzoek niet. Het wrak lag namelijk op bijna dertig meter diepte en in totaal maakten de kikvorsmannen niet minder dan 22.000 duiken. De lading van het vijftien meter lage schip lag bovendien verspreid over een vrij groot gebied. In de loop van enkele jaren haalden de duikers al met al 15.000 voorwerpen en voorwerpjes naar boven. Het resultaat: voor het eerst kregen oudheidkundigen een beeld van de wijze waarop kooplieden in de Late Bronstijd rondtrokken.

Lees verder “Het Uluburunwrak”

Mykeens rund

Mykeense krater (Louvre, Parijs)

Mooi hè, deze afbeelding. De kenner die u bent zegt natuurlijk meteen dat dit mengvat, gevonden op Rhodos, zich laat dateren in het Laat Helladisch IIIA2. Zulk aardewerk is ook aangetroffen in Amarna, de hoofdstad van farao Echnaton, wat een datering in de veertiende eeuw v.Chr. aannemelijk maakt. Het museum waar dit rund is te zien, het Louvre in Parijs, is preciezer: “vers 1300 av. J.-C.”. Op het Griekse vasteland bloeiden paleisburchten als die Mykene en Pylos, in Syrië breidden de Hittieten vanuit het noorden hun macht gestaag uit en de Assyriërs begonnen aan hun opmars naar de wereldheerschappij.

Al die gebieden stonden met elkaar in contact. Wrakken als dat bij Uluburun documenteren de interregionale handel: aan boord waren (onder veel meer) Mykeense zwaarden, Cypriotische bronsbaren, Levantijnse godsbeeldjes, glasbaren en een Egyptisch sfinxje. Uit Amarna en de Hittitische hoofdstad Hattusa hebben we de brieven die de diverse koningen aan elkaar schreven. Het is een fantastisch interessante periode, die bovendien steeds interessanter wordt.

Lees verder “Mykeens rund”

Antiek scheepswrak

Het bij Uluburun gevonden scheepswrak (Museum voor onderwaterarcheologie, Bodrum)

Oké, dit belooft leuk te gaan worden, heel erg leuk zelfs: ten westen van Antalya in Turkije is een scheepswrak gevonden dat lijkt op het wrak van Uluburun. Over dat scheepswrak blogde ik al eens eerder: het gaat om een schip dat in het eerste kwart van de dertiende eeuw is gezonken. Het moet zijn vertrokken van een havenstad in Syrië of Cyprus en was vrijwel zeker op weg naar de Egeïsche Zee.

Oudheidkundigen denken dat zulke schepen in een soort cirkel voeren om handel te drijven: in Mykeens Griekenland zouden ze lading hebben verkocht en nieuwe producten hebben aangenomen, waarna ze via Cyrenaica naar Egypte zouden zijn gevaren en dan weer naar Syrië.

Lees verder “Antiek scheepswrak”

Antiek glas

Glas uit het Uluburunwrak (Museum voor onderwaterarcheologie, Bodrum)

De bovenstaande, kobaltblauwe schijven zijn misschien niet heel mooi, maar ze zijn wel erg interessant. Ze zijn namelijk gemaakt van halfbewerkt glas. In de veertiende eeuw v.Chr. was men er in Egypte in geslaagd silica (siliciumdioxide) en soda zó te mengen met kalkpoeder, dat het bewerkbaar en vervormbaar werd. Door metaaloxiden toe te voegen, konden de eerste glasmeesters diverse kleuren produceren.

Dit was aantrekkelijk, want de bestanddelen waren overal voorhanden, zodat glas betrekkelijk goedkoop was. Dit kobaltblauwe glas was een mooie vervanger voor lapis lazuli, dat moest worden geïmporteerd uit oostelijk Afghanistan.

Lees verder “Antiek glas”