Marcus Antonius

Zegelring met het portret van Marcus Antonius (British Museum, Londen)

Ergens is het gewoon een sprookje: de dappere soldaat die trouwt met de prinses en zou kunnen heersen als koning. Daarnaast is het een ontroerende tragedie als een koningstelg probeert haar land te redden, geen middel onbenut laat en faalt. Als het verhaal zich dan ook nog afspeelt in een mysterieus land als Egypte, is succes verzekerd.

En inderdaad. De Romeinse generaal Marcus Antonius en de Egyptische koningin Cleopatra behoren tot de bekendste personages uit de Europese cultuurgeschiedenis. In de Renaissance schreef Giovanni Boccaccio al over het tweetal, William Shakespeare bracht het verhaal op de planken, Blaise Pascal achtte Cleopatra’s neuslengte van wereldhistorische belang, ruim 210 schilders en 100 componisten benutten de stof. Er gaat geen jaar voorbij zonder dat een gemakzuchtige netwerkcoördinator de Hollywoodfilm met Elisabeth Taylor en Richard Burton programmeert. Nu de materie vervelend wordt, is er de parodie. De Duitse romantici wisten er al raad mee, stripliefhebbers koesteren Asterix en Cleopatra, en de moord op Julius Caesar in het pismelige Carry on Cleo is ooit uitgeroepen tot een van de hoogtepunten van de Britse komedie.

Lees verder “Marcus Antonius”

Verhalen over Karthago

miles_carthage

Het probleem met historische feiten is dat je ze niet kunt observeren. We zullen nooit meer aanschouwen hoe de oude Karthagers handel dreven in Andalusië. Wat we wel kunnen bestuderen, zijn de gevolgen van de feiten, de “neerslag”. Karthago’s eindeloze oorlogen om Sicilië werden opgetekend in teksten die we nog altijd kunnen lezen. De wijze waarop de Karthagers hun huizen inrichtten en de invloed van hun handel op de sociale verhoudingen zijn nog steeds af te leiden uit archeologisch vondstmateriaal.

Verhalende geschiedschrijving

De indirectheid van hun kennis brengt historici danig in verlegenheid. Ze willen de verbanden tussen de verschillende gebeurtenissen wel opsporen – ze  zouden het verleden, met andere woorden, willen verklaren – maar als de feiten al slecht kenbaar zijn, zijn de verbanden en oorzaken helemaal onbegrijpelijk. Sommige geschiedtheoretici, de zogeheten “narrativisten“, stellen daarom dat het in de geschiedkunde minder gaat om de analyse van oorzaken dan om het vertellen van een overtuigend verhaal.

Lees verder “Verhalen over Karthago”

Heidendom in de Late Oudheid

cameron_pagans

Bacurius was een generaal in het Romeinse leger in de late vierde eeuw. De kerkhistoricus Rufinus noemt hem een christen en kan gelijk hebben: de twee hadden elkaar ontmoet. Bacurius’ penvriend Libanios beschouwt hem echter als een heiden. Interessanter dan de vraag wie gelijk had, is de vraag wat oudhistorici hadden gedacht als alleen Rufinus’ geschiedwerk overgeleverd zou zijn geweest. Ze waren dan beslist niet op het idee gekomen dat de informatie mogelijk onjuist was en zouden Bacurius zonder meer als christen hebben getypeerd.

Dit voorbeeld illustreert het kernprobleem van de oudheidkunde. Er zijn te weinig teksten, zodat onderzoekers de kwaliteit van hun informatie moeilijk kunnen evalueren. Conflicterende bronnen zijn daarom een buitenkans: dan komen problemen aan het licht en kan worden beredeneerd welke informatie waarom de voorkeur verdient.

Lees verder “Heidendom in de Late Oudheid”

De Vesuvius in vlammen

vesuvius_in_vlammen

Voor Plinius de Jongere heb ik altijd een zwak gehad: met plezier heb ik op het gymnasium enkele van zijn brieven vertaald en later heb ik een boekje over de man geschreven, Een interimmanager in het Romeinse Rijk. Het tiende boek van zijn correspondentie bestaat uit brieven die hij schreef aan keizer Trajanus en maken het mogelijk te reconstrueren hoe een gouverneur met buitengewone volmachten een crisissituatie bezweert. Ja, Plinius is een interessante man en zijn brieven zijn de moeite waard.

Dat vond ook Vincent Hunink, die werkzaam is aan de Nijmeegse Radbouduniversiteit en daar het werk doet waar universiteiten voor zijn: ervoor zorgen dat de samenleving beschikt over de actueelste wetenschappelijke inzichten. Ik ken hem – full disclosure – persoonlijk en sta altijd weer versteld van zijn enorme productiviteit als vertaler én als spreker. Er lijkt geen week voorbij te gaan waarin hij niet op Facebook vertelt over een lezing en er lijkt wel geen maand voorbij te gaan zonder dat hij een nieuwe vertaling produceert. Dit keer zijn het de brieven die Plinius schreef aan zijn vriend, de historicus Tacitus.

Lees verder “De Vesuvius in vlammen”

Autonecrologie

Aan tafel bij Theodor Holman
Aan tafel bij Theodor Holman (foto Erik de Jong)

Een obsceen grote beker en een goede fles champagne: dat is de prijs die ik kreeg van OBA Live, het TV-programma waarmee de Amsterdamse Openbare Bibliotheek een bijdrage wil leveren aan het maatschappelijk debat. De redactie zette me in het zonnetje om mijn “publicaties over het belang van het klassieke erfgoed” en mijn “strijd tegen de verschraling van onze cultuur”. De onderscheiding heet de Theodor, naar presentator Theodor Holman.

Als je een wereldcup krijgt die is vernoemd naar degene die haar uitreikt, is er uiteraard een fors element van ironie aanwezig. Het was vooral de bedoeling de nieuwscyclus te breken, waarin de aandacht doorgaans gaat naar de actualiteit, terwijl er op de achtergrond ook andere interessante dingen gebeuren. Dit dwingt je als “laureaat” voor jezelf op papier te zetten wát je dan aan interessants te melden hebt. In dit geval: over wetenschapscommunicatie. Misschien kwam het doordat mijn vader onlangs is overleden, maar toen ik wat opschreef, moest ik denken aan een grafrede. Bij dezen dus: mijn autonecrologie.

Lees verder “Autonecrologie”

Ideologie, vermomd als geschiedenis

swerve

In 2011 werd de Martinus Nijhoffprijs toegekend aan classicus Piet Schrijvers, de vertaler van De natuur van de dingen van de Romeinse dichter Lucretius. Het is een fenomenale tekst, waarin wordt beschreven dat alle materie bestaat uit atomen, dat de kosmos niet is geschapen, dat de goden niet zijn geïnteresseerd in het menselijk lot, dat bij de dood de ziel in atomen uiteenvalt, dat er geen leven is na de dood en dat mensen zoveel mogelijk moeten genieten van het leven. Lucretius vat zo de ideeën samen van de Griekse filosoof Epikouros (341-270 v.Chr.).

Lucretius werd aanvankelijk geprezen (onder andere door zijn tijdgenoot Cicero) maar zijn populariteit zal zijn afgenomen toen in de late tweede eeuw na Chr. de literaire en filosofische smaak begon te veranderen. Andere wijsgerige ideeën, zoals het pythagorisme en het platonisme, wonnen aan invloed. Wanneer ergens een bibliotheek moest worden gekopieerd, kregen teksten als die van Lucretius geen prioriteit, zodat ze uit roulatie raakten. In de negende eeuw werd een oud manuscript nog enkele malen overgeschreven, maar een heel populair boek was De natuur van de dingen niet.

Lees verder “Ideologie, vermomd als geschiedenis”

Klassieke literatuur (2): leerdicht

Of Hesiodos een historisch personage is, staat te bezien, maar dat heeft antieke beeldhouwers er niet van weerhouden zijn portret te maken. Deze mooie kop is in het British Museum, Londen.

[Bij mijn mail zat onlangs de vraag welke klassieke teksten en vertalingen ik mensen zou aanraden. In deze onregelmatig verschijnende reeks zal ik een persoonlijk antwoord geven, waarbij leesplezier voorop staat. Wie zich er echt in wil verdiepen, kan het beste aan een universiteit bij een collegereeks aanschuiven. Voor de Latijnse literatuur is er Piet Gerbrandy’s Het feest van Saturnus. Voor de Griekse en christelijke literatuur is zo’n boek er niet.]

Het genre: leerdicht

Toen in de jaren tachtig de hiphop werd uitgevonden waren er, zo had ik de indruk, twee subgenres. In het eerste bluften rappers over wat van geweldige kerels ze wel waren, in het andere waarschuwden ze voor heroïne en crack. Verder werd er danig geïmproviseerd. Wellicht overdrijf ik de parallel, maar de Griekse poëzie is niet heel anders begonnen: geïmproviseerd voordragen, deels zingend over de roem der mannen, deels didactisch. Heldendicht en leerdicht.

Lees verder “Klassieke literatuur (2): leerdicht”

Damnatio memoriae

Moedwillig kapot geslagen beeld van Aquilia Severa (Nationaal Museum, Athene)

Een van de wonderlijke gewoontes uit de oude wereld is de verwijdering uit de openbare ruimte van namen en standbeelden van mensen die in ongenade waren gevallen. Soms met paradoxale gevolgen: we weten bijvoorbeeld veel over de Egyptische koning Echnaton omdat zijn opvolgers zijn monumenten lieten slopen en de stenen opnieuw gebruikten, waarbij de oorspronkelijke hiërogliefenteksten niet meer zichtbaar waren. Ze waren eeuwenlang beschermd tegen de wind, zodat we ze uitstekend kunnen lezen. Ik zat eerder deze week te kijken naar een piekfijn bewaard portret van de Romeinse prinses Julia, die in ongenade was gevallen. Iemand heeft haar hoofd van een standbeeld gehakt en begraven – en ervoor gezorgd dat een vrouw die vergeten moest worden, na vele eeuwen juist heel herkenbaar is.

Waarom de oude volken dit deden? Wellicht speelt een rol dat bij veel halfgeletterde volken – en de overgrote meerderheid van de mensheid in de Oudheid was analfabeet – aan teksten een bepaalde magische betekenis wordt toegekend. Vernietig iemands portret of kras zijn naam weg, en je maakt hem machteloos. Los daarvan moet het een manier zijn om je af te reageren:

Lees verder “Damnatio memoriae”

De Trojaanse Oorlog, een visie

alexander

Een Achilleshiel, een muze, een nestor, een Trojaans Paard binnenhalen: zomaar wat uitdrukkingen die we ontlenen aan de Ilias en de Odyssee, de epen van de legendarische Griekse dichter Homeros. Onze kennis van de klassiekste aller klassieken lijkt echter onderhevig aan slijtage. Ik zie althans in mijn straat wel eens een auto staan van een reisorganisatie met de naam Odysseus Travel, vernoemd naar een homerische held die met tientallen metgezellen op reis was, waarvan niemand het overleefde.

Voor degenen die wat meer over Homeros wil weten publiceerde classica en journaliste Caroline Alexander in 2009 The War that Killed Achilles, dat nu ook beschikbaar is in een prettig leesbare vertaling: De oorlog die Achilles het leven kostte. Ze neemt ons mee door de Ilias, vanaf Achilles’ besluit zich uit de Trojaanse Oorlog terug te trekken tot het moment waarop zijn vijand Hektor wordt begraven en zowel de dood van Achilles als de val van Troje onafwendbaar zijn geworden. De schrijfster biedt zo een even vlot geschreven als uitgebreid becommentarieerde samenvatting van de oeroude tekst, waarmee dit stuk cultuurgoed (opnieuw) wordt ontsloten.

Lees verder “De Trojaanse Oorlog, een visie”

Klassieke literatuur (1c): epiek

hadrumetum_house_virgil_mosaic_virgil_01_mus_bardo
Vergilius, een van de meesters van de epiek (Musée national du Bardo, Tunis)

[Bij mijn mail zat onlangs de vraag welke klassieke teksten en vertalingen ik mensen zou aanraden. In deze onregelmatig verschijnende reeks zal ik een persoonlijk antwoord geven, waarbij leesplezier voorop staat. Wie zich er echt in wil verdiepen, kan het beste aan een universiteit bij een collegereeks aanschuiven. Voor de Latijnse literatuur is er Piet Gerbrandy’s Het feest van Saturnus. Voor de Griekse en christelijke literatuur is zo’n boek er niet.

Ik was bezig met de antieke epiek en ik moest nog vertellen over de auteurs die Homeros volgden.]

Homeros’ navolgers

Hoewel ik toch heel wat steden heb bezocht en nogal wat mensen heb mogen ontmoeten, ben ik nog nooit iemand tegengekomen die Homeros niet mooi vond en ik kan alleen erkennen dat er, ook al is het nog zo afgezaagd, veel waars zit in het grapje dat de Griekse literatuur begon op haar hoogtepunt en dat dit sindsdien niet meer is overtroffen. De Grieken beschouwden Homeros als “de dichter” bij uitstek. Ik blogde al eens over het reliëf dat zijn apotheose voorstelt. Homerische echo’s vinden we op de onverwachtste plekken: als de Romeinse historicus Tacitus, die geldt als een vrij zakelijke auteur, beweert dat prins Germanicus aan de Beneden-Rijn een vloot van duizend schepen bouwde, dan is dat geen beschrijving van de ontbossing van de Betuwe maar een verwijzing naar de “Scheepscatalogus” in het tweede boek van de Ilias.

Lees verder “Klassieke literatuur (1c): epiek”