Het Mishna-traktaat Aboth

Menora’s (Archeologisch museum van Korinthe)

Na de val van Jeruzalem, in 70 na Chr., hadden de joden geen tempel meer en geen hogepriester. Zonder allerhoogste autoriteit moesten ze hun geloof opnieuw uitvinden. Als de sadduceeën, zoals je vroeger weleens las, vooral behoorden tot het meer welvarende deel van het Joodse volk, waren ze ten onder gegaan door de plunderingen tijdens de Joodse Oorlog. Van de mensen die de Dode Zee-rollen schreven (misschien de essenen) horen we niets meer. De sicariërs en de zeloten waren gesneuveld.

Nieuw leiderschap

Slechts twee groepen overleefden: enerzijds de farizeeën, anderzijds de volgelingen van Jezus. Uit die laatste groep is het christendom voortgekomen, met een kader van priesters, diakenen en bisschoppen. (Er waren aanvankelijk ook apostelen en christelijke profeten, maar die verdwijnen al snel uit zicht.) De christenen raakten van de andere joden gescheiden door de door de keizer geëiste Fiscus Judaicus, een maatregel die niet alle monotheïsten trof op dezelfde manier.

Lees verder “Het Mishna-traktaat Aboth”

Het scheiden der wegen

Schema van het scheiden der wegen (klik=groot)

Het is niet voor het eerst dat ik schrijf over het scheiden van de wegen van joden en christenen. Voor negentiende-eeuwse christenen was dat simpel: er was een Oud Verbond en omdat de joden Jezus van Nazaret niet hadden erkend als messias, was er een Nieuw Verbond, waarin de joden als verbondsvolk waren vervangen door de christenen. En voor joden was het ook al simpel: christendom was monotheïsme voor de export, maar niet het onversneden echte spul. Beide groepen – de negentiende-eeuwse christenen en de negentiende-eeuwse joden – claimden het tempeljodendom als hun eigen erfgoed en meenden dat de andere religie zich van de rechte leer had afgesplitst.

De geschiedenis van het christendom werd lange tijd eigenlijk even simpel voorgesteld. Ooit was er een zuivere kerk geweest, waar links en rechts aftakkingen van waren, met één orthodoxe stroming die in een rechte lijn vanaf de apostelen ging naar het eigen kerkgenootschap.

Lees verder “Het scheiden der wegen”

Birkat haMinim

De synagoge van Sepforis

Voor christenen was het ooit simpel: de joden hadden Christus niet erkend als messias en waren als verbondsvolk vervangen door christenen. Voor joden was het al even simpel: het christendom was verwaterd jodendom, monotheïsme voor de export naar andere volken. Beide standpunten zijn achterhaald. De twee wereldgodsdiensten wortelen allebei in het jodendom van vóór 70 na Chr. Dat was de tijd waarin de tempel nog het hart vormde van de eredienst.

Het scheiden der wegen

De vraag is waarom na de verwoesting van de tempel de wegen gescheiden zijn geraakt. Die vraag is des te complexer nu we de rol van Paulus beter begrijpen; het Nieuwe Perspectief op Paulus is een van de meer wezenlijke hedendaagse oudheidkundige discussies. Het antwoord is dat de scheiding zich in diverse stappen voltrok.

Lees verder “Birkat haMinim”

Bar Kochba, het sterrenkind (2)

Een deel van de hoofdstraat (cardo) die Hadrianus heeft laten aanleggen in Jeruzalem

[Tweede deel van een verhaal over de Bar Kochba-opstand. Het eerste deel vond u hier.]

De pacificatie van Judea was een feit. Dat bleek in 115, toen een messiaanse opstand uitbrak – ik blogde er al eens over – in het noordoosten van het huidige Libië en daarvandaan oversloeg naar Cyprus en Mesopotamië. Tegelijkertijd werden de Joden van Alexandrië zó ernstig door hun stadsgenoten bedreigd dat ze gedwongen waren de wapens eveneens op te nemen. Maar Judea bleef betrekkelijk rustig, al nam de Romeinse generaal Lusius Quietus enkele harde maatregelen, die kunnen worden uitgelegd als de onderdrukking van een opstand maar ook als de oorzaak van nieuwe onrust. Dat laatste zou de mening geweest kunnen zijn van keizer Hadrianus, die deze generaal in 117 om onbekende redenen terugriep en hem een jaar later uit de weg ruimde.

Maar er smeulde iets. Een aanwijzing is dat Jochanan ben Zakkai werd opgevolgd door rabbijn Gamaliël, de zoon van de Simeon die tijdens de oorlog van 66-70 deel had uitgemaakt van de provisionele regering. Een aanzienlijk deel van de discussies in Javne ging over de reinheidswetten, wat suggereert dat het samenleven met niet-Joden niet eenvoudig werd gevonden. Ook werd gesproken over de komst van de messias, met name over het visioen van de profeet Daniël over de mensenzoon die het Laatste Oordeel zou vellen. Het ging daarbij om de regel “Ik zag hoe er tronen werden neergezet en op één daarvan een man van hoge leeftijd ging zitten”. De geleerden waren het erover eens dat dit God zelf was, maar waarom was er dan meer dan één troon?

Lees verder “Bar Kochba, het sterrenkind (2)”

Bar Kochba, het sterrenkind (1)

Masada

Een vijand verslaan is één ding, het gebied pacificeren een ander. Traditioneel werkten de Romeinen in nieuw-verworven gebieden samen met de bestaande elite, die enerzijds het prestige had om haar onderdanen te bewegen Romeinse maatregelen te aanvaarden en anderzijds op de Romeinse steun aangewezen was om aan de macht te blijven.

Meestal koketteerden de notabelen met hun vriendschap met de machthebbers, zodat de uiterlijke vormen van de romanisering, zoals de beheersing van Latijn of Grieks, al gauw waarneembaar werden. Wie hogerop wilde, nam dit over, en binnen een generatie of twee, drie kon een gebied onherkenbaar veranderd zijn.

In Judea faalde dit mechanisme. De elite die de Romeinen in 6 na Chr. had welkom geheten was behulpzaam geweest, maar de hoge belastingdruk had het volk tot onrust gebracht. Daar kwam nog bij dat de joodse godsdienst het mogelijk maakte klachten te verwoorden op een religieuze wijze die door de Romeinen niet werd begrepen. Na de verwoesting van Jeruzalem in 70 na Chr. moesten de pacificatie en romanisering opnieuw beginnen, en er was geen elite om mee samen te werken.

Lees verder “Bar Kochba, het sterrenkind (1)”

4QMMT

Een van de snippers van 4QMMT, “Enige werken der Wet” (Wikimedia Commons)

Vraag een willekeurige oudheidkundige de vijf belangrijkste oudheidkundige ontdekkingen uit de afgelopen halve eeuw te noemen, en hij of zij zal daarbij ook de Dode Zee-rol noemen die bekendstaat als 4QMMT. Die tekst is echter niet heel bekend bij het grote publiek en verdient daarom wat meer aandacht.

De eerste twee letters van 4QMMT staan voor de vierde grot van Qumran, de vindplaats van diverse exemplaren van deze oude joodse tekst. De andere letters staan voor Miqsat Ma’ase ha-Torah, ofwel Enige Werken der Wet. De tekst is in de jaren tachtig uitgegeven. De Dode Zee-rollen zijn namelijk nogal onhandig gepubliceerd: de eerste, atypische grot heeft de toon gezet voor de receptie, maar pas toen de enorme verzameling teksten uit de vierde grot was gepubliceerd, hadden we een idee van wat er nu eigenlijk was. Het onderzoek kon pas in 2009 werkelijk beginnen. Een goed boek dat de oude schijnzekerheden vermijdt, is De Dode Zeerollen. Nieuw licht op de schatten van Qumran van Mladen Popović, waarover ik hier ooit de loftrompet stak.

Lees verder “4QMMT”

Opnieuw: de Didache

Twintig jaar geleden werd over de Nijmeegse classicus Vincent Hunink – full disclosure: ik heb herhaaldelijk en plezierig met hem samengewerkt – weleens het grapje gemaakt dat hij voornemens was vóór het nieuwe millennium de integrale klassieke literatuur vertaald te hebben. Dat is hem niet gelukt maar aan zijn arbeidsethos ligt het niet. Alleen al de afgelopen maand kwamen er drie boeken van hem uit: de Didache, waarover ik het hieronder wil hebben, en twee bewerkingen van eerdere vertalingen, namelijk een boekje van Augustinus over onderwijs en een traktaat over landbouw van Cato. De Augustinustekst heb ik nog niet gelezen; Cato mag u gerust overslaan; de Didache is echter een unieke en fascinerende tekst. Dat vergt echter wat uitleg.

***

Tegenwoordig maken we onderscheid tussen joden en christenen, maar in de eerste eeuwen van onze jaartelling zou slechts een enkeling dat hebben begrepen. Je had destijds mensen die één God vereerden, voor wie de tempel in Jeruzalem belangrijk was en die meenden dat God zich in boekvorm had geopenbaard. Die mensen vielen te verdelen in diverse groepen met uiteenlopende antwoorden op allerlei vragen. Mocht je ook andere goden vereren? Zo ja hoe? Waren er ook andere cultusplaatsen dan Jeruzalem? In welke boeken had God zich eigenlijk geopenbaard?

Lees verder “Opnieuw: de Didache”

Gelijkenissen

meier_parables

Anderhalf jaar geleden verscheen mijn boek Israël verdeeld, waarin ik het jodendom schetste zoals het bestond vóór de tempel in Jeruzalem werd verwoest. Ik beschreef de diverse halachische discussies, legde uit hoe vooringenomen de beschrijvingen van Flavius Josephus waren en wijdde ook een hoofdstuk aan het optreden van een charismatische, genezingen verrichtende, eigen halachische opvattingen verkondigende profeet die het naderende Einde der Tijden aankondigde. Later hebben ze rond Jezus van Nazaret nog een religie gesticht, maar daar ging mijn boek niet over.

Een onderwerp waaraan ik weinig aandacht besteedde, was Jezus’ gebruik van gelijkenissen. Het zijn mooie verhalen, daar niet van, maar geschiedschrijving is niet het navertellen van mooie verhalen. Je noteert wat belangrijk is en solide kan worden onderbouwd. Dat laatste is bij Jezus nogal lastig, aangezien in onze voornaamste bronnen, de evangeliën, feit en fictie door elkaar lopen. Wetenschappers van allerlei pluimage – historici, theologen, archeologen, filologen, sociale wetenschappers – zijn al een eeuw of twee bezig met het zoeken naar wegen om die twee categorieën te scheiden, laverend tussen de Skylla van de al te grote goedgelovigheid en de Charybdis van de hyperscepsis. Welgedefinieerde criteria spelen hierbij een belangrijke rol. Wat hieraan voldoet, wordt beschouwd als authentiek en toegeschreven aan “de historische Jezus”; wat hieraan niet voldoet, geldt als onbeslist. Wie de Bijbel wat letterlijker wil nemen, mag dit materiaal aanvaarden; wie sceptisch is, kan het negeren; maar dat wat de toetsing doorstaat, zou – als het onderzoek in orde is – door iedereen moeten worden beschouwd als betrouwbaar. De gelijkenissen, zo had ik al snel in de smiezen, vallen niet in deze categorie.

Lees verder “Gelijkenissen”

Israël verdeeld (synopsis)

Omslag

Hieronder de synopsis van Israël verdeeld; kort commentaar hier en enkele blogstukjes die ik tijdens het schrijven van dit boek publiceerde daar. Bestellen van Israël verdeeld lukt met deze link.

Israël verdeeld

1. Joden en Romeinen

Het Judea dat de Romeinen aantroffen, verkeerde in een diepe crisis. De burgeroorlog waarin de Romeinse generaal Pompeius intervenieerde, is maar één uiting van die verdeeldheid. Nu is verdeeldheid tot op zekere hoogte een normaal verschijnsel: in elke samenleving zijn krachten werkzaam die groepen opzetten tegen andere groepen. Doorgaans worden deze destabiliserende krachten gecompenseerd door instellingen die de mensen juist met elkaar verbinden, zodat een samenleving doorgaans verkeert in een dynamisch evenwicht. In Judea was dit evenwicht echter zoek.

In dit hoofdstuk verder een overzicht van verouderde sjabloons (“het spirituele oosten” versus “het humanistische westen”) en enkele wetenschappelijke debatten, zoals de herinterpretatie van de Dode Zee-rollen, de “derde speurtocht” naar de historische Jezus, de nieuwe typering van het Palestijnse jodendom, nieuwe ideeën over Paulus, enz.

2. Verdeelde elite

Hoe Judea aansluiting vond bij de rest van het oostelijk Middellandse Zee-gebied, dat werd gedomineerd door twee koninkrijken: dat van de Ptolemaïsche dynastie in Egypte en dat van de Seleukiden in Syrië, Anatolië, Mesopotamië en Iran. De langzaam toenemende rijkdom leidde in Judea tot het ontstaan van een financiële elite die niet samenviel met het traditionele leiderschap, dat werd belichaamd door de hogepriesters. Dit was geen ongebruikelijk probleem, maar er waren meer tegenstellingen. Eén daarvan was die tussen de rijken, die aansluiting zochten en vonden bij de internationale elite, en de armen, die deze aansluiting misten en assimilatie afwezen. Het kwam tot opstand: de destabiliserende krachten hadden het gewonnen van de verbindende.

3. Hasmoneeën en Herodianen

De Joden herwonnen hun onafhankelijkheid, maar niet hun eenheid. De Hasmonese dynastie bouwde weliswaar een machtig koninkrijk op, maar kon steeds rekenen op verzet: de nieuwe leiders claimden het hogepriesterschap, waarop ze volgens menigeen geen recht hadden, en ontkwamen er niet aan zaken te doen met de internationale elite, hoewel deze dynastie ooit naar voren was gekomen omdat ze assimilatie afwees. Toen Rome de macht in 63 v.Chr. overnam, meende men aanvankelijk dat hogepriester Hyrkanos de eenheid zou kunnen herstellen, zodat het gebied makkelijker door de Romeinen kon worden bestuurd, maar dit bleek niet het geval. In 40 v.Chr. vervingen Rome de Hasmonese dynastie door een nieuwe bestuurder, koning Herodes. Ook hij slaagde er niet in de middelpuntvliedende krachten te overwinnen en enkele jaren na zijn dood lijfden de Romeinen Judea in als provincie.

4. Diversiteit

Dit hoofdstuk biedt een overzicht van de zaken waarover consensus bestond en waarover men van mening verschilde. Alle joden waren het erover eens dat de tempel in Jeruzalem belangrijk was, dat God de joden had uitverkoren en er een verbond mee had gesloten, dat joden alleen aan deze God mochten offeren en dat Hij zich aan hen had geopenbaard via een heilig boek. In de praktijk bestond echter onenigheid over de vraag of het tempelritueel wel door geschikte hogepriesters werd uitgevoerd, waren er diverse interpretaties van de joodse uitverkorenheid, en was men het grondig oneens over de teksten die behoorden tot de Bijbel, om over de wijze van interpretatie nog maar te zwijgen. Dit leidt tot uitvoerige discussies en ruzies over de juiste joodse levenswijze, de halacha.

5. Josephus’ vier scholen

Josephus systematiseert de chaotische halachische discussies en stelt dat er drie echte stromingen waren binnen het jodendom: de farizeeën, de sadduceeën en de essenen. Later ontstond nog een vierde stroming van mensen die meenden dat vooral de gewelddadige verdrijving van de Romeinen de prioriteit moest hebben. Zij worden in de moderne literatuur veelal aangeduid als ‘zeloten’. In dit hoofdstuk wordt gekeken of Josephus’ schetsen van deze stromingen correct zijn.

6. Toekomstvisies

Eén van de geschilpunten was de komst van de messias, een Joodse leider die volgens de voorspellingen Israël zou herstellen. Enkele theorieën komen aan de orde: oorlogsleider, hogepriester, profeet, het dubbele messiasschap in Qumran, de profeet als Mozes en andere messiaanse typen. De conclusie is dat er geen intern-joodse scheuringen bekend zijn m.b.t. het messianisme, terwijl halachische kwesties wel tot scheuringen leidden. Dit betekent dat de claim van Jezus de messias te zijn, in zijn tijd geen echt probleem kan zijn geweest. Wie wil weten waarom joden en christenen gescheiden wegen zijn gegaan, moet zich concentreren op halachische kwesties.

7. Leven in de Eindtijd

Levend in wat hij beschouwde als de Eindtijd, combineerde Jezus van Nazaret uiteenlopende halachische opvattingen en creëerde zo een nieuwe, vijfde stroming, waarin centraal stond dat God de wereld zou komen besturen en dat Israël zou herstellen. Dit hoofdstuk bevat ook een korte geschiedenis van het Christendom tot het jaar 70 en een beschrijving van de bronnenproblematiek. Het eindigt met een korte typering van het vroege Christendom.

8. De val van Jeruzalem

De ondergang van de pluriforme wereld in de Joodse Oorlog van 66-70.

9. Gescheiden wegen

Hoe de rabbi’s in Javne de grondslagen legden voor een nieuw Jodendom, waarom de Christenen dat niet aanvaardden, waarom de Romeinen juridisch onderscheid begonnen te maken tussen Joden en Christenen, hoe sommige synagogen voor Christenen werden gesloten, hoe sommige Christenen de Joden beschouwden als duivelskinderen en hoe de twee religies in de tweede eeuw langzaam maar zeker uiteen groeiden, hoewel er nog tot eind vierde eeuw “cross-overs” waren.

Israël verdeeld eindigt met een appendix, gewijd aan de hermeneutische methode en een geschiedenis van de Joodse literatuur. Een lijstje met boeken voor wie meer wil weten, een verklarende woordenlijst en een register vormen het obligate nawerk.