De zeven vrije kunsten

Middeleeuwse weergave van de zeven vrije kunsten rond Vrouwe Filosofie

Ik heb de afgelopen tijd regelmatig geblogd over de opkomst van het christendom. Het is een misverstand dat de gelovigen afwijzend stonden tegenover de antieke cultuur. Zeker, de heidense goden waren alomtegenwoordig, maar de heidenen namen die ook niet al te serieus. Ik heb al weleens verteld over euhemerisme, over allegorese en over de herinterpretatie van Palaifatos: manieren om de verhalen over de oude goden een nieuwe betekenis te geven. Het christendom kon succes hebben door dit zelfde mechanisme: oude gebruiken, zoals het meenemen van gewijd water uit een heilige bron, kregen een nieuwe, christelijke betekenis.

Jeruzalem en Athene

Het aloude onderwijssysteem bleef bestaan. Een mooi voorbeeld is Augustinus, die welsprekendheid had gedoceerd en als bisschop nog altijd een populair spreker was. Toen ik onlangs in Bulla Regia was, realiseerde ik me ineens hoe populair: hij sprak daar niet in een kerk, maar in het theater. Wat ik maar zeggen wil: het christelijke publiek had niet zo heel andere verwachtingen dan het heidense publiek, en een traditionele opleiding was nog altijd relevant.

Lees verder “De zeven vrije kunsten”

De Grieks-Romeinse natuurwetenschappen

Bij wijze van samenvatting van de antieke natuurwetenschappen: de sfaira van Archimedes, een reconstructie van de kosmos (Liebieghaus, Frankfurt)

Het optreden van Karneades, waarover we het twee maanden geleden hadden, toont dat er in Rome weerstand kon zijn tegen de Griekse filosofie. Tegelijk adopteerden de Romeinen uit de Griekse filosofie wat hun van pas kwam. Als het bijvoorbeeld ging om de natuurwetenschappen stonden de Romeinen open voor Griekse ideeën. In de tweede eeuw v.Chr. ontstond een breed gedragen consensus over de wijze waarop de natuur in elkaar stak.

Empedokles

De eerste Griekse filosofen hadden verklaringen gezocht voor tal van natuurverschijnselen. In de hellenistische tijd meenden de meeste wetenschappers dat ze er wel zo ongeveer uit waren. Zoals zoveel filosofen in de voorgaande eeuwen aanvaardden ze de atoomtheorie en de vier elementen van Empedokles: aarde, lucht, water en vuur.

Aarde had volgens de denkers in de Oudheid de neiging zich richting het middelpunt van het universum te bewegen, om daar de wereld te vormen. Het water was minder zwaar, en dreef daarom op de aarde. Zo werden de zeeën gevormd. Lucht en vuur waren lichter en stegen dus op. Zo ontstond de dampkring.

Lees verder “De Grieks-Romeinse natuurwetenschappen”

Griekse wiskunde

Griekse mathematische papyrus (Neues Museum, Berlijn)

Ik blogde afgelopen donderdag over het hellenisme en FrankB stelde de vraag waarom de hellenistische geleerden nauwelijks of geen vooruitgang boekten in de wis- en natuurkunde. Die vraag is weleens eerder gesteld geweest. Om precies te zijn een kleine eeuw geleden. Eerst was er de ontdekking geweest van de Archimedespalimpsest. Daarna waren kleitabletten gepubliceerd die toonden dat de Grieken schatplichtig waren aan de Babyloniërs. Allemaal nieuwe informatie, die leidde tot de constatering dat de creatieve periode van de Griekse wiskunde rond 300 v.Chr. voorbij was.

Dijksterhuis versus Spengler

Een van degenen die dit constateerde, was Oswald Spengler in zijn in 1918 verschenen Der Untergang des Abendlandes. Hij meende dat elke beschaving een ontwikkeling kende van groei, bloei en verval. Aangezien de Griekse wiskunde zijns inziens niet van buitenaf was beïnvloed, viel alleen maar te verwachten dat ze ooit aan creativiteit zou inboeten.

Lees verder “Griekse wiskunde”

De eerste filosofen (2): Pythagoras

Pythagoras (Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis, Brussel)

[Omdat ik het in april redelijk druk heb, geef ik het woord aan Kees Alders, webdesigner en tevens auteur van het boek De wereld vóór God. Filosofie van de Oudheid. Vandaag gaan we verder met zijn reeks over de eerste filosofen, de zogenaamde voorsocratici. Het eerste deel was hier.]

Pythagoras. We kennen hem allemaal nog wel van zijn welbekende stelling, waarmee we de lengte van de zijden van een rechthoekige driehoek kunnen berekenen. Op basis van de lengte van twee zijden, berekent Pythagoras’ stelling de lengte van zijde nummer drie. Best handig in bijvoorbeeld de bouwkunde. Maar wie was deze man?

Wie was Pythagoras?

Pythagoras leefde net als Xenofanes in de zesde eeuw voor onze jaartelling. Over zijn leven doen de wildste verhalen de ronde. Hij is hoogstwaarschijnlijk geboren op Samos, en heeft vervolgens flink wat van de wereld gezien. Zo zou hij een flink deel van het Middellandse Zeegebied hebben verkend, en ook Perzië en Egypte hebben bezocht. Volgens sommige bronnen is hij zelfs tot in India gekomen. Maar hij zou ook geboren zijn met een gouden dijbeen, zijn tijd hebben verdreven met het verrichten van wonderen, en bovendien goddelijk zijn. We hoeven niet alles te geloven.

Lees verder “De eerste filosofen (2): Pythagoras”

Kadaster

Kleitablet met een kadaster (Pergamon Museum, Berlijn)
Kleitablet met een kadaster (Pergamon Museum, Berlijn)

Vandaag in de reeks museumstukken: een kleitablet met een tekst uit het kadaster. Het is in het zuiden van Irak vervaardigd tegen het einde van het derde millennium v.Chr., dus ruim vierduizend jaar oud. Het zou – als het museum niet tot volgend jaar in verbouwing was – te zien moeten zijn in het Berlijnse Pergamonmuseum, wat suggereert dat het is verworven in de negentiende eeuw: dit museum bevat vooral voorwerpen uit het Ottomaanse Rijk, waarmee het Wilhelminische Duitsland het heel goed kon vinden.

Kadasters zijn een onbezongen grondslag van onze beschaving, maar dat vergt wat uitleg. Ze zijn ontstaan om gewaswisseling mogelijk te maken. Wanneer een gewas op een bepaald stuk land groeit, onttrekt het stikstof aan de bodem, zodat je het jaar daarop van dat stuk grond geen even rijke oogst kunt binnenhalen. Je moet de akker dus braak laten liggen en liefst ook bemesten om het weer even vruchtbaar te krijgen. De mensheid heeft in de loop der eeuwen diverse systemen ontwikkeld om dat zo efficiënt mogelijk te doen. Dat veronderstelt echter dat je weet welk veld waar ligt – en dus een kadaster.

Lees verder “Kadaster”