Koning Kyrië

Kabouterberg, Hoogeloon

Even ten oosten van Hoogeloon, dat op zijn beurt weer ten westen van Eindhoven ligt, verrijst de Kabouterberg. Het is een oud Romeins graf. Of beter, het is een gereconstrueerd Romeins graf. De eigenlijke grafheuvel is een eeuw geleden gesloopt. De aarde is gebruikt om meertjes in de omgeving te dempen. Tien jaar geleden is de bult echter opnieuw opgeworpen. Die is lastig om te vinden want ze ligt middenin een bos. Mocht u het monument willen bekijken, dan zijn er twee wegen: deze en deze. Ik zou de eerste nemen, want de tweede is een soort hindernisbaan.

Naast de grafheuvel stond een Romeins grafmonument waarvan archeologen wat sporen hebben opgegraven. Op de foto ziet u de moderne reconstructie, gebaseerd op een vergelijking met soortgelijke monumenten in het Rijnland. De naam van de overledene is ontleend aan een militair diploma dat even verderop is gevonden in een Romeinse villa. Wat u daar in het bos ziet is dus allemaal op een grandioze manier nep, maar het is in elk geval geen onzin.

Lees verder “Koning Kyrië”

Overigens ben ik van mening dat Carthago vernietigd moet worden

De zogenaamde Cato de Oudere uit Otricoli (Torlonia-collectie, Rome)

‘Overigens ben ik van mening dat Carthago vernietigd moet worden’ is een bekend gezegde van Marcus Porcius Cato (234-149 v. Chr.) vlak voor de Derde Punische Oorlog (149-146 v. Chr.). Deze eindigde inderdaad met de verwoesting van Carthago. Maar heeft Cato dat echt zo gezegd? Van Cato zelf zijn geen redevoeringen bewaard gebleven. En van het in het Grieks geschreven geschiedeniswerk van Polybios (203-120 v.Chr.), een tijdgenoot van Cato, zijn slechts fragmenten bewaard gebleven, maar het gedeelte over de Derde Punische Oorlog is daar helaas niet bij.

Cicero

De oudste bron voor deze uitspraak van Cato is Marcus Tullius Cicero (106-43 v. Chr.) in zijn werk Cato Maior de senectute, waarin hij Cato zelf aan het woord laat over het ouder worden. Hierin zegt hij op een gegeven moment:

Ik verklaar al lang de oorlog aan de stad Carthago, die reeds sinds geruime tijd op onheil uit is; ik houd niet op bang te zijn voor Carthago totdat ik verneem dat zij is vernietigd (excisam esse). (Cato 18)

Lees verder “Overigens ben ik van mening dat Carthago vernietigd moet worden”

Herodotos de moralist

De troonzaal in Sousa. Op de vierkante schijf vooraan stond Darius’ troon.

[Laatste van zeven stukken over de Griekse onderzoeker Herodotos van Halikarnassos. Het eerste deel was hier.]

Vrouwen die staand urineren en mannen die zittend plassen: voor Herodotos moet de “omgekeerde wereld” die ik gisteren noemde, een eclatant succes zijn geweest. Maar Herodotos presenteert het niet als een grapje. Vreemde gewoonten hebben zijn oprechte belangstelling, nooit zijn minachting. Het is alsof hij wil laten zien hoeveel verscheidenheid er kan zijn in de menselijke cultuur. Andere culturen zijn niet slechts een beetje afwijkend, ze kunnen totaal anders zijn.

Wie dat begrijpt, weet dat hij of zij een volslagen vreemdeling kan zijn voor anderen. Je mag trots zijn op je eigen cultuur en die verdedigen, vanzelfsprekend, maar wees tolerant voor andere culturen, want geen enkele samenleving kan superioriteit claimen.

Een mooi voorbeeld is Herodotos’ commentaar op de waanzin van Kambyses. Zoals we in het stukje over oorzaken hebben gezien, doodde deze Perzische koning de heilige stier Apis, zijn broer Smerdis, de zoon van zijn vizier en twaalf edellieden. Bovendien was hij een incestueuze verhouding begonnen en had hij Egyptische graven en mummies ontheiligd.

Lees verder “Herodotos de moralist”

Herodotos als topograaf en etnograaf

Scheepsmodel uit Amathous (Cyprusmuseum, Nicosia)

[Voorlaatste van zeven stukken over de Griekse onderzoeker Herodotos van Halikarnassos. Het eerste deel was hier.]

Herodotos beschrijft in de digressies (uitweidingen) allerlei verbazingwekkende gebruiken en gewoonten. Soms is het moeilijk hem te geloven. De Agathyrsers hebben hun vrouwen gemeenschappelijk, opdat zij allen broeders zijn en zonder jaloezie en haat kunnen samenleven. De Argippeeërs zijn kaal. Tempelprostitutie is een gewoonte in Babylon. Lydische mannen worden niet graag naakt gezien. De Neurers veranderen in weerwolven.

Om de vier jaar loten de Geten een man uit die aan hun god Salmoxis al hun wensen en verlangens kenbaar moet maken. Dat gaat als volgt in zijn werk: zij wijzen een aantal mannen aan die ieder drie speren vasthouden. Dan wordt door een groep anderen de persoon die de boodschap aan Salmoxis moet overbrengen aan handen en voeten beetgepakt en in de lucht gegooid zodat hij op de speerpunten terechtkomt. Komt hij bij die val om, dan betekent dit volgens hen dat de god hun welgezind is en zo niet, dan krijgt de boodschapper de schuld: hij moet wel een slecht mens zijn! (4.94)

Lees verder “Herodotos als topograaf en etnograaf”

De bronnen van Herodotos

De stadswal van Babylon, die Herodotos nooit heeft gezien.

[Vijfde van zeven stukken over de Griekse onderzoeker Herodotos van Halikarnassos. Het eerste deel was hier.]

Herodotos beweert dat hij de hele bekende wereld heeft bezocht. Onder zijn informanten heeft hij priesters uit Griekenland, Egypte en Babylon; Libiërs, Karthagers, Cyprioten, Egyptenaren, Grieken, Italianen, Perzen, Feniciërs en Skythen. Iedereen lijkt te hebben willen meewerken.

Fake nieuws?

Interviews lijken Herodotos’ belangrijkste bron te zijn geweest. Als een goed journalist presenteert hij zijn publiek verschillende versies van dezelfde gebeurtenis. Zo biedt hij in 8.37 niet alleen een Grieks verslag van de Perzische aanval op de Griekse tempel in Delfi, met daarin opgenomen de opportune verschijning van twee bovennatuurlijke helpers die de Perzische aanval pareerden, maar hij is er zelfs in geslaagd een Perzische informant van deze goddelijke interventie te vinden.

Lees verder “De bronnen van Herodotos”

Herodotos over oorzaken

Een Romeins beeld van Nemesis uit Sagalassos (Museum van Burdur)

[Vierde van zeven stukken over de Griekse onderzoeker Herodotos van Halikarnassos. Het eerste deel was hier.]

Net als historici in onze tijd zoekt ook Herodotos naar de oorzaken van de door hem beschreven gebeurtenissen. Die interesse deelt hij tot op zekere hoogte met Homeros. Ik citeer nog even de proloog van de Ilias:

Muze, bezing ons de wrok van de zoon van Peleus, Achilles,
die ongenadige wrok die de Achaeërs grenzeloos leed bracht,
tal van krachtige zielen van helden prijsgaf aan Hades
en die hun lichaam ten prooi aan honden en allerlei soorten
vogels deed vallen. Zo ging de wil van Zeus in vervulling.
Zing vanaf het begin, toen twist tot vijanden maakte
Atreus’ zoon, de koning van ’t volk, en de grote Achilles.
Wie van de goden had beiden in zulk een twistzaak verwikkeld?

(vert. H.J. De Roy van Zuidewijn)

Lees verder “Herodotos over oorzaken”

Herodotos’ originaliteit

Homeros (Glyptothek, München)

[Derde van zeven stukken over de Griekse onderzoeker Herodotos van Halikarnassos. Het eerste deel was hier.]

Tegenwoordig vormen de Historiën meestal één boek. In de Oudheid waren negen boekrollen nodig om de hele tekst te bevatten. De indeling is sindsdien gehandhaafd: het is nog steeds gebruikelijk Historiën te verdelen in negen boeken. In sommige edities zijn ze vernoemd naar de negen muzen; dat vind ik altijd chique.

De Italiaanse classica Silvana Cagnazzi heeft erop gewezen dat elk boek valt te verdelen in drie of vier eenheden, de logoi (verhalen). Wie één logos voorleest, heeft daarvoor ongeveer vier uur nodig. Het is waarschijnlijk dat we zo herkennen hoe Herodotos de resultaten van zijn onderzoek voor het eerst heeft publiceerde: als lezing. Dit komt overeen met een oud verhaal dat hij zijn werk heeft voorgedragen op de Olympische Spelen. Ook de anekdote dat de jonge Thoukydides in huilen uitbarstte bij een lezing door Herodotos, veronderstelt deze wijze om informatie te delen.

Lees verder “Herodotos’ originaliteit”

Het leven van Herodotos

Modern portret van Herodotos (Bodrum)

[Tweede van zeven stukken over de Griekse onderzoeker Herodotos van Halikarnassos. Het eerste deel was hier.]

Over het leven van Herodotos is weinig bekend. Onze belangrijkste bron is het boek dat hij schreef, de Historiën. Het woord zou pas later “geschiedenis” gaan betekenen; in de vijfde eeuw v.Chr. betekende het nog “onderzoeksverslag”. Deze opmerkelijke tekst bevat enkele aanwijzingen die ons helpen de contouren van het leven van de schrijver te schetsen.

Halikarnassos en Thourioi

Zoals uit de hierboven geciteerde proloog blijkt, kwam Herodotos uit Halikarnassos, het huidige Bodrum in het zuidwesten van Turkije. Niet ver van Herodotos’ geboortestad ligt het eiland Samos, dat in de Historiën zo’n prominente plaats inneemt, dat wel is aangenomen dat Herodotos er verscheidene jaren heeft doorgebracht. Dat geldt voor Athene: Herodotos kent de belangrijkste Griekse stad van zijn tijd goed en kan er enige tijd hebben doorgebracht.

Lees verder “Het leven van Herodotos”

Herodotos van Halikarnassos

Herodotos (Agora Museum, Athene)

Herodotos is mijn naam, ik kom uit Halikarnassos en maak hierbij het verslag wereldkundig van het onderzoek dat ik heb verricht om de herinnering aan het verleden levend te houden en de grootse, indrukwekkende prestaties van de Grieken en andere volkeren te vereeuwigen. Ik stel bij dit alles voornamelijk aan de orde door welke oorzaak zij met elkaar in conflict zijn gekomen.

Dit zijn de zelfverzekerde openingszinnen van Herodotos’ Historiën. De Grieken die ze hoorden, moeten verbaasd zijn geweest. Het was niet ongebruikelijk om de herinnering aan het verleden levend te houden door grootse en indrukwekkende prestaties op te tekenen, maar de barden van weleer, waren minder pretentieus geweest. Zelfs de grote dichter Homeros was zijn Ilias bescheidener begonnen:

Lees verder “Herodotos van Halikarnassos”

Skiënde Finnen

Ski’s (Volkenkundig museum, Leiden)

Het is de Week van de Klassieken en vandaag neem ik u mee naar de uiterste rand van de klassieken: naar Prokopios, een Grieks-schrijvende auteur uit de zesde eeuw na Chr. Je kunt hem aanduiden als een laatantieke historicus maar ook als een vroegmiddeleeuws schrijver. Hij publiceerde diverse boeken over Justinianus, de keizer die probeerde het Romeinse Rijk te herstellen en dat project zag mislukken. Hij was ook iemand op de rand van Oudheid en Middeleeuwen. Prokopios vermeldt bovendien een volk op de geografische rand van de klassieke wereld: de Finnen.

De Finnen

Hij was niet de eerste. Al in de eerste eeuw kende de Romeinse geschiedschrijver Tacitus de Fenni en in de tweede eeuw vermeldt Ptolemaios de Fennoi. De relatie met de huidige Finnen is omstreden en laat ik verder buiten beschouwing.

In zijn Geschiedenis van de Gotische Oorlog 2.15 beschrijft Prokopios Thule, een spreekwoordelijk ver naar het noorden gelegen gebied. De Griek Pytheas had er al eens over geschreven. Hij lijkt IJsland te hebben bedoeld; de Romeinen identificeerden het met de eilanden ten noorden van Shetland. Prokopios denkt aan Scandinavië en weet bijvoorbeeld dat de zon er in de zomer nooit ondergaat en in de winter nooit schijnt.

Lees verder “Skiënde Finnen”