De Artemidorospapyrus (1)

Detail van de Artemidorospapyrus

De papyrusrol die bekend is komen staan als de Artemidorospapyrus is zo’n twee-en-een-halve meter lang en ruim tweeëndertig centimeter hoog, wat suggereert dat deze tekst komt uit de Romeinse tijd. Heel misschien is ’ie iets ouder. Ze is beschreven met een nog onbekende aardrijkskundige tekst maar het opvallendst zijn allerlei tekeningen van dieren en de menselijke anatomie. Zo’n papyrus was nog nooit gezien en het verhaal dat zich in de eerste jaren van de eenentwintigste eeuw ontvouwde was spectaculair.

Drie levens

Het leek ooit de opzet geweest deze rol te voorzien van de tekst van het werk van Artemidoros van Efese, een Griekse geograaf die rond 100 v.Chr. leefde en vaak wordt geciteerd door auteurs, zoals Strabon van Amasia. De kopiist was bezig met een beschrijving van het Iberische Schiereiland toen hij zijn werk onderbrak om een tekenaar de kans te geven de landkaarten in te voegen. Het resultaat was echter desastreus. De kaartenmaker gebruikte een verkeerd voorbeeld, realiseerde zich zijn fout en maakte de tekening niet meer af. Hij had de bergen, rivieren en wegen al ingetekend maar verspilde geen tijd meer aan de belettering. De kopiist zal op een andere rol opnieuw zijn begonnen en de verprutste papyrus kreeg een tweede leven als kladpapier.

Lees verder “De Artemidorospapyrus (1)”

Von Däniken en waarschijnlijkheid

De ouderdom van de Artemidorospapyrus

De spreekwoordelijke pseudowetenschapper is Erich von Däniken, die met Waren de goden kosmonauten niet alleen een batterij onzin de wereld inschoot maar ook een model heeft geschapen om aandacht te genereren. Je verdient geld met leuke weetjes, niet door uit te leggen wat wetenschap eigenlijk is. De feitelijke schade is ontstaan toen wetenschappers dit sensationalisme overnamen: we hebben, zoals u weet, wel boeken over gladiatoren maar geen websites met uitleg van hermeneutiek. En uitleg over archeologie gaat altijd over vondsten, nooit over archeologie.

Is Von Däniken dan een wegbereider voor academische miscommunicatie, veel invloed hebben zijn eigenlijke ideeën over ancient astronauts niet. (Wat aan desinformatie circuleert, komt doordat onderzoekers – hyperspecialisten dus – zich bezighouden met een voorlichting, een typische generalistenactiviteit. Eenmaal buiten hun specialisme vallen ze terug op handboekkennis en die is strijk-en-zet verouderd.) Omdat ancient astronauts dus wat marginaal zijn, was ik verbaasd toen ik een mailtje kreeg waarin iemand me erop wees dat ik genuanceerder had moeten schrijven over Von Däniken. Wetenschappers als ik, zo werd me uitgelegd, moesten dingen niet op voorhand uitsluiten.

Lees verder “Von Däniken en waarschijnlijkheid”

Uitnodiging

Op woensdag 19 september 2012 brak mijn klomp. De Volkskrant publiceerde een artikel dat er een aanwijzing zou zijn dat Jezus wel degelijk getrouwd was geweest. Een onderzoekster van de Harvarduniversiteit had een papyrussnipper ontdekt waarop zoiets te lezen stond. “Jarenlang drukte de katholieke kerk de geruchten de kop in dat Jezus Christus een vrouw had.”

Dat grote boze Vaticaan toch. De vanzelfsprekende boosdoener in elke complottheorie. Het is maar wat je goede journalistiek noemt.

Ik schreef die dag dit blogstukje over dat zogenaamde Evangelie van de Vrouw van Jezus. Enkele dagen later maakte de Belgische oudheidkundige Leo Depuydt duidelijk dat het een vervalsing moest zijn – het was slecht Koptisch – en drie weken later was de vervalsing definitief ontmaskerd. De maker had namelijk een zetfout overgenomen uit een tekstuitgave van het Evangelie van Thomas.

En toen kwam de optater. Harvard opperde dat het lab duidelijkheid zou verschaffen. Beng.

Lees verder “Uitnodiging”

Er is geen jaar nul (en dat doet ertoe)

Als keizer Trajanus net zo leergierig was geweest als Alexander de Grote had ik dit blogstukje vandaag niet hoeven schrijven. Toen Alexander de stad Babylon veroverde, liet hij zijn wetenschappelijk adviseur (vrijwel zeker Kallisthenes) inventariseren wat daar in de bibliotheken lag aan interessante informatie. Daarbij behoorde een grote hoeveelheid astronomische waarnemingen en de beste benadering van het zonnejaar die de wereld tot dan toe had gezien. Binnen een jaar had Alexander de Griekse kalenders laten aanpassen: ze waren niet langer gebaseerd op de Cyclus van Meton maar op die van Kallippos. Ook de Canon van Ptolemaios gaat op deze culturele roofbuit terug. En het idee van een wereldbibliotheek, zoals later toegepast in Alexandrië.

Trajanus was niet zo leergierig. Zo kwam het dat een belangrijke uitvinding die de Babylonische geleerden in de tussentijd hadden gedaan, de nul, niet bekend werd in het westen totdat Gerbert van Aurillac en Fibonacci die in de Volle Middeleeuwen introduceerden. Onze jaartelling, die vorm kreeg in de zesde eeuw na Chr., telt daardoor zowel vooruit (het jaar één, het jaar twee, het jaar drie…) als achteruit (één voor Christus, twee voor Christus…). De ellende is dat als je vlot wil rekenen, optellen en aftrekken dus, een jaar nul wel makkelijk zou zijn. Astronomen hebben dan ook een alternatieve jaartelling waarin ze wel een nul hebben. Het jaar dat u en ik kennen als één voor Christus is dus het astronomische jaar nul en het jaar 480 v.Chr. is min 479.

Lees verder “Er is geen jaar nul (en dat doet ertoe)”

Prebunking: Valentijnsdag

Rond Valentijnsdag maakt een diepe verslagenheid zich van je meester

De Wet van Brandolini komt erop neer dat “the amount of energy needed to refute bullshit is an order of magnitude bigger than to produce it”. Of dat waar is, valt niet te meten maar het zal niet ver bezijden de waarheid zijn. Toen ooit een interview dat mijn collega Arjen Bosman en ik hadden gegeven aan Het Parool wat al te beknopt op de voorpagina was samengevat (Amsterdam zou een Romeinse stadstichting zijn), ben ik een weekend lang bezig geweest om het uit allerlei nieuwsgroepen verwijderd te krijgen.

De reden waarom misvattingen zo hardnekkig zijn, is dat ze ons vertellen wat we graag willen horen, terwijl feiten soms maar in de weg zitten. Kul is verleidelijk. We kunnen echter vaak verhinderen dat onzin de ronde zal gaan doen. Desinformatie is lui en kent daardoor een eigen cyclus, zodat je er weleens op kunt anticiperen en mensen alvast kunt uitleggen waarom niet waar is wat ze zullen gaan horen (“prebunking”). In december komen bijvoorbeeld de krantenstukjes dat kerstmis is afgeleid van een Mithrasfeest, dus je kunt alvast uitleggen dat het in feite andersom was, en ook valt in december te lezen dat Chanoeka wordt gevierd omdat Judas de Makkabeeër de Joden bevrijdde, dus je kunt de mensen alvast voorinformeren dat hij de Tempel weliswaar reinigde maar werd verslagen. En zo is er medio februari altijd weer de claim dat Valentijnsdag is afgeleid van de oud-Romeinse Lupercalia.

Lees verder “Prebunking: Valentijnsdag”

Beeldvorming

Paul Damen (van de Joodse Omroep) had een leuke vraag. Het viel hem op dat in werkelijk álle Jezusfilms, waarvan we er met deze kerst vast weer een paar te zien zullen krijgen, Joden altijd licht gebogen door hun deur gaan. Denken ze in Hollywood nou echt dat ze destijds geen grotere deuren konden maken? Bovenstaand plaatje uit een film van Franco Zeffirelli illustreert het punt. En Damen vroeg of ik wist hoe het zat.

Het antwoord is, denk ik, dat de makers ongewild een anti-joods vooroordeel reproduceren. Het beeld dat ze hebben van het verleden, is voor een belangrijk deel bepaald door eerdere films en als het gaat om de Oudheid, gaat zo’n beeld uiteindelijk terug tot de negentiende eeuw. Toen is voor het eerst systematisch nagedacht over de vraag hoe de oude wereld eruit heeft gezien en met de toen geschapen beeldentaal leven we nog steeds. Destijds gold Jezus in brede (lees: overwegend christelijke) kringen als de man die brak met de beklemmende Wet van Mozes, waarin joden punten moesten scoren voor het hiernamaals. Jezus had een God van liefde en genade aan de mensheid getoond. Een westerse, humane geest in een wereld van oriëntaalse bedomptheid dus.

Lees verder “Beeldvorming”

Sapfo opnieuw

Nog een Sapfo waarvan we niet weten of ze echt is: een buste uit Herculaneum, nu in het Museo nazionale archeologico in Napels)

Oké, als ik in een hotel in Algerije, waar ik heerlijk aan het rondreizen ben, het ontbijt oversla om een extra stukje te bloggen, dan moet er echt iets aan de hand zijn. En dat is ook zo: er is een nieuwe provenance genoemd voor de Sapfo-papyri.

Korte inhoud van het voorafgaande. Wetenschap kan alleen iets met data die betrouwbaar en controleerbaar zijn. Een classicus neemt geen genoegen met de opmerking dat Plautus ergens een ijsbeer noemt, hij wil weten wáár die ijsbeer staat vermeld. Een archeoloog kan niets met een bewering als zouden in Mainz Bronstijdkralen zijn gevonden, hij wil weten in welk depot die kralen liggen. Alles draait om controleerbaarheid en daarom heeft een oudheidkundige alleen iets aan een tekst op een papyrus als die uit een gecontroleerde opgraving komt of uit een heel, heel oude verzameling. Dan is er sprake van een gedocumenteerde provenance, een herkomst die controleerbaar is. Zonder provenance is een papyrus niet per se vals, maar gewoon niks. Wetenschappelijk is ze van nul en generlei waarde.

Lees verder “Sapfo opnieuw”

Meer papyrologie-bingo

Papyrusfragment met een deel van de “Vrouwencatalogus” van Hesiodos (Neues Museum, Berlijn)

[Vervolg op het vorige. Wat we terug kunnen zeggen als wetenschappers weer eens met smoesjes aankomen waarom datafraude, heling en dergelijke niet erg zouden zijn.]

Maar als we het niet publiceren gaat het verloren
Zoals je weet houd je zo het systeem in stand: door illegaal verworven voorwerpen aan te kopen, stimuleer je plundering van archeologische sites. Zoals je eveneens weet gaan er voor elk illegaal verworven stuk dat je als wetenschapper uitgeeft, méér verloren. Lees maar.

In het lab zullen ze wel zien of dit fragment echt is
Doe nou niet alsof je niet weet dat dat helemaal niet kan. Ook op deze blog is vaak genoeg uitgelegd hoe een vervalser het lab omzeilt.

Ik wist niet dat er een gedragscode was
Is het een idee je taakomschrijving eens te lezen?

Ik ken [naam collega] al jaren en hij/zij is door-en-door betrouwbaar
Wetenschap gaat om data, methode en argumenten. Niet over reputaties.

De inkt is spectroscopisch gedateerd en dat kun je niet vervalsen
Ga je eerste jaar opnieuw doen.

Lees verder “Meer papyrologie-bingo”

Papyrologie-bingo

Wanneer er een papyrus wordt gevonden, is er een stevige kans dat die vals is of illegaal verworven. En anders dient de wetenschappelijke publicatie wel om de verkoopprijs op te drijven. Het is allemaal redelijk deprimerend. En alsof datafraude, heling en medeplichtigheid nog niet erg genoeg zijn, komen de dames en heren wetenschappers later met allerlei smoesjes waarom niet zij verantwoordelijk zijn.

Er is voor mensen die belang stellen in de Oudheid weinig lol meer aan. We kunnen echter nog altijd bingo spelen.

[Wordt vervolgd]

Eutropius (10): Presentisme

Valens (Penning uit het Römisch-Germanisches Zentralmuseum, Mainz)

Terwijl u dit op leest, ben ik op de deze week geopende Picasso-expositie in het Sursock-museum in Beiroet. Omdat ik vermoedelijk geen tijd zal hebben voor mijn dagelijkse stukje, bied ik u in tien afleveringen de tekst aan van de inleiding die ik schreef voor de vertaling die Vincent Hunink maakte van de Korte geschiedenis van Rome van de laat-Romeinse auteur Eutropius. Als alles goed gaat, verschijnt die medio november. Het eerste deel van deze reeks vindt u hier.

De Korte geschiedenis van Rome is het werkstuk van iemand die het historisch metier niet beheerst en valt op z’n vriendelijkst te typeren als inspirational literature. Dat genre doet tegenwoordig de kassa rinkelen en dat was in de Oudheid maar weinig anders: Eutropius’ schets werd waanzinnig populair. De Korte geschiedenis van Rome kreeg dus een continuator, de achtste-eeuwse Italiaanse auteur Paulus de Diaken, wiens werk rond het jaar 1000 weer werd gecontinueerd door Landolfus Sagax. Omdat Eutropius’ schets eeuwenlang dienst heeft gedaan als schoolboek, zijn niet minder dan vierentwintig middeleeuwse manuscripten overgeleverd. Ter vergelijking: van de Enmannsche Kaisergeschichte, Eutropius’ bron, is niet één handschrift over.

Lees verder “Eutropius (10): Presentisme”