Mleeta

De plaats waar de zionistisch-imperialistische ambities worden begraven

Vrijwel onmiddellijk nadat in 2012 in het Bulgaarse Burgas bij een aanslag zes joodse toeristen waren gedood, beschuldigden de Amerikaanse en Israëlische autoriteiten de Hezbollah. Dat was een onverwachte claim, want de sji’itische strijdgroep uit Libanon laat zich erop voorstaan een professioneel leger te zijn dat onschuldige burgers met rust laat. Het zonder aanziens des persoons vermoorden van joden is meer iets voor Hamas en nationaalsocialisten. Toen het onderzoek naar de aanslag enkele maanden later werd afgesloten, bleef de oorspronkelijke conclusie echter gehandhaafd: Hezbollah had het gedaan. Dat kan juist zijn maar ik zou er ook niet van opkijken als nog eens wordt ontdekt dat met het bewijsmateriaal is gerommeld. Ik heb geen mening.

Waar ik daarentegen wel een uitgesproken mening over heb, is dat Hezbollah geen frisse organisatie is. Het is een terreurgroep. Met vertakkingen in de drugshandel. Wie tegenwoordig door de zuidelijke Bekaavallei reist of door het zuiden van Libanon, ziet elegante huizen, gefinancierd met drugswinsten. Onfris. Ik zie ook de grap niet van de verkoop van Hezbollah-t-shirts aan toeristen (al ben ik niet zo humorloos dat ik niet moest grinniken om de verkoper die ze in Baalbek aanbood met een welgemeend “sjaloom”). Verder vind ik mokken met het portret van leider Hassan Nasrallah alleen geschikt voor het drinken van bier, wijn en andere spiritualiën.

Lees verder “Mleeta” →

De identiteiten van Libanon

Annaya, de grafkerk voor Sint-Charbel, een van de voornaamste spirituele centra van de maronitische kerk in Libanon.

Ergens rond 600 na Chr. trok een Arabische stam vanuit Jemen langs de Wierrookroute naar Syrië. Deze mensen, die in elk geval als officiële fictie maar deels ook werkelijk verwant met elkaar waren, vestigden zich in de omgeving van de Romeinse stad Kyrrhos, waar ze zich rond 630 bekeerden tot het christendom. Meer precies: ze bekeerden zich tot het monotheletisme, een doctrine die inhield dat Christus weliswaar twee naturen had gehad maar slechts één wil. Wat hier theologisch precies aan schort weet ik niet maar het moet iets afschuwelijks zijn.

Enkele jaren later veroverden de islamitische Arabieren Syrië en de monotheletisten woonden nu in het Arabische wereldrijk. De theologische discussies in het Byzantijnse Rijk zullen nauwelijks tot hen zijn doorgedrongen: ze bleven vasthouden aan hun opvattingen. Misschien was het, levend in het kalifaat van Bagdad, ook wel handig om niet teveel te lijken op de religie van de Byzantijnse vijanden.

Lees verder “De identiteiten van Libanon” →

Snouck Hurgronje

Wie in Leiden over het Rapenburg naar het Academiegebouw wandelt, passeert op nummer 61 het huis waar Christiaan Snouck Hurgronje heeft gewoond. Afgezien van de in steen gebeitelde naam herinnert er weinig aan de geleerde, die leefde van 1857 tot 1936 en tot op de dag van vandaag ietwat omstreden is. Snouck was namelijk de islamoloog die de strategie ontwierp waarmee generaal Van Heutsz tussen 1898 en 1903 de bevolking van Atjeh onderwierp. Niet iedereen kan, om het zacht uit te drukken, waardering opbrengen voor de architect van een koloniale oorlog.

Er is echter meer. Snouck Hurgronje had zich in 1885, minimaal in naam, bekeerd tot de islam en had enige tijd in Mekka en gewoond en gestudeerd. Voor menig moslim gold hij als vertrouwenspersoon, ja als leraar. Tegelijk schreef hij rapporten voor de Nederlands-Indische autoriteiten, waarin hij doorgaf wat hem was verteld. Was het, zoals Snouck Hurgronjes biograaf Philip Dröge in zijn onlangs verschenen boek Pelgrim opmerkt, wel eerlijk van de Nederlandse geleerde om de mensen die hem bewonderden, zó te belazeren? Was hij niet in feite gewoon een spion?

Lees verder “Snouck Hurgronje” →

De Everest Fallacy (opnieuw)

isfahan
Natuurhistorisch museum, Isfahan

1.

Bijna zes jaar geleden schreef ik:

Als ik bergen zou onderzoeken, zou de Mount Everest mij meteen opvallen, omdat het nu eenmaal de hoogste top ter wereld is. Maar zou ik al mijn kennis op deze berg baseren, dan gaat het mis: de Mount Everest is bijvoorbeeld grotendeels bedekt met sneeuw, en de meeste andere bergen zijn dat niet.

Het verschijnsel dat we het opvallendste ook belangrijk vinden, staat bekend als de “Everest Fallacy”. Deze neiging is vooral relevant voor de media, want nieuws is per definitie opvallend, extreem en dus niet-representatief. Een bomaanslag is extreem en daarom nieuws, maar is niet typerend voor wat er feitelijk gebeurt in een stad. Ik heb nooit de illusie gehad dat we ooit zonder de Everest Fallacy zouden leven. We zullen ons wereldbeeld altijd baseren op te extreme observaties.

2.

In het stukje waar ik zojuist naar linkte, gaf ik ook enkele voorbeelden van de Everest Fallacy. Voorbeelden die zes jaar geleden actueel waren. En over een daarvan wil ik het vandaag hebben.

Lees verder “De Everest Fallacy (opnieuw)” →

Nis

Tichel met christusmonogram uit Spanje (British Museum, Londen)

Nog heel even iets over het plaatje dat ik afbeeldde bij mijn stukje over de Visigotische aanwezigheid op het Iberische Schiereiland: het Christusmonogram dat ik hierboven nogmaals toon. De zesde-eeuwse tichel, mogelijk afkomstig uit Ronda, is te zien in het British Museum en het (moeilijk leesbare) randschrift luidt BRACARI VIVAS CUM TUIS, waarvan het eerste woord “van Bracarius” betekent en de drie andere zoiets als “moge jij leven bij de jouwen”. Anders gezegd, het is een grafsteen die ooit, beschilderd en wel, tegen een muur of plafond was aangebracht.

De dood wordt dus herdacht door te zeggen dat iemand leeft en dat is niet de enige paradox. De alfa en de omega (de eerste en laatste letters van het Griekse alfabet) staan voor het begin en het einde en dat representeert… de eeuwigheid. Multatuli wees er al eens op dat wie mensen wil mobiliseren, ze een paradoxale boodschap moest geven: we moeten bijvoorbeeld samenwerken voor onze bevrijding. Dat paradoxale boodschappen, die immuun zijn tegen falsificatie, het beste werken, is natuurlijk een wat platvloers inzicht, maar ja, de diepste waarheden liggen nu eenmaal aan de oppervlakte.

Lees verder “Nis” →

Bling!

Portret van een meisje met een sieraad in het haar (Archeologisch Museum, Thessaloniki)

Als ik u zeg dat het bovenstaande portret is te zien in het archeologisch museum van Thessaloniki, als ik toevoeg dat ik het “gewoon mooi” vind en als ik in de volgende alinea wat opmerkingen maak over een aspect van het antieke kunstvoorwerp, dan weet u dat u bent beland in weer een aflevering van de onregelmatig verschijnende rubriek museumstukken, waarvan u hier een overzicht vindt.

Om te beginnen vertelt het kapsel iets over de hoge kwaliteit van de oud-Romeinse scharen. Dit is namelijke haute coiffure: het haar is geknipt in laagjes die aflopen vanaf een middenscheiding, terwijl deze jonge vrouw op haar achterhoofd lange vlechten draagt die ze heeft opgebonden op haar kruin. Over haar scheiding ligt een metalen sieraad, dat bovenaan begint met een bloem, lijkt te zijn ingelegd met edelstenen (en daarom zelf wel van goud of zilver zal zijn gemaakt) en uitloopt op twee gewichtjes op haar voorhoofd. We weten niet waar deze jonge vrouw vandaan kwam, maar op mij komen haar kapsel en sieraad uitgesproken oosters over, al zeg ik erbij dat ik zoiets nog nooit ergens heb gezien. Het grappige is dat de indruk dat deze vrouw van oosterse afkomst is, sterker wordt als je de bovenste of de onderste helft apart bekijkt. Althans, zo vergaat het mij.

Lees verder “Bling!” →

Vom Nutzen und Nachteil der Historie für das Leben (1)

Ik heb geen plaatje van een brandende moskee (en eigenlijk gaat dit stukje er ook niet over) dus ik geef u deze foto maar van de Lotfollah-moskee in Isfahan.
Ik heb geen plaatje van een brandende moskee (en eigenlijk gaat dit stukje er ook niet over) dus ik geef u deze foto maar van de Lotfollah-moskee in Isfahan.

Het is verleidelijk om over de actualiteit te bloggen. Een nieuwsbericht over pakweg een rechtszaak tegen de NS maakt je boos of wanhopig of vrolijk, of alledrie, en dat wil je van je afschrijven. Het leuke is dat je met een actueel stukje ook wat meer lezers trekt. Soms wordt het doorgeplaatst naar andere websites en dan heb je wat eer van je werk.

Een nadeel van zo’n stukje is dat het een bepaalde eenvoud moet hebben. Je kunt er één gedachte in uitwerken, hooguit twee. Je kunt ook niet te veel voorkennis veronderstellen. De discussie over de islam, die in de kern gaat over lastige zaken als methodisch collectivisme en methodisch individualisme, is geen onderwerp voor een blogstukje. (Ik heb dat hier eens uitgelegd aan de hand van de ontspoorde discussie tussen Peter Breedveld en Marcel Hulspas.) De discussie die we zouden moeten voeren, leent zich ook niet voor een TV-debat en is vermoedelijk zelfs te complex voor een krant. Aangezien onze meningen desondanks worden beïnvloed door deze media, is de discussie inmiddels onderdeel van het probleem.

Lees verder “Vom Nutzen und Nachteil der Historie für das Leben (1)” →

Wie is er bang voor Mohammed?

hulspas_bang

Ik moet Marcel Hulspas ruim twaalf jaar geleden hebben ontmoet. Hij vond me via het internet en vroeg me als meelezer van zijn boek En de zee spleet in tweeën, waarin hij de ontstaansgeschiedenis van de joodse Bijbel beschreef. Een mooi boek, ik kan het u aanraden. Niet dat Hulspas – ik ken niemand die hem Marcel noemt – altijd gelijk heeft, maar omdat hij verdraaid goede vragen stelde over het heilige boek.

Ik zie hem nog regelmatig, al belette het immer falende voormalige rijksspoorwegbedrijf onze laatste ontmoeting. (Iets met blaadjes die op de rails lagen en treinen die zó kort waren dat ik geen fiets kon meenemen.) Van zijn allerlaatste boek, Wie is er bang voor Mohammed?, was ik eveneens meelezer. Dat maakt het onmogelijk om het boek eerlijk te recenseren en dat zal ik dan ook niet doen.

Lees verder “Wie is er bang voor Mohammed?” →

Saladin in meervoud

De hoorns van Hattin, waar Saladin de Kruisvaarders versloeg

In juli 1187 versloeg de Koerdische leider Saladin, sultan van Egypte en Syrië, het leger van het Kruisvaarderskoninkrijk Jeruzalem. Kort na de Slag bij Hattin nam hij ook Jeruzalem in en nog een handvol andere steden. Hij wist echter de havens van het Heilig Land niet blijvend te veroveren, zodat een christelijk tegenoffensief mogelijk werd: de Derde Kruistocht, waaraan onder andere Richard Leeuwenhart deelnam. Die slaagde er weliswaar nog niet in Jeruzalem te heroveren maar wist de christelijke posities voldoende te versterken om de Kruisvaarders in staat te stellen de klus in 1229 alsnog af te maken.

In de islamitisch wereld kreeg Saladin een slechte naam. De soennieten beschouwden Hattin als een overwinning waarvan de winst uiteindelijk werd verspeeld, de sjiitische moslims herinnerden zich vooral dat Saladin de sjiitische Fatimidendynastie had beëindigd. In het westen was Saladins reputatie vanzelfsprekend ook niet al te best. In de Carmina Burana worden de gebeurtenissen beschreven in apocalyptische termen, met Saladin als aanvoerder van ruim twee dozijn met naam en toenaam vermelde vreemde volken.

Lees verder “Saladin in meervoud” →

Meer religie en etniciteit

Het DNA-onderzoek heeft denken over racisme een heel nieuwe wending gegeven: de kleur van de huid is maar één variabele in een hele reeks - en niet eens de belangrijkste.
Het DNA-onderzoek heeft denken over racisme een heel nieuwe wending gegeven: de kleur van de huid is maar één variabele in een hele reeks – en niet eens de belangrijkste.

Ik wist dat ik met mijn twee vorige stukjes een steen in een vijver gooide, maar het blijft grappig te zien welke reacties je krijgt. Ik zie althans humor in het feit dat bij een artikel dat uit twee delen bestaat, ruim duizend mensen de moeite namen te beginnen aan het eerste deel en nog geen driehonderd aan het tweede. Dat werpt een zeker licht op sommige behoorlijk grove commentaren op het eerste deel. Commentaren die ik dan ook heb weggehaald.

Maar is het wel zo grappig dat mensen al schelden voor ze een stuk helemaal hebben gelezen? Voor het goede begrip: ik schreef aan het begin dat ik antwoordde op vragen, dat ik niet de ambitie had een oplossing aan te dragen – dat kunnen historici namelijk niet en daar zijn ze ook niet voor – en dat ik wilde proberen te tonen waar de schoen wrong. Namelijk dat de concepten waarmee twee partijen elkaar verrot schelden een dialoog voeren niet overeenstemmen en dat er dus sprake is van een dialoog tussen doven. Ik probeerde dát verschil in kaart te brengen en wees erop dat het christendom nooit zo invloedrijk is als wanneer het, vermomd als seculier, niet meer wordt herkend en christelijke noties worden aangezien voor rationeel en objectief.

Lees verder “Meer religie en etniciteit” →