Antonijnse Epidemie

De genezende godheid Asklepios (Archeologisch museum, Antalya)

U weet: oudheidkunde is de wetenschap van de dataschaarste. Daardoor zijn er allerlei dingen die je nooit weten zult omdat je ze eenvoudigweg niet weten kunt. De Alpenpas waarover Hannibal naar Italië trok bijvoorbeeld. De data die oudheidkundigen wél hebben, zijn bovendien divers en worden bestudeerd door verschillende soorten onderzoekers, die onvoldoende communiceren om elkaar echt te begrijpen. Neem de gebeurtenis die bekendstaat als de Antonijnse Epidemie: de ziekte die na 165 na Chr. het Romeinse Rijk trof. Bij nader inzien is het allemaal minder duidelijk dan het lijkt.

Pestis, lues, loimos

Waaruit bestaat het bewijsmateriaal? Toevallig weet ik er iets van, omdat ik ooit belangstelling had voor demografische ontwikkelingen in de Romeinse tijd. Diverse bronnen noemen ziektes en gebruiken dan Latijnse woorden als pestis en lues of Griekse woorden als λοιμός. Hoewel “epidemie” de vertaling kan zijn, wil dat nog niet zeggen dat er sprake was een epidemie. Om te beginnen hebben deze woorden een bredere betekenis. Feitelijk verwijzen ze naar aandoeningen waarvoor antieke artsen geen meer specifieke naam hadden. Dat is dus elke ziekte die ze voor ’t eerst constateerden, ongeveer zoals wij in het najaar zeggen dat “de” griep heerst, ongeacht welk virus dat precies is.

Lees verder “Antonijnse Epidemie”

Wiggle matching

Een voorbeeld van wiggle matching. Verticaal de koolstofdatering, horizontaal de gekalibreerde datering, de blauwe band is de kalibratiecurve, en in grijs acht metingen die op de curve passen.

Het vaststellen van de chronologie is een van de meer fundamentele aspecten van de oudheidkunde. Wie de volgorde van gebeurtenissen en ontwikkelingen niet kent, kan bijvoorbeeld geen uitspraken doen over causaliteit. Geschiedvorsing, dus het zoeken naar verklaringen voor gebeurtenissen uit het verleden, is daarmee simpelweg onmogelijk. Wat resteert is een statische beschrijving van “de” cultuur van deze of gene regio. Daarover kunnen archeologen en classici overigens nog altijd boeiende dingen vertellen, maar je zou méér willen dan een statische beschrijving van een samenleving; je wil de dynamiek begrijpen en de krachten achter die dynamiek. En dat veronderstelt kennis van de chronologie.

Waar geschreven teksten geen houvast bieden, trekken twee paarden de kar: de koolstofmethode en de jaarringmethode. Ze versterken elkaar. De kalibratie van een koolstofdatering gebeurt aan de hand van jaarringen en omgekeerd kunnen we jaarringreeksen ijken door middel van door koolstofdateringen. Dat klinkt op het eerste gezicht wat onlogisch, omdat een jaarringreeks preciezer is dan een koolstofdatering, maar regelmatig sluit in een regio de ene jaarringreeks niet aan op de andere. De wiggle matching van de koolstofkalibratiecurve helpt dan om de delen in elk geval ongeveer te plaatsen.

Lees verder “Wiggle matching”

Faits divers (19)

Reconstructie van de wandschildering uit de Villa van Maasbracht, nu te zien in het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden.

De vaste bezoekers van deze blog weten het: als er een aflevering is in de nogal onregelmatig verschijnende reeks faits divers, dan zullen het wel weer wat onsamenhangende faits divers zijn. En het is krek zo.

Woorden tellen

Het is vrij algemeen bekend – en ook niet onwaar – dat het Romeinse Rijk in de eerste en tweede eeuw na Chr. een bloeiperiode meemaakte. Maar hoe meet je zoiets? Je kunt scheepswrakken gaan tellen en die aantallen gebruiken om de groei en afname van het handelsvolume te documenteren. Je kunt jaarringen analyseren en constateren dat het klimaat in de derde eeuw veranderde. Je kunt opgegraven botten tellen en uitspraken doen over vleesconsumptie. En je kunt de bouwjaren van monumentale gebouwen in een grafiek zetten en aannemen dat elk gebouw twee eeuwen heeft gestaan, en zo constateren hoeveel monumenten er op een gegeven moment waren. Ook kun je inscripties per decennium tellen, om zo een indruk te krijgen.

En nu is er een nieuwe methode: woorden in papyri tellen. Er is een piek in de tweede eeuw. Niet onverwacht. Wel een extra argument.

Lees verder “Faits divers (19)”

Siciliaanse scheepsrampen

Model van een enterbrug (Martin Lokaj)

Een tijdje geleden wijdde ik twee stukjes aan de expeditie van de Romeinse consul Regulus naar Tunesië. Na een vlootoverwinning op de Karthagers stak hij over naar het huidige Kelibia, plunderde onder andere Kerkouane, versloeg zijn tegenstanders, veroverde Tunis en werd uiteindelijk in 255 v.Chr. door de Spartaanse huurling in Karthaagse dienst Xanthippos verslagen. Ik heb er morgen ook nog iets over te vertellen, maar vandaag iets anders.

Storm

Regulus’ expeditieleger werd geëvacueerd door een Romeinse vloot, die echter in de Siciliaanse wateren verging. Slechts tachtig van de 364 schepen zouden de natuurramp hebben doorstaan. In 253 gebeurde dat nog eens: nog een uit Afrika teruggekeerde vloot liep op de klippen. Weer gingen 150 schepen naar de kelder. Vier jaar later, in de vroege zomer van 249, was het opnieuw raak en daarna zagen de Romeinen voor enkele jaren af van vlootexpedities. Als het waar is, moeten tienduizenden mannen zijn verdronken. En vermoedelijk is het waar. De door Titus Livius overgeleverde censuscijfers tonen namelijk dat het aantal geregistreerde burgers, aan het begin van de Eerste Punische Oorlog nog 382.234, in het jaar 253 was teruggelopen tot 297.797. Of dat voor of na de tweede ramp is gemeten, weet ik niet, maar het verlies aan mensenlevens was catastrofaal.

Lees verder “Siciliaanse scheepsrampen”

Dendroklimatologie

Een van de  lezers van deze blog attendeerde me op Wat bomen ons vertellen. Een geschiedenis van de wereld in jaarringen van de Belgische onderzoekster Valerie Trouet. De Engelse titel is Tree Story en het gaat, zoals u al vermoedde, over dendrochronologie: de tak van wetenschap die door middel van jaarringtellingen helpt vaststellen hoe oud houten voorwerpen zijn. Dat lijkt simpel en het is makkelijk te denken dat het intellectueel weinig voorstelt, maar dat is een grof misverstand.

Om te beginnen: het is niet simpelweg een kwestie van even de jaarringen van een omgezaagde boom tellen, zoals we allemaal weleens in het bos hebben gedaan. Zelfs als we dat zouden kunnen, moet je maar hopen dat je in zo’n schijf hout elke ring herkent. Soms is een jaar namelijk zó slecht dat de boom domweg geen ring aanmaakt. Een tweede kwestie is dat dendrochronologen geen bomen kappen – dat zou immers neerkomen op de vernietiging van data – maar een monster nemen met wat hoveniers een “aanwasboor” noemen, een soort appelboor om een staaf hout uit een boom te trekken. Een dikke boom levert veel informatie op maar is lastig om tot in de kern te bemonsteren. Een derde kwestie is dan weer dat je van levend hout terug moet naar monsters uit oude gebouwen en naar archeologisch en fossiel hout. Matches tussen de diverse delen zijn nog niet zo makkelijk gelegd; ik schreef er al eens over in verband met de ten onrechte genegeerde dateringen van het hout in Kaneš.

Lees verder “Dendroklimatologie”

Chronologie en vooruitgang

De bestudering van de Oudheid is een gevarieerd veld. Sommige onderwerpen trekken meer de aandacht dan andere (ik zie het aan de bezoekersaantallen als ik blog over het joden- en christendom), we vinden sommige thema’s belangrijker dan andere (de Griekse filosofie heeft een goede naam) en bepaalde inzichten zijn fundamenteler dan andere. Dat laatste geldt bijvoorbeeld voor de antieke geografie en chronologie. Hoe abstruus de materie soms ook oogt, de oudheidkundige kan niet zonder kennis van deze kwesties. Ideeëngeschiedenis is bijvoorbeeld onmogelijk als je de verspreiding van ideeën niet kunt plaatsen in tijd en ruimte.

Teksten

Het gaat me vandaag om de chronologie. Simpel samengevat worden de onzekerheden groter naarmate we dieper in het verleden zijn. Hebben we in de Late Oudheid nog de zekerheid van onze eigen jaartelling, in de Romeinse tijd hebben we de Juliaanse kalender en daarvoor hebben we de Seleukidische era, de Ptolemaïsche koningsjaren en de Canon van Ptolemaios. Tot het midden van de achtste eeuw v.Chr. beschikken we dus nog over de systemen waarmee men destijds het verstrijken van de tijd registreerde. Als we echter nog dieper willen, wordt het lastiger.

Lees verder “Chronologie en vooruitgang”

Een archeologie-canon

Zomaar eens een foto van een archeologische stratigrafie

Gisteren bood ik op deze plaats een overzicht van een kleine veertig dingen die mensen zouden moeten weten over geschiedvorsing. Aangezien de historische canon van Van Oostrom / Kennedy geschiedenis presenteert als het ene feit na het andere, wilde ik toch eens benadrukken dat geschiedenis ook een wetenschap is.

Een van de trouwste lezers van deze blog, CK uit het archeologisch en historisch zo rijke Nijmegen, wees me erop dat een archeologiecanon ook niet zou bestaan uit een lijst van losse opgravingen, maar uit een lijst van methodische en technische vernieuwingen. In een telefoontje bespraken we dat archeologen, doordat ze de wetenschappelijke dimensie almaar niet benoemen en zich verschuilen achter de monumentenwetgeving, zélf de reden zijn waarom een staatssecretaris van Cultuur zich afvraagt wat hij aan moet met musea vol opgegraven potten en pannen, waarom de limesvoorlichting zo verrekte contraproductief is, waarom een hoogleraar publiek begrip van wetenschap de raarste dingen kan vertellen over het Rijksmuseum van Oudheden en waarom De Volkskrant archeologie te onbelangrijk vindt om iets te rectificeren. Een Nijmegenaar herinnert zich natuurlijk ook de aquaductenaffaire en de affaire in de buurgemeente Cuijk.

Lees verder “Een archeologie-canon”

Jaarringdateringen

dendro_haithabu

Archeologische persberichten zijn nogal eens overdreven. De opstellers van goede berichten niet te na gesproken benutten archeologen de media vaak niet om u voor te lichten maar om naar fondsen te vissen. Daarom overdrijven ze. Ik heb het weleens geturfd en concludeerde toen dat 40% van de berichten onjuistheden bevatten die de betrokkenen moeten hebben herkend. Geen wonder dat de pers, éénmaal te vaak oneigenlijk gebruikt, steeds sceptischer wordt. Maar soms duikt er iets op dat de moeite waard is. Zoals dit keer, al is het bericht wat technisch, al is de feitelijke ontdekking alweer wat ouder en al houdt het persbericht op als het spannend wordt. Niettemin: dit kan interessant gaan worden.

Dendrochronologie is een duur woord voor het tellen van jaarringen om vast te stellen hoe oud een stuk hout is. Omdat de dikte van de ringen afhankelijk is van de weersomstandigheden, is geen reeks jaarringen – althans als die een jaar of tachtig lang is – identiek. Elke regio en elke houtsoort heeft een vrij specifiek patroon van dunne en dikke ringen. Als archeologen een houten voorwerp opgraven, kunnen ze dat vergelijken met een ijkcurve (zoals deze) en bepalen hoe oud het opgegraven voorwerp is. Is er een stuk spinthout aanwezig, dan kan de datering zelfs precies zijn. Zo kon van het Romeinse kamp in Oberaden worden gezegd dat het hout was gekapt in het najaar van 11 v.Chr.

Lees verder “Jaarringdateringen”

Kwakgeschiedenis: chronologisch gegoochel

Protogeometrisch aardewerk uit Euboia

Recentelijk verscheen dit online artikel, getiteld ‘Towards an absolute chronology for the Aegean Iron Age: new radiocarbon dates from Lefkandi, Kalapodi and Corinth’, geschreven door maar liefst acht personen, namelijk: Michael B. Toffolo, Alexander Fantalkin, Irene S. Lemos, Rainer C.S. Felsch, Wolf-Dietrich Niemeier, Guy D.R. Sanders, Israel Finkelstein en Elisabetta Boaretto.

De titel van het artikel suggereert dat we hier met iets nieuws te maken hebben: er zijn C14-dateringen gegeven aan monsters uit drie sites in Griekenland, die ons in staat zullen stellen om een absolute chronologie te bepalen voor de Egeïsche IJzertijd. Het is echter niet nieuw: er wordt al jaren gesold met de absolute chronologie van het Egeïsche gebied in de periode vóór ca. 700 v.Chr. De titel suggereert dat we nu waarden hebben die niet te betwisten zijn, maar ook dat is onzin. Er verschijnen namelijk zeer regelmatig artikelen over C14-dateringen voor het Egeïsche gebied, die doorgaans nogal uiteenlopende resultaten geven.

Lees verder “Kwakgeschiedenis: chronologisch gegoochel”