De Europese canon (6-10)

Priester Hendrik, een van degenen die de rechten van de Hollandse boeren hielp overbrengen naar oostelijk Europa

Voilà: de derde aflevering van de reeks over de Europese canon. Nu we de Late Oudheid en de verantwoording hebben gehad, kunnen we beginnen met de Volle Middeleeuwen.

Democratisch bestuur

Periode: vanaf ca. 1000

Alternatieven: Althing, Magna Carta, Staten-Generaal, Defensor Pacis.

Het principe was simpel, daar in de landen langs de Noordzee: wie water deert, die water keert. Dat gaf iedereen een verantwoordelijkheid in de landverdediging en dus een stem. Nu was dat wat bewerkelijk en daarom kwamen er waterschappen en hoogheemraadschappen. Het was het begin van de representatieve democratie. Later namen de bewoners van de Lage Landen hun rechten mee naar het oosten, toen ze voorbij de Elbe nieuwe gronden ontgonnen.

Lees verder “De Europese canon (6-10)”

F3 | Fakhr-ad-Din in Italië

Fakhr-ad-Din

[Derde blogje in een vijfdelige reeks over Fakhr-ad-Din Ma’n (1572-1635), de Druzische krijgsheer die een tijd woonde in Italië en de Levant zou hebben kunnen moderniseren. Het eerste blogje was hier.]

Fakhr-ad-Din in Florence

Een van onze voornaamste bronnen is het Leven van Fakhr-ad-Din van een geleerde dichter genaamd Achmad al-Khalidi van Safed. Hij baseert zich voor de gebeurtenissen in Toscane op een ooggetuigenverslag dat door de emir lijkt te zijn geautoriseerd. Khalidi vermeldt de hierboven genoemde ergernissen, en meer. Een Druzische krijgsheer ging te paard, niet opgesloten in een rijdende kist. De koets die de Toscaanse hovelingen hadden voorgereden, bleef dus ongebruikt.

Het Druzische gezelschap woonde aanvankelijk in de Palazzo Vecchio in Florence. Het paleis zal hun zijn bevallen. Weinig inkijk, wel een besloten binnenplaats. Fakhr-ad-Din zou het later in Beiroet laten nabouwen op een plek achterin de huidige Jardin de Pardon.

Lees verder “F3 | Fakhr-ad-Din in Italië”

Een Perzische leeuw in Frankrijk

Gotische leeuw uit de voormalige abdij van Picheny

Vroege gotiek: een van de trouwe lezers van deze blog stuurde me bovenstaande foto van een leeuw. De uitleg op het bordje in het museum, als ik het goed heb begrepen de abdij van Fontenay, vertelde dat het reliëf afkomstig is uit de abdij van Picheny bij Montlevon. Die bestaat niet langer maar stond aan de weg van Parijs naar Reims en Champagne. De toelichting vertelt verder dat het reliëf is geïnspireerd door de Sassanidische kunst.

En dat is waar het curieus wordt. Het reliëf is gemaakt rond 1150 of iets later, in de tijd van de vroege gotiek. De laatste Sassanidische koning, Yazdgard III, is vermoord in 651. Een half millennium eerder. Ik zie zo snel niet waar de parallel zit, al kan ik wel iets bedenken. Een gaande, aanziende leeuw was namelijk ook een gangbaar symbool in Perzië. Voorzien van een zwaard en met een zon op de rug waar op dit reliëf een gekrulde staart zit, stond het tot 1979 op de Iraanse vlag. De meest nationalistische Iraniër zal echter moeite hebben de combinatie leeuw, zon en zwaard terug te voeren tot de Sassanidische tijd. Over het feit dat de leeuw in Picheny een mensenhoofd heeft en dus eigenlijk een sfinx is, zullen we het dan niet hebben. Je zoekt toch eigenlijk een nauwere parallel maar ik ken hem niet.

Lees verder “Een Perzische leeuw in Frankrijk”

Fenicische kolonisatie

Standbeeld van een magistraat (“suffeet”) uit Lepcis Magna (Nationaal Museum, Tripoli)

Zoveel is zeker: de Feniciërs hebben, komend vanuit wat nu Libanon is, een aantal nieuwe steden gesticht. Kition op Cyprus; Palermo en Marsala op Sicilië; nederzettingen op Malta, Gozo en Sardinië; Lepcis Magna, Oea en Sabratha in Libië; Karthago en Utica in wat nu Tunesië heet; steden langs de Algerijnse en Marokkaanse kust; Málaga en Cádiz in Andalusië.

Het bewijs is voor een groot deel archeologisch maar ook teksten spelen een rol, terwijl sommige kolonies pure speculatie zijn, gebaseerd op namen. Kart Hadašt betekent “Nieuwe Stad” en dat is dus Karthago, en wellicht herkennen we het eerste element ook in de stadsnaam Córdoba, maar dat dit een Fenicische stadstichting is, is niet bewezen. Er zijn daar weliswaar Fenicische vondsten gedaan maar die kunnen duiden op zowel kolonisatie als handel. Dat “Marseille” is afgeleid van Marsa’il ofwel “haven van god” is nog minder zeker. Ik geloof wel in Córdoba, zij het met een voorbehoud, en niet in Marseille.

Lees verder “Fenicische kolonisatie”

Garibaldi (2)

Garibaldi

In mijn vorige stukje vertelde ik over Garibaldi’s carrière in Latijns Amerika en zijn onsuccesvolle verdediging van de Italiaanse republiek in Rome. Hij was een bijzondere commandant met een ongebruikelijk persoonlijk charisma. Een van de mooiste anekdotes is dat hij eens, aan boord van een schip, iemand overboord zag vallen en hem meteen achterna dook, zonder zich erom te bekommeren dat niemand hem had zien springen en het schip stil legde.

De eenwording van Italië

Hij sympathiseerde met het republikanisme maar nog meer met het Italiaanse nationalisme en in 1860 was zijn moment gekomen. Piëmont had het jaar daarvoor een grote oorlog ontketend om de noordelijke staatjes in Italië, zoals Lombardije, Parma en Toscane, te verenigen. In veel van de toenmalige hoofdsteden hangen nog inscripties waarin wordt gememoreerd hoe de bevolking destijds met duizenden stemmen voor en enkele tientallen stemmen tegen besloot zich aan te sluiten bij het Koninkrijk Italië en voortaan Victor Emanuel II erkende als vorst. Florence werd de nieuwe hoofdstad van de zo ontstane staat.

Lees verder “Garibaldi (2)”

Oorlog in Sicilië (2)

Britse soldaten in actie op Sicilië

[Dit is het tweede van drie stukjes over de Geallieerde verovering van Sicilië. In het eerste deel, hier, vertelde ik over de planning. Een landkaart je is hier.]

De weg naar Messina

In elke militaire operatie is de goede planning het eerste slachtoffer, en Operation Husky was geen uitzondering. De Britten bezetten Syracuse en deden er vervolgens drie dagen over om Augusta te bereiken, dat hemelsbreed vijftien kilometer noordelijker ligt. Over de volgende twintig kilometer deed men nog eens vijf dagen, en vervolgens liep men volledig vast bij de rivier de Gornalunga, waar de Duitsers, die in deze dagen de Italianen allerijl te hulp schoten, zich hadden ingegraven.

Catania werd vooralsnog niet bezet en de Britten konden zelfs niet dénken aan de opmars langs de Etna en de steile hellingen bij Taormina, allemaal hindernissen langs de weg naar Messina. Een commandoactie om een brug over de rivier te veroveren, mislukte. Het feit dat het Britse oorlogskerkhof zich hier nu bevindt, is een wrange herinnering aan het feit dat gedurende de weken dat er op Sicilië werd gevochten, de Britten meestentijds hier waren.

Lees verder “Oorlog in Sicilië (2)”

Sicilië

Je ziet veel marionetten op Sicilië

Momenteel ben ik voor mijn werk op Sicilië. Ik denk dat u nu jaloers bent, want u weet dat het Mediterrane eiland is gezegend met een overweldigende natuur – de Etna, de zee, de groene heuvels in het binnenland – en dat zo’n beetje iedereen die er in de geschiedenis iets toe heeft gedaan, op Sicilië is geweest. Michiel de Ruyter is hier gesneuveld, Patton vocht zich een weg van Licata via Palermo naar Messina, de Hautevilles hielden hof in Palermo en dan heb ik het nog niet gehad over de Feniciërs, Grieken, Karthagers, Romeinen, Byzantijnen en Saracenen. Het eiland heeft een verfijnde keuken, het marionettenspel is werelderfgoed en wie (zoals ik) houdt van mozaïeken, is in Sicilië in het paradijs.

Geen gebied ter wereld is geschikter om toeristen te ontvangen, te verleiden en te verrijken. Desondanks bedraagt het percentage terugkerende toeristen slechts 6%. U wijt dat aan de georganiseerde misdaad, maar zo eenvoudig is het niet. In Romeinse restaurants komt de rekening ook nooit overeen met wat u feitelijk hebt genuttigd, de handel in drugs is een groter kwaad in Amsterdam en geweld is een serieuzer probleem in Caïro. Toch ligt het percentage toeristen dat terugkeert naar Rome, Amsterdam en Caïro hoger dan voor Sicilië.

Lees verder “Sicilië”