Het Colosseum (7): Commodus

Commodus als Hercules Romanus (Capitolijnse Musea, Rome)

[Dit is het voorlaatste van acht blogjes over het Colosseum in Rome. Het eerste was hier.]

Gladiatoren waren zó populair dat keizer Caligula eens vaststelde dat het volk hun meer eer bewees dan hem. Verschillende vorsten (Caligula, Nero, Titus, Hadrianus, Lucius Verus, Commodus, Didius Julianus, Caracalla, Geta) trainden daarom in de kazerne. Niet alleen cultiveerden ze zo een mannelijk imago, maar ook straalde zo iets van de reputatie van de gladiatoren af op hen. Welbeschouwd is het niet vreemd dat Commodus probeerde zijn populariteit op te vijzelen door het niet bij trainen te laten, maar ook in het openbaar op te treden als jager en gladiator.

Eerst presenteerde hij zich aan het volk als Romeinse Hercules. Bij officiële gelegenheden liep hij met een knots in de hand en een leeuwenhuid over het hoofd (zie boven). Hij kan goede redenen hebben gehad zich zo te profileren, want destijds gold de heerserscultus als middel om een etnisch heterogene samenleving te verenigen. Caligula en Domitianus hadden zich op soortgelijke wijze gepresenteerd.

Lees verder “Het Colosseum (7): Commodus”

Rolzegel

Rolzegel met afdruk (Nationaal Museum van Irak, Bagdad)

Mesopotamische rolzegels zijn precies wat je denkt dat het zijn: een soort zegelringen, alleen wordt het zegel niet in het te verzegelen materiaal gedrukt maar erover gerold. Gemaakt van steen zijn de rolletjes een centimeter of vier hoog. Ze zijn ruim drie, een kleine vier millennia lang vervaardigd en elk oudheidkundige museum heeft er wel een paar. Er moeten er duizenden zijn en je kunt er voor 1000 euro al een kopen. De Nederlandse verzamelaar Joost Kist bezat er zeker vijfhonderd, waarover hij een boek publiceerde. Ik meen dat hij zijn collectie heeft nagelaten aan het Allard Pierson in Amsterdam.

De afbeeldingen illustreren van alles en nog wat. Als ik naar mijn foto’s kijk, zie ik dat de goden prominent figureren, zie ik allerlei mythische wezens, zie ik allerlei dieren, zie ik gevechtscènes, zie ik rivierschepen, zie ik spijkerschriftteksten, zie ik leeuwenjachten.

Lees verder “Rolzegel”

“Woestijnkunst” (bij gebrek aan betere naam)

Een herder met een struisvogel, een haan en een schaap (Wadi Imla)
Een herder met een struisvogel, een haan en een schaap (Wadi Imla)

Als het gaat om antiek materiaal, heb je vandalen en vandalen. Je hebt er die ruïnes plunderen om de vondsten te gelde te maken en je hebt er die verlost willen zijn van erfgoed dat hun niet bevalt. De eerste categorie zal het zichzelf niet al te moeilijk maken en richt zich op plekken waarvandaan de oudheden snel kunnen worden afgevoerd; de tweede groep ziet er geen been in naar moeilijk bereikbare plaatsen te gaan om de boel kort en klein te slaan. Het berichtje, alweer een jaar of wat geleden, dat in Libië mensen diep de woestijn in waren getrokken om daar prehistorische kunst kapot te gaan maken, behoort tot die tweede categorie. Het is pure haat.

Wilde fauna

Terwijl het juist zo boeiend is dat de Sahara ooit een savanne is geweest waar mensen de rotswanden versierden met reliëfs en schilderingen. Er is in het zuiden van Libië van alles te zien: jagers, dansers, krijgers en zelfs zwemmers. Oké, de beroemde “Cave of the Swimmers” is in Egypte maar u snapt mijn punt.

Het is des te fascinerender als we zien hoe oud de woestijnkunst is. Dit is geen primitieve imitatie van Griekse of Romeinse kunst, zoals kunsthistorici aanvankelijk dachten, maar is eeuwen ouder. Dat werd alleen pas duidelijk toen het prehistorische klimaat een beetje werd begrepen, toen was gebleken dat dit gebied ooit een savanne, ja zelfs bos was geweest en toen kon worden beredeneerd welke dieren op welk moment over de savanne zwierven.

Lees verder ““Woestijnkunst” (bij gebrek aan betere naam)”

Wadi Mathendous

Een klein mannetje en een grote olifant uit de Wilde Fauna-periode (Wadi Mathendous)

Tussen 10.000 en 6.000 v.Chr. bestond een groot deel van wat we nu de Sahara noemen, niet uit woestijn maar uit savanne. Er waren destijds grote meren, die sindsdien zijn ingedroogd tot zoutvlaktes. De vrij rijke vegetatie zorgde ervoor dat er ruimte was voor grote grazers en andere dieren die nu in geen velden of wegen te bekennen zijn. Er zijn trouwens überhaupt geen velden meer, al zijn er nog wel wat pistes, gebruikt door mensen die zich met landrovers in de woestijn wagen. Ook kun je op veel plaatsen nog altijd de versteende resten zien van de antieke bomen.

Behalve grote grazers waren er destijds ook mensen: jagers en verzamelaars natuurlijk, die voorwerpen gebruikten van vuursteen. Ik heb die oud-Libische bijlen, pijl- en speerpunten nooit in een Nederlands museum gezien, maar u kunt ervoor naar St-Germain-en-Laye, waar het Franse nationale archeologische museum is. De toenmalige bewoners van de savanne moeten die stenen voorwerpen ook hebben gebruikt om reliëfs aan te brengen in de rotsen. Ze waren onder meer te zien in de Wadi Mathendous in het zuidwesten van Libië en archeologen spreken wel van de “wilde fauna-stijl” omdat er allerlei grote en kleine, maar vooral wilde dieren zijn afgebeeld: neushoorns, krokodillen, nijlpaarden, giraffen, wilde ezels en diverse katachtigen. Ook te zien zijn de nu uitgestorven langhoornige buffels (de buffalus antiquus).

Lees verder “Wadi Mathendous”

Libanees nieuws

Beiroet, 14 april. Plaatsvervangend minister van Telecommunicatie Nicolas Sehnaoui is aan een woedende neushoorn ontsnapt, zo meldt An-Nahar in een op vrijdag gepubliceerd bericht.

Volgens de Libanese krant was Sehnaoui met enkele vrienden op safari in Afrika, toen ze besloten uit te rusten na een wandeling. Sehnaoui leunde tegen een neushoorn, in de veronderstelling dat het een rots was. Het dier werd woedend en de minister sloeg op de vlucht, terwijl zijn vrienden met stokken probeerden de neushoorn terug te drijven.