De Kimmeriërs

Kimmerische of Skythische pijlpunten (Nationaal Museum van Armenië, Yerevan)

De Kimmeriërs, die zijn interessant! En dat is natuurlijk omdat het bewijsmateriaal enerzijds gevarieerd is, zodat allerlei specialisten erbij komen kijken, maar anderzijds tekortschiet, zodat er geen consensus kan ontstaan. Kortom: een fijne puzzel.

Dode Kimmeriërs

Eerste bewijsmateriaal: Griekse poëzie. In de Odyssee vertelt Homeros dat Odysseus, ergens in het verre verre westen, de rand bereikt van de Okeanos, waar de stad en het land van de Kimmeriërs zich bevinden. De zon schijnt er niet, de gebieden zijn eeuwig gehuld in mist en nevel, en “steeds hangt de heilloze nacht om de diep ongelukkige mensen”.noot Homeros, Odyssee 11.14ff. Als dit u doet denken aan het dodenrijk, dan zit u goed, want niet veel later brengt Odysseus inderdaad een bezoek aan die naargeestige plek.

Lees verder “De Kimmeriërs”

De Urheimat van het Proto-Indo-Anatolisch

De twee takken van het Proto-Indo-Anatolisch

Ik vertelde onlangs dat het er sterk op lijkt dat het Proto-Indo-Europees en het Proto-Anatolisch afstammen van dezelfde oertaal, die linguïsten aanduiden als Proto-Indo-Anatolisch ofwel PIA. Voor deze constatering is zowel taalkundig als DNA-bewijs.

Nu zijn er aanzienlijke verschillen tussen deze twee prototalen. Ik vertelde al eens dat de Indo-Europese talen drie woordgeslachten hebben en de Anatolische talen twee. Zo’n groot verschil kan niet zijn ontstaan in drie of vier generaties. Taalkundigen denken daarom dat er een paar eeuwen zijn verstreken tussen de tijd waarin we beide prototalen moeten plaatsen (zeg tweede helft vierde millennium v.Chr.) en de tijd van hun gedeelde voorganger. Dat zal de tweede helft van het vijfde millennium zijn geweest. Zie het stamboompje hierboven. En nieuwsgierig als we zijn, zouden we willen weten op welke plek dat Proto-Indo-Anatolisch gesproken is geweest. Anders geformuleerd: waar was de Urheimat van het PIA?

Lees verder “De Urheimat van het Proto-Indo-Anatolisch”

Oost en West

Het missorium van Theodosius, met naast hem Valentinianus II en Arcadius: drie keizers in oost en west (Archeologisch Museum, Mérida)

Het zestiende hoofdstuk van het handboek van De Blois en Van der Spek zou beter in tweeën gesplitst kunnen worden.noot Net als het voorgaande, dat beter verdeeld kan worden in een hoofdstuk over het politieke systeem van de Vroege Keizertijd en een hoofdstuk over sociale, economische en religieuze aspecten. De eerste helft van hoofdstuk zestien zou dan kunnen gaan over de Crisis van de Derde Eeuw tot en met Constantijn, en de tweede helft zou dan de Late Oudheid behandelen.

Periodisering

Een eerste punt is hier dat van de periodisering. De geleerden van de Renaissance introduceerden een drieslag: eerst was er de Oudheid (goed), toen waren er de Middeleeuwen (niet goed) en tot slot was er de Nieuwe Tijd, waarin men aansluiting zocht bij de Oudheid. Die verdeling is sindsdien grotendeels gehandhaafd, maar is uiteraard problematisch. Elke begrenzing schept grensgevallen. De laatste tijd leggen historici vooral de nadruk op de continuïteit van Constantijn tot Karel de Grote en schuiven ze de late Romeinse tijd en de Vroege Middeleeuwen ineen tot een nieuw tijdvak, de Late Oudheid. Daarna beginnen de Arabische en Latijnse bronnen even rijk te stromen als de Griekse en is er definitief een einde gekomen aan de Oudheid, die we definiëren als de tijd waarin we naast de archeologie wel bronnen hebben maar onvoldoende voor echte geschiedschrijving.

Lees verder “Oost en West”

Armenië in Assen

Bronzen beeldje van een edelhert, 1200-1000 v.Chr., gevonden in Tolors. (© Historisch Museum van Armenië, Yerevan)

Er zijn, althans op deze blog, eigenlijk twee Armeniës. Het een is een klein staatje ten zuiden van de Kaukasus, ingeklemd tussen Turkije en Azerbaijan, waarmee het op voet van oorlog staat. Gelukkig voor de Armeniërs loopt de weg van Iran naar Rusland door hun land, zodat er zowel in het zuidoosten als in het noorden landen zijn die baat hebben bij stabiliteit. Het andere Armenië is een antieke natie die zich uitstrekte over grote delen van wat nu oostelijk Turkije is en ook een deel van Noordwest-Iran. Dat antieke Armenië werd in de vierde eeuw na Chr. christelijk en die religie is wat het toenmalige en het hedendaagse Armenië verbindt.

In de ban van de Ararat

Aan dat antieke Armenië wijdt het Drents Museum nu een tentoonstelling, In de ban van de Ararat. Allerlei prachtige stukken uit het Historisch Museum van Armenië in Yerevan zijn nu in Assen.

Het knappe is dat u een goed beeld krijgt van de antieke materiële cultuur, hoewel de bruiklenen alleen komen uit het moderne Armenië. Het is alsof je aan de hand van de collectie van het provinciaal museum van Noord-Brabant een overzicht maakt van de geschiedenis van alle Nederlandse gewesten in de zestiende eeuw. Bewonderenswaardig is trouwens ook dat de expositie er überhaupt is gekomen. De corona heeft Armenië namelijk zeer hard getroffen en er was ook nog een oorlog met Azerbaijan die slecht afliep voor de Armeniërs.

Lees verder “Armenië in Assen”

Het koninkrijk Urartu

Erebuni, een van de hoofdsteden van Urartu (Yerevan)

Onlangs noemde ik Urartu, een ooit machtig koninkrijk in de regio van het huidige Armenië, Noordwest-Iran en Oost-Turkije. De eerste hoofdstad was de rotsvesting Tušpa, het huidige Van, en het land is voor te stellen als een grote rechthoek rond het Van-meer. Het Urmia-meer in Iran vormde de zuidoostelijke punt, het Sevan-meer in Armenië was de noordoostelijke punt en in het westen vormde de Boven-Eufraat de grens met de Frygische invloedssfeer. De Urarteeërs zelf noemden hun land Biainele; de naam Urartu komt uit het Assyrisch. In de Bijbel heet het koninkrijk Ararat, welbekend van de constatering dat de Ark van Noach aanmeerde op een van de plaatselijke bergen.

Urartu en Assyrië

De Urarteeërs waren beroemde metaalbewerkers, spraken een taal die verwant was aan het verder slecht bekende Hurritisch en schreven met een vereenvoudigd Assyrisch spijkerschrift. Daardoor zijn de meeste inscripties te lezen en te begrijpen: ze verwijzen vrijwel allemaal naar koninklijke bouwactiviteiten. Voor de reconstructie van de Urartese geschiedenis hebben we er daardoor betrekkelijk weinig aan.

Lees verder “Het koninkrijk Urartu”

Armenië en Ararat

Een religieuze schat uit Armenië: hout van de Ark van Noach in het museum bij de Kathedraal van Etsjmiadzin

[Ik leen mijn blog even uit aan een persbericht van het Drents Museum.]

Hoewel de Ararat niet in Armenië ligt, zijn deze beroemde heilige berg en de kleinste republiek van de Zuidelijke Kaukasus onlosmakelijk met elkaar verbonden. Vanaf 12 april 2020 spelen Armenië & Ararat de hoofdrol in de tentoonstelling In de ban van de Ararat – Schatten uit het oude Armenië. Schitterende objecten uit het History Museum of Armenia in Yerevan én een uniek reliek van de Ark van Noach komen naar Assen.

Na de grote internationale archeologietentoonstellingen over Iran en Nubië in 2018, presenteert het Drents Museum volgend voorjaar het verhaal van de rijke cultuur van Armenië. Een verhaal waarin de ruim 5.000 meter hoge Ararat niet kan ontbreken. Volgens de traditie stammen de Armeniërs rechtstreeks af van Hayk, een achter-achterkleinzoon van Noach die met zijn beroemde ark vastliep op de flanken van de Ararat.

Lees verder “Armenië en Ararat”

Culturele eerstes

gobekli_tepe_05_er
Göbekli Tepe

Wie in de achttiende eeuw zou hebben gevraagd waar de beschaving vandaan kwam, zou hebben kunnen rekenen op verbaasde reacties: uit Mesopotamië natuurlijk! De Bijbel was daarover immers duidelijk: de eerste hoofdstukken van de Bijbel spelen in de Hof van Eden, op de vlakte van Sinjar en in de stad Harran. Ook de steden Babylon en Ur, die wat zuidelijker liggen, worden vermeld. De vroegste mensen hadden gewoond in Mesopotamië en waren daar hun paradijselijke superioriteit kwijtgeraakt. Uitzwervend over de wereld waren ze gedegenereerd.

Je zou in de achttiende eeuw ook een ander antwoord hebben kunnen krijgen, dat een andere definitie van beschaving veronderstelt. Sinds de Renaissance was men van mening dat het vooral Rome was geweest waar de wereldgeschiedenis een sprong voorwaarts had gemaakt. Daar was getoond hoe je efficiënt moest besturen, mooie kunst kon maken, goed kon schrijven. In de tweede helft van de achttiende eeuw ontstond een derde theorie: toen kregen de Grieken de reputatie als eersten het stadium van primitiviteit te hebben verlaten en dat der beschaving te hebben bereikt. Griekenlands voortreffelijkheid werd vooral verkondigd door J.J. Winckelmann, en ook al was zijn verklaring stapelgek, dit idee bleef nog enige tijd in zwang. Het scheelde weinig of de Griekse originaliteit zou zijn vastgelegd in de preambule van de Europese Grondwet, en dat zou dan even absurd zijn geweest als de wet waarmee Indiana de waarde van pi wilde vastleggen.

Lees verder “Culturele eerstes”