Vragen rond de jaarwisseling (6)

Winckelmann, “Steigbügel der Alten”

Stuur uw vragen maar in, schreef ik, en wie weet of ik ze beantwoorden kan rond oud en nieuw. Eerdere afleveringen hier, hier, hier, hier en hier.

27. Vraag via Twitter: Waarom gebruikten de Romeinen lood in hun waterbuizen terwijl ze wisten van het gevaar voor gezondheid?

Voor zover ik weet wisten ze niets over het gevaar van loodvergiftiging. Dus het antwoord op de vraag is: onwetendheid.

Lees verder “Vragen rond de jaarwisseling (6)”

Vragen rond de jaarwisseling (5)

Een van uw vragen leidde naar de schat in het Haarlemmermeer (Rijksmuseum van Oudheden, Leiden)

Stuur uw vragen maar in, schreef ik, en wie weet of ik ze beantwoorden kan rond oud en nieuw. Eerdere afleveringen hier, hier, hier en hier.

22. Vraag via de mail: Vaak stuit ik op de zin “Frisia non cantat”, en die wordt dan aan een Romein toegeschreven – Tacitus, meestal – maar ik kan die zin zelf nergens vinden. Is het een verzinsel van later datum?

Ja, dat is een verzinsel. De regel is inderdaad niet te vinden bij Tacitus, die wél de Friese Opstand noemt. De beschrijving daarvan eindigt met de opmerking dat sinds deze revolte de naam der Friese naam vermaard is.

Het Latijnse gezegde dat Friesland niet zou zingen, duikt op in de achttiende eeuw. Riemer Reinsma heeft het voor tijdschrift Onze Taal uitgezocht en zijn conclusies vindt u hier.

Lees verder “Vragen rond de jaarwisseling (5)”

Vragen rond de jaarwisseling (4)

Een moderne abacus in Kokand, vrijwel onveranderd sinds de Oudheid.

Stuur uw vragen maar in, schreef ik, en wie weet of ik ze beantwoorden kan rond oud en nieuw. Eerdere afleveringen hier, hier en hier.

16. Vraag via de blog: Waarom hadden de Romeinen zo onhandig getallensysteem?

Daarop zijn twee tegenstrijdige antwoorden mogelijk. Het ene: de Romeinse cijfers zijn niet zo onhandig. Kijk maar eens hoe snel mensen op een abacus kunnen rekenen met vijf- en tientallen. Het tegengestelde antwoord: het is inderdaad een ramp, net als de Griekse cijfers/letters. En het is hun eigen Romeinse schuld. Toen keizer Trajanus de culturele hoofdstad Babylon innam, had men daar de nul al ontdekt. De veroveraar begreep het belang niet en de Romeinen namen deze vorm van plaatsnotatie niet over.

Lees verder “Vragen rond de jaarwisseling (4)”

Vragen rond de jaarwisseling (3)

Boeddha (Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis, Brussel)

Stuur uw vragen maar in, schreef ik, en wie weet of ik ze beantwoorden kan rond oud en nieuw. Ik beantwoordde in het eerste stukje de eerste vier vragen en in het tweede stukje de vragen vijf tot en met tien. We gaan vandaag verder.

11. Vraag via de mail: Wanneer kozen de Romeinen ervoor om de Griekse godenwereld over te nemen en wat dreef hen daartoe?

Business as usual. Elk volk in de Oudheid nam de goden van de buren over. De Romeinen deelden goden met de Sabijnen (zoals Janus), met de Etrusken (zoals Minerva), met de Grieken (zoals Hercules). Vaak stelde men goden met bekende namen gelijk aan vreemde goden, zodat de Romeinse Jupiter dezelfde kon zijn als de Etruskische Tinia, de Griekse Zeus of de Babylonische Marduk. De Romeinse Liber Pater was dan weer gelijk aan de Griekse Dionysos, aan de Indische Vishnu en aan de joodse Jahweh. Ik noem dit voorbeeld omdat de Grieken de naam Liber Pater weer overnamen van de Romeinen en hun Dionysos zo gingen noemen. De vakterm voor de gelijkstellingen is syncretisme.

Lees verder “Vragen rond de jaarwisseling (3)”

Vragen rond de jaarwisseling (2)

Zie de zesde van de vragen hieronder: een versierd scheermes uit het Bardomuseum in Tunis.

Stuur uw vragen maar in, schreef ik, en wie weet of ik ze beantwoorden kan rond oud en nieuw. Gisteren beantwoordde ik de eerste vier vragen. We gaan vandaag verder.

5.Vraag via de mail: Ik ben nieuwsgierig naar de omgang met hongersnood, alternatieven voor voedsel, directe en indirecte gevolgen.

Het boek daarover is van Peter Garnsey en heet Famine and Food Supply in the Graeco-Roman World. Als er alternatieven zijn geweest voor voedsel, dan heb ik daar overheen gelezen. Garnsey constateert dat we geen harde cijfers hebben en gebruikt statistieken uit het Ottomaanse Griekenland. Daaruit leidt hij af dat de oogst eens in de vier jaar mislukte (voedselschaarste). Dan hielp men zich met importen en zorgde men dat er voldoende zaaigoed was voor het volgende jaar. Een wijze stad hield een strategische voorraad aan; in het keizerlijke Rome lag altijd voor een jaar extra voedsel.

Lees verder “Vragen rond de jaarwisseling (2)”

Vragen rond de jaarwisseling (1)

Een van uw vragen ging over Echnaton (Museum August Kestner, Hannover)

Stuur uw vragen maar in, schreef ik, en wie weet of ik ze beantwoorden kan rond oud en nieuw. Dat heb ik geweten! Ik kreeg ruim veertig vragen, waarvan een kwart onbeantwoordbaar was, althans voor mij. Ik had verwacht dat ik vandaag en morgen alles zou kunnen beantwoorden, maar we zullen nog een eind het nieuwe jaar in gaan. Wat natuurlijk leuk is. Ik beantwoord dertig vragen in ruwweg chronologische volgorde, dus beginnend in de Bronstijd en eindigend bij de Late Oudheid.

1. Via de blog: Een korte serie over de Babylonische proto-astronomen zou ik geweldig vinden.

Gaan we doen, maar het zal wel maart worden.

Lees verder “Vragen rond de jaarwisseling (1)”

Vragen voor oudejaarsavond 2022

Deze blog bestaat nu al een jaar of elf, twaalf. Gek genoeg heb ik u nooit gevraagd wat u nu eigenlijk lezen wil, al komt het natuurlijk geregeld voor dat ik reageer op iets dat in de reageersectie ter sprake kwam. Aspasia is een recent voorbeeld. Ondertussen beantwoord ik honderden vragen per mail. Ook leiden regelmatig tot een blogje. Gewoon eens vragen om uw vragen, dat heb ik echter nog nooit gedaan. Vandaag dus wel. Ik nodig u dus uit om uw vragen over de Oudheid te stellen. Het kan gewoon hieronder of via deze pagina.

Lees verder “Vragen voor oudejaarsavond 2022”