Robert de Fries en Sint-Nikolaas

Sinterklaas: gevelsteen uit Amsterdam (Dam 2)

Nog even over de relieken van Sint-Nikolaas dus, waarvan afgelopen zondag een piepklein deel vanuit de Egmondse Abdij is overgebracht naar de Amsterdamse Nikolaasbasiliek. Of dat bot echt is, is volkomen irrelevant. Een heilige staat voor een waarde – in dit geval: het is goed te geven aan wie niets kan teruggeven – en al het overige is geneuzel. Een weldenkend mens heeft het er niet over. Of besteedt het uit aan bloggers.

Scepsis

Broeder Adelbert, de reliekenbeheerder en huisblogger van de abdij van Egmond, heeft echter aangegeven in te staan voor de authenticiteit van de relikwie. Dat maakt mijn historische belangstelling wakker. Religieus geloof is immers één ding, wetenschap een ander ding. Je moet sterk staan om iets als “het is echt waar” te zeggen wanneer dat irrelevant is. Dan word ik nieuwsgierig.

Lees verder “Robert de Fries en Sint-Nikolaas”

Zal de goede Sint wel komen?

Vroeger hadden de huizen geen isolatie. Als je de wind door de bomen hoorde waaien, waaide in huis zelfs de wind. En de Sinterklazen van toen, dat waren jongens van Jan de Witt. Natuurlijk, een enkel kind vroeg zich af of de goede Sint wel zou komen als het weer lelijk was, maar de bisschop reed met zijn knecht door de donkerste nachten op de hoge daken, en zorgde ervoor dat kinderen in hun schoen poppen vonden met vlechten in het haar, of kaatsballen in een net en letters van banket.

Maar tegenwoordig?

Als het ook maar een beetje naar code geel neigt moet je maar afwachten of Sinterklaas zijn sinterklazige dingen wel doet. Als het glad is, is strooien al teveel gevraagd. Watjes zijn het, die Sinterklazen van tegenwoordig, watjes.

Het bekken van Sint-Nikolaas

Reliekhouder uit Worms

Nog even over de resten die Sint-Nikolaas op aarde achterliet toen hij opsteeg naar de hemel – een verhaal waarover we het al eerder hebben gehad en dat we nu kunnen laten rusten, al is het nog zo mooi. We hebben het dus over Nikolaas’ gebeente.

Relikwieën over de hele wereld

Nog even herhalen: de ketterpletter is vermoedelijk in 342 of 343 begraven in een kerk aan de rand van de havenstad Myra. Die kerk is later herbouwd en in 1087 hebben mensen uit Bari daarvandaan de relieken meegenomen. Later gaven ze zo nu en dan botten mee aan bevriende steden. Het is dus mogelijk dat er een rib is terechtgekomen in de Egmondse Abdij, maar daarvoor zie ik, zoals ik gisteren schreef, zo snel geen aanknopingspunt in de bronnen van het latere graafschap Holland. Er zijn ook botfragmenten elders terechtgekomen, zoals in Venetië. De fragmenten in de Duitse keizerstad Worms zijn in de Tweede Wereldoorlog verloren gegaan. En een stukje van het bekken van Sint-Nikolaas zou zijn beland in Lyon.

Lees verder “Het bekken van Sint-Nikolaas”

Factcheck: de rib van Sint-Nikolaas

Ikoon van Nikolaas van Myra (Basiliek, Bari)

Het Sinterklaasjournaal besteedt er geen aandacht aan, maar er is nieuws over Sint-Nikolaas, goedheiligman, ketterpletter, bisschop van Myra alsmede beschermheilige van Amsterdam. Het nieuws: zondag zal een stukje van een van zijn ribben worden overgebracht naar de Amsterdamse Nikolaasbasiliek. Het botfragment is afkomstig uit de Abdij van Egmond.

Is dat botje echt?

Het is verre van mij daar de draak mee te steken. De verering van Sint-Nikolaas staat voor een waarde die minimaal overweging verdient: dat het goed is te geven aan mensen die niets terug kunnen geven. Daarom, zo lezen we in de Nieuwe Catechismus (vraag 25), geeft Sinterklaas aan kleine kinderen en is het een feest voor volwassenen. De vraag of het Egmondse botmateriaal werkelijk afkomstig is van de op 6 december 342 ontslapen bisschop, is niettemin een legitieme.

Lees verder “Factcheck: de rib van Sint-Nikolaas”

Geen dag te vroeg

Er zijn vele dagen in het jaar, vooral in de lente, waarin ik een zeker gemis voel, een bepaalde onbenoembare soort van je ne sais quoi ervaar, een existentiële leegte bespeur. Ergens in de zomer komt dan het bericht dat de eerste pepernoten zijn gevonden en dan trekt het gelukkig allemaal weer bij. En vandaag is het zover: ze zijn gesignaleerd bij Plus Brughuis in Almelo.

Geen dag te vroeg! Het is alweer 16 juli en er zijn sinds de overlijdensdag van de heilige Nikolaas van Myra alweer 222 dagen verstreken. En dat terwijl pepernoten 365 dagen per jaar lekker zijn (en dit jaar zelfs 366).

Lees verder “Geen dag te vroeg”

Sint-Nikolaas

Verpletter de ketter: Nikolaas slaat een andersdenkende tegen de vlakte (Soumela-klooster, Turkije)

Iemand met de Bijbel om de oren slaan, kent u die uitdrukking? Ik moest daaraan denken omdat christenen morgen de sterfdag gedenken van de heilige Nikolaas van Myra. Het is op die dag verplicht mensen die de precieze chalkedonische formulering van de twee naturen van Christus niet kunnen reproduceren, een pets te verkopen.

Voor hun eigen bestwil en hun zielenheil uiteraard.

Lees verder “Sint-Nikolaas”

Kort Libanees (4)

Kerk van Sint-Nikolaas, Sidon

Waar ik ook ga, ik zal nooit een kerk overslaan die is gewijd aan Sint-Nikolaas. Mits die geopend is natuurlijk en helaas heb ik in Sidon al enkele keren gestaan voor de gesloten deur van de kerk van bovengenoemde heilige. Vandaag was de kerk echter toegankelijk.

Als ik het goed begrijp, is het gebouw eigendom van een groep gelovigen die vroeger “melkitisch” werd genoemd, een naam die zoiets wil zeggen als “keizerschristenen”. Het gaat om christenen uit Syrië die de besluiten onderschreven van het door keizer Marcianus belegde Concilie van Chalkedon (451) en die later de Arabische taal accepteerden. Je kunt ze ook omschrijven, denk ik, als Grieks-orthodoxen die toevallig geen Grieks gebruikten. Hun leider is de Grieks-orthodoxe patriarch van Antiochië.

Lees verder “Kort Libanees (4)”

Sinterklaas, de ketterpletter

Sommige dingen veranderen nooit. Wie ervaring heeft met de opdringerige “runners” die in Istanbul toeristen aanspreken om ze naar een hotel of restaurant te loodsen, zal iets herkennen in de volgende beschrijving van Constantinopel.

Overal – op de openbare pleinen, op de kruispunten, in de straten en in de lanen – houden mensen je aan voor een volstrekt willekeurig gesprek over de Drie-eenheid. Je loopt binnen bij het wisselkantoor en de bankier begint over het veroorzaakte en het niet-veroorzaakte. Vraag de bakker wat het brood moet kosten, hij antwoordt dat de Vader groter is en dat de Zoon aan hem ondergeschikt is. Je wil een bad nemen, de badmeester heeft het oordeel klaar dat de Zoon is geschapen uit het niets.

Dit fraais komt uit de Preek over de goddelijkheid van de Zoon en de Heilige Geest van Gregorios van Nyssa, die hekelt dat in de hoofdstad van het Byzantijnse Rijk iedereen je een oordeel opdrong over zaken die Gregorius beschouwde als zijn eigen specialisme. Hoewel dit ongetwijfeld overdreven is, konden de gemoederen inderdaad hoog oplopen.

Lees verder “Sinterklaas, de ketterpletter”