Tartessos

Armband uit El Carambolo (Nationaal archeologisch museum, Madrid)

Ergens rond het midden van de zesde eeuw v.Chr. naderde een Perzisch leger de Griekse stad Fokaia in Ionië, in het westen van het huidige Turkije. Als Herodotos het daarover heeft, last hij een van de uitweidingen in die zijn werk zo onderhoudend maken.

De Fokeeërs zijn de eerste Grieken geweest die verre zeereizen hebben ondernomen. Het is aan hen te danken dat de route naar de Adriatische Zee, Etrurië, Iberië en Tartessos bekend is geworden. … Op een van hun tochten zijn ze dus in Tartessos beland. Hier kwamen ze op goede voet te staan met de plaatselijke heerser, een zekere Arganthonios, die niet minder dan tachtig jaar heeft geregeerd en al met al honderdtwintig jaar oud is geworden. Hij is zo op ze gesteld geraakt dat hij hun in het begin zelfs heeft aangeraden om Ionië voorgoed te verlaten en zich in zijn rijk te vestigen, ze mochten zelf een plaats uitkiezen. De Fokeeërs gingen hier niet op in.noot Herodotos, Historiën 1.163; vert. Van Dolen.

Lees verder “Tartessos”

Diodoros van Sicilië

Kleio, de beschermgodin van de historische wetenschappen (Altes Museum, Berlijn).

Hé, dat is leuk: er is een Nederlandse vertaling verschenen van de Grieks-Romeinse geschiedschrijver Diodoros van Sicilië. Dit is om twee redenen fijn. Eén, Diodoros is geen auteur die al vaker vertaald is, zoals Homeros of de Griekse tragici. Classicus Gerard Janssen ontsluit een stukje Oudheid dat voor het publiek nog onontsloten was. Twee, het gaat niet om een tekst die alleen specialisten interesseert. Diodoros, die leefde toen Rome rond het midden van de eerste eeuw v.Chr. de Mediterrane wereld verenigde, biedt zijn lezers een alleszins boeiend verhaal over de geschiedenis van de gehele wereld.

De kwaliteit van Diodoros  boek is zo goed als zijn bronnen. Diodoros heeft veel oudere teksten gelezen en naverteld. Hij claimt geen originaliteit en noemde zijn werk dan ook De bibliotheek of, in de weergave van Janssen, Archief van de geschiedenis. Diodoros vat dus oudere bronnen samen en zijn selectie bewijst dat hij niet onverdeeld positief was over de Romeinse heerschappij. Hij zal nooit nalaten te wijzen op de wreedheid, roofzucht en verdorvenheid van de Romeinen. Als Siciliaan kon hij ervan meepraten.

Lees verder “Diodoros van Sicilië”

De Peloponnesische Oorlog (2)

Inscriptie met de namen van gesneuvelde Atheners (Louvre, Parijs)

In het eerste stukje legde ik de hoofdlijn van de oorlogen tussen 431 en 387 v.Chr. uit. Wat opvalt in het handboek van De Blois en Van der Spek, Een kennismaking met de oude wereld, is hoe traditioneel het is. De auteurs volgen Thoukydides, die de Archidamische en Dekeleïsche Oorlog samenneemt tot één conflict. De Korinthische Oorlog, die uitbrak na Thoukydides’ dood, behandelen ze afzonderlijk.

Voor wat samen hoort en wat niet, volgen ze dus het oordeel van hun bron. Daar ligt een reëel probleem, want het is denkbaar dat als Thoukydides langer had geleefd, hij alle drie oorlogen had beschreven. Er is namelijk een aanwijzing dat hij Athenes herstel nog heeft herkend, aangezien hij het ergens heeft over de onvermijdelijkheid waarmee dingen zich ongeveer herhalen zoals ze al zijn gebeurd. De discussie over de interpretatie daarvan is hopeloos complex en hangt samen met die over zijn sterfjaar.

Lees verder “De Peloponnesische Oorlog (2)”

Het einde van Athene (3)

De Hellespont, kijkend vanaf de monding van de Geitenrivieren naar Lampsakos

[Het derde, wat lange deel van een reeks over de Dekeleïsche of Ionische Oorlog, ofwel de ondergang van Athene. Het eerste deel is hier.]

Over wat volgde, bestaan twee verslagen. Het eerste daarvan is geschreven door Xenofon, een tijdgenoot die een vervolg schreef op het onvoltooid gebleven geschiedwerk van Thoukydides. Ik zal hem hierna citeren in de vertaling van Gerard Koolschijn. De andere beschrijving van de slag bij de Geitenrivieren is van Eforos van Kyme. Deze auteur werd enkele jaren na de gebeurtenissen geboren maar kon nog volop overlevenden interviewen. Zijn boek is verloren gegaan, maar een uittreksel is opgenomen in de Bibliotheek van de Wereldgeschiedenis van de Siciliaanse historicus Diodoros.

De twee verslagen lijken elkaar bij de beschrijving van de slag tegen te spreken, maar stemmen overeen over de aanloop. Xenofon zegt het als volgt:

Lees verder “Het einde van Athene (3)”

De vergeetachtige ooggetuige

Amida en de Tigris

Ooit las ik ergens, ik ben vergeten waar, over een docent aan een rechtenopleiding die zijn studenten duidelijk wilde maken dat getuigenverklaringen onbetrouwbaar waren. Terwijl hij zijn college gaf, liet hij een kennis binnenstormen die hem tegen de vlakte werkte en zich vervolgens uit de voeten maakte, waarna de docent, weer opgekrabbeld, de onthutste studenten vroeg wat was gebeurd. Had de dader een blauw of een zwart pak aan, had hij gestoken of geslagen, dat soort vragen. De studenten bleken zich dat allemaal niet meer te herinneren, hoewel het recht voor hun ogen was gebeurd.

De verkleurde herinnering

Ooggetuigen zijn notoir onbetrouwbaar. Om te beginnen passen mensen hun herinneringen aan. We hebben daarvan een prachtig voorbeeld uit de oude wereld, namelijk het gesprek dat keizer Constantijn de Grote kort voor zijn overlijden in 337 na Chr. had met Eusebios, die later ’s keizers biografie zou schrijven. De heerser haalde herinneringen op aan het visioen dat hij ooit had gehad. Hij bezwoer zijn gast dat het echt was gebeurd. Na het middaguur, zo verzekerde hij, hadden hij en zijn soldaten een lichtend kruis aan de hemel gezien. Aanvankelijk had hij in het ongewisse verkeerd over de betekenis. Later had Christus hem in een droom geadviseerd een standaard te maken in de vorm van dit teken. Na dat nachtje slapen had Constantijn dus geweten dat het visioen christelijk van aard was.

Lees verder “De vergeetachtige ooggetuige”

Pytheas van Marseille

Gallische helmen, iets ouder dan de tijd van Pytheas (Musée d’archéologie nationale, Saint-Germain-en-Laye)

De Karthagers, die een buitenpost hadden aan de Straat van Gibraltar, hadden de onprettige gewoonte om iedere Griek te verdrinken die richting Atlantische Oceaan kwam. Om die reden, zo wist de Alexandrijnse geleerde Eratosthenes (die van de berekening van de aardomtrek), moesten Griekse rapporten over het westelijke wateren worden gelezen met de nodige scepsis. Die banvloek heeft zijn uitwerking niet gemist, want we hebben er niet één over. Wat we wel hebben, zijn wat fragmenten uit De Oceaan, het boek dat een zekere Pytheas rond 325 v.Chr. zou hebben geschreven.

Afkomstig uit de Griekse kolonie Marseille zou deze auteur erin zijn geslaagd de Karthaagse blokkade te omgaan en de Atlantische Oceaan te bereiken. De fragmenten, overgeleverd door niet minder dan achttien antieke auteurs, zijn interessant genoeg, zelfs als sommige van die achttien auteurs Pytheas citeren om aan te geven dat er niks van klopt. We krijgen een beeld van ’s mans omzwervingen – en dat is eindeloos fascinerend, al was het maar omdat hij de eerste is geweest die schreef over Nederland.

Lees verder “Pytheas van Marseille”

Semiramis’ nalatenschap

Het defilé in Persepolis begint: de hoveling rechts kondigt het begin aan (Nationaal Museum Teheran)
Reliëf uit Persepolis begint (Nationaal Museum Teheran)

Ik blogde een tijdje geleden over het feit dat de oudheidkundige disciplines iets negentiende-eeuws hebben behouden. We hebben immers te maken met gebrek aan data. De verbanden die we leggen, zijn daardoor empirisch zwak en moeilijk te toetsen. Weerleggen gaat dus lastig en zo gaan oude ideeën lange tijd mee. Wellicht ook wel omdat ze in een tijd waarin meer tijd was voor geschiedenisonderwijs ingang hebben kunnen vinden in het publiek bewustzijn.

De geschiedenis van het oude Perzië is een voorbeeld. Die werd aanvankelijk geschreven aan de hand van Griekse bronnen. Voor de Achaimenidische tijd zijn dat Herodotos, Xenofon, Ktesias en de Alexanderhistorici; voor de Parthische en Sassanidische periodes weer andere bronnen, die helaas net niet zo lekker lezen als de genoemde auteurs (wat misschien verklaart waarom deze tijdperken minder bekend zijn). Er zijn meer Griekse auteurs geweest die schreven over het oude Perzië, maar hun werk is grotendeels verloren gegaan. Ze zijn bekend uit citaten die u aantreft in een serie die bekendstaat als Die Fragmente der griechischen Historiker. Naar goed academisch gebruik wordt het consulteren daarvan voor het publiek geblokkeerd.

Lees verder “Semiramis’ nalatenschap”