Saturnus Africanus (1)

Saturnus Africanus (Musée du Bardo, Tunis)

Je hoeft geen Latijn te kennen om te begrijpen dat “Saturnus Africanus” de godheid Saturnus is zoals die werd vereerd met Afrikaanse rituelen. Wie Tunesië, Algerije of Marokko bezoekt, kan niet om deze Romeinse godheid heen, al was het maar omdat hij staat vermeld in bijna 2500 gepubliceerde Latijnse inscripties, gevonden van Karthago in het oosten tot Volubilis in het westen. Vaak staat hij op die inscripties ook afgebeeld; er zijn verder honderden afbeeldingen zonder tekst. Ook zijn 200 cultusplaatsen bekend. Het bovenstaande reliëf was tien jaar geleden een van de pronkstukken op de Karthago-expositie in het Rijksmuseum van Oudheden; als u het daar niet zag, zult ervoor Tunis moeten, naar het Bardo-museum.

Van boven naar beneden herkent u de god, gezeten op een troon, met een scepter en een snoeimes in de hand, met vóór hem het hoofd van óf zijn echtgenote Venus Caelestis óf de zon. Onder hem ziet u degene die deze stèle heeft opgericht. Hij staat op het punt een lam te offeren. De vlammen laaien al op van het altaar. Er zijn honderden van dit soort afbeeldingen. De baardige godheid draagt vaak een kleed over het hoofd en gaat niet zelden vergezeld van de goddelijke Tweelingen of de Zon en Maan.

Lees verder “Saturnus Africanus (1)”

Heliogabalus (8): conclusie

Heliogabalus (Capitolijnse Musea, Rome)

[Dit is het laatste blogje van Lauren van Zoonen over regering en religie van keizer Heliogabalus. Het eerste is hier.]

Het moge duidelijk zijn: keizer Heliogabalus leidde niet wat anderen beschouwden als een Romeins leven. In de hoofdstad van het Romeinse Rijk volgde hij de regels van zijn Syrische religie. Zijn hogepriesterschap vergde veel van hem en hij verwaarloosde de staatzaken, die hij overliet aan zijn moeder Julia Soaemias en zijn grootmoeder Julia Maesa.

Trias

De cultus van Elagabal was in Rome al bekend, maar hij probeerde – zoals in Syrië gebruikelijk – een “trias” ofwel drie-eenheid te vormen. Door met een priesteres van Vesta te trouwen en het palladium naar de tempel van Elagabal te brengen, verhief hij een godin tot de zijns inziens rechtmatige plaats. Vervolgens werd ook de Karthaagse godin Tanit, de Hemelse Venus, naar Rome gebracht en uitgehuwelijkt aan Elagabal. Zo verhief Heliogabalus ook de tweede vrouwelijke godheid. Andere Romeinse goden werden geëerd door hun cultusvoorwerpen over te brengen naar de tempel van Elagabal.

Julia Soaeamias (Archeologisch Museum, Antalya)

Zo overtrad hij allerlei Romeinse wetten. Heliogabalus wilde de andere erediensten echter niet vernietigen maar integreren in de cultus voor de voornaamste god, de zon. Mogelijk heeft hij Elagabal gezien als koning der goden en de andere godheden als leden van zijn huishouding. De bewoners van Rome begrepen zulke acties echter niet. Zij zagen vooral heiligschennis. Een keizer die tijdens de offers gekleed ging in zijn zijden gewaden en die zich door muzikanten en dansers liet begeleiden, was in het begin weliswaar spectaculair, maar de aandacht zal zijn verflauwd toen het nieuwe ervan af was. Bovendien stond deze extravagantie haaks op de Romeinse gravitas, “ernst”. De keizerlijke onbeschaamdheid, of wat men daarvoor hield, was nog nooit eerder gezien.

De beschuldigingen dat kinderen zijn geofferd, zijn vrijwel zeker lasterpraatjes. Verhalen over tempelprostitutie en castratie zullen daarentegen een kern van waarheid bevatten. Weliswaar hangen tempelprostitutie en castratie meestal samen met vrouwelijke goden, maar Heliogabalus kan deze handelingen hebben willen verrichten als deel van zijn trias.

Kritiek

De in onze bronnen weergegeven kritiek is vooral afkomstig van Romes aristocraten. Na verloop van tijd zwol echter ook onder het volk en de soldaten de ontevredenheid aan. Iedereen bekritiseerde een religie waarvan men eigenlijk maar weinig wist. De oosterse religies waren weliswaar enigszins bekend – Isis en Dolichenus zijn andere voorbeelden – maar de Romeinen moesten nu zien dat de keizer publiekelijk voorging in een oosterse eredienst. Dat was een schok. De man die Romeinse deugden moest belichamen, was in alle opzichten een Syriër en bewees vooral dat alle oude vooroordelen juist waren. Wat in Emesa aanvaardbaar was, was dat in Rome niet.

We hebben we in elk geval een antwoord op de vraag hoe de cultus werd ervaren, te beginnen met kritiek van de elite, die spoedig steun instemming kreeg van andere bevolkingsgroepen. De groep van fanatieke vereerders zal niet heel groot zijn geweest. Weliswaar vond de keizer dat hij mensen een eer bewees door ze te laten deelnemen aan de offers, maar niet iedereen zag dat zo. Als de Romeinse adel al voor de nieuwe eredienst te winnen was, moet het exotische gedrag van Heliogabalus de leden al snel van gedachten hebben doen veranderen.

Romeinen waren doorgaans tolerant ten opzichte van nieuwe religieuze gebruiken, zolang de Romeinse wetten en moraal maar werden gerespecteerd. De jonge keizer leek dat respect niet te kunnen opbrengen en kon het rijk niet leiden met zijn voorbeeldige gedrag. Weinigen zullen hebben getreurd om zijn dood.

***

Een gastbijdrage van Lauren van Zoonen. Dank je wel Lauren!

Heliogabalus (5): religie

De door Heliogabalus gebouwde tempel van Elagabal in Rome (Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis, Brussel)

[Dit is het vijfde van acht blogjes die Lauren van Zoonen schreef over regering en religie van keizer Heliogabalus. Het eerste is hier.]

Omdat de geschreven bronnen zo’n slecht chronologisch kader bieden, benutten oudheidkundigen munten en inscripties om de volgorde van de gebeurtenissen te reconstrueren. Dan valt op dat de eerste munten zelden verwijzen naar Heliogabalus’ favoriete god Elagabal. Slechts vier munten uit ongeveer 220 hebben afbeeldingen van de god.

Lees verder “Heliogabalus (5): religie”

De berg van licht: Elagabal

Wijding aan Elagabal uit Augsburg; de man die deze inscriptie liet maken, Gaius Julius Avitus Alexianus, was de grootvader van keizer Heliogabalus.

Elagabal zal voor menigeen een bekende onbekende zijn. Dankzij romans als Louis Couperus’ De berg van licht kunt u hem kennen als oosterse godheid. Verder is hij niet heel bekend. En hij laat zich ook slecht kennen, al staat vast dat het voornaamste heiligdom was in de Syrische stad Emesa, het huidige Homs. De oudste vermelding is een Palmyreense stèle uit de eerste eeuw na Chr., die een Aramese naam weergeeft die “god van de berg” zou betekenen. De berg in kwestie zal wel de citadel van Emesa zijn geweest.

Omdat Emesa in de eerste eeuw na Chr. een Arabischsprekende stad was, mogen we aannemen dat een god met een Aramese naam ouder is dan de Arabische aanwezigheid. Lange tijd golden de Arabieren inderdaad als immigranten, maar de afgelopen kwart eeuw is door de bestudering van tienduizenden inscripties duidelijk geworden dat ze al in de Vroege IJzertijd leefden in Syrië en Jordanië. Evengoed moet de verering van Elagabal oeroud zijn. Berggoden waren in Anatolië en de Levant al sinds de Hittitische Bronstijd bekend. Men beeldde zulke godheden vaak af met adelaars – net als Elagabal in de Romeinse tijd.

Lees verder “De berg van licht: Elagabal”

De tempel van Elagabal in Rome

De schaarse resten van de tempel van Elagabal

Een van de meest curieuze personen uit de Oudheid was de kindkeizer Heliogabalus (r.218-222). Die heette eigenlijk Varius Avitus Bassianus, maar toen hij eenmaal keizer was, noemde iedereen hem Antoninus. De naam waaronder hij beroemd is geworden, Heliogabalus dus, is een verbastering van de naam van de door hem vereerde Syrische zonnegod Elagabal. Dat is ook al niet de echte naam van die god, want die heette in het Aramees Ila ha-Gabal, “heer van de berg”. De bijnaam Heliogabalus is daarvan dus een verbastering. Weliswaar zou Elagabalus meer voor de hand hebben gelegen, maar met het ietwat onlogische eerste element verwijst de weergave ook naar de Griekse zonnegod Helios.

Kortom: er was een kindkeizer die we gemakshalve Heliogabalus noemen en die vereerde een zonnegod die we Elagabal noemen.

Wie een mooi boek wil lezen over Heliogabalus’ wonderlijke regeringsperiode, kan terecht bij Louis Couperus. Zijn roman De berg van licht (1905) is in feite een omgekeerde Stille kracht: in het laatstgenoemde boek gaat een westerling ten onder in de Oost, in De berg van licht gaat een oosterling ten onder in het Westen. Het is trouwens interessant hoe Couperus een Syrische wereld toont waarin androgyniteit zo niet geaccepteerd dan toch denkbaar was. Wie nu fronst bij non-binariteit, zou eens Couperus kunnen gaan lezen.

Lees verder “De tempel van Elagabal in Rome”