De Tigris

Amida en de Tigris

Ons woord Tigris komt van een oud, Perzisch woord Tigrā, dat we zouden kunnen vertalen als “pijlsnel”. De Sumeriërs noemden de rivier Id-igna, en in het Akkadisch, de taal van Babylonië en Assyrië, luidde de naam Idiqlat. De Sumerische naam betekent zoiets als “snel stromend”, wat het verschil aangeeft met de langzamere Eufraat.

De Tigris is ongeveer 1850 kilometer lang en ontspringt in het oostelijke Taurusgebergte, of in Armenië, zoals het destijds heette. In zuidoostelijke richting stromend bereikt de rivier Amida, het huidige Diyarbakır, waar de koninklijke weg van Assyrië naar Anatolië de rivier kruist. Er is nog altijd een opvallende brug. Oostwaarts en weer zuidoostwaarts stromend, passeert de Tigris de Assyrische hoofdsteden Nineveh, Nimrud en Aššur. Even verderop ligt Samarra, met zijn beroemde spiraalminaret. Ondertussen neemt de rivier de Batman, de Grote Zab, de Kleine Zab en de Diyala in zich op. Xenofon kwam er langs. Lees verder “De Tigris”

De slag bij Kounaxa (4)

Xenofon, die de slag bij Kounaxa beschreef (Museum van Afrodisias)

[Het is kerstmis en in het verleden gaf ik weleens een longread met krijgsgeschiedenis. Eerder bood ik u het Ardennenoffensief, de Tweede Punische Oorlog, de Trojaanse Oorlog. Vandaag gaan we met Xenofon richting Babylon. Hier is het vierde deel van een vijfdelig stuk. Het eerste deel was hier.]

In de Perzische visie op oorlog was een veldslag voorbij als een van de partijen haar doel had bereikt. Nu Cyrus dood was, was de heerschappij van Artaxerxes onbetwist en dus was de oorlog afgelopen. De Grieken zagen dat anders. Voor hen betekende een overwinning dat de vijand was verslagen, wat bijvoorbeeld bleek als deze zich terugtrok. Meestal werden na afloop onderhandelingen gevoerd, waarin de verslagenen toestemming vroegen hun doden te bergen; de overwinnaars richtten dan een zegeteken op. Doordat Grieken en Perzen militaire zeges anders definieerden, kon het gebeuren dat ze de volgende dag allebei oordeelden te hebben gewonnen.

Onderhandelingen

Klearchos meende aanvankelijk dat het aan hem was een nieuwe koning te benoemen en bood de Perzische generaal van Cyrus’ Lydische leger het purper aan, maar die sloeg het af. Ongeveer op hetzelfde moment arriveerden gezanten van de koning, die de Grieken uitnodigden naar Artaxerxes te komen. Nu hadden de Grieken, anders dan bijvoorbeeld de nomaden van het huidige Oezbekistan, niet het privilege wapens te dragen in de nabijheid van de grote koning, dus ze kregen het verzoek in vreedzamer kleding op audiëntie te komen. Dat kwam de gezanten te staan op de repliek dat het niet de gewoonte was dat overwinnaars hun wapens afstonden. Omdat daarmee de onderhandelingen in een impasse raakten, vertrokken de gezanten met de mededeling dat als de huurlingen de plaats verlieten waar ze waren, Artaxerxes dit zou opvatten als een daad van oorlog.

Lees verder “De slag bij Kounaxa (4)”

Ktesifon

De iwan (schaduwboog) van het Sassanidische paleis

Ik schreef gisteren over de Macedonisch-Grieks-Syrisch-Babylonische stad Seleukeia, die in de tweede eeuw v.Chr. gezelschap kreeg van Ktesifon. Die nieuwe stad was gebouwd door de Parthische koningen die vanaf het midden van de tweede eeuw v.Chr. de macht hadden in het huidige Irak. Er is een theorie – niet per se juist – dat Ktesifon staat op een oudere stad, Opis. Die stad lag namelijk ook in de omgeving van de samenvloeiing van Tigris en Diyala. En net als Ktesifon lag ook Opis aan de weg die Sousa in Elam verbond met het Assyrische kerngebied en de hoofdsteden van Anatolië.

Parthische residentie

De Parthen, afkomstig uit het noordoosten van Iran, hadden een westelijke hoofdstad nodig. Daarom verplaatsten ze het regeringscentrum van Seleukeia naar de tegenoverliggende, oostelijke oever. De nieuwe residentie heette Tyspwn, waar de Grieken Ktesifon van maakten. Vanaf 129 v.Chr. was het de winterresidentie van de Arsakidische dynastie. Het is onduidelijk wanneer Ktesifon de belangrijkste Parthische stad werd, maar wel staat vast dat het een van de grootste steden in de antieke wereld was. Er is weinig van over. Tichelsteen vervalt uiteindelijk tot zand. Dat de bakstenen gebouwen van de Romeinen de tand des tijds beter doorstonden, wil niet zeggen dat ze in het oosten geen rivalen hebben gehad.

Lees verder “Ktesifon”

De Babylonische Oorlog (3)

Een wapenrusting, zoals gebruikt tijdens de Babylonische Oorlog, op een reliëf uit Efese

[In 311 v.Chr. heroverde Seleukos, een van de opvolgers van Alexander de Grote, Babylon op zijn tegenstander, Antigonos Eénoog, die elders verwikkeld was in de Derde Diadochenoorlog. Het eerste deel van deze vijfdelige reeks over de Babylonische Oorlog was hier.]

Terwijl Seleukos Babylon en zijn citadel veroverde, rukte Antigonos op naar Syrië, dat door Seleukos’ bondgenoot Ptolemaios werd ontruimd. In december 311 tekenden de twee generaals en Kassandros van Macedonië een verdrag waarmee een einde kwam aan de Derde Diadochenoorlog. Ptolemaios offerde dus zijn bondgenoot op, want Seleukos zou met zijn kleine leger geen partij zijn voor de enorme, veel professionelere strijdmacht van Antigonos. Een nieuwe fase in de Babylonische Oorlog begon.

Wat Ptolemaios ertoe bracht Antigonos vrij baan te geven, is een raadsel. Als Antigonos er eenmaal in geslaagd zou zijn orde op zaken te stellen, was zijn positie in Azië even sterk als in 314, toen Ptolemaios zich gedwongen had gevoeld hem de oorlog te verklaren. In het huurlingenrijke Griekenland was Antigonos’ positie tijdens de Derde Diadochenoorlog zelfs verbeterd.

Lees verder “De Babylonische Oorlog (3)”