Mohra Moradu

Mohra Moradu
Mohra Moradu

De titel van dit stukje zal u vermoedelijk niet meteen iets zeggen en dat ligt niet aan u, want het gaat om een redelijk obscure opgraving in Pakistan. Ze behoort bij de verzameling ruïnes die bekendstaat als Taxila: de oudste hoofdstad van de Punjab. Het geheel geldt als werelderfgoed en dat is ook terecht: hier is de Mahabharata voor het eerst gereciteerd, hier werd de Ramayana gecomponeerd, hier kwamen Darius en Alexander, hier schreef Panini ’s werelds eerste grote grammaticaboek, hier ontwikkelden saddhu’s alternatieven voor de godsdienst van de brahmanen.

Lees verder “Mohra Moradu” →

Zelfvergoddelijking

Alexander als Zeus, met bliksemschicht in de hand

Het was net de IJssel bij Zutphen, dacht ik, alleen was de stroom breder en was het landschap wijdser. Ik realiseerde me tegelijk hoe belachelijk de associatie was. Ik stond namelijk in Pakistan en keek uit over de rivier de Jhelum. Het was veertig graden en ik moest uitkijken voor tropenkolder.

Misschien was ik niet overweldigd door de warmte maar door het belang van de plaats: dit was waar de Macedonische koning Alexander de Grote in de vroege zomer van 326 v.Chr. de Indische radja Poros versloeg. Militair stelde die campagne weinig voor, maar religieus was ze des te significanter.

Lees verder “Zelfvergoddelijking” →

Apollonios in Taxila

Taxila-Sirkap: “stupa met de tweekoppige adelaar”.

Ik blogde gisteren over Taxila, de hoofdstad van de antieke Punjab. Het gedeelte dat Sirkap wordt genoemd, dateert uit de Grieks-boeddhistische tijd en moet zijn aangedaan door de reiziger wiens verslag ten grondslag ligt aan het gisteren genoemde Leven van Apollonios van Tyana van Filostratos. Ik citeer wat fragmenten uit de volgende maand te verschijnen vertaling van mijn vriendin Simone Mooij, die tonen dat de beschrijving van de stad redelijk accuraat is. De Poros die wordt genoemd, is de Griekse weergave van het Indische Puru, de naam van zowel de antieke Punjab als de heerser van dat koninkrijk.

Taxila is ongeveer zo groot als Nineve en passend ommuurd, zoals de steden in Griekenland. Hier was het paleis van de man die toen heerste over het rijk van Poros. Ze zeggen dat ze vóór de stadsmuur een tempel hebben gezien van natuursteen met versteende schelpen erin, niet veel minder dan honderd voet lang. Daarin was een heiligdom gebouwd, weliswaar tamelijk klein in verhouding tot zo’n grote tempel met een zuilengalerij er omheen, maar bewonderenswaardig. Want tegen elke wand waren bronzen platen vastgenageld waarop de daden van Poros en Alexander waren afgebeeld. Met geel koper, zilver, goud en donker brons waren olifanten, paarden, soldaten, helmen en schilden weergegeven; lansen, projectielen en zwaarden waren allemaal van ijzer.

Lees verder “Apollonios in Taxila” →

Taxila

Bhir Mound (Taxila)

In 2004 ben ik Alexander de Grote nagereisd en zo belandde ik in Taxila, de oude hoofdstad van de Punjab, waar de Macedonische koning 2329 jaar eerder was. Er is geen draad archeologisch bewijs voor zijn aanwezigheid: we weten alleen zeker dat een Europees leger door Pakistan is getrokken omdat onze bronnen redelijk goed passen bij wat we over het gebied weten. Er zijn echter – met uitzondering van wat mogelijk katapultkogels zijn – nooit Macedonische voorwerpen gevonden. Alexanders leger kwam, zag, overwon, trok verder en bleef nergens zó lang dat het bodemarchief er substantieel door veranderde.

Alexander was in april 326 v.Chr. in Taxila; negen maanden later waren de bewoners al tegen de Macedoniërs in opstand gekomen. De Griekse culturele invloed dateert van later tijd. In 184 trokken de legers van Grieks Baktrië over de Hindu Kush, en zij veroverden de Punjab. Daar bloeide een Grieks-boeddhistische cultuur op met een heel eigen vormentaal, waarover ik al eens blogde: de Gandara-kunst.

Lees verder “Taxila” →

Gandara-kunst

Athena (Museum Lahore)
Athena (Museum Lahore)

Dat dit beeldje de Griekse oorlogsgodin Athena voorstelt, zal niet de meest verrassende mededeling zijn die ik kan doen, maar de vindplaats is wel verrassend: in de Punjab, in het noorden van Pakistan. Het beeldje is nu te zien in het museum van Lahore, dat u misschien kent omdat het wordt genoemd op de eerste bladzijde van Rudyard Kiplings roman Kim: “the old Ajaib-Gher – the Wonder House, as the natives call the Lahore Museum”. (Ook het kanon waarop Kim “in defiance of municipal orders” zit, bestaat echt.)

Anders dan men wel eens leest, heeft de Griekse aanwezigheid in de Punjab niet rechtstreeks te maken met de veldtocht van Alexander de Grote (326 v.Chr.). Die kwam, zag, overwon en vertrok. Toen hij drie jaar na zijn overwinning aan de rivier de Jhelum overleed, was de Indusvallei in feite ontruimd en het meest blijvende resultaat was dat een jonge Indische krijger, Chandragupta, had gezien hoe je een leger organiseerde. Hij volgde het voorbeeld van Alexander en stichtte het Maurya-rijk, dat onder zijn kleinzoon Ashoka heel India omvatte. Hier bloeide het boeddhisme.

Lees verder “Gandara-kunst” →

Geschiedvervalsing in Lahore

lahore

Te voorbereiding van mijn boek over Alexander de Grote bezocht ik in 2004 Pakistan. Ik schreef al eens over die fantastische reis.

Fantastisch was ook de landkaart van Alexanders veldtocht door de Punjab, die hierboven is te zien. De pijltjes geven de expeditie aan: linksboven ligt Herat in Afghanistan, dan naar het zuiden naar Kandahar, vervolgens richting Kabul en dan, na een expeditie in wat nu Oezbekistan heet, naar het oosten. De inzet op het landkaartje toont de Swatvallei, vervolgens is er het bezoek aan de hoofdstad Taxila, het oversteken van de rivier Jhelum bij Nikaia (“overwinningsstad”), de expeditie naar het zuidoosten, de terugkeer naar Nikaia en vervolgens de tocht stroomafwaarts naar het zuiden.

Lees verder “Geschiedvervalsing in Lahore” →

Alexander de bedrieger (2)

Alexander als Zeus, met bliksemschicht in de hand

[Dit is het laatste deel van een artikel dat hier begon.]

Langzaam begonnen de definities te verschuiven. Alexander was niet langer “als een god onder de mensen” maar ging zich steeds meer gedragen alsof hij echt een god was. In de lente van 326 leverde hij slag tegen de Indische radja Poros. Alexander behaalde de zege doordat de Macedoniërs dankzij enorme regenval ongezien de rivier de Jhelum konden oversteken, en doordat vervolgens de Indische strijdwagens en olifanten in de modder vast kwamen zitten. Op de herdenkingspenningen die Alexander liet slaan, toonde hij zichzelf met in de hand een bliksemschicht, alsof híj, en niet zijn goddelijke vader Zeus, de regen had veroorzaakt.

Waarschijnlijk geloofde Alexander het zelf ook niet, getuige het toneelstukje dat hij niet veel later opvoerde in de zuidelijke Punjab. Bij de bestorming van het hindoe-heiligdom in de stad die nu Multan heet, had hij een pijl in zijn borst gekregen. Er zijn verschillende verslagen. Het ene is te vinden in de memoires van admiraal Nearchos, die niets vermeldt over de aard van de schotwond, maar wel schrijft dat de soldaten zagen hoe de koning enige tijd later weer kon paardrijden. Het tweede verslag is van Ptolemaios, die niet aanwezig was in Multan, maar later vernam dat de pijl Alexander in de long had getroffen zodat er lucht en bloed uit de wond waren gekomen.

Lees verder “Alexander de bedrieger (2)” →

De weg naar Uch: Pakistan (3)

Mausoleum van Bibi Jalwindi

[Dit is het laatste deel van een reisverslag uit 2004; het eerste is hier.]

De bestemming mag dan wel niet het doel van een reis zijn, maar is wel het punt waar je begint met terugkeren. In ons geval in de stad Uch, niet ver van de plaats waar vier rivieren zich verenigen met de Indus. Alexander verbleef er enige tijd om te genezen van zijn verwonding en stichtte er een stad die hij naar zichzelf noemde. Nog eeuwen heette de plaats Askandra, maar meer herinnert er niet aan zijn verblijf, want de rivieren hebben ongeveer tweederde van de stad weggespoeld.

Er leiden twee wegen naar Uch, maar de ene ligt in z’n geheel open en de andere over een afstand van 30 kilometer. We prijzen ons gelukkig met “onze” four-wheel-drive met overheidskentekens, want hierdoor hoeven we in elk geval niet bij elke politiepost te stoppen. Door de hitte en het stof verdwijnt alle kleur uit het landschap, tot we uiteindelijk bij Uch aankomen: onverwacht rijzen de koepels van middeleeuwse mausolea op uit een groen palmbos.

Lees verder “De weg naar Uch: Pakistan (3)” →

De weg naar Uch: Pakistan (2)

De resten van de Vishnu-tempel van Multan in Pakistan (rechts)

[Dit is het vierde deel van een reisverslag uit 2004; het eerste is hier.]

Multan staat tegenwoordig bekend om drie dingen: stof, graven en hitte. Wij worden er verwelkomd met de geruststellende woorden dat we geluk hebben dat het niet meer zo heet is als de dag ervoor. Vandaag is het nog maar 46 graden. Ondanks deze meevaller sluiten we ons op in onze hotelkamer en kijken van onder de airconditioning naar het cricket op TV. Het journaal meldt dat een autobom is ontploft bij het Amerikaanse consulaat in Karachi.

De volgende ochtend lopen we door de fleurige straten naar het moderne fort, dat ligt op de plaats waar in de tijd van Alexander een rijkgedecoreerd heiligdom stond voor de god Vishnu. Antieke bronnen melden dat eerlijke mensen de ontelbare pelgrims gastvrij onthaalden. Die offerden bloemen in de tempel, waar altijd enkele dienaressen zaten te musiceren. Het moet een aangename plaats zijn geweest, want rond de tempel lagen tuinen met waterpartijen en in de buurt was een opvanghuis waar duizenden arme mensen eten, drinken en medicijnen kregen.

Lees verder “De weg naar Uch: Pakistan (2)” →

De weg naar Uch: Pakistan (1)

Detail van een stupa uit Jaulian in Pakistan

[Dit is het derde deel van een reisverslag uit 2004; het eerste deel is hier.]

Drie maanden later landen we bij Islamabad, de hoofdstad van Pakistan. We zijn wat nerveus want ergens op het vliegveld moet de auto met overheidskentekens klaarstaan die voor ons is geregeld – maar hoe vind je je chauffeur in de mensenmassa? Gelukkig vindt hij ons, en eigenlijk hadden we dat kunnen weten: bleke westerlingen van één meter negentig zijn bezienswaardigheden.

Niet veel later rijden we over de Grand Trunk Road: de eeuwenoude route van Kabul via Peshawar, Lahore en Amritsar naar de steden aan de Ganges. Het is de Uttarapatha uit de antieke Indische literatuur, de hoofdweg waarover het boeddhisme zich naar het westen verspreidde en miljoenen mensen handel dreven en vrienden bezochten. Momenteel is het een vierbaansweg, maar je moet niet opkijken als tussen de bontversierde vrachtauto’s een stel buffels of een dromedaris opduikt. De G.T.R. is een wereld op zich, een historisch verhaal waar je als reiziger ineens in bent opgenomen, en het overdonderende begin van ons bezoek aan Pakistan.

Lees verder “De weg naar Uch: Pakistan (1)” →