Een tekst over Troje?

De oostelijke poort van Troje VI/VIIa

Zo op het eerste gezicht lijkt het nieuws behoorlijk belangrijk. En na deze eerste zin weet u al dat er een tweede gezicht is en dat het nieuws wellicht anders moet worden geduid. En u weet dan ook dat er een conclusie komt over de aard van het nieuws. Met andere woorden: op deze vroege zondagochtend kan ik, op een hotelkamer in het Kroatische Zadar, voor het volgende nieuws geen adequatere vorm bedenken dan een stomvervelend frame dat al veel te vaak is gebruikt. Niettemin is het bericht de moeite waard, dus lees even verder.

1. Op het eerste gezicht

De claim: onderzoekers hebben een 3200 jaar oude inscriptie vertaald waar informatie in blijkt te staan over de gebeurtenissen in westelijk Klein-Azië. Het interessante is dat daarin Troje wordt genoemd. De tekst, zo lezen we hier, is geschreven in het Luwisch (een Indo-Europese taal uit het westen van Klein-Azië) en beschrijft enkele gebeurtenissen uit het koninkrijk Mira. Als ik het goed samenvat nam een koning Mashuittas van Mira de macht over van koning Walmu van Wilusa (de oude naam van Troje). Deze Walmu was uit zijn stad verdreven maar Mashuittas gaf hem die stad terug in ruil voor beloftes een trouwe vazal te zullen zijn.

Lees verder “Een tekst over Troje?”

Factcheck: Griekse democratie

Het spreekgestoelte op de Pnyx in Athene.

In een van de oudste versies van het epos van Gilgameš wil de titelheld ten oorlog gaan, maar een college van adviseurs verbiedt het hem. Daarop roept hij een volksvergadering samen die hem wel toestemming verleent. Simpele conclusie: democratie bestond al in het Mesopotamië van de Vroege Bronstijd.

Van de Fenicische steden uit de Late Bronstijd en de IJzertijd – Tyrus, Sidon, Beiroet, Byblos, Arwad – is niet zo heel erg veel bekend en ze zullen ook niet allemaal hetzelfde bestuurd zijn geweest, maar het staat vast dat er naast de koningen magistraten waren en dat de vorsten van tijd tot tijd het advies vroegen van volksvergaderingen. Ik aarzel of we dit een democratie moeten noemen: je zou willen lezen over soevereine besluiten door die vergadering en voor zulke informatie hebben we domweg te weinig bronnen. De jarenlange belegering van Tyrus in de vroege zesde eeuw is bij mijn weten de enige periode in de Fenicische geschiedenis waarvan we weten dat het volk zonder koning regeerde en dat is nou net een atypische situatie.

Lees verder “Factcheck: Griekse democratie”

Factcheck: Masada

Masada

Volgende week houdt Donald Trump tijdens zijn staatsbezoek aan Israël een toespraak in Masada, een fort dat de Romeinen ooit hebben belegerd. Aangezien de media een toespraak door de president van de Verenigde Staten laten afhandelen door de redactie buitenland en niet door de wetenschapsredactie, mogen we aannemen dat een berucht kwakhistorisch verhaal kritiekloos zal worden gereproduceerd: dat de Romeinen te Masada een einde maakten aan het laatste Joodse verzet.

Maar zo simpel is het niet. Bij wijze van voorwaartse verdediging tegen de naderende desinformatie: wat weten we wél over Masada?

Wat was Masada?

Masada was een op een rotsplateau gelegen paleis-fort van koning Herodes de Grote, die kort voor onze jaartelling regeerde over Judaea. In het jaar 66 n.Chr., toen het (inmiddels door Rome geannexeerde) gebied in opstand kwam, bezette een groep Sicariërs Masada. Nadat een poging ook de macht in Jeruzalem over te nemen was uitgelopen op een debacle, hielden zij zich verder afzijdig van de grote opstand tegen de Romeinen.

Lees verder “Factcheck: Masada”

Factcheck: Hangende Tuinen?

De “East India House Inscription” (British Museum, Londen)

Voor wie nooit iets leest, is alles nieuws. Dit betekent dat je, als wetenschapper, er goed aan doet het publiek niet te veel te vertellen, want dan kun je altijd een oud kliekje opwarmen en presenteren als iets nieuws. Een loepzuiver voorbeeld van nieuws-dat-geen-nieuws-is-maar-ervoor-moet-doorgaan is het bericht dat de zogenaamde Islamitische Staat ongewild de Hangende Tuinen van Babylon zou hebben gevonden.

Nou, dus niet. En het is zelfs geen hypothese die de moeite van het overwegen waard is. Het is gewoon zoeken naar iets waarvan je weet dat het niet bestaat en toch “hebbes!” roepen.

Lees verder “Factcheck: Hangende Tuinen?”

Factcheck: Vrouwen in het christendom

Jezus en de samaritaanse vrouw. Fresco uit de Catacomben van Praetextatus. Het kapsel van de vrouw suggereert een datering in de Severische tijd, dus rond 200 n.Chr.
Jezus en de samaritaanse vrouw. Fresco uit de Catacomben van Praetextatus. Het kapsel van de vrouw suggereert een datering in de Severische tijd, dus rond 200 n.Chr.

Tijdens het Carrédebat zei Sybrand van Haersma Buma: “Respect voor vrouwen komt uit de joods-christelijke traditie, dat is al duizenden jaren zo.”

Ik zal het niet hebben over Buma’s “duizenden jaren” ter typering van het christendom, dat nog geen twee millennia heeft volgemaakt. Het is een beetje flauw daarop af te rekenen.

Een interessantere vraag is wat Buma verstaat onder respect. Je zou bijvoorbeeld, zoals de behoudende islamitische geestelijken die ik in Iran wel eens heb gesproken, kunnen zeggen dat het mannelijk respect voor vrouwen zó groot is dat echte heren vrouwen niet in verlegenheid zullen brengen door ze een hand te geven en dat ze vrouwen willen beschermen tegen wellustige mannenblikken en daarom vrouwen liever met een hoofddoek over straat laten gaan.

Lees verder “Factcheck: Vrouwen in het christendom”

Factcheck: Valentijnsdag

Ten onrechte meenden de Romeinen dat hun stad was gesticht door herders; daarom meenden ze dat het eeuwenoude Lupercalia-festival een herdersfeest moest zijn. Op dit reliëf, te zien op een altaar dat is gevonden in Ostia, ziet u hoe herders Romulus en Remus vinden. Het heeft verder niets met de Lupercalia te maken maar het is wel een leuk plaatje. (Palazzo Massimo, Rome)
Ten onrechte meenden de Romeinen dat hun stad was gesticht door herders; daarom meenden ze dat het eeuwenoude Lupercalia-festival een herdersfeest moest zijn. Op dit reliëf, te zien op een altaar dat is gevonden in Ostia, ziet u hoe herders Romulus en Remus vinden. Het heeft verder niets met de Lupercalia te maken maar het is wel een leuk plaatje. (Palazzo Massimo, Rome)

[Eigenlijk had ik vandaag willen beginnen aan de rubriek waarin ik uitleg waarom de historische wetenschappen werkelijk wetenschappen zijn. De actualiteit komt er echter tussendoor: morgen is het Valentijnsdag en je zult zien dat weer iemand zal beweren dat dat eigenlijk een oud-Romeins vruchtbaarheidsfeest is. De klassieken moeten per se relevant worden gemaakt, desnoods met alternatieve feiten. Er is echter geen verband tussen het Romeinse en het christelijke feest, zoals mijn Amerikaanse vriend William P. Thayer, de webmaster van LacusCurtius, uitlegt.]

Pogingen zoals deze, deze en deze om de oud-Romeinse Lupercalia (15 februari) in verband te brengen met de christelijke Valentijnsdag (14 februari) zijn verdacht. De gelijkstelling van de twee illustreert vooral een twintigste-eeuwse neiging om een liefdesfeest af leiden van antieke vruchtbaarheidsculten. Er is ondertussen geen draad bewijs voor een dergelijk verband.

Vaak wordt beweerd dat paus Gelasius (r.494-496) Valentijnsdag in de vijfde eeuw instelde, maar dat is niet waar: wat hij wél deed was een lange, strenge brief schrijven (Brief 100, Aan Andromachus) waarin hij de gelovigen het vieren van de Lupercalia verbood. Die brief noemt geen Valentinus.

Lees verder “Factcheck: Valentijnsdag”

Factcheck: De slag bij Gibeon

Jozua op een gevelsteen bij het Joods Historisch Museum (Nieuwe Amstelstraat 32)
Jozua op een gevelsteen bij het Joods Historisch Museum (Nieuwe Amstelstraat 32)

Bijbelverhalen zijn vaak zo verschrikkelijk mooi. Hier is er een die altijd tot de verbeelding spreekt: Jozua, de aanvoerder van de Hebreeën, trekt ten strijde tegen vijf Amoritische koningen, kort nadat hij het land van Israël is binnengetrokken.

Na een nachtelijke mars vanuit Gilgal deed Jozua een onverwachte aanval op de vijanden en Jahwe bracht hen voor Israël in verwarring. Zo brachten de Israëlieten hun bij Gibeon een zware nederlaag toe, achtervolgden hen de berghelling op naar Bet-Choron en bleven hen bestoken tot bij Azeka en Makkeda. Toen zij, vluchtend voor Israël, op de steile afdaling van Bet-Choron gekomen waren, liet Jahwe uit de hemel grote stenen op hen neerhagelen, die hen doodden. Dat duurde tot Azeka toe. Er stierven er meer door de hagelstenen dan de Israëlieten met het zwaard konden doden. (Jozua 10.9-11)

Hierna voegt de auteur iets toe dat hij lijkt te hebben ontleend aan een verder niet bekend Boek van de Rechtvaardige.

Lees verder “Factcheck: De slag bij Gibeon”