Het Parthische Rijk (3): Westelijke oorlogen

Parthische boogschutter (Altes Museum, Berlijn)
De lichte cavalerie van het Parthische Rijk bestond uit boogschutters (Altes Museum, Berlijn)

[Dit is het derde van vier blogjes over het Parthische Rijk. Het eerste was hier.]

Het Seleukidische Rijk was ten onder gegaan door versnippering, waar westelijke en oostelijke vijanden van hadden geprofiteerd: de Romeinse republiek en de Parthen. In 69 v.Chr. sloten die twee machten een verdrag, waarbij ze de Eufraat als grens aanvaardden. Zes jaar later annexeerde de Romeinse bevelhebber Pompeius de Grote de laatste restanten van het rijk van de Seleukiden.

Asymmetrische oorlog

Verdrag of niet, in 53 v.Chr. stak de Romeinse generaal Crassus de grensrivier over. Bij Carrhae, dat u ook kent als Harran, werd hij echter verslagen door een Parthische commandant die in de Griekse en Latijnse bronnen Surena wordt genoemd, en die lid moet zijn geweest van de Suren-clan. De oorlog rond Harran vormde het begin van een reeks oorlogen die bijna drie eeuwen zouden duren.

De ruiters van het Parthische Rijk beheersten het achterwaartse “Parthische schot”, tweemaal afgebeeld op dit medaillon van zijde (Metropolitan Museum, New York)

De Parthische legers bestonden uit twee soorten cavalerie: de zwaarbewapende en gepantserde katafrakten en brigades van boogschutters. Voor de Romeinen, die vertrouwden op hun zware infanterie, waren de Parthen daarom een moeilijke tegenstander. Van de andere kant zouden de Parthen er nooit in slagen veroverde gebieden duurzaam te bezetten; zij hadden moeite met de belegeringsoorlogvoering. Dit verklaart waarom de Romeins-Parthische oorlogen eindeloos zouden duren. Het was een asymmetrisch conflict.

In de jaren na de nederlaag bij Carrhae waren de Romeinen verdeeld tussen de aanhangers van Pompeius en die van Julius Caesar. Ze hadden daardoor geen gelegenheid om de Parthen te straffen. Caesar, de uiteindelijke winnaar in deze Tweede Burgeroorlog, werd vermoord voor hij naar het oosten kon afreizen. In de daarop volgende Derde Burgeroorlog koos de Romeinse generaal Quintus Labienus, die Caesars moordenaars had gesteund en diens erfgenamen vreesde, koos de kant van de Parthen. Met zijn ervaring met de Romeinse krijgskunst bleek hij de beste Parthische generaal te zijn. In 41 vielen de Parthen Syrië en Klein-Azië binnen. Een tweede Parthische leger intervenieerde in een conflict in het Romeinse Judea en nam in Jeruzalem de hogepriester Hyrkanos II gevangen. Koning Fraates IV investeerde de buit in Ktesifon, zijn nieuwe hoofdstad aan de Tigris.

Marcus Antonius

In 39 v.Chr. meende de Romeinse generaal Marcus Antonius in de positie te zijn om wraak te nemen. Labienus kwam om tijdens deze operatie. De Eufraat vormde opnieuw de grens tussen de twee imperia. De Parthen hadden geleerd dat ze zonder infanterie geen vijandelijke gebieden konden bezetten, de Romeinen begrepen dat ze hun ruiterij moesten verbeteren. Marcus Antonius liet het er echter niet bij. In 36 viel hij Mesopotamië binnen met VI Ferrata en andere, niet-geïdentificeerde eenheden. Zijn cavalerie bleek echter onbetrouwbaar, er waren enorme verliezen en de Romeinen waren blij Armenië te bereiken. Een tweede operatie was nauwelijks meer succesvol.

Parthische reliëf van een zonnegod (Nationaal Museum, Bagdad)

Dit betekende het einde van deze tweede confrontatie tussen de twee grote mogendheden. De Romeinen raakten opnieuw verstrikt in een burgeroorlog, en toen Octavianus Marcus Antonius had verslagen, liet de nieuwe alleenheerser van Rome (“keizer Augustus”) de Parthen voor wat ze waren. Hij was meer geïnteresseerd in de consolidatie van het Romeinse gezag in het westen. Zijn schoonzoon en toekomstige opvolger Tiberius onderhandelde in 20 v.Chr. over een vredesverdrag met Fraates.

Ook de Parthen keken in deze tijd naar een ander front. Ze raakten geïnteresseerd in de vallei van de Indus, waar enkele kleine koninkrijken een makkelijker prooi leken. Een van de Parthische leiders was Gondofares, koning van Taxila; volgens de christelijke traditie zou hij nog zijn gedoopt door de apostel Thomas. Het verhaal is onwaarschijnlijk maar niet helemaal onmogelijk: in de Punjab leefden aanhangers van verschillende religies en er kan publiek zijn geweest voor een vertegenwoordiger van een nieuwe joodse sekte. In elk geval breidde het Parthische Rijk zijn invloedssfeer in oostelijke richting uit.

Een grafmasker uit Nineveh, tweede eeuw na Chr. (British Museum, Londen)

Armenië

Vele jaren later flakkerde het Romeins-Parthische conflict echter opnieuw op. De inzet wat het koninkrijk Armenië. Dat was een Romeins vazalkoninkrijk geworden, maar de Parthische koning Vologases I benoemde er een nieuwe heerser, Tiridates. Dat was meer dan de Romeinen konden accepteren en hun generaal Gnaeus Domitius Corbulo viel Armenië binnen. De oorlog duurde enkele jaren, want de twee vijanden hadden nog altijd niet de middelen om de definitieve overwinning te behalen. Ik blogde er eerder over.

Parthische priesters uit Doura Europos (Museum van Deir ez-Zor)

Het eindresultaat was dan ook een compromis. De Armeense koning werd in Rome opnieuw gekroond, dit keer door keizer Nero. Dit compromis bleek duurzaam: in de toekomst zou de koning van Armenië een Parthische prins zijn uit de Arsakidische dynastie, maar deze had de goedkeuring van de Romeinen nodig. Al waren er van tijd tot tijd kleine grensconflicten, gedurende een ruime halve eeuw was het vrij rustig aan de Romeins-Parthische grens. Toch zou het Parthische Rijk ten onder gaan door Romeins geweld. Daarover zo meteen meer.

Deel dit:

Een gedachte over “Het Parthische Rijk (3): Westelijke oorlogen

  1. Pingback: Archaeology 2023-12-21 – Ingram Braun

Reacties zijn gesloten.