Factcheck: De dood van Alexander

Alexander (Ny Carlsberg Glyptotek, Kopenhagen)

Wat gebeuren moest, gebeurde. Toenemende mobiliteit maakt dat ziekten zich makkelijker kunnen verspreiden. En ook: als het warmer wordt, kunnen ziektekiemen zich verspreiden naar andere gebieden. Is het niet omdat bacteriën extra ruimte krijgen waarbij ze zich senang voelen, dan is het omdat de dragers van virussen die ruimte krijgen. Kortom: niemand zal verbaasd zijn dat het westnijlvirus nu in Nederland is, zoals De Volkskrant bericht.

In zijn stukje meldt journalist Tony Mudde ook dat er een beruchte theorie is dat het westnijlvirus Alexander de Grote doodde. Keurig met een linkje erbij dat u brengt bij uitleg waarom het onzin is. Want dat is het. De theorie is destijds gepubliceerd om mee te surfen op de publiciteitsgolf rond de film van Oliver Stone en diende, naar het schijnt, vooral fondsenwerving voor een lab. Wetenschappelijk is het quatsch en dat was van begin af aan duidelijk. In mijn boek over Alexander heb ik er geen woord aan besteed. De tegenargumenten waren dan ook, om een gepaste metafoor te gebruiken, dodelijk.

Lees verder “Factcheck: De dood van Alexander”

Keltische stenen en Bijbelverzen

Hoewel Keltische stenen toch echt stenen zijn, zijn ze in plasticvorm te koop bij wetenschapsmuseum NEMO in Amsterdam. Het filmpje hieronder toont er eentje die is gesneden uit hout. De KNAW heeft ze ooit als chocoladekoekje gekend. Ik heb het dus over Keltische stenen.

Ik had er nog nooit van gehoord tot iemand me erover mailde. Het bleek te gaan om een steen in een vorm die je nog het beste kunt vergelijken met een banaan of aardappel. Als je ze neerlegt op tafel en er een tik tegenaan geeft, kun je ze laten roteren, zoals je ook kunt doen met een ovale kei op een tegel. Het opmerkelijke is nu dat Keltische stenen een eigen draairichting hebben. Ze roteren bijvoorbeeld wél met de wijzers van de klok mee, maar niet de andere kant op. Geef je ze een tik om ze tegen de wijzers van de klok in te laten draaien, dan gaan ze eerst wiebelen en draaien ze vervolgens tegen de wijzers van de klok in. Volkomen contra-intuïtief.

Lees verder “Keltische stenen en Bijbelverzen”

Relevance is the enemy of history

Het bovenstaande plaatje doet de ronde op de sociale media. De strekking is duidelijk: christelijk Rechts in de Verenigde Staten heeft niets begrepen van het christendom. Dat wil ik best wel voor mijn rekening nemen maar er zijn kanttekeningen te plaatsen.

Vraag één: wat is christendom? Dat is zo simpel nog niet. Het is in elk geval een verzameling ideeën, gegroeid in de loop van een kleine tweeduizend jaar. Sommigen benadrukken Bijbelstudie, anderen leggen de nadruk op sacramenten en rituelen. Zo nu en dan is het een onderdeel van ’s mensen culturele of nationale identiteit. Doordat eigenlijk alles én het tegendeel daarvan vroeg of laat christelijk is, zijn christelijke ideeën overal om ons heen. Ook waar we het misschien niet meteen verwachten. Het humanisme valt bijvoorbeeld te interpreteren als een vorm van christendom.

Hieruit volgt dat de Christus van Amerikaans evangelisch Rechts een loot kan zijn aan de christelijke boom, aangezien alle ideeën vroeg of laat christelijk zijn, en dat deze Christus óók valt te interpreteren als niet-christelijk. Datzelfde geldt voor het in het plaatje getoonde alternatief: ja, die Linkse Christus staat in een christelijke traditie, en nee, deze Christus is net zo goed een politiek construct.

Lees verder “Relevance is the enemy of history”

MoM & misverstand: Natuurgodsdiensten

Standbeeld uit Ain Ghazal, even ten noorden van Amman, ongeveer 8000 v.Chr. Tot de ontdekking van een beeld in Şanli Urfa gold dit als de oudste vrijstaande sculptuur ter wereld. Het mythologisch-religieuze karakter staat met zo’n dubbel lichaam niet ter discussie (Archeologisch Museum van Amman)

Natuurgodsdiensten zijn de oudste vorm van religie. Zegt men. Vóór de moderne wetenschap bestond verklaarde de primitieve mensheid namelijk alle natuurverschijnselen als goddelijk ingrijpen. En nog eerder, vóór de mens begreep dat er goden bestonden, zag de oermens overal vage en ambigue natuurkrachten. Althans, dat dachten antropologen en godsdiensthistorici aan het eind van de negentiende eeuw. Zij meenden ook dat de oermens de vruchtbaarheid van het land had geïdentificeerd met die van de vorst. Vandaar dat de Graalkoning in een verwoest land leefde zolang de wond in zijn lendenen niet was genezen.

Koningsmoord

In natuurgodsdiensten was het niet onlogisch ’s konings vruchtbaarheid zo geconcentreerd mogelijk in te zetten: als men elk jaar een andere heerser aanstelde, maximaliseerde men diens vermogen de natuur te doen uitlopen en de oogst overvloedig te laten zijn. Aan het einde van het jaar moest de koning dan dood. Vandaar dat in zoveel Griekse mythen en sagen de koning akelig aan zijn einde komt: Herakles verbrandde, Agamemnon bezweek aan bijlslagen, Pelias werd geslacht.

Lees verder “MoM & misverstand: Natuurgodsdiensten”

Misverstand: Stad der steden

De bij mijn weten oudste vermelding van de “urbs aeterna”, uit de tijd van keizer Maxentius (r.306-312), wiens naam in de vijfde regel is uitgewist (EDCS-24100628)

Er is genoeg lelijks om de stad Rome te haten. Romofobe scheldgedichten en andere aanklachten vormen een literair genre op zich. Er is ook genoeg interessants in Rome om de stad intens lief te hebben en er zijn ook talloze romofiele teksten. De lofprijzing is een derde genre. Hier is een antiek voorbeeld:

Uit ieder land en uit elke zee wordt aangevoerd wat de seizoenen laten groeien en wat alle landen, rivieren, meren en ambachten … voortbrengen. Stel dat iemand dat allemaal wil zien, dan moet hij óf de hele bewoonde wereld afreizen óf verblijven in Rome. Het kan niet anders of al wat bij ieder volk groeit en wordt geproduceerd, is hier altijd in overvloed aanwezig. … Nooit ontbreekt het er aan binnenlopende en uitvarende schepen. Het is dan ook niet alleen een wonder dat de haven voldoende ruimte biedt voor de vrachtschepen, maar ook dat de zee niet vol raakt! Wat men hier niet kan zien, heeft niet bestaan of bestaat niet.

Lees verder “Misverstand: Stad der steden”

Misverstand: De stad Nijmegen

Agrippa, de stichter van Nijmegen (Altes Museum, Berlijn)

Trajanus gold als een goede keizer en dat hij hier en daar een modern standbeeld heeft gekregen is geen catastrofe. Wie Nijmegen over de Waalbrug binnenrijdt, zal er door worden begroet. Het beeld dateert uit de jaren vijftig van de vorige eeuw, toen het aloude Keizer Lodewijkplein, aangelegd na de sloop van de Nijmeegse stadsmuur en vernoemd naar Lodewijk de Vrome, een nieuwe naam moest krijgen. Omdat oudheidkundigen toen nog dachten dat Trajanus iets voor Nijmegen zou hebben gedaan, werd het plein naar hem vernoemd en kreeg hij een beeld.

De vraag was destijds al wát hij voor Nijmegen heeft gedaan, want het enige wat vaststaat is dat de stad zich Ulpia Noviomagus is gaan noemen. Het laatste element is de eigenlijke plaatsnaam, “nieuwe markt”; het eerste element verwijst naar de familienaam van de keizer, die voluit Marcus Ulpius Trajanus heette. De aanname was destijds (als ik het wel heb) dat die naam is verleend met het recht om markt te houden, nundinas habere. Op zeker moment zou Nijmegen ook de rang van municipium hebben gekregen, wat bepaalde juridische rechten en plichten voor de burger met zich zou hebben meegebracht.

Lees verder “Misverstand: De stad Nijmegen”

Misverstand: Cananefaten

Grafsteen van Adiutor de Cananefaat (Museum Tipasa)

Zuid-Holland was het woongebied van de Cananefaten, een groep mensen die het huidige Voorburg als hoofdstad had. Vaak wordt beweerd dat de naam van de bewoners van het oude Zuid-Holland zoiets zou betekenen als “konijneneters” of “konijnenvatters”, maar jammer genoeg is er geen archeologisch bewijs dat de diertjes al in de Oudheid door het duingebied huppelden: wilde konijnen leefden toen nog alleen in Spanje en zijn pas in de Middeleeuwen voor het eerst gesignaleerd in de Lage Landen.

In de tweede eeuw n.Chr. lijken er overigens wel wat konijnen te zijn geweest, in hokken op de landgoederen van rijke mensen, maar die hebben geen noemenswaardige nakomelingen gehad. Bovendien arriveerden ze te laat om nog als naamgevers te kunnen dienen. De Cananefaten waren hier immers al in de eerste eeuw van de jaartelling.

Lees verder “Misverstand: Cananefaten”

Misverstand: Rammende galeien

Model van een triëre (Mon repos, Korfu)

Na de Perzische Oorlogen zetten de Atheners de strijd tegen het Perzische wereldrijk voort. Ze hadden de triëren, ze hadden een zilvermijn om de roeiers te betalen, ze hadden de wouden waar het scheepshout groeide, en ze waren voor de duvel niet bang. Wie zich als bondgenoot bij hen wilde aansluiten moest daarvoor betalen, maar kon dan rekenen op bescherming. Een en ander geschiedde tegen concurrerende prijzen, want de Atheners waren goedkoper dan zelf een vloot onderhouden.

Onnodig te zeggen dat er daarna voor een bondgenoot geen weg terug was: wie uit het bondgenootschap wilde stappen, had meestal geen eigen schepen meer, ja had zelf betaald voor de vloot waarmee Athene de achterstallige betalingen kwam innen. Met deze gelden financierde Athene de roeiers: meestal gewone Atheense burgers, die in de volksvergadering niet zelden stemden voor agressieve militaire expansie. Dat leverde immers een leuk inkomen op.

Lees verder “Misverstand: Rammende galeien”

Misverstand: Patroklos

Garrett Hedlund als Patroklos in de speelfilm Troy (©Warner Bros.)

De Griekse literatuur begint met de Ilias, het prachtige gedicht van de legendarische bard Homeros over de heldhaftige Achilleus die, na een belediging, weigert nog langer deel te nemen aan de Trojaanse Oorlog, wat tot gevolg heeft dat ontelbare soldaten de prooi worden van vogels en honden. Als echter ook zijn vriend Patroklos sneuvelt, is Achilleus’ woede zó groot dat hij zich over zijn rancune heen zet en weer meevecht om zo wraak te nemen op degene die Patroklos doodde, de Trojaanse kampioen Hektor.

Het verhaal is naverteld, geparodieerd, als opera en ballet opgevoerd, en ook verschillende keren verfilmd. Een voorbeeld is de speelfilm Troy (2004), waarin er zó nadrukkelijk op wordt gewezen dat Achilleus en Patroklos neven waren, dat het de kijker ging storen. Het zal er, zoals verschillende recensenten destijds opperden, mee te maken hebben gehad dat het slecht zou zijn geweest voor de bezoekerscijfers als de film leek te gaan over homoseksuele geliefden, want dat is hoe Achilleus en Patroklos vooral bekendstaan.

Lees verder “Misverstand: Patroklos”

Misverstand: Het oog van de naald

Even ongeacht welk dier bedoeld is met het Griekse woord kamelos, een kameel of een dromedaris, het Bijbelvers dat het makkelijker is voor een kameel door het oog van een naald te gaan dan voor een rijke het koninkrijk Gods te betreden, is voor sommigen nogal problematisch. In de Verenigde Staten, waar de puriteinse christenen vanouds materieel succes beschouwen als blijk van goddelijke gunst, heeft men zich altijd wat ongemakkelijk gevoeld bij Jezus’ categorische afwijzing van rijkdom.

In hun kringen schijnt het misverstand te zijn ontstaan dat in Jeruzalem een stadspoortje zou zijn geweest dat “het oog van de naald” heette. De achterliggende gedachte is dat, zoals een groot dier met enige moeite wel door een kleine poort kon, rijkdom geen definitief obstakel voor het koninkrijk hoefde zijn. Een vergelijkbaar idee is dat “oog van de naald” de oosterse naam zou zijn van een winket, dat wil zeggen het kleine deurtje dat wel wordt aangebracht in een grote deur. Zie boven.

Lees verder “Misverstand: Het oog van de naald”