
In december 2012 was ik in Beiroet. De wereld zou immers vergaan – dat stond in de Maya-kalender – en Libanon leek ons wel een toffe plek om dat mee te maken. Een enorme regenbui was het ergste dat ons overkwam.
Die paniek om die Maya-voorspelling was voor een deel gebaseerd op een dertiende-eeuws manuscript dat momenteel in Dresden wordt bewaard in de Sächsische Landes-, Staats- und Universitätsbibliothek. Op negenendertig uitklapbare, dubbelzijdig beschreven bladzijden staan een rituele kalender, berekeningen met betrekking tot de planeet Venus, het een en ander over maans- en zonsverduisteringen, beschrijvingen van ceremoniën, afbeeldingen van goden en andere bovennatuurlijke wezens, en verder nog het een en ander over de regengod Chaac. Het boek is in 1740 verworven door Friedrich August II. Van heinde en verre trok de Codex Dresdensis bezoekers, zoals in 1791 Alexander von Humboldt, die later in Midden-Amerika probeerde meer te ontdekken over de Precolumbiaanse wereld en in 1810 enkele bladzijden publiceerde uit het handschrift in Dresden.









Je moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.