Faits divers (48)

Zomaar een foto van Tipasa

Een nieuwe aflevering in de onregelmatig verschijnende reeks faits divers. Ik probeer altijd wat eenheid aan te brengen, wat soms lukt en soms niet, maar dit keer zijn de faits divers echt heel divers.

Egypte in Leiden

Eerst wat nieuws uit eigen land, namelijk uit ons eigen Leidse Rijksmuseum van Oudheden: de mooie expositie over het ontdekken van het oude Egypte is tot 3 mei verlengd. “Wegens succes geprolongeerd”, heet zoiets, en de tentoonstelling is inderdaad heel goed bezocht, zonder dat het onprettig druk is. Gaat dat zien dus.

Lees verder “Faits divers (48)”

Faits divers (47)

Het Byzantijnse fort van Madauros

Een nieuwe aflevering in de onregelmatig verschijnende reeks faits divers, met deze keer: de chronologie van Egypte, Charax, restauratietechniek, een superbelangrijk boek, beschadigd erfgoed en – het wordt een gewoonte – de bedreigde geesteswetenschappen.

Kenneth Kitchen

Als u deze blog leest, houdt u van geschiedenisboeken, waarin de resultaten van wetenschappelijk onderzoek worden gepresenteerd. Sommige onderwerpen trekken wat meer de aandacht, andere wat minder, en in die tweede categorie valt zeker het onderzoek naar de antieke chronologie. (Ik heb weleens een boek voorgesteld met de titel “hoe oud is het?” maar geen uitgever durft eraan te beginnen.) Maar een juiste chronologie is verondersteld bij alle andere onderzoek.

Lees verder “Faits divers (47)”

Voor-westerse geschiedenis (5) de eerste boeren

Akkerbouw lijkt zo logisch maar was dat in de voor-westerse wereld allerminst. Ik wees er al op dat het landschap in het Midden-Oosten en rond de Middellandse Zee weliswaar heel gevarieerd is maar zelden gastvrij. In een ander blogje vertelde ik dat de regens vallen op het verkeerde moment. Waar bergen zijn – en waar was dat eigenlijk niet? – is weinig ruimte voor akkerbouw. De rivier- en kustvlakten zijn doorgaans klein, als ze niet onleefbaar waren door de eeuwenlang alom aanwezige malaria. Het is logisch dat de akkerbouw doorbrak op de grote vlakte van Mesopotamië, al is dat, zoals we nog zullen zien, niet waar deze activiteit is ontstaan.

De rivieren waren namelijk bepaald niet behulpzaam voor de eerste boeren. De Eufraat en Tigris, gevoed door de in het voorjaar smeltende sneeuw van Armenië, traden namelijk buiten hun oevers op het moment waarop de gewassen ontkiemden. Dat dwong de akkerbouwers in deze regio om dammen, dijken en cisternen te bouwen. De extra inspanning gold blijkbaar als een acceptabele prijs om te betalen voor het jaarlijks afgezette laagje vruchtbare klei, de aanwezigheid van vis en de mogelijkheid van eenvoudig transport.

Lees verder “Voor-westerse geschiedenis (5) de eerste boeren”

Alexander de Grote in Alexandrië

Alexander als stichter van Alexandrië (Louvre, Parijs)

Vorige maand blogde ik over het bezoek dat Alexander de Grote bracht aan de oase van Siwa, waar hij het orakel van Ammon bezocht en ongevraagd vernam dat hij de zoon van Zeus was. Na deze gebeurtenis keerde hij naar de kust terug, naar de plek waar hij een stad wilde stichten.

Alexandrië

De stedenbouwkundige Deinokrates van Rhodos had voorbereidingen getroffen en op 7 april 331 v.Chr. voltrok Alexander het stichtingsritueel van de nieuwe stad, die wel eens wordt getypeerd als zijn meest duurzame erfenis. Voor het moment was Alexandrië echter vooral een instrument om de graanhandel met de Griekse wereld te controleren, en uit verschillende contemporaine teksten blijkt dat de administrateur van Egypte, Kleomenes, de Grieken inderdaad fikse bedragen liet betalen voor het Egyptische graan.noot Aristoteles, Oikonomikos 1352a17ff en 1352b13ff; Demosthenes, Redevoering 56.7-8.

Lees verder “Alexander de Grote in Alexandrië”

Egypte ontdekken

Het was niet Napoleon die, toen hij een team geleerden meenam naar het front, Egypte ontdekte. Al eerder waren er Griekse reizigers geweest, zoals Herodotos van Halikarnassos, die een priester interviewde over de bronnen van de Nijl. Er was de Romeinse officier Ammianus Marcellinus, die een correcte vertaling wist te geven van de hiëroglyfen. Er was kalief Al-Ma’mun, die de Grote Piramide opende en daar een mummie vandaan haalde. En er zijn altijd Egyptenaren geweest die naar de aloude monumenten keken, zich afvroegen wat dat waren en zo grondslagen legden voor wat nu egyptologie heet.

Egypte als ontdekking

Het is dan ook terecht dat de huidige expositie in het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden, gewijd aan het ontdekken van Egypte, begint met Arabische visies op het antieke Egypte. Al-Masudi komt langs, die u op deze blog eerder bent tegengekomen. Pas na de Arabische ontdekkers stelt het museum de West-Europeanen aan de bezoekers voor: eerst kunstenaars als Cornelis de Bruijn, later ook wetenschappers.

Lees verder “Egypte ontdekken”

Ramses II in Tyrus

Ramses II op een reliëf uit Tyrus (Nationaal Museum, Beiroet)

Tot de vele bijzondere voorwerpen in het Libanese Nationaal Museum in Beiroet behoort ook het bovenstaande reliëf. Het is niet bekend hoe het precies is gevonden, behalve dat het is gebeurd in de zuidelijke havenstad Tyrus. Dat moet in de jaren zestig of de vroeg jaren zeventig zijn geweest.

Ramses II, jaar 4

De voorstelling is echter duidelijk, al was het maar omdat ze zo traditioneel is: we zien rechts de Egyptische koning Ramses II, die op het punt staat enkele verslagen tegenstanders de kop in te slaan ter ere van de god Ra-Horakhty, die een lange scepter en een soort zwaard in handen heeft. Helemaal bovenaan is de zonnegod Ra te zien. Soortgelijke afbeeldingen werden al vijftien eeuwen eerder gemaakt en zouden veertien eeuwen later nog steeds worden gemaakt (zij het met de Romeinse keizer), en daaruit volgt dat we de verslagen tegenstanders niet zonder meer kunnen identificeren met een concrete vijand. Het zijn “de” vijanden van Egypte in het algemeen. Ook de stereotype tekst, vol goddelijke en koninklijke titels, verwijst niet naar een specifieke tegenstander.

Lees verder “Ramses II in Tyrus”

De slag bij Kadesh (4)

Hittitisch-Egyptisch verdraag (Archeologisch museum van Istanbul)

[Laatste van vier blogjes over de Egyptisch-Hittitische Oorlog in Syrië, maar er is nog een PS. Het eerste was hier.]

De strijd bij Kadesh was begonnen toen Hittitische strijdwagens de Orontes waren overgestoken, de Egyptische Ra-divisie in de flank hadden aangevallen en waren afgebogen naar het kamp van de Egyptische Amon-divisie, waar farao Ramses II zich bevond.

De strijd om het kamp

Zoals ik in het vorige blogje aangaf, kan het aantal Hittitische strijdwagens dat door de Ra-divisie heen brak, nooit groot zijn geweest, en toen die wagens aankwamen bij het Egyptische kamp, kon Ramses snel instructies geven voor een tegenaanval. In zijn eigen verslag beweert de Egyptische koning weliswaar dat er geen officier, geen wagenmenner, geen soldaat, geen schilddrager meer bij hem was, maar dat is onzin. Tegenover hooguit enkele honderden zware strijdwagens zette hij evenveel snellere strijdwagens en duizenden infanteristen. De Hittieten werden bedolven onder een regen van pijlen en hadden geen schijn van kans.

Lees verder “De slag bij Kadesh (4)”

De slag bij Kadesh (3)

Kadesh

[Derde van vier à vijf blogjes over de Egyptisch-Hittitische Oorlog in Syrië. Het eerste was hier.]

Farao Ramses II wilde de Egyptische invloed op de Syrische vazalkoningen vergroten, en had in Amurru al enig succes gehad. De Hittitische koning Muwatalli II had alle reden om verdere Egyptische expansie te beletten en trok daarom zuidwaarts. Behalve het leger dat hij had meegenomen uit zijn hoofdstad Hattusa, waren er contingenten uit Anatolische en Syrische steden en streken. Eén daarvan wordt in een Egyptische tekst aangeduid als Drdny, een groep die we ook kennen als een van de Zeevolken. Deze naam wordt wel gevocaliseerd als Dardanoi, wat in de Ilias de koninklijke familie is van Troje. Nee, ik beweer niet dat er bewijs is dat een Priamos, een Hektor of een Alexandros aanwezig is geweest in Kadesh, maar wel dat denkbaar is dat we hier twee echo’s horen van dezelfde naam uit dertiende-eeuws Noordwest-Anatolië.

Muwatalli’s krijgsplan

Hoe dat ook zij, Muwatalli bezette Kadesh, waar hij een Egyptische aanval verwachtte. Misschien verwachtte hij die vanuit Amurru in het westen, langs de Nahr al-Kabir, waar inderdaad de Egyptische Ne’arin waren geland. Misschien was Muwatalli’s krijgsplan dat hij wachtte tot het vijandelijke leger was samengetrokken, zodat in één groot, beslissend gevecht kon worden afgerekend met de vijand. Die zou dan weten dat de Hittitische legers oppermachtig waren. Hij bezette alvast de oostelijke oever van de Orontes, zodat de Egyptische troepen zich konden opstellen op de westelijke oever.

Lees verder “De slag bij Kadesh (3)”

De slag bij Kadesh (2)

Ramses II met de blauwe khepresh-oorlogskroon (Staatliche Sammlung für Ägyptische Kunst, München)

[Tweede van vier à vijf blogjes over de Egyptisch-Hittitische Oorlog in Syrië. Het eerste was hier.]

De Egyptisch-Hittitische Oorlog om Syrië kwam niet uit de lucht vallen. Ooit, in de vijftiende eeuw v.Chr., had Toetmoses III, de Egyptische legers tot aan de Eufraat gebracht en hij claimde te regeren over de hele Levant. Er zijn online nog volop landkaarten te vinden die Egypte en de regio tot aan de Eufraat een en dezelfde kleur geven, alsof het hele gebied behoorde bij één staat onder één vorst. Feitelijk ging het om een verzameling kleine en grote vazalstaatjes, die zo loyaal waren aan de farao als deze interesse toonde. Egyptologen hebben wel gemeend dat de Egyptische invloed afbrokkelde ten tijde van farao Echnaton, die meer bezig zou zijn geweest met religie dan met de buitengewesten, maar dit beeld is gebaseerd op het uit diens regeringstijd overgeleverde staatsarchief (de Amarna-brieven). Uit de tijd van zijn voorgangers hebben we zoveel documentatie niet, en vermoedelijk was hun greep op de regio even los.

Amurru

Een van de vazalstaatjes was Amurru, dat u moet zoeken in het noordwesten van Libanon, langs de Nahr al-Kabir. Deze stroom, die weliswaar “grote rivier” heet maar feitelijk nogal klein is, is belangrijk omdat hier een zeer goed begaanbare weg ligt van de zee naar het binnenland; deze doorgang tussen de bergen staat bekend als de “Homs Gap” en het strategisch belang werd nog eeuwenlang erkend. Zo bouwden de Kruisvaarders de Krak des Chevaliers om deze weg te bewaken. Aan het einde van deze corridor ligt de vruchtbare Orontesvlakte, met daarin de stad Kadesh.

Lees verder “De slag bij Kadesh (2)”

De slag bij Kadesh (1)

Hittitische oorlogsgoden, Yazilikaya

Een van de tradities op de Mainzer Beobachter is het vervolgverhaal rond kerst. Vorig jaar ging het over Cornelis de Bruijn en het jaar ervoor blogde Kees Alders over de Romeinse Stoa. In 2017 ging het over joodse retorica. Nogal vaak bestond het vervolgverhaal uit krijgsgeschiedenis, omdat dat genre zich goed leent voor een doorlopend verhaal: in 2022 blogde ik over de Makkabeeën, het jaar ervoor over Xenofons tocht naar Kounaxa, in 2018 behandelde ik de Tweede Punische Oorlog, in 2016 schreef ik over de speurtocht naar de Trojaanse Oorlog en in 2014 begon deze traditie met een overzicht van het Ardennenoffensief. (Dit vind ik nog altijd een van de betere delen van deze blog.) In 2015, 2019 en 2020 was er geen vervolgverhaal, en dit jaar behandel ik de slag bij Kadesh. Opnieuw krijgsgeschiedenis, opnieuw een onderwerp dat weinig heeft te maken met vrede op aarde. Maar soit.

De simpelste samenvatting: in de slag bij Kadesh, die plaatsvond in de eerste helft van de dertiende eeuw v.Chr., stond de Egyptische koning Ramses II tegenover de Hittitische koning Muwatalli II. De inzet van het gevecht was de heerschappij in de vallei van de rivier de Orontes. Wie de slag won, is niet helemaal duidelijk, en is eigenlijk ook niet zo belangrijk, want het feitelijke resultaat was dat de twee partijen leerden dat ze beter geen open veldslagen konden aangaan. Vijftien jaar later tekenden ze een vredesverdrag.

Lees verder “De slag bij Kadesh (1)”