Klassieke literatuur (4): toneel

Het theater van Dionysos in Athene, waar veel van de overgeleverde toneelstukken in première zijn gegaan.
Het theater van Dionysos in Athene, waar veel van de overgeleverde toneelstukken in première zijn gegaan.

[Bij mijn mail zat een tijdje geleden de vraag welke klassieke teksten en vertalingen ik mensen zou aanraden. In deze onregelmatig verschijnende reeks zal ik een persoonlijk antwoord geven, waarbij leesplezier voorop staat. Wie zich er echt in wil verdiepen, kan het beste aan een universiteit bij een cursus aanschuiven, zoals deze. Voor de Latijnse literatuur is er Piet Gerbrandy’s Het feest van Saturnus. Voor de Griekse en christelijke literatuur is zo’n boek er niet. Vandaag behandel ik het toneel.]

De Grieken kenden twee soorten twee toneel: de tragedie en de komedie. De komedies zijn, om redenen die ik zo meteen zal uitleggen, wat vergeten geraakt, maar de tragedies worden nog volop gespeeld. Dat wil zeggen: enkele ervan, want de Rhesos van Euripides is onspeelbaar. Om die reden neemt men ook wel aan dat het stuk niet van die tragicus is: het is zo anders dan de rest van zijn stukken. Maar ja, wat weten we nu eigenlijk over Grieks toneel, als we het moeten doen met tweeëndertig tragedies en elf hele en zes halve komedies?

Lees verder “Klassieke literatuur (4): toneel”

Klassieke literatuur (3b): Griekse poëzie

Pindaros
Pindaros

[Bij mijn mail zat onlangs de vraag welke klassieke teksten en vertalingen ik mensen zou aanraden. In deze onregelmatig verschijnende reeks zal ik een persoonlijk antwoord geven, waarbij leesplezier voorop staat. Wie zich er echt in wil verdiepen, kan het beste aan een universiteit bij een cursus aanschuiven, zoals deze. Voor de Latijnse literatuur is er Piet Gerbrandy’s Het feest van Saturnus. Voor de Griekse en christelijke literatuur is zo’n boek er niet.

Nadat ik heldendicht en leerdicht had behandeld, was ik begonnen met de resterende poëzie. Sapfo was aan de orde gekomen en vandaag begin ik met de rest.]

Het uitstel sinds de vorige aflevering heeft een reden. Ik moet nu gaan schrijven over een onderwerp dat me niet goed ligt. Een mens heeft nu eenmaal zo zijn voorkeuren. Zoals ik geen echte “klik” heb met opera, profsport, gastronomie en TV, zo heb ik ook geen speciale band met Griekse en Latijnse poëzie. Niet omdat ik er tegen ben natuurlijk. De keren dat ik naar de opera ging, heb ik ervan genoten; ik weet wel ongeveer hoe Ajax het doet; ik waardeer het als iemand lekker kookt; ik heb geboeid gekeken naar Breaking Bad. Op soortgelijke wijze zie ik wel dat Griekse en Latijnse poëzie mooi is, maar het trekt me minder dan proza.

Lees verder “Klassieke literatuur (3b): Griekse poëzie”

Klassieke literatuur (3a): Sapfo

Sappho (Capitolijnse Musea, Rome)
Sappho (Capitolijnse Musea, Rome)

[Bij mijn mail zat onlangs de vraag welke klassieke teksten en vertalingen ik mensen zou aanraden. In deze onregelmatig verschijnende reeks zal ik een persoonlijk antwoord geven, waarbij leesplezier voorop staat. Wie zich er echt in wil verdiepen, kan het beste aan een universiteit bij een cursus aanschuiven, zoals deze. Voor de Latijnse literatuur is er Piet Gerbrandy’s Het feest van Saturnus. Voor de Griekse en christelijke literatuur is zo’n boek er niet. Nu heldendicht en leerdicht zijn behandeld, begin ik vandaag aan twee of drie stukjes over alle andere poëzie. Eerst Sapfo, aan wier gedichten ik lange tijd veel plezier heb beleefd.]

Poëzie – ik haat haar en ik houd van haar. “Waarom zo ingewikkeld?” zou u kunnen vragen, en dan moet ik u een uitleg geven waarin ik evenveel vertel over de poëzie als over mezelf. Als ik iets indrukwekkend vind, wil ik het namelijk kunnen delen, erover vertellen. Maar dan moet ik het gedicht samenvatten en juist dan doe ik haar tekort. Desondanks wil ik u toch voorstellen aan enkele klassieke dichters.

Sapfo

De eerste daarvan is de Griekse dichteres Sapfo, die rond 600 v.Chr. in de stad Mytilene op het eiland Lesbos een schooltje lijkt te hebben gehad waar jonge, ongehuwde aristocratische meisjes een soort opleiding kregen. Een deel van haar charme is dat we alleen fragmenten hebben, waardoor we slechts glimpen opvangen van wat ooit een prachtig kunstwerk moet zijn geweest. Het mysterie verhoogt de charme – ik blogde daar al eens over.

Lees verder “Klassieke literatuur (3a): Sapfo”

Klassieke literatuur (1c): epiek

Apotheose van Homeros (British Museum)
Apotheose van Homeros (British Museum)

Italië, Griekenland

[Bij mijn mail zat onlangs de vraag welke klassieke teksten en vertalingen ik mensen zou aanraden. In deze onregelmatig verschijnende reeks zal ik een persoonlijk antwoord geven, waarbij leesplezier voorop staat. Wie zich er echt in wil verdiepen, kan het beste aan een universiteit bij een cursus aanschuiven, zoals deze. Voor de Latijnse literatuur is er Piet Gerbrandy’s Het feest van Saturnus. Voor de Griekse en christelijke literatuur is zo’n boek er niet.

Ik was bezig met de antieke epiek en ik moest nog vertellen over de auteurs die Homeros volgden.]

Homeros’ navolgers

Hoewel ik toch heel wat steden heb bezocht en nogal wat mensen heb mogen ontmoeten, ben ik nog nooit iemand tegengekomen die Homeros niet mooi vond en ik kan alleen erkennen dat er, ook al is het nog zo afgezaagd, veel waars zit in het grapje dat de Griekse literatuur begon op haar hoogtepunt en dat dit sindsdien niet meer is overtroffen. De Grieken beschouwden Homeros als “de dichter” bij uitstek. Ik blogde al eens over het reliëf dat zijn apotheose voorstelt. Homerische echo’s vinden we op de onverwachtste plekken: als de Romeinse historicus Tacitus, die geldt als een vrij zakelijke auteur, beweert dat prins Germanicus aan de Beneden-Rijn een vloot van duizend schepen bouwde, dan is dat geen beschrijving van de ontbossing van de Betuwe maar een verwijzing naar de “Scheepscatalogus” in het tweede boek van de Ilias.

Lees verder “Klassieke literatuur (1c): epiek”

Klassieke literatuur (1b): epiek

lateur_odyssee

[Bij mijn mail zat onlangs de vraag welke klassieke teksten en vertalingen ik mensen zou aanraden. In deze onregelmatig verschijnende reeks zal ik een persoonlijk antwoord geven, waarbij leesplezier voorop staat. Ook mijn leesplezier: ik ben geen veilingmeester die álles kan aanprijzen. Wie zich er echt in wil verdiepen, kan het beste aan een universiteit bij een cursus aanschuiven, zoals deze. Voor de Latijnse literatuur haalt u in de Openbare Bibliotheek Piet Gerbrandy’s Het feest van Saturnus, een van de beste boeken die ooit zijn gewijd aan een aspect van de antieke cultuur. Voor de Griekse en christelijke literatuur is zo’n boek er helaas niet.

Ter zake nu: ik was bezig met de antieke epiek en ik moest nog twee dingen behandelen: de vertalingen en de teksten die door Homeros zijn beïnvloed.]

Vertalingen

Wat zijn fijne vertalingen? De meeste vertalers kiezen ervoor poëzie als poëzie weer te geven. Vertalers zijn doorgaans zelf taalliefhebbers, voor wie de vorm van de tekst net zo belangrijk is als de inhoud. Door poëzie als proza te vertalen, raak je wel heel veel van de vorm kwijt en heb je de oude literaire tekst in feite ontdaan van de artistieke component. De vertaler die het kunstige belangrijk vindt, zal minimaal proberen een nieuw kunstwerk te scheppen en dat kan bijvoorbeeld betekenen dat hij zijn vertaling perst in het keurslijf van een versmaat. Of zichzelf rijmdwang oplegt, al gebeurt dat niet zo vaak. Met deze zelfopgelegde beperkingen verklein je echter de mogelijkheid precies te vertalen.

Lees verder “Klassieke literatuur (1b): epiek”

Klassieke literatuur (1a): epiek

Homeros (Glyptothek, München)
Homeros (Glyptothek, München)

Bij de mail zat onlangs een leuke vraag: “als ik wat meer klassieken wil lezen, wat raad jij dan aan?” Een tweede vraag: welke vertalingen zijn er?

Ik zal de komende weken wat antwoorden proberen te geven, al kunnen die niet anders dan hoogstpersoonlijk zijn. Ik zal het genre typeren, aangeven hoe je plezier kunt beleven aan literatuur van twee, drie millennia oud, enkele vertalingen noemen en iets vertellen over de manier waarmee latere generaties ermee om gingen. Niet meer, niet minder.

Nog één opmerking vooraf: je moet teksten eigenlijk lezen in de grondtaal. Zoals je Shakespeare niet echt hebt ervaren als je hem niet hebt gelezen in het originele Klingon, zo is het ook met de antieke auteurs. In de praktijk zal dat voor veel mensen, mezelf inbegrepen, niet zo gemakkelijk gaan. Ik geef hun één advies: zorg in elk geval dat je een recente vertaling hebt.

Lees verder “Klassieke literatuur (1a): epiek”