De Week van de Klassieken (bis)

Aischylos (Neues Museum, Berlijn)

Zomaar wat dingen die me opvielen tijdens de Week van de Klassieken. Die is bijna voorbij, maar u leest het programma van vandaag en morgen hier.

De Week van de Klassieken online

Eerste observatie: er gebeurde van alles op de website van het evenement. Ik heb het niet geturfd maar heb het idee dat er meer aanbod was dan in eerdere jaren. U moet, als u wat tijd hebt, maar even kijken op de blog. Het groeiende aanbod zal de zes Europese oudheidkundige instituten waarvoor de afgelopen vijf maanden sluiting is aangevraagd niet redden, maar toch: er gebeurt eens wat. We tonen dat we bestaan. En daar ben ik blij mee.

Ook buiten de eigenlijke organisatie haakte men erop in; ik wijs op “Oudheidkunde op maat” van Robert Nouwen op de website van het voormalige tijdschrift Streven. Hij behandelt het maatschappelijk belang van de omgang met de Oudheid.

Lees verder “De Week van de Klassieken (bis)”

Paideia

Seneca en Sokrates, vertegenwoordigers van twee volken met een gedeelde cultuur (Altes Museum, Berlijn).

Wat is een Romein? Ik heb over die vraag wel vaker geblogd. Je kunt het definiëren als een bewoner van Rome of als iemand die het Romeins Burgerrecht heeft – en daarmee is meteen aangegeven hoe problematisch het is te spreken over antieke steden. De stedelijke gemeenschap woonde immers niet per se op één plek. Ook factoren die wij zelf beschouwen als belangrijk voor identiteitsvorming, zoals taal, speelden nauwelijks een rol als het ging om het definiëren van een Romein. Veel bewoners van de stad Rome spraken Grieks en in de economisch superbelangrijke oostelijke provincies sprak men Aramees. Een handiger manier om een Romein te definiëren is daarom, zo schreef ik al eerder, om te kijken naar paideia.

Paideia

Dat is, volgens het handboek van Luuk de Blois en Bert van der Spek, Een kennismaking met de oude wereld, de “Latijns-Griekse elitecultuur” van mensen met “dezelfde geestelijke bagage van populaire moralistische noties en allerlei hellenistische filosofische richtingen”. Meer in het bijzonder betekende dit ook dat je, als je op het hoogste stedelijke of provinciale niveau wilde meedraaien, minimaal beschaafd Latijn of Grieks moest spreken, en liever nog allebei. Je moest je klassieken kennen en kunnen citeren.

Lees verder “Paideia”

Archaïsch, Klassiek en Hellenistisch

De “Ludovisi Aristoteles” (Museo Altemps, Rome)

Was het negende hoofdstuk van het handboek van De Blois en Van der Spek, Een kennismaking met de oude wereld, gewijd geweest aan de Archaïsche Periode, het tiende is gewijd aan de Klassieke Tijd. Waar komt dat onderscheid eigenlijk vandaan?

Aristoteles

Ik heb een deel van het verhaal al eens behandeld en u moet dat maar nalezen als u het in detail weten wil, maar het komt erop neer dat het allemaal komt door Aristoteles. Bioloog die hij was meende hij dat, zoals uit een eikel een eik groeien kon, alles vanuit een kiem tot wasdom kwam. De tragedie was simpel begonnen tot het uiteindelijk een natuurlijke vorm had bereikt. Alles streefde naar zo’n eindvorm – we spreken van een “doeloorzaak”. De filosofie was met denken over de natuur begonnen tot het zijn volmaakte eindvorm bereikte bij Aristoteles.

Lees verder “Archaïsch, Klassiek en Hellenistisch”

Klassieke geschiedschrijvers

Kleio, de beschermgodin van de historische wetenschappen (Archeologisch Museum, Cherchell)

Ik heb weleens geblogd over een boek dat je in je hotelkamer zou willen vinden, vol hoogtepunten van de Nederlandse literatuur. Met een vertaling ten behoefte van degenen die onze mooie taal niet machtig zijn. Zeg maar een soort Gideons’ Bible maar dan bomvol bijzondere verhalen en gedichten. Het lijkt me fijn voor toeristen om iets verrassends te lezen uit het land ze verblijven.

Ik moest aan dat idee terugdenken toen iemand me laatst vroeg wat je zou kunnen lezen om een beeld te krijgen van de klassieke geschiedschrijving. Geinige vraag eigenlijk.

Herodotos

Om te beginnen: Herodotos. Ik zou twee stukken nemen. Het eerste is het verhaal van de slag bij Thermopylai (7.201-234). Veel klassieker krijg je het niet. De tekst is echter ook interessant.

Lees verder “Klassieke geschiedschrijvers”

Klassieke literatuur (11): briefliteratuur

Brief van een in Italië gestationeerde vlootsoldaat aan zijn familie in Filadelfia (Egypte). Let op de tekst in de marge: schrijfmateriaal was kostbaar. (Neues Museum, Berlijn)

[Bij mijn mail zat een tijdje geleden de vraag welke klassieke teksten en vertalingen ik mensen zou aanraden. In deze onregelmatig verschijnende reeks zal ik een persoonlijk antwoord geven, waarbij leesplezier voorop staat. Wie zich er echt in wil verdiepen, kan het beste aan een universiteit bij een cursus aanschuiven, zoals deze. Voor de Latijnse literatuur is er Piet Gerbrandy’s Het feest van Saturnus. Voor de Griekse en christelijke literatuur bestaat zo’n boek helaas niet. Vandaag behandel ik de briefliteratuur.]

Een brief was in de Oudheid nooit zomaar een brief. Je ziet het aan de aanhef van de oudste exemplaren, kleitabletten die beginnen met iets als “Tot de koning van X, spreek:”. Dat was de instructie die de briefschrijver bedoelde voor degene die het document zou voorlezen. In een tijd waarin vrijwel iedereen ongeletterd was, veronderstelde een brief dus niet alleen een afzender en een ontvanger, maar ook een voorlezer en een klerk. Die laatste was er zelfs als de afzender geletterd was. Iemand van stand bevuilde zich niet en liet het aan anderen over inktvingers te krijgen. Zelfs als het epistel was verzegeld, waren dus allerlei mensen van de inhoud op de hoogte. Alle reden om verzorgd te schrijven. Zo ontstond de briefliteratuur.

Lees verder “Klassieke literatuur (11): briefliteratuur”

Klassieke literatuur (10): de antieke roman

Ere-inschrift voor Apuleius, auteur van een antieke roman (Madauros)

[Bij mijn mail zat een tijdje geleden de vraag welke klassieke teksten en vertalingen ik mensen zou aanraden. In deze onregelmatig verschijnende reeks zal ik een persoonlijk antwoord geven, waarbij leesplezier voorop staat. Wie zich er echt in wil verdiepen, kan het beste aan een universiteit bij een cursus aanschuiven, zoals deze. Voor de Latijnse literatuur is er Piet Gerbrandy’s Het feest van Saturnus. Voor de Griekse en christelijke literatuur is zo’n boek er niet. Vandaag behandel ik de antieke roman.]

De eerste vraag moet, naar ik vrees, zijn: wat is een roman? Er zijn nogal wat definities en die hebben dan vaak iets met karakterontwikkeling van doen, maar ik ken er geen die zich beperkt tot “lang stuk fictief proza”. Toch vermoed ik dat dit de minst slechte typering is van wat doorgaat voor antieke romans. Het gaat om lange verhalen met een begin en een eind waartussen van alles gebeurt, maar daarmee is dan ook al veel gezegd.

Lees verder “Klassieke literatuur (10): de antieke roman”

Klassieke literatuur (8): welsprekendheid

Een Romeinse redenaar (Museum van Apollonia, Bulgarije)

[Bij mijn mail zat een tijdje geleden de vraag welke klassieke teksten en vertalingen ik mensen zou aanraden. In deze onregelmatig verschijnende reeks zal ik een persoonlijk antwoord geven, waarbij leesplezier voorop staat. Wie zich er echt in wil verdiepen, kan het beste aan een universiteit bij een cursus aanschuiven, zoals deze. Voor de Latijnse literatuur is er Piet Gerbrandy’s Het feest van Saturnus. Voor de Griekse en christelijke literatuur is zo’n boek er niet. Vandaag behandel ik de antieke literatuur over de welsprekendheid.]

Voor veel Grieks-Romeinse genres zijn parallellen te vinden in de oosterse literatuur, maar de welsprekendheid is een Griekse uitvinding. Er is weleens geopperd dat het democratische bestel in Syracuse en Athene de verklaring is voor het ontstaan van de retorica maar mij lijkt dat wat overdreven. Dat een man een rol behoorde te spelen in het openbare leven, is een in de oude wereld algemeen verbreid idee en ik zie geen reden waarom in niet-democratische gebieden niet eveneens kan zijn nagedacht over de wijze waarop je je zaken het effectiefst bepleitte.

Lees verder “Klassieke literatuur (8): welsprekendheid”

Klassieke literatuur (9): biografie

Seneca en Sokrates, twee volken in één cultuur: het culturele ideaal van Ploutarchos. Herme uit Rome, nu in het Altes Museum in Berlijn.

[Bij mijn mail zat een tijdje geleden de vraag welke klassieke teksten en vertalingen ik mensen zou aanraden. In deze onregelmatig verschijnende reeks zal ik een persoonlijk antwoord geven, waarbij leesplezier voorop staat. Wie zich er echt in wil verdiepen, kan het beste aan een universiteit bij een cursus aanschuiven. Voor de Latijnse literatuur is er Piet Gerbrandy’s Het feest van Saturnus. Voor de Griekse en christelijke literatuur is zo’n boek er niet. Vandaag behandel ik het genre van de biografie.]

Ik heb er al eerder op gewezen dat de Grieken en Romeinen methodisch individualisten waren, wetenschapsbargoens om aan te geven dat alleen individuen de oorzaak kunnen zijn van historische gebeurtenissen. Deze visie geldt als achterhaald: er bestaat zoiets als “institutionele overmacht”, wat wil zeggen dat menselijk gedrag wordt veroorzaakt door abstracte zaken die niet zijn te herleiden tot individuen. Over deze stof hoeven wij ons nu het hoofd niet te breken; waar het mij vandaag om gaat is dat het antieke denken over oorzakelijkheid met zich meebrengt dat men het karakter van de diverse historische personages relatief belangrijk vond. Dus ontstond een nieuw literair genre: de biografie.

Lees verder “Klassieke literatuur (9): biografie”

Klassieke literatuur (7c): wetenschap

Wat Germania Capta met wetenschap heeft te maken, leest u hieronder (Rheinisches Landesmuseum, Bonn).

[Het is alweer een tijdje geleden dat ik de vraag kreeg voorgelegd welke klassieke teksten en vertalingen ik mensen zou aanraden. In deze onregelmatig verschijnende reeks zal ik een persoonlijk antwoord geven, waarbij leesplezier voorop staat. Wie zich er echt in wil verdiepen, kan het beste aan een universiteit bij een cursus aanschuiven. Voor de Latijnse literatuur is er Piet Gerbrandy’s Het feest van Saturnus. Voor de Griekse en christelijke literatuur is zo’n boek er niet. Vandaag behandel ik de antieke wetenschappelijke literatuur.]

In het eerste stukje over de Griekse en Romeinse wetenschappelijke literatuur behandelde ik dé antieke wetenschappelijke tekst bij uitstek, Plinius de Oudere, en vervolgens behandelde ik in een tweede stukje de geneeskundige teksten, Vitruvius’ Bouwkunde en nog wat ander spul. Vandaag nog wat meer teksten, zoals Frontinus’ boekje over de waterleidingen van de stad Rome. De auteur, die ook een collectie krijgslisten heeft gepubliceerd, was aan het begin van de tweede eeuw na Chr. verantwoordelijk voor de watervoorziening van een stad met honderdduizenden inwoners en legt uit wat daarbij zoal komt kijken. Van De aquaducten van Rome is een Nederlandse vertaling van Vincent Hunink maar om u de waarheid te zeggen: laat dit niet de tekst zijn waarmee u uw kennismaking met de antieke letteren begint.

Lees verder “Klassieke literatuur (7c): wetenschap”

Klassieke literatuur (7b): wetenschap

Bouwkunde is een wetenschap: entasis in de (onvoltooide) tempel van Segesta

[Bij mijn mail zat een tijdje geleden de vraag welke klassieke teksten en vertalingen ik mensen zou aanraden. In deze onregelmatig verschijnende reeks zal ik een persoonlijk antwoord geven, waarbij leesplezier voorop staat. Wie zich er echt in wil verdiepen, kan het beste aan een universiteit bij een cursus aanschuiven. Voor de Latijnse literatuur is er Piet Gerbrandy’s Het feest van Saturnus. Voor de Griekse en christelijke literatuur is zo’n boek er niet. Vandaag behandel ik de antieke wetenschappelijke literatuur.]

In het vorige stukje behandelde ik dé antieke wetenschappelijke tekst bij uitstek, de encyclopedie van Plinius de Oudere. Daarmee begon ik in feite aan het einde, want Plinius is, behalve een goed observator die zijn eigen ervaring nooit negeert, vooral een verzamelaar, vertaler en bewerker van oudere, vooral Griekse wetenschap. Het woord “wetenschap” moet u overigens met een slag om de arm nemen. Andere literaire doelen waren zelden ver weg, maar vandaag behandel ik toch vooral wat zakelijker teksten.

Lees verder “Klassieke literatuur (7b): wetenschap”