
[Deze week recycle ik de inleiding die ik in 2012 schreef voor Vincent Huninks vertaling van de Geschiedenis van Rome van de Romeinse auteur Velleius Paterculus. De Nederlandse titel is Van Troje tot Tiberius en het e-boek is nog leverbaar. Het eerste deel is hier. Vandaag: Velleius’ geschiedwerk.]
In 30, toen hij een jaar of vijftig was, publiceerde Velleius Paterculus De geschiedenis van Rome, die hij opdroeg aan Marcus Vinicius, de zoon van Velleius Paterculus’ commandant aan de Donau en de kleinzoon van de man die in Germanië de “enorme oorlog” had gewonnen. Velleius Paterculus schreef het boek ter gelegenheid van Vinicius’ consulaat.
Zulke cadeaus waren niet uniek. De door Velleius Paterculus verschillende keren met bewondering genoemde Asinius Pollio kreeg bijvoorbeeld tijdens zijn consulaat in 40 v.Chr. een gedicht van de dichter Vergilius, de later beroemd geworden Vierde Ecloge. Zo’n geschenk was eervol, maar verplichtte de ontvanger wel iets terug te doen. Pollio loodste Vergilius de vriendenkring van Octavianus binnen. Het is onbekend waaruit Vinicius’ tegenprestatie heeft bestaan, maar in elk geval heeft Velleius Paterculus zijn man goed gekozen, want deze zou drie jaar later trouwen met een lid van de keizerlijke familie en gold in 41 als serieuze kandidaat voor het keizerschap. De voorname senator was zeker in staat zijn deel van de overeenkomst na te komen en het is intrigerend dat in 60 een Gaius Velleius Paterculus het consulaat bekleedde, in 61 gevolgd door een Lucius Velleius Paterculus. Deze mannen, zonen of kleinzonen van de historicus, moeten kort voor 30 zijn geboren en we mogen speculeren dat De geschiedenis van Rome een investering is geweest in de toekomst van de peuters.









Je moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.