Sparta en de heloten

Een hopliet (Allard Pierson-museum, Amsterdam)

In 431 v.Chr. brak oorlog uit tussen de Griekse stadstaten Sparta en Athene. De Atheners hadden een handelsembargo ingesteld tegen een buurstaat, die om hulp had gevraagd in Sparta. Daar was men bang voor reputatieschade als men het verzoek afwees. De Spartanen eisten dus dat de Atheners het embargo opgaven, waarop de Atheners antwoordden dat Sparta niets te eisen had aangezien er procedures waren afgesproken om geschillen op te lossen. Sparta trok de oorlog omdat het niet anders kon en eiste dat Athene zijn alliantie zou ontbinden; Athene trok ten strijde voor het behoud van wat we nu zouden aanduiden als het behoud van de internationale rechtsorde.

Pas na tien jaar, in 421, was deze zogeheten Archidamische Oorlog voorbij: Sparta had Athene niet kunnen dwingen zijn alliantie te ontbinden. Of je de Spartaanse nederlaag moet typeren als een Atheense overwinning, is een kwestie van semantiek.

Lees verder “Sparta en de heloten”

Diodoros van Sicilië

Kleio, de beschermgodin van de historische wetenschappen (Altes Museum, Berlijn).

Hé, dat is leuk: er is een Nederlandse vertaling verschenen van de Grieks-Romeinse geschiedschrijver Diodoros van Sicilië. Dit is om twee redenen fijn. Eén, Diodoros is geen auteur die al vaker vertaald is, zoals Homeros of de Griekse tragici. Classicus Gerard Janssen ontsluit een stukje Oudheid dat voor het publiek nog onontsloten was. Twee, het gaat niet om een tekst die alleen specialisten interesseert. Diodoros, die leefde toen Rome rond het midden van de eerste eeuw v.Chr. de Mediterrane wereld verenigde, biedt zijn lezers een alleszins boeiend verhaal over de geschiedenis van de gehele wereld.

De kwaliteit van Diodoros  boek is zo goed als zijn bronnen. Diodoros heeft veel oudere teksten gelezen en naverteld. Hij claimt geen originaliteit en noemde zijn werk dan ook De bibliotheek of, in de weergave van Janssen, Archief van de geschiedenis. Diodoros vat dus oudere bronnen samen en zijn selectie bewijst dat hij niet onverdeeld positief was over de Romeinse heerschappij. Hij zal nooit nalaten te wijzen op de wreedheid, roofzucht en verdorvenheid van de Romeinen. Als Siciliaan kon hij ervan meepraten.

Lees verder “Diodoros van Sicilië”

De Etna

De Etna

De Etna, waarom geen stukje over de Etna? Ik herinner me de eerste keer dat ik de Siciliaanse vulkaan zag, vanuit het vliegtuig op weg naar Catania. Wat een kolos! Ik maakte meteen bovenstaande foto.

De berg is 3329 meter hoog en omdat ’ie aan zee ligt, is dat ook de topografische prominentie, dat wil zeggen hoe hoog een top uitsteekt boven de omgeving. Het is daarmee de op twee na opvallendste berg van Europa. Ik lees overigens ook 3340 meter. Hoewel ik tot veel bereid ben om u de alleractueelste inzichten te verschaffen, ben ik het niet gaan nameten.

Lees verder “De Etna”

De Peloponnesische Oorlog (2)

Inscriptie met de namen van gesneuvelde Atheners (Louvre, Parijs)

In het eerste stukje legde ik de hoofdlijn van de oorlogen tussen 431 en 387 v.Chr. uit. Wat opvalt in het handboek van De Blois en Van der Spek, Een kennismaking met de oude wereld, is hoe traditioneel het is. De auteurs volgen Thoukydides, die de Archidamische en Dekeleïsche Oorlog samenneemt tot één conflict. De Korinthische Oorlog, die uitbrak na Thoukydides’ dood, behandelen ze afzonderlijk.

Voor wat samen hoort en wat niet, volgen ze dus het oordeel van hun bron. Daar ligt een reëel probleem, want het is denkbaar dat als Thoukydides langer had geleefd, hij alle drie oorlogen had beschreven. Er is namelijk een aanwijzing dat hij Athenes herstel nog heeft herkend, aangezien hij het ergens heeft over de onvermijdelijkheid waarmee dingen zich ongeveer herhalen zoals ze al zijn gebeurd. De discussie over de interpretatie daarvan is hopeloos complex en hangt samen met die over zijn sterfjaar.

Lees verder “De Peloponnesische Oorlog (2)”

Klassieke geschiedschrijvers

Kleio, de beschermgodin van de historische wetenschappen (Archeologisch Museum, Cherchell)

Ik heb weleens geblogd over een boek dat je in je hotelkamer zou willen vinden, vol hoogtepunten van de Nederlandse literatuur. Met een vertaling ten behoefte van degenen die onze mooie taal niet machtig zijn. Zeg maar een soort Gideons’ Bible maar dan bomvol bijzondere verhalen en gedichten. Het lijkt me fijn voor toeristen om iets verrassends te lezen uit het land ze verblijven.

Ik moest aan dat idee terugdenken toen iemand me laatst vroeg wat je zou kunnen lezen om een beeld te krijgen van de klassieke geschiedschrijving. Geinige vraag eigenlijk.

Herodotos

Om te beginnen: Herodotos. Ik zou twee stukken nemen. Het eerste is het verhaal van de slag bij Thermopylai (7.201-234). Veel klassieker krijg je het niet. De tekst is echter ook interessant.

Lees verder “Klassieke geschiedschrijvers”

Het einde van Athene (2)

De Hellespont, kijkend vanaf Lampsakos naar de monding van de Geitenrivieren. Overigens eens van de allereerste digitale foto’s die ik nam, in 2003.

[Het tweede deel van een reeks over de Dekeleïsche of Ionische Oorlog, ofwel de ondergang van Athene. Het eerste deel is hier.]

Er is wel eens geopperd (onder andere door Simon Hornblower) dat Thoukydides, in de jaren waarin Alkibiades het lot van Athene leek te verbeteren, het idee ontwikkelde dat als een oorlog maar lang genoeg duurde, zelfs de beste krijgsvoorbereidingen minder belangrijk waren dan het blinde toeval. In elk geval was ook de volgende wending in de oorlog een volstrekt toevallige, waarop Spartanen noch Atheners veel invloed hadden kunnen uitoefenen: het vertrek van Tissafernes. De Perzische koning Darius II Nothos had twee zonen, waarvan de oudste, Arsakes, hem zou opvolgen als Artaxerxes II Mnemon. De jongste, Cyrus, liep daarbij in de weg en kreeg daarom in 407 het gouverneurschap van Lydië toegewezen, een eervol ambt dat wel vaker was gebruikt om machtige prinsen weg te promoveren.

Anders dan Tissafernes, die slechts zijn vorst wilde dienen, had Cyrus een verborgen agenda. Hij wilde zijn vader opvolgen. Hij hoopte in opstand te komen tegen zijn broer en had daarvoor Griekse huurlingen nodig, die hij alleen kon krijgen als de oorlog tussen Athene en Sparta ten einde kwam. De logische gevolgtrekking was dat hij een van beide partijen onvoorwaardelijk moest steunen. Aangezien Athene Pissouthnes en Amorges had gesteund, lag het voor de hand dat hij steun ging geven aan de Spartanen.

Lees verder “Het einde van Athene (2)”

Het einde van Athene (1)

Tempel van Nike, Athene

Onlangs schreef ik over de Siciliaanse Expeditie: in 415 v.Chr. probeerde Athene vergeefs Sicilië te veroveren – of althans Syracuse. Het was uitgelopen op een ramp. Terwijl de Atheners in het westen actief waren, hadden de Spartanen Athene opnieuw de oorlog verklaard en koning Agis II had niet ver van de stad een fort ingericht. Hadden ze tijdens de Archidamische Oorlog – meer precies in de jaren 431-425 v.Chr. – het Atheense platteland alleen geplunderd met korte campagnes, nu waren de Spartaanse troepen er permanent. Tijdens de Ionische of Dekeleïsche Oorlog (413-404) brachten enorme schade toe aan de vijandelijke economie.

De anders afstandelijke Thoukydides kan voor één keer niet verbergen dat ook hij uit Athene kwam: zoiets slims konden de Spartanen niet zelf hebben bedacht, zoiets moest wel zijn verzonnen door een Athener. Namelijk Alkibiades, de tijdens de Siciliaanse Expeditie uit het generaalsambt gezette Atheense politicus, die in Sparta in ballingschap was gegaan. Of hij echt zoveel invloed heeft gehad staat te bezien.

Lees verder “Het einde van Athene (1)”

De Siciliaanse Expeditie (5)

Grafmonument van een hopliet (Archeologisch Museum, Peiraieus)

[Dit is het voorlaatste deel van een zesdelige reeks over de Siciliaanse Expeditie waarmee Athene probeerde Syracuse te onderwerpen. Het eerste deel is hier.]

Nu de verslagen Atheners hun vertrek uitstelden, konden de Syracusanen hun geluk niet op. Onmiddellijk blokkeerden ze de ingang van de Grote Haven. Hun tegenstanders deden een wanhopige poging uit te breken, maar in de zeeslag bleken de Atheense triëren geen partij meer te zijn voor die van Syracuse. Voor de Atheners was nu bijna alles verloren, want ze hadden zelfs geen schepen meer om naar huis te varen. Het enige wat erop zat was proberen hun basis in Katana te bereiken. En dus marcheerden ze langs de rivier de Anapos landinwaarts, in de hoop zich een weg door het laaggebergte te kunnen banen. De afwezigheid van cavalerie bleek nu fataal. Thoukydides heeft een huiveringwekkende beschrijving van de ondergang van de Atheners, hier geboden in de vertaling van M.A. Schwartz.

Lees verder “De Siciliaanse Expeditie (5)”

De Siciliaanse Expeditie (3)

Syracuse

[Dit is de derde aflevering uit een zesdelige reeks over de Siciliaanse Expeditie waarmee Athene probeerde Syracuse te onderwerpen. Het eerste deel is hier.]

Syracuse bestond uit twee delen. De oude stad lag op een eiland dat aan alle zijden was omgeven door onderzeese rotsen, die een landing met schepen onmogelijk maakten. Ook op het vasteland lag een stadswijk, die in het westen werd begrensd door een moeras terwijl in het noorden een oneffen, rotsachtige hoogvlakte lag die bekendstond als de Hoogten. In de winter ommuurden de Syracusanen een deel daarvan. Bestorming was onmogelijk, want voordat de aanvallers de muur zouden bereiken, moesten ze over allerlei rotsen klauteren, waarbij ze een makkelijk doelwit waren voor boogschutters.

Het zwakke punt in de muur was gelegen op de plek waar de rotsen wat minder steil afliepen en overgingen in het moeras. (Het theater dat hier was uitgehouwen is nog altijd te zien.) Dit was de plaats waar Nikias en Lamachos in de lente van 414 aanvielen. Ze landden bij Leon, bestormden het rotsplateau over een van de weinige begaanbare hellingen en bouwden een enorm, cirkelvormig fort tegenover het zwakke punt in de Syracusaanse verdedigingsmuur. Een tweede fort, Labdalon, zorgde ervoor dat ze de helling naar het plateau bleven beheersen. De aanval maakte in een klap duidelijk dat de Atheense strijdmacht nog onverminderd gevaarlijk was.

Lees verder “De Siciliaanse Expeditie (3)”

De Siciliaanse Expeditie (2)

Alkibiades (Capitolijnse Musea, Rome)

[Dit is het tweede deel van een zesdelige reeks over de Siciliaanse Expeditie waarmee Athene probeerde Syracuse te onderwerpen. Het eerste deel is hier.]

De Atheense vloot die in de zomer van 415 v.Chr. uitvoer telde uiteindelijk nog vierendertig triëren meer dan waarom Nikias had gevraagd – ruim het dubbele van waartoe de Atheners aanvankelijk hadden besloten. Zo was de beperkte operatie veranderd in een onderneming zonder weerga die, als ze succes zou hebben, Athene zou maken tot de machtigste staat in het Middellandse Zeegebied, maar als ze zou falen, zijn positie als machtigste staat van Griekenland in gevaar bracht. Het was een immense strijdmacht, maar evengoed zou blijken dat het voor elke oorlog op Sicilië noodzakelijke legeronderdeel ontbrak.

Nog nooit was er een tocht ondernomen verder van huis en met groter verwachtingen van een toekomstige uitbreiding van de nu aanwezige macht. Toen de schepen bemand waren en alles was ingescheept wat zij op hun reis moesten meenemen, werd met de trompet stilte geblazen en werden de voor het vertrek gebruikelijke gebeden uitgesproken, niet op elk schip afzonderlijk, maar allen tezamen spraken zij de woorden van de heraut na. Mengvaten werden gevuld het gehele leger langs gedragen en uit gouden en zilveren bekers werd door de manschappen en officieren geplengd. (Thoukydides 6.32.1; vertaling M.A. Schwartz.)

Lees verder “De Siciliaanse Expeditie (2)”