Paus Leo I en Attila de Hun (3)

Leo I (Archeologisch Museum, Sofia)

[Laatste van drie blogjes over de non-confrontatie tussen paus Leo I en Attila de Hun. Het eerste deel was hier.]

Attila in Italië

Attila’s invasie van Italië bood hem wat hij nodig had: enerzijds goud om de leiders van de volken in zijn superfederatie tevreden te houden, anderzijds een duidelijk succes dat bewees dat nomadisme superieur was aan een boerenbestaan en dat de Hunnen superieur waren aan de andere volken in zijn coalitie. De eerste stad die viel, was Aquileia, dat de Hunnen grondig plunderden. Altinum, Padua, Vicenza, Verona en Bergamo volgden; de keizerlijke residentie Milaan vormde de kroon op het werk.

De route is interessant, want ze toont dat Attila zo dicht mogelijk bij de Alpen bleef en de vlakte van de Po vermeed. Evengoed kampten zijn soldaten met ziektes, en dat was vermoedelijk malaria. Bovendien was er gebrek aan voedingsmiddelen: ik noemde al dat misoogsten zijn gedocumenteerd in zowel Centraal-Europa als Italië. Nadat ook Pavia was geplunderd, kwam het bericht dat een door de oostelijke keizer Marcianus uitgestuurd leger inmiddels oprukte naar de Midden-Donau. Daar lag de poesta die de Hunnen beschouwden als thuisbasis. Aangezien Attila zijn vermoedelijke doelen had bereikt, kon hij beginnen aan de terugtocht. Een opmars naar Rome heeft hij, voor zover we kunnen reconstrueren, nooit overwogen.

Lees verder “Paus Leo I en Attila de Hun (3)”

Paus Leo I en Attila de Hun (2)

Honoria (Bode-Museum, Berlijn)

[Tweede van drie blogjes over de non-confrontatie tussen paus Leo I en Attila de Hun. Het eerste deel was hier.]

Honoria

Het Romeinse Rijk had twee regeringen: een oostelijke in Constantinopel en een westelijke in Ravenna. In 449 regeerde in die stad Valentinianus III. Zijn zus Honoria was de dertig al gepasseerd en nog ongetrouwd. Dat had een zekere logica, want een zwager zou Valentinianus’ troon kunnen bedreigen. De oplossing was dat Honoria werd uitgehuwelijkt aan een heer die weliswaar van stand en van onbesproken gedrag was, maar politiek gevaarloos: Bassus Herculanus, “vermoedelijk een ouder iemand”, in de woorden van Adrian Goldsworthy, “en vast en zeker een doodsaaie man”.

Dat was niet naar Honoria’s zin en ze besloot zelf op zoek te gaan naar een man: Attila. Haar moeder, Galla Placidia, had ook een “barbaarse” echtgenoot gehad, dus een novum was dit niet. Honoria’s huwelijksaanzoek kwam precies op het moment waarop Attila overwoog zijn beleid aan te passen, en hij zal hebben gedacht dat als de grens tussen Romeins en Huns dan toch moest vervagen, een huwelijk met iemand uit het keizerlijk huis wel de allermakkelijkste manier was. Bescheiden vroeg hij bij wijze van bruidsschat om de helft van de gebieden waarover zijn aanstaande zwager de scepter zwaaide.

Lees verder “Paus Leo I en Attila de Hun (2)”

De Romeinse “war lord” Aetius (2)

Valentinianus, de moordenaar van Aetius (Bodemuseum, Berlijn)

Twitter, daar stonden ooit best leuke dingen op, zoals de draadjes van de Gentse oudhistoricus Jeroen Wijnendaele over de Late Oudheid. Hier is er weer een, voor u vertaald in het Nederlands. Het origineel is hier en het eerste blogje was daar.

***

Rimini

16. In 432 roept het hof de krijgsheer Bonifatius terug uit Africa om van de krijgsheer Aetius af te komen. Bij Rimini stuiten de twee legers op elkaar.

17. Het gevecht zelf was kleinschalig: twee bevelhebbers en hun respectievelijke gevolg bestreden elkaar. Het is echter symbolisch voor het verlies van het gezag van de keizer. De twee bevelhebbers vochten immers hun conflict uit onder de rook van Ravenna, zonder zelfs maar te proberen zelf keizer te worden. Ze streden om en voor een wereld waarin war lords het beleid maakten.

Lees verder “De Romeinse “war lord” Aetius (2)”

De Romeinse “war lord” Aetius (1)

Aetius (Museum Bourges)

Twitter, daar stonden ooit best leuke dingen op, zoals de draadjes van de Gentse oudhistoricus Jeroen Wijnendaele over de Late Oudheid. Hier is er weer eens een, voor u vertaald in het Nederlands. Het origineel is hier.

***

1. Vandaag of morgen, maar dan in 454 na Chr., vermoordde keizer Valentinianus III zijn magister militum Aetius, de hoogste Romeinse commandant in de westelijke provincies van het Romeinse Rijk. Een eeuw later zou de geschiedschrijver Prokopios zowel Aetius als diens rivaal Bonifatius “de laatste der Romeinen” noemen, als een eretitel. Hun carrières waren feitelijk die van war lords, die enorme schade hadden toegebracht aan de westelijke helft van het Romeinse Rijk.

Lees verder “De Romeinse “war lord” Aetius (1)”

Gouden Vrouwen in Rhenen

Mijn laatste blogje in de Week van de Klassieken kan natuurlijk alleen maar gaan over de Late Oudheid. In het Engelse taalgebied is die periode (van pakweg Constantijn tot Karel) ook wel aangeduid geweest als “Dark Ages”, wat niet wilde zeggen dat het een deprimerende tijd was, maar dat onderzoekers beschikten over weinig geschreven bronnen. Lange tijd vormden die immers onze voornaamste bron van informatie.

Zo’n zwart gat trekt onderzoek aan. Dankzij formalistische analyses begrijpen we de weinige teksten beter, maar het is natuurlijk vooral de archeologie die ons verder helpt. Onderzoekers als Chris Wickham hebben de contouren geschetst van een tijdperk, “Late Antiquity”, dat door de bronnenschaarste weliswaar behoort tot de Oudheid, maar een heel eigen karakter heeft. Recente exposities waren “Gouden Middeleeuwen” in het Leidse Rijksmuseum van Oudheden en “Crossroads” in het Amsterdamse Allard Piersonmuseum. Ze benadrukten de internationale contacten en de rijkdom van de elite. Voor de gewone man kunt u terecht bij Erve Eme in Zutphen.

Lees verder “Gouden Vrouwen in Rhenen”

Een klassieke moord

Theodorik en Odoaker (twaalfde-eeuws manuscript)

Het is de Week van de Klassieken, het is 15 maart, en dus moeten we het hebben over een van de beruchtste moordpartijen uit de Oudheid. Ik bedoel vanzelfsprekend dat het vandaag 1529 jaar geleden is dat koning Odoaker aan zijn einde kwam. Hoe zat het ook alweer?

Odoaker

Odoaker is een van de bekendste laat-Romeinse militaire leiders. Opgegroeid aan het hof van Attila de Hun trad hij na diens dood met een schare Germanen in dienst van Rome. In Italië maakte hij al snel carrière en begon hij met andere hoge officieren te rivaliseren om invloed aan het hof. Zijn moment of fame kwam toen zijn concurrent Orestes profiteerde van een impasse in het keizerlijk bewind in Constantinopel – ik blogde er al eens over – en zijn zoontje Romulus op de troon plaatste. Toen de situatie in Constantinopel normaliseerde, leidde Odoaker het verzet tegen Orestes en Romulus. De vader werd gedood, de kind-keizer afgezet. Ook daar blogde ik al eens over: de gebeurtenis markeert het einde van het keizerschap in West-Europa.

Lees verder “Een klassieke moord”

Drie koningen (en een keizerin) in Ravenna

Keizerin Theodora op een Byzantijns mozaïek in de San Vitale, Ravenna

De basiliek van San Vitale in Ravenna is een van de mooiste gebouwen uit de Byzantijnse wereld. In de Adriatische havenstad resideerde de exarch, de hoogste Byzantijnse magistraat in deze regio, een soort onderkoning. Die had geld te besteden en de herovering van Italië door generaal Belisarius in de jaren na 535 na Chr. bood daarvoor een mooie aanleiding. In 540 begonnen mozaïekleggers met de decoratie van de bijna voltooide kerk. Acht jaar later volgde de kerkelijke inwijding.

De mozaïeken zijn beroemd door de portretten. Lees een boek over keizer Justinianus (r.527-565) en je zult het portret zien uit de San Vitale. Ook zijn echtgenote, de formidabele keizerin Theodora, is daar afgebeeld, zie boven. En hieronder is een detail van de mantel van de keizerin.

Lees verder “Drie koningen (en een keizerin) in Ravenna”

Galla Placidia

Galla Placidia (Residenzschloss, Dresden)

De Romeinse keizer Theodosius I had twee zonen, aan wie hij in 395 na Chr. het keizerrijk naliet: de oudste, Arcadius, kreeg het Grieks en Aramees sprekende oosten met zijn eeuwenoude steden,  terwijl de jongste, Honorius, het Latijnse westen kreeg, waar de stedelijke levenswijze wat minder diep was geworteld. De twee keizers hadden nog een halfzus, Galla Placidia, die de pech had in 408 in Italië te zijn. Op dat moment trokken de Visigoten – er is discussie over de naam mogelijk, maar die verdaag ik naar een andere gelegenheid – daar rond, op zoek naar goede landbouwgronden. De gevangenname van Galla Placidia en de  plundering van Rome in 410 waren daarbij drukmiddelen.

Eerste huwelijk: Athaulf

De gevangen prinses moest in 414 trouwen met koning Athaulf. Het huwelijk zou moeten dienen om de Visigotische elite respectabiliteit te verlenen en zo te integreren in het Romeinse Rijk; de zoon heette daarom naar zijn grootvader Theodosius. Omdat in het oosten Arcadius zijn eerstgeborene ook naar diens opa had vernoemd, zou het mogelijk zijn geweest dat beide rijkshelften ooit gelijktijdig geregeerd zouden worden door twee naamgenoten: een Theodosius II (oost) en een Theodosius II (west). Het mocht echter niet zo zijn: Galla Placidia’s zoontje stierf jong.

Lees verder “Galla Placidia”

Fietsen naar Thessaloniki: Ravenna

Bisschop Maximianus van Ravenna vindt dat u zijn naam niet mag vergeten. De anonymus middenin is keizer Justinianus (San Vitale, Ravenna)

Ik had u, beste lezer van dit zomerfeuilleton, gisteren achtergelaten bij het graf van Augustinus in het mooie Noord-Italiaanse stadje Pavia.

Cremona

Ik pikte daar die ochtend mijn eerste Italiaanse espressootje en fietste verder naar Cremona, dat al net zo’n fijne stad bleek te zijn als Pavia. Toch was ik in mei-juni 1992 niet op reis van stad naar stad, zelfs al zal ik er nog tientallen noemen. Ik wilde gewoon het landschap ervaren. De zon voelen, de wind in de rug hebben, ergens rechts van me de Po zien glinsteren, de populieren langs de weg zien. De middeleeuwse dom hier, het museum daar en het kasteel verderop waren zeker geen obstakels maar waren niet waarvoor ik op reis was.

Ten oosten van Cremona was een slagveld uit het Vierkeizerjaar 69: het is waar de Rijnlegioenen van de Romeinse keizer Vitellius de troepen van keizer Otho versloegen. Het verslag in TacitusHistoriën is adembenemend en was de reden waarom ik de omweg over Cremona had gemaakt. Niet dat er iets was te zien, maar ik wilde er zijn geweest. Ik denk dat de Bataven in Vitellius’ leger zich op die dag in april 69 wel op hun gemak zullen hebben gevoeld want het vlakke rivierenland doet wat denken aan de Betuwe.

Lees verder “Fietsen naar Thessaloniki: Ravenna”

Marcus Caelius

Kopie van de cenotaaf van Marcus Caelius
Kopie van de cenotaaf van Marcus Caelius

In 1991 maakte ik een fietstocht naar Griekenland en op enkele mooie voorjaarsdagen reed ik van Turijn via Pavia, Cremona, Modena, Bologna naar Ravenna. Bij mijn aantekeningen vond ik later een zinnetje dat ik op een oud-Romeinse inscriptie had gezien:

Het ergste van mijn dood is dat nu niemand zich meer de dierbare mensen herinnert die alleen ik mij nog herinnerde.

Ik heb het nooit meer teruggevonden. Het helpt niet dat ik geen Latijn erbij heb genoteerd (wat ik meestal wel doe) en ook de plaats niet heb opgeschreven, al moet het ergens voorbij Cremona zijn geweest. Ik heb de inscriptie nooit kunnen terugvinden en ik heb wel eens bedacht dat het “inscr” erbij een vergissing was of dat het ging om een Italiaanse tekst.

Lees verder “Marcus Caelius”